Gekraakte frequentie
DE OUDE DOOS DEEL 6: RADIO VRIJ DEN BOSCH
In 1979 begint Radio Vrij Den Bosch met uitzenden. De zender is ontstaan door een samenloop van omstandigheden. In de zeventiger jaren krijgt de jongerencultuur vorm en zijn kraakgroepen opgericht. Het onderwijs wordt 'gedemocratiseerd' en voor grote groepen jongeren wordt het persoonlijke politiek. Een paar mensen koppelen deze gegevenheden aan persoonlijke interesse voor de techniek van elektronica. Voor een paar anderen is dat aanleiding om te demonstreren dat je letterlijk je eigen stem kunt laten horen. Door de combinatie van persoonlijk hobbyisme en de tijdgeest ontstaat een radiostation dat tot in 1988 als 'vrije zender' heeft gefunctioneerd. Het zal uitgroeien van een actiemiddel en spreekbuis voor de Bossche kraakbeweging tot een platform voor allerlei belangen- en actiegroepen in Den Bosch en ver daarbuiten. In het eerste deel van de geschiedenis gaat het over het ontstaan en eerste jaren van 'De Radio'.
door José van Vugt
Het begint allemaal in 1976 op een flat in de Kruiskamp. Zoals Ad, één van de medewerkers van het eerste uur, het uitdrukt: "Daar was altijd volk over de vloer." Hij herinnert zich: "Er zaten intellectuelen of wat daarvoor door ging en nog zo wat subversieve elementen. De meeste van de Sociale Akademie. Het was in een tijd waarin je op de Sociale Akademie kraken als afstudeerrichting kon hebben of dat je niet naar de les hoefde als er dringende kraakzaken waren. Die mensen namen vrienden of vriendinnen mee. In de loop der tijd werd vanuit het JAC (JongerenAdviesCentrum) een kraakgroep opgericht, die ook kraakspreekuur ging houden. Mensen van het JAC zag je ook regelmatig in die flat".
Kraken, hobbyisme en baldadigheid
Een bewoner van de flat luistert met een vriend regelmatig naar de politieradio. Ook bezoekers luisteren regelmatig mee naar de scanner. Het idee vat post dat snelle communicatie erg belangrijk is. Voor de politie en dus ook voor actievoerders. De twee raken geïnteresseerd in elektronica gericht op communicatie. Het doel wordt om bij acties zo snel mogelijk berichten door te kunnen geven. Er zijn wat apparaten gekocht, maar ze merken na korte tijd dat deze voor optimale communicatie te beperkt zijn. Dus gaan ze op zoek naar schema's en kennis om radiozenders en andere zendapparatuur in elkaar te zetten en wordt solderen geoefend. Ad wordt om hulp gevraagd: "Ik kwam wel eens op die flat en was iemand die op de technische school wel eens iets met elektronica had gedaan. Ik zag ze knutselen en vond dat wel leuk. Ze konden nog geen fietslamp aan elkaar maken."
In 1978 vindt in Den Bosch de kraaklente plaats. Tientallen panden worden in een paar maanden tijd gekraakt, waaronder het voormalig ziekenhuis Johannes de Deo, aan de Papenhulst. Het pand wordt dan ook omgedoopt tot 'De Papenhulst' of 'De Paap'. In die tijd wordt er al geëxperimenteerd met zendertjes maar is er nog geen radiozender. Die komt in 1979 als De Paap, of althans een deel ervan, gesloopt dreigt te worden. De vraag is in die tijd of de gemeente het pand gaat aankopen en zal onderhandelen met de bewoners of dat het pand ontruimd gaat worden. Allerlei acties worden voorbereid. Radio lijkt één van de actiemogelijkheden. Niet alleen voor communicatie tussen actievoerders maar ook om mogelijk communicatie tussen politieposten te verstoren. Als de zender blijkt te werken, wordt een frequentie op de FM-band gekraakt om medestanders en actievoerders te informeren. Er zijn opnamen van bewaard gebleven. Herhaaldelijk worden oproepen gedaan om, als het zover is, te komen helpen de dreigende sloop te voorkomen. De oproepen worden gelardeerd met uitspraken tegen het grootkapitaal en pleidooien voor betaalbare huisvesting voor jongeren.
