Kanttekeningen door JoopFinland
Ik ben 'n zondagsdichter. Gelukkig verdwijnt mijn rijmelarij van lieverlee in het niets, maar nu heb ik daarvan spijt. Ik kom namelijk niet meer op de naam van de man over wie ik ooit -tien, twaalf jaar geleden- een korte televisiedocumentaire zag. In twintig minuten, misschien 'n half uur, werd zijn leven geschetst. Tenminste, dat deel ervan dat opging aan _n odyssee langs zes verschillende concentratiekampen. Hij vertelde zijn verhaal op weg naar of in café Slijter aan het Leidseplein, en duidelijk werd dat zijn trein daar uiteindelijk gestopt was. De hoofdpersoon is geen spraakmaker in de joods-Nederlandse gemeenschap en ik zou het hele programma zijn vergeten als aan het eind ervan mijn moeder niet de kamer was binnengestapt. Daar begint mijn gedicht. Ik keek samen met mijn vader en deze vertelde zijn vrouw wat hij zag toen zij daarnaar vroeg: "Gaat over 'n joodse man die in de kampen heeft gezeten". Mijn moeder kruiste de armen voor haar borst en zei: "Dat kun je zo wel zien, dat dat een jood is".
Nog 'n gedicht. Evenmin als dat van mij heeft het langer dan een avond bestaan, maar het deed wel veel stof opwaaien. Het was dan ook van niemand minder dan Gerard Reve, in die tijd -begin jaren '70- de lijfschrijver van verlicht Nederland. Ik betwijfel dus of het ooit in druk verschenen is, misschien is het alleen door Reve voorgedragen in de Nacht van de Poëzie van dat jaar. En misschien is het zelfs niet zover gekomen, hebben Kamervragen en bedreigingen aan het adres van schrijver en festivaldirectie ertoe geleid dat ik me alleen maar de titel en enige flarden van zinnen herinner (zie noot 1). Dezelfde vraag van zonet: is dit racisme of een oproep daartoe? Reve heeft evenmin als mijn moeder ooit _n vlieg doodgeslagen en hij zou in het Derde Rijk ongetwijfeld vanwege zijn seksuele geaardheid vervolgd zijn geweest. Maar aan de andere kant luisterde natuurlijk wel bijna iedereen zodra hij een microfoon onder de neus kreeg. De Nacht van de Poëzie is evenwel geen vergadering van de PvdAof VVD en schrijver in kwestie is nooit met iets anders (zoals bijvoorbeeld Harry Mulisch met Castro's Cuba) dan schrijven in verband te brengen geweest. Wat Reve maakt, moet niet waar zijn maar mooi.
Het woord 'Kanttekeningen' trekt altijd mijn aandacht. Kanttekeningen bij Zorreguieta, bij de verspreiding van mond- en klauwzeer, kanttekeningen bij je-kunt-het-zo-gek-niet-bedenken: ik val voor de belofte van onderzoeksjournalistiek, hap gretig in meer, steeds meer kennis over zaken die in de reguliere pers te éénzijdig worden voorgesteld. "Kanttekeningen bij een herdenking" van Peter Edel heeft de verdienste dat het de mythen rond 4 en 5 mei nog eens op een rijtje zet: de aanleiding voor de oorlog in het verdrag van Versailles, de massale collaboratie in Nederland, de verknipte verhouding tussen Nederland en Israël. Vooral voor jongere lezers voor wie de verhalen over '40-'45 nu uit de mond van -zo die nog leven- opa en oma komen, een gedachteprikkelend stuk. OK, in 'Kanttekeningen' is geen historicus aan het woord en op de goedgekozen titel na komt het artikel niet in aanmerking voor de stijlprijs. Op grond van zijn artikelen in het Kleintje en op zijn eigen website kan ik me de journalist en kunstenaar Edel voorstellen als een eenling die het vanuit relatieve onbekendheid met het fenomeen 'Nederland en de jodenvervolging en daarom zijn we voor Israël' opeens van voren en achteren duizelde vanwege zijn stukkie in de krant. 'n Soort zondagsdichter maar dan in de fotografiekunst die buiten zijn eigen stiel iets zegt en op de vragen die dat oproept geen antwoord weet omdat ie daarover nog nooit heeft nagedacht. Maar is Edel rechts en een racist?
Het huiskamertafereeltje van hierboven, de commotie rond de Nacht van de Poëzie van tig jaar geleden, het geschrijf tussen Edel en Zegers in deze krant, al deze dingen weerspiegelen het Nederland van nu dat niet klaar kan komen met haar oorlogsverleden. In '40-'45 hebben mensen gehandeld zoals alle door een oorlog getroffen mensen overal en altijd hebben gehandeld (2). Maar de wereld van 1940 was wel dusdanig complex geworden dat de oorlog wonden achterliet die tot dan niet vertoond waren. De industriële vernietiging van miljoenen familieleden, vrienden, kennissen, buren en collega_s was en is zo_n wond. En dan vooral de schuld daaraan, immers langzaamaan werd na '45 bespreekbaar dat aan de genocide veelal geen Duitse hand te pas was gekomen. Het is om die reden dat Nederland en de Nederlanders warme banden smeedden met de staat Israël.
