Nieuwe dynamiek Moskou en Washington
NA 11 september
'Geef ze één vinger en ze pakken de hele hand'. Dit oud-Hollandse gezegde maakt de Amerikaanse positie in de wereld na 11 september 2001 meer dan duidelijk.
door Bas van der Plas
Want natuurlijk was het nooit de bedoeling om de op 11 september 2001 verklaarde 'oorlog tegen terrorisme' te laten eindigen met de val van het Taliban-regime in Afghanistan of de ontmanteling van het El Qaida-netwerk van Osama bin Laden. De 'oorlog tegen terrorisme' is in haar volgende fase beland: de herinrichting van de Amerikaanse geopolitieke belangen in de wereld, en dan met name op het grondgebied van de voormalige Sovjet-Unie.
De leuze die Bush heeft verzonnen om deze geopolitieke belangen veilig te stellen luidt simpelweg: 'with us or against us', met ons of tegen ons. In een aantal gevallen heeft deze noodzaak om trouw aan de Verenigde Staten te demonstreren geleid tot een bijna tragikomische collectieve uitdrukking van steun uit zulke onwaarschijnlijke staten als Soedan, Lybië en zelfs Somalië. Maar ook in de voormalige Sovjet-Unie gebeurde het onwaarschijnlijke. Wanneer iemand 15 jaar geleden had gezegd dat er Amerikaanse troepen in Georgië waren of dat er Amerikaanse gevechtsvliegtuigen waren geland in Oezbekistan dan was dit gegarandeerd het begin van de Derde Wereldoorlog.
hoop en angst
Voor de Kaukasus, de regio van de voormalige Sovjet-Unie tussen de Zwarte en de Kaspische Zee, heeft de oorlog tegen terrorisme al de omvang van de veranderingen in het geopolitieke landschap getoond. Terreur en de destabiliserende gevolgen daarvan waren en zijn in de Kaukasus geen onbekend verschijnsel, maar nu ervaart het gebied de gevolgen van de oorlog tegen terrorisme met nieuwe uitdagingen voor de staten in het gebied die zich nog in de overgangsfase naar een markteconomie en westerse vormen van democratie bevinden.
De geopolitieke veranderingen in de wereld na de val van de Sovjet-Unie hebben in de drie Kaukasische landen Azerbeidjan, Georgië en Armenië tot hoop en angst geleid. Hoop op vrijheid en zelfstandigheid, angst voor nieuwe onderdrukking en afhankelijkheid. Het ziet er nu naar uit dat de angst zal overwinnen, waarin de enige vraag nog is welk land het meeste zal moeten inleveren op het gebied van vrijheid en zelfstandigheid.
De dynamische geopolitieke veranderingen die nu in de wereld gaande zijn brengt veel kleinere landen onder invloed van nieuwe regionale allianties en een nieuwe wereldorde. De invloed van de oorlog tegen het terrorisme heeft zich van het Afghaanse slagveld over verschillende werelddelen verspreid, waarbij een aantal marginale landen in de periferie van de nieuwe wereldorde vol verlangen probeert een strategisch belangrijke partner te worden in de Amerikaanse geopolitieke ambities. We zagen een dergelijke houding ook al tijdens de zgn. Kosovo-oorlog, toen landen als Roemenië en Bulgarije hun luchtruim openstelden voor de Amerikaanse bombardementsvluchten in de hoop daarmee kandidaat-Navolid te worden.
Nu stelde Tadjikistan haar grondgebied beschikbaar voor stationering van Amerikaanse troepen, konden Amerikaanse vliegtuigen gebruikmaken van bases in Oezbekistan en liet Georgië Amerikaanse troepen toe die op zoek gingen naar vermeende Al Qaida-strijders die zich daar zouden verbergen.
machtsverhoudingen
Voor de regering-Bush is de 'oorlog tegen terrorisme' gebaseerd op twee tegenover elkaar staande pijlers: een bevestiging van de Amerikaanse hegemonie op wereldschaal door een unilaterale steunverklaring van alle landen ('with us or against us'), zoals wordt gepropageerd door de haviken uit de regering, tegenover een meer realistische balans van machtsverhoudingen volgens het concept van de 'Grand Strategy'. Deze tweede vleugel in de Amerikaanse regering wordt geleid door Colin Powell, de minister van buitenlandse zaken. Het concept van een realistische balans van machtsverhoudingen, 'Grand Strategy', wordt gekenmerkt door een groot vertrouwen in coalitievorming en multilaterale initiatieven. De spanningen die inherent zijn aan deze twee verschillende opvattingen bepalen ook de koers van de toekomstige ontwikkelingen in zowel de Verenigde Staten als op wereldschaal.