In de Van Tuldenstraat wonen krakers. Gerard is een van hen. Hij is zijdelings betrokken bij de 'scene' van de groep rond de Kruiskampflat en hoort van de radiozender. Gerard herinnert zich: "Ik sprak erover met een vriend en die zei: 'als er een radiozender is dan kunnen wij programma's maken'". Zij melden zich aan als leveranciers voor programma's. Om veiligheidsredenen weten maar een paar mensen waar de zender en de zendapparatuur zich bevinden. Daarom moeten ze hun programma's op cassettebandjes op een afgesproken plaats afleveren. Gerard weet nog hoe programma's werden gemaakt: "We zetten destijds thuis programma's in elkaar. Dat waren dan programma's van 2 uur en dan nog een uurtje muziek er achteraan en dat was het dan." Gerard maakt samen met zijn vriend op deze manier een programma over een bezoek aan de première van een film naar een boek van Toon Kortooms in Eurocinema in 1979. Als dramatisch begin is gekozen voor de sound-track van de film 'Once upon a time in the West'. Het geluid zwelt aan, loopt langzaam terug en op een samenzweerderige toon zegt Gerard: "Toon Kortooms bezoekt de stad. Radio Vrij Den Bosch probeert Eurocinema binnen te dringen op zoek naar roem en glitter. De Veiligheidsdienst Nederland bewaakt de toegang. Het volk wil brood en spelen.." Dan volgen verkeersgeluiden en een hoop onverstaanbaar gepraat. Gerard zegt hierover: "Dat was het unieke. We hebben geprobeerd als twee baldadige jongens binnen te komen en dat lukte! We hebben net zo lang staan lullen en zeiken tot we er in kwamen en dat kwam allemaal op band te staan. Dat was het programma. Het was gewoon om te laten zien dat je zoiets kunt doen. We vonden dat we een bepaalde ideologische boodschap moesten uitzenden. Je eigen gang gaan en zorgen dat je kunt doen wat je wilt doen. We hielden ons bezig met wat zich aan onderwerpen aandiende. Dat was al snel vooral kraken. We hadden het idee dat mensen via de normale media slecht en eenzijdig geïnformeerd werden. Er verschenen bijvoorbeeld wel stukken over de kraakbeweging in de media, maar die gingen allemaal de richting uit van dat zijn allemaal criminelen. Die teneur was in al die stukken aanwezig. Er was geen hoor - wederhoor." Op de vraag of er eenzijdig partij werd gekozen voor de actievoerders antwoordt hij: "Nou, daar werd eigenlijk niet eens zo over nagedacht. Het was meer allemaal anti. Alles was anti."
Eerste uitzendingen
Als dat zo uitkomt wordt er uitgezonden. Twee programmamakers maken met behulp van heel eenvoudige middelen programma's over wat zich aandient. Ze beschikken over één cassetterecorder. Twee mensen hebben wat technische kennis om apparatuur te bouwen voor het uitzenden. De geluidskwaliteit is abominabel. Wie er naar luistert is voor een deel bekend. Ad herinnert zich: "De eerste uitzendingen waren voor ingewijden. Er sprak een rebelse stemming uit tegen alles. Alles werd bombastisch gebracht. Alleen al de herkenningstune: het aanzwellende geluid van de symfonische rockmuziek van ELO, en dan de wervende aankondiging 'Dit is Radio Vrij Den Bosch', met de nadruk op VRIJ... Het leken wel de redders van de ether. 'Het wereldje' wist van de uitzendingen. Vrije radio was in die tijd schokkend. Mensen die het kenden gingen naar huis om het te horen." Vrij snel na de eerste uitzendingen wordt actie ondernomen om een groter publiek te krijgen, want in een uitzending in 1979 valt te horen hoe Gerard wervend aankondigt: "Dit is Radio VRIJ Den Bosch met een LANG programma. We hebben nu ook affiches laten maken met ons postbusnummer en telefoonnummer! Hang ze op, hè, voor een GROOT Radio Vrij Den Bosch!" De uitzendingen worden regelmatiger, elke donderdagavond. Daar wordt met opzet voor gekozen. Vanwege de koopavond is het druk in de binnenstad en daarmee zou het voor de politie moeilijker zijn een inval te doen.