Of moet je in dit geval warm vertalen met irrationeel? De bevriende natie is een Westerse inplanting in de Arabische wereld. Ik heb nooit een andere dan een racistische reden gehoord voor het bestaan van de staat Israël in haar huidige gedaante (3). In de jaren '70 was het links om Israël te veroordelen als een racistische staat, op één lijn met andere als Zuid-Afrika, de VS en de voormalige Sovjet Unie. Wie in die tijd Outspan-sinaasappelen liet liggen, kwam evenmin thuis met die van Jaffa. Nergens wordt in hun briefwisseling duidelijk hoe Edel en Zegers zelf zijn opgegroeid tegen deze irrationele achtergrond. Ik leerde in 1967 op mijn christelijke lagere schooltje bidden voor 'het volk van God' in haar zesdaagse oorlog tegen die vreselijke Arabieren. Op nadenken bij het bidden stond waarschijnlijk dezelfde straf als bij het niet meebidden voor de arme Jan Palach weer een jaar later, of het vergeten van het maandagse dubbeltje voor de zending. Toch moet iets mij in die jaren aan het denken hebben gezet want ik weet nog dat mij ook toen al steeds vaker tv-beelden van Palestijnen die uit ramen geworpen werden voor ogen kwamen als ik die dichtdeed (4).
Peter Zegers gaat zelfs zover om Edel 'n denktank van extreemrechts te noemen. Kom nou toch. Het heeft toch echt geen zin om 'n eenzame ziel als ik of mijn moeder of Peter Edel, of een kunstuiting antisemitisch te noemen (5)? Antisemitisme is zoals elke vorm van discriminatie op grond van wel of niet vermeende uiterlijke kenmerken, een machtsmiddel. Dat houdt in dat de dader macht moet hebben over zijn slachtoffer. Zoals ik hierboven aangaf heeft mijn moeder geen macht over de marktkoopman, worden de teksten van Gerard Reve alleen als fictie geconsumeerd en had ik nog nooit van Peter Edel gehoord voordat Zegers over hem begon: nergens spreekt Edel namens 'n groepering van enig gehalte. We gaan toch niet dezelfde fout maken als twintig jaar geleden en al onze energie richten op een handvol Bloemenbuurters namens Janmaat, terwijl we de grote vissen zoals Bolkestein die voor jaren het debat over de multiculturele samenleving verzieken zonder een haar te krenken (en dat bedoel ik letterlijk) naar 'Brussel' laten vertrekken?
noten:(1) 'n blank en racistisch gedicht: (...) van onze belastingcenten de duurste auto's / waarin ze onze roomblanke vrouwen en dochters / verkrachten (...) laat ze terugkeren naar takataka-land (...)
(2) En zoals wijzelf dus ook weer handelen. Immers, hoe stonden wij tijdens de volkerenmoorden van de negentiger jaren anders dan met de handen in de zakken of aan de kant die ons het meeste voordeel zou opleveren? De collectieve zelfmoord in Ruanda konden we nog eensgezind verstouwen door de stapels lijken systematisch te filmen en dekens te sturen. Maar tussen de Hoetsi's en de Toetsi's in onze voormalige vakantiebestemming aan de Adriatische kust wilden we opeens _n positie innemen. Onder invloed van de pak-em-beet Hoetsi-propaganda van Dick Verkijk stuurden we zelfs witte mannen met blauwe baretten en met een mandaat maar zonder wapens naar Srebrenica.
(3) Bekijk het eens vanuit een sportieve invalshoek? Waarom is sinds een tiental jaren Israël wel lid van de Europese Voetbal Unie en bijvoorbeeld Syrië of Marokko niet?
(4) Voor wie het eens uit onverdachte bron wil lezen: in een zaterdagse Trouw van jongstleden februari las ik een ingezonden brief namens de groepering: "Een ander Joods geluid". Schrijver ziet daarin de ene overeenkomst na de andere van de staat Israël met het nazi-Duitsland waaruit hij eind jaren dertig vluchtte.
(5) Het meest absurde voorbeeld van het laatste speelde eind 1988 in de toneelwereld. Toen het stuk "De stad, het vuil en de dood" van Rainer Werner Fassbinder 'n Nederlandse uitvoering dreigde te krijgen, fakete de acteur van Joodse afkomst Gerard Croiset zijn eigen ontvoering door een antisemitische organisatie.
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 358, 20 juli 2001