Skip to main content
  • Archivaris
  • 347

Over links, nationalisme en heimwee

Belangwekkend stuk van Hans de Bruin in Kleintje Muurkrant nummer 346 "over links en het nationalisme". Ik had echter de zaken graag nog wat scherper gesteld. De verkrampte discussie binnen radikaal links wordt gevoed door hetzelfde als de nationalistische ideologie: heimwee.

door Joop Finland

Twee dingen in het bijzonder storen me in wat ik zoal lees en hoor over dit onderwerp: het gedoe over taal en het gebrek aan 'n duidelijke definitie van (multi-)cultureel. 't Is nu eenmaal zo dat voor autochtone inwoners van welk land dan ook de moerstaal als 'n veilige jas voelt. Maar wat ook Hans daarbij over het hoofd ziet is het feit dat in 'oude Hollandse auteurs' niet de taal maar de inhoud van belang is. De thrillers waarvoor Hans 'n Vrij Nederland koopt, zijn vast ook niet allemaal in 't Nederlands? Lees Jan Wolkers of Hugo Claus eens in de Engelse (of Finse) vertaling? De polder blijft de polder hoor, net zoals de gereformeerden en de Belgen. Niet van echt te onderscheiden.

In de hele non-discussie rond Scheffer voor zover ik die hier mee krijg, mis ik de definitie van cultuur. Cultuur is groei en beweging. De term multi-cultuur is dus een pleonasme: cultuur is altijd 'n zaak van ontmoeting, vermenging, verrijking aan het andere. Zo daarvan geen sprake is, is er geen cultuur. Juist daarom is de slotzin van Hans over de toekomst van links wanneer het zich blijft opsluiten zoals nu, zo frappant. De linkse cultuur van openheid en beweging is opgehouden te bestaan. In de kringen die Hans citeert ontbreken de wil en de middelen om met het 'andere' in debat te gaan. Om zich met het 'bedreigende' te confronteren. Bij de oprichting van het blad Konfrontatie (!) werd dat tien jaar geleden nog 'n bedreiging genoemd. 'n Decennium later, mag je toch gerust van een feit spreken.
Het is zinloos om de linkse discussie zoals die zich nu in de bladen voortsleept van allerlei gebreken te beschuldigen. Links gaat juist gebukt onder 'n teveel. 'n Teveel aan heimwee. Heimwee is een subtiele zaak (hier spreekt 'n ervaringsdeskundige!). 'n Beetje heimwee is ok, bijvoorbeeld voor 'oude Hollandse auteurs' en dergelijke. Maar teveel frustreert, wurgt, knijpt af. Punt is nu dat je heimwee niet ondervangt door het te onderdrukken of te verbieden maar door het 'n plaats te geven in de ervaringswereld van mensen.

Toen de gedrukte Konfrontatie in 1994 geëvalueerd diende, stelde ik dat je de mensen hun geschiedenis terug moet geven. Dat dat de opdracht van 'n vooruitstrevend blad in deze tijd is. Gedesoriënteerde mensen het gevoel teruggeven dat ze deel uitmaken van tijd en ruimte. Niet door ze 'n versie van de geschiedenis door de strot te duwen. Niet 'geven' maar 'terug'geven. Ze zelf het podium en de middelen bieden om op hun plaats in de geschiedenis te reflecteren. Want wat het nationalisme als ideologie en beweging doet, is dat 'door de strot duwen' van 'n opvatting over de geschiedenis, over onze plaats in tijd en ruimte. De nationalistische ideologie 'bevestigt' ons inderdaad, zoals Hans schrijft. Ze komt tegemoet aan onze behoefte terug te verlangen. Ze verbindt, biedt die 'veilige jas'. Hier in Finland bijvoorbeeld lijkt het wel of land en volk alleen maar bestaan des te harder men dat roept. Lijkt voor haar bestaan afhankelijk te zijn van die voortdurende bevestiging. Er gaat vrijwel geen dag voorbij of de vlag gaat in top. Ik ben al eens van plan geweest om die dingen te gaan verzamelen maar op 'vlagschennis' staat geen geringe boete. 'n Canadese mede-allochtoon heeft ooit geturfd hoe vaak in het meest bekeken tv-journaal de termen 'Suomi' of 'suomalainen' ('Finland' of 'Fin/Finse')vallen. Halverwege het half uurtje was hij bij keertje vijftig.

Mijn nieuwe landgenoten omhelzen ook 'n variant op het 'Deutschtum': suomalaisuus. Veel discussiëren en leren over en prat gaan op de specifieke eigenschappen van het 'Fins zijn'. In het Nederlands kun je zo'n begrip niet eens vertalen. Wij Nederlanders zijn in de ogen van de Finnen 'n soort Zweden. Volgens mijn eigen vooroordelen zijn de Zweden zo nationalistisch dat ze tegen beter weten in een landgenoot voor de aanslag op Olof Palme hebben veroordeeld. De Finnen evenwel verbazen zich erover dat Zweden maar 1 nationale feestdag heeft en die ook nog het liefst geruisloos doorbrengt. In Nederland wappert in mijn herinnering de driekleur alleen op koninginnedag, en dan nog enkel van de openbare gebouwen. Is 'n woonhuis getooid met de vlag, dan zijn de bewoners vast en zeker boven de zestig.
'Suomalaisuus' en het oeverloze gelul erover, heeft echter ook 'n kant die me raakt. De Finnen rangschikken het behoud van de verzorgingsstaat eronder. Als overal elders liggen hier natuurlijk ook de sociale verworvenheden van na de oorlog onder permanent vuur van de neoliberale ideologie in het algemeen en de Europese wetgeving in het bijzonder. De grote meerderheid hier, het hele politieke scala van links naar rechts, ziet de verzorgingsstaat echter als de 'hunne', als iets dat net zo typisch Fins is als 'n witte kerst of 'n tweede plaats bij de wereldkampioenschappen ijshockey. Daar wordt het Finse nationaal gevoel voor mij een stuk sympathieker.

En dat roept tenslotte de vraag op of er aan mijn eigen gevoel bij het Nederlander moeten zijn, 'n positieve kant zit. Hoe nationalistisch ben ik zelf? Wanneer voel ik me geroepen om iets positiefs in te brengen over het land waar ik vandaan kom? Met wat voor Nederland word ik hier graag geïdentificeerd? Ik ben trots op de 'hollanditis': het beeld van Nederland als de luis in de pels van Nato en EG zoals dat in de jaren tachtig door de wereld ging. Misschien ben ik er des te trotser op naarmate het meer verleden wordt, minder in overeenstemming met de werkelijkheid van nu. Heimwee inderdaad.

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 347, 25 augustus 2000