Radiogroep
Een vrije radio met programma's die vooral mensen uit de kraakbeweging aanspreken blijkt aan te slaan. Gaandeweg ontstaat een radiogroep. Nieuwe medewerkers komen er via via bij. Het zijn vooral mensen die in de Papenhulst wonen of die direct betrokkenen zijn bij de kraakgroep. Eén van de eerste nieuwe medewerksters, Marga vertelt: "Het geluid kwam vaak slecht door. De kwaliteit was slecht, maar iedereen die van de radio-uitzendingen wist was er bij betrokken. Men vond het wel leuk. Ik ook. Ik had meegedaan bij acties rond het vrouwenhuis bij het station en kwam zo in aanraking met het radiowerk." Via Radio Vrij Den Bosch is apparatuur zoals portofoons beschikbaar als het vrouwenhuis ontruimd dreigt te worden. Ook wordt er een radioscannergroep georganiseerd met medewerking van 'De Radio'. Het is dan ondertussen 1980 en er zijn 5 medewerkers voor de programma's en 3 mensen van de 'technische dienst'.
De programma's worden in de loop van 1980 niet meer allemaal aangeleverd op cassettebandjes. Er wordt begonnen met de bouw van een studio, dat wil zeggen een kamertje wordt geluiddicht gemaakt. Na verloop van tijd komt er een mengpaneel en nog een cassetterecorder, zodat er gemixed kan worden. De bedoeling is dat er tussen berichten door muziek kan worden gedraaid of dat interviews onderbroken kunnen worden door een stukje muziek. Marga vertelt: "Je moet je dat zo voorstellen. We hadden opnames gemaakt, bijvoorbeeld interviews vanwege een kraakactie. Dan was er soms een stuk waarin iemand zich herhaalde of te veel uitweidde. We gebruikten de muziek om ondertussen door te spoelen naar het volgende deel van het interview dat we wilden uitzenden. Zo lang draaide die muziek dan. Zodra het interview verder kon werd de muziek abrupt afgebroken en ging het gesproken woord verder." Veel muziek had de radio niet te bieden. "Er stonden geloof ik 4 elpees. Bots, R.K. De Veulpoepers, ELO en Ton-Steinen-Scherben", zegt Argus, een programmamaker die zich vooral met muziek zou gaan bezig houden, "en dan te bedenken dat in die tijd van alles gaande was op muziekgebied, Punk en New Wave kwamen bijvoorbeeld op. Ik vond het saai en jammer dat er zo weinig met muziek werd gedaan. Bovendien ergerde ik me eraan dat muziek middenin zomaar abrupt werd afgebroken." Via een vriend is hij getipt om eens naar Radio Vrij Den Bosch te luisteren. Deze brengt hem ook in contact met de radiogroep. Potentiële nieuwe medewerkers worden uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek, zo ook Argus. Hij herinnert zich: "Gelukkig zat ik op de Sociale Akademie dat was een pré, maar ik moest wel mijn politieke beginselen op tafel leggen en uitleggen. Ik zat ook in een kraakpand, maar wij woonden daar op een andere manier dan de mensen van bijvoorbeeld de Paap. Wij speelden vadertje en moedertje, keken tv en blowden, dat had met Trotski weinig van doen. Ze wilden dat ik me niet alleen met muziek bezig hield. De muziek moest meehelpen het programma te maken en de muziek moest 'ergens over gaan'. Ik ben begonnen met cassettebandjes te leveren, zodat ze wat andere muziek hadden om mee te mixen." Voor de radiogroep is het van belang dat nieuwe medewerkers te vertrouwen zijn. Marga vult aan: "Radio maken op die manier was illegaal. Eén verkeerd woord 'naar buiten' en je kon worden opgepakt. Dat maakte dat in het begin de eerste mensen die er bij kwamen bekend moesten zijn en betrouwbaar. Er werd gevraagd waarom je radio wilde maken, wat voor ideeën je erover had. Ook politiek kwam daarbij aan de orde. Hoewel dat nooit zo gesteld werd, was het wel van belang of je links genoeg was." Met deze uitspraak wordt geïllustreerd dat er een soort overeenstemming van politieke ideeën lijkt te worden nagestreefd. Daar is echter in de beginperiode niet duidelijk iets over vastgelegd in bijvoorbeeld een beginselprogramma. Radio als aktiemiddel staat in die periode voorop en medewerkers moeten vooral betrouwbaar zijn.