De 'oorlog tegen terrorisme' heeft nieuwe inhoud gegeven aan het begrip 'veiligheid'. Dat kan dan gaan om 'mondiale veiligheid', maar het begrip speelde ook een rol tijdens de verkiezingsstrijd in Nederland. De werkelijke inhoud van deze 'oorlog' moet evenwel nog komen wanneer het zoeken naar veiligheid wordt uitgedaagd door een zich verdiepende economische recessie op wereldschaal in combinatie met een wereldwijd besef van de werkelijke doelstellingen van de 'oorlog tegen terrorisme'. Dit besef kan al snel komen met een mogelijke escalatie van de 'oorlog' naar doelen als Irak, Somalië of elders.
hegemonie
De 'oorlog tegen terrorisme' geeft Bush junior in handen wat door Bush senior al werd voorbereid in zijn streven naar een 'nieuwe wereldorde'. Toen waren er van de linkerzijde van het politieke spectrum nog de nodige waarschuwingen en demonstraties tegen de komende Amerikaanse hegemonie op wereldschaal, maar zoals zo vaak was links er toen ook te vroeg bij. Pas na de ineenstorting van het Sovjetimperium konden nieuwe stappen richting 'wereldorde' worden gezet en pas na uitroeping van de 'oorlog tegen het terrorisme' worden de implicaties en dramatische gevolgen voor met name de voormalige Sovjet-Unie steeds duidelijker. Gematigd links in Europa is inmiddels zetbaas van de Amerikaanse wereldhegemonie geworden of door rechts op een zijspoor gerangeerd en 'revolutionair' of 'radikaal' links is niet in staat een deuk in een pakje dierlijke stoffen bevattende boter of plantaardige halvarine te slaan.
George Bush en Vladimir Putin noemen elkaar intussen als vrienden bij de voornaam en Rusland mag aanschuiven bij gesprekken over de Navo. Bush erkende dat Putin in Tsjetsjenië met zijn eigen 'oorlog tegen het terrorisme' bezig was en een innig bondgenootschap was snel een feit (zie 'Tsjetsjenië: 'strijd tegen terroristen' in Kleintje Muurkrant 365).
Het nieuwe Amerikaans-Russische strategische bondgenootschap is gebaseerd op wederzijdse belangen in de 'oorlog tegen terrorisme'. Dit nieuwe bondgenootschap bepaalt in hoofdzaak de situatie waarin de landen van de voormalige Sovjet-Unie, zowel in de Kaukasus als in Centraal-Azië, zich nu bevinden. Sinds de val van de Sovjet-Unie in 1991 en de vorming van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS) hebben de Amerikaans-Russische verhoudingen de buitenlandse politiek van de landen in de Kaukasus en Centraal-Azië bepaald. Gedurende de afgelopen tien jaar werd deze buitenlandse agenda vooral bepaald door vraagstukken van veiligheid en energievoorziening, waarbij ieder land op zijn manier balanceerde tussen het Amerikaanse of het Russische neo-imperialisme.
uitdaging
Onmiddellijk na 11 september werden ook de landen van de voormalige Sovjet-Unie gedwongen hun regionale politiek te herdefiniëren volgens de nieuwe internationale verhoudingen. De voornaamste uitdaging voor deze landen nu is een antwoord te formuleren op de zich verder ontwikkelende geopolitieke belangen van Moskou en Washington in hun regio's. De 'oorlog tegen terrorisme' in deze regio's ontpopt zich steeds meer als een strijd om de energievoorraden in de regio, en dan met name olie uit de Kaspische Zee en gas uit Turkmenistan. De geopolitieke situatie in de Kaukasus wordt nu niet alleen meer bepaald door strikt geografische en strategische belangen, maar het gaat nu om specifieke grondstoffen. Zowel de Verenigde Staten als Rusland willen in deze regio hun invloedssfeer herbepalen, maar stuiten daarbij op de traditionele regionale machten Turkije en Iran. Dit bepaalt op haar beurt weer de agenda's van de ministers van buitenlandse zaken van respectievelijk Armenië, Georgië en Azerbeidjan. Het gaat nu niet meer alleen om de keuze voor Moskou of Washington, maar om een standpuntbepaling in het gecompliceerde spel van allianties in de regio die worden bepaald door de verschillende agendapunten van de Amerikaans-Russische verhoudingen. En op een aantal punten verschillen die agenda's nogal. Enerzijds zijn er de enorme belangen van de olie uit de Kaspische Zee waar Moskou en Washington totaal verschillende meningen over hebben, amderzijds er is de nieuwe dynamiek van een samenwerking van Moskou met de Navo. De toekomst zal moeten uitwijzen of de huidige 'vriendschap' tussen Washington en Moskou van tijdelijk-strategische aard is, of dat er werkelijk sprake is van een 'nieuwe wereldorde'. Op weg naar die toekomst zijn er nog voldoende valkuilen, hobbels, booby-traps, natuurrampen en valse platten te onderscheiden. Toch nog hoop..?
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 370, 16 augustus 2002