De radiogroep heeft vanaf 1980 wekelijks programmaoverleg op maandag. Daarin worden programma's voor kortere en langere termijn afgesproken, komen actuele zaken aan de orde en wordt verdeeld wie wat doet. Uitgezonden programma's worden besproken, voor zover dat al niet vlak na de uitzending is gebeurd, want veelal luistert de hele radiogroep samen donderdagsavonds naar de uitzending. Eventueel worden bandopnames nog eens beluisterd en bekritiseerd. Geheel naar de trend van die tijd is de filosofie dat iedereen van de groep alles moet kunnen. Mirjam herinnert zich: "Radio als geheel was ons doel. Het deed er minder toe wat je taak was. Had je geen technische kennis dan begon je met het maken van informatieprogramma's. Had je wel technische kennis dan ging je in eerste instantie mee 'bouwen'. Maar het was de bedoeling dat iedereen alles kon. Zodat niet één iemand meer zeggenschap en dus macht kreeg. Want kennis is macht was de filosofie. Daarom ook was er geen redactie. Iedereen die een programma maakte was daar zelf verantwoordelijk voor. De radiogroep functioneerde als kritisch klankbord."
Door het samen luisteren en verantwoordelijk zijn voor de uitzendingen ontstaat een hechte band. Deze wordt versterkt door het feit dat radio maken op deze manier illegaal is en dus met allerlei 'veiligheidsmaatregelen' gepaard gaat. Marga zegt daarover: "Alles was geheim en speelde zich af in een sfeer van geheimzinnigheid. Uitzendingen waren spannend, niet alleen daarom, maar ook of alles wel zou lukken met de beperkte middelen die we hadden." Ad vult aan: "Er waren maar een paar mensen die wisten waar de zender zich bevond. De 'studio' bevond zich ergens achteraf in een pand in iets dat meer een hok was dan een kamer. Van daaruit was een verbinding via een intercom met de mensen die het programma uitzonden. Nieuwe medewerkers werden geblinddoekt naar die ruimte gebracht. Elke radiomedewerker moest een FM-radiootje en een zaklamp bij zich dragen, vanwege het gevaar van een inval."
Ontstaan als actiemiddel voor de kraakbeweging gaan de eerste programma's vooral over kraakaangelegenheden. Het duurt niet lang of er ontstaat daardoor een bekende groep luisteraars. Een aantal van hen heeft een achtergrond als dienstweigeraar. Al gauw wordt dat ook een onderwerp voor programma's. Als een totaalweigeraar in het Bossche Huis van Bewaring gevangen zit, blijkt Radio Vrij Den Bosch een dankbaar communicatiemiddel. De totaalweigeraar mag een radiootje op zijn cel hebben en kan de uitzendingen beluisteren. Er worden speciaal plaatjes opgedragen aan de 'mensen in de bak'. Op de radio wordt zijn "Brief uit de bak" voorgelezen: "Albert Heijn heeft de winkel hier overgenomen dat betekent een prijsverhoging van 100%. (...) Een jongen die het moeilijk had heeft zich verhangen (...) Je wordt hier verplicht tot wasknijpers en schilderijlijstjes maken en stopcontacten in elkaar zetten (...) De post wordt gecensureerd (...) Tot zover een bloemlezing over het zittend leven in het Huis van Bewaring in Den Bosch."
Andere onderwerpen dienen zich aan vanuit persoonlijke betrokkenheid. Men wil iedereen die in de gewone media niet aan bod komt de gelegenheid geven zijn of haar stem te laten horen. Zo wordt een programma gemaakt over een kunstenaar die niet mag exposeren in het Kruithuis en zich heeft vastgeketend aan het hek bij het gebouw. Als er mensen betrokken raken bij de anti-kernenergie beweging, komen daar programma's over. Omdat de vrouwenbeweging in Den Bosch groeit, is dat voor een aantal vrouwen aanleiding om radioprogramma's voor en door vrouwen te gaan maken. Dat leidt tot een aparte groep die zich De Vrouwenradio noemt. Deze gaat gescheiden van de radiogroep van Radio Vrij Den Bosch functioneren, maar zendt onder die vlag, vanaf eind 1980 op donderdagavond vanaf 19.00 uur, een half uur uit. Marga verwoordt: "Op eigen verzoek functioneerde de Vrouwenradio zelfstandig. Het was zo geregeld dat tijdens haar uitzending geen anderen van Radio Vrij Den Bosch aanwezig waren. Een aantal vrouwen bekwaamde zich op technisch gebied zodat ze zelfstandig konden draaien. Daar zat natuurlijk de emancipatiegedachte achter van niet afhankelijk te hoeven zijn."
De radiogroep krijgt meer leden. Ook mensen van buiten de kraakbeweging komen erbij. Naast programma's worden ook korte berichten uitgezonden. Er komt een telefoonaansluiting zodat luisteraars naar de studio kunnen bellen met actuele informatie of reacties op de uitzending. Maar dan is het inmiddels 1981. Wat als actiemiddel begon lijkt een serieuze radio-omroep te worden.
Inval
Alle veiligheidsmaatregelen ten spijt wordt op 4 september 1980 door de politie een inval gedaan in De Paap. De aanleiding voor de inval is niet de illegale radio-uitzendingen, maar er wordt wel illegale zendapparatuur in beslag genomen. Het Brabants Dagblad van 5 september meldt: "Bij de inval heeft de Bossche politie ook in totaal 21 illegale zendinstallaties in beslag genomen. Daaronder bevonden zich mobilofoons, portofoons, FM-omroepbandzenders en andere zend- en ontvangstapparatuur." Jaren later zal het Brabants Dagblad nog eens melding maken van de in beslagname van 21 illegale zendinstallaties. Het is dan 1985 en er zijn actievoerders opgepakt die de politieverbinding zouden hebben verstoord bij het bezoek van paus Johannes Paulus aan Den Bosch en Utrecht. Meer hierover komt in het volgende deel van de geschiedenis van Radio Vrij Den Bosch aan bod. Betrokkenen kunnen in beide gevallen niet bevestigen dat het om 21 zendinstallaties ging en denken dat er door de politie 'een getal is genoemd'.
noot:
José van Vugt was programmamaakster bij Radio Vrij Den Bosch van 1982 tot 1988. De gegevens voor dit artikel zijn afkomstig van gesprekken met medewerkers en medewerksters van Radio Vrij Den Bosch uit de beginperiode. Omdat de meesten niet met naam genoemd wilden worden, zijn de namen gefingeerd. Verder zijn opnames van radio-uitzendingen en interviews gebruikt uit het persoonlijke archief van José en dat van Stichting Documentatiecentrum De Stelling. Iedereen die aanvullingen heeft op dit artikel of belangrijke mededelingen heeft over de vervolgperiode wordt uitgenodigd contact op te nemen met José via Kleintje Muurkrant.
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 344, 5 mei 2000