Nederland een dag zonder auto's, kan dat?
autoloze zondag creëert leefbaarheid, geen verkeersproblemen
Velen onder ons kunnen zich de autoloze zondagen in 1973 nog herinneren als bijzondere dagen... Vrijwel lege straten waarop je naar hartelust kon rolschaatsen, waarop jongeren feestjes organiseerden... en dan die stilte, eindelijk eens een wandeling door de natuur maken zonder het geluid van voortrazende auto's op de achtergrond! Deze zondagen - er waren er zeven - zorgden, hoewel de aanleiding daarvoor was gelegen in een noodsituatie, te weten de oliecrisis, voor veel onverwachte positieve effecten. Uit een onderzoek onder de lezers van NRC-Handelsblad bleek dat maar liefst 90% van de inzenders vond dat er twee keer in de maand een autoloze zondag zou moeten worden ingesteld.... als argumenten voor de autoloze zondag werden toen o.a. genoemd het beperken van het aantal verkeersdoden en gewonden, het beperken van de schade aan natuur en milieu, de mogelijkheid om meer te genieten van ruimte en stilte, de verlossing van de auto als statussymbool en een beter openbaar vervoer. Een landelijk dagblad meldde op 5 november 1973: "Veel Amsterdammers hebben op de autoloze zondag van de nood een deugd gemaakt, in plaats van de stad uit, gingen zij nu eens hun eigen stad in. Daardoor was het vooral met het mooie weer overdag bijvoorbeeld op het Rembrandplein en het Leidseplein druk en gezellig, er waren veel mensen op de fiets en op de been die de autovrije dag een verademing vonden."
De argumenten van toen gelden nog onverminderd. Nu de verkeersproblemen veel groter zijn dan in 1973 en de mensen zich daar bewust van zijn, zal er eveneens een basis zijn voor acceptatie van een autoloze zondag per maand. Er zijn kinderen, autolozen en zelfs autorijders die zo'n dag willen en daar recht op hebben. Ieder heeft het recht om frisse lucht in te ademen om buiten te spelen, om rustig te wonen, te lopen en te fietsen en om van natuur en milieu te genieten.
Alle activiteiten die nu worden ingezet om automobilisten tot ander gedrag te verleiden, bijvoorbeeld om de auto eens een dagje te laten staan, selectief te gebruiken, met anderen te delen enzovoort, geven niet erg veel hoop dat het zal lukken om wat dit betreft het streven te realiseren. Als we af en toe de auto laten staan, merken we geen enkel verschil. De straten zijn nog steeds vol auto's, dus zijn we snel geneigd om gewoon weer in de auto te stappen. Maar als er een dag per maand zou zijn waarop niemand zou rijden, kunnen we eindelijk de resultaten zien van ons bewustzijn en kunnen individuele personen en zakenmensen worden aangemoedigd en gestimuleerd om ook buiten die dagen keuzes te maken die in het belang zijn van het sociale en economische welzijn van de hele maatschappij. Bovendien sparen de regering en anderen geld, tijd en praatjes.
Enquêtes, onderzoeken, gespreksavonden, bijeenkomsten, etc. hebben als eindresultaat bla,bla, bla...: de remplacant voor geen inspiratie, geen bravoure, geen wil. Mensen moeten eindeloos hebben zitten ontwerpen voor dit soort dingen bedacht zijn. Er moet eindeloos met mensen die de zaak uitvoeren worden gepraat. Er moeten eindeloos veel misverstanden, onduidelijkheden en vergissingen worden geaccepteerd. Indien we iets moeten doen, een beslissing nemen en een oplossing moeten vinden voor de verkeersproblemen, waarom dan niet een autoloze zondag een keer per maand als een uitdaging zien en het in ieder geval als experiment een kans geven?
Het autosysteem waarin we leven, lijkt zo'n maatregel moeilijk en misschien zelfs onmogelijk realiseerbaar te maken, maar dat is niet zo, want de auto's in Nederland staan op zondag gemiddeld 23 en een half uur geparkeerd, dus het is een kwestie van een half uurtje restrictie, moeite en solidariteit per individu om niet te rijden, in ruil voor 24 uur profiteren van alle rust en de vele mogelijkheden welke een stad/land zonder auto's biedt.
Nederland een voorbeeld voor andere landen
Stel je eens voor: een zondag per maand rolschaatsen op de snelweg, vrij spelende kinderen op de straten en je verjaardag vieren op de Erasmusbrug. What a trip! Ik stel het me voor, een groep Japanse toeristen die de straten fotografeert, ze weten van niets en wanneer ze terug gaan naar Japan zullen ze de foto's aan familie en vrienden laten zien en zeggen: kijk hoe Nederland is!
Nederland als rijk land functioneert als een voorbeeld voor andere landen die even rijk zijn of daarna streven. We hebben bijgevolg de verantwoordelijkheid om een manier van leven te ontwikkelen die comfortabel, gezellig en tegelijkertijd duurzaam kan zijn, zelfs wanneer de hele wereld ons bekijkt. Wanneer er een autoloze zondag komt, ben ik er zeker van dat de hele wereld naar ons zal kijken en de prettige veranderingen en goede effecten die zulke dagen kunnen meebrengen zal observeren. Nederland zal dan een voortrekker zijn voor andere landen.
De economie wordt niet geschaad
Iedereen erkent en waardeert de grote voordelen die het vervoor per auto oplevert voor de burgers en de handel, maar we worden ons ook meer bewust van de externe kosten die daarmee gepaard gaan: verkeersopstoppingen, vervuiling, verkeersongelukken en negatieve effecten voor de samenleving. Deze factoren brengen kosten met zich mee die betaald moeten worden door de samenleving. Als consequentie wordt de economie ernstig geschaad.
Zonder veel moeite kunnen we denken dat de economie zal verslechteren als er een autoloze zondag per maand zou zijn. Maar de ervaring van 1973 leert dat dit niet klopt. H.J.A.Hofland schreef toen in een krant: "De autoloze zondag, die in het geheel van alle bedrijvigheden van de consumptiemaatschappij een onnozele kleinigheid is, wordt opgevat als een teken van een nog niet in te schatten, maar zeker naderend onheil".
Natuurlijk zal een dergelijke maatregel verandering met zich meebrengen, welke hier en daar pijn zal doen. Enkele bedrijven raken geld kwijt en sommige mensen zullen hun baan verliezen. Maar op den duur, als de schokeffecten verdwenen zijn en iedereen er aan gewend is, hebben de meeste werklozen ander werk gevonden, verschijnen er nieuwe bedrijven en zal de economie een stimulans krijgen door het scheppen van handelsmogelijkheden en banen op het vlak van ontspanning en toerisme.
Er zijn veranderingen in het verkeer en sociale en culturele veranderingen nodig. De absolute vijand van onze beschaving is de consumptiemaatschappij. Tegenwoordig is het duidelijk dat de structuur van onze maatschappij niet zo hecht is als we graag veronderstellen. De maatschappij laat bijvoorbeeld de gezondheid van de bevolking steeds meer bedreigen door de vervuiling en door het risico op overlijden en letsels bij verkeersongevallen en bederft het leefmilieu en de natuur door de auto alle ruimte te geven met als gevolg een achteruitgang van het openbaar vervoer en een sociale en economische uitsluiting van mensen die niet over een auto beschikken.
Zelfs Kok en van Mierlo ondersteunen de autoloze zondag
Sinds 1973 zijn er vanuit diverse hoeken van het land vanuit verschillende achtergronden initiatieven ontstaan om de autoloze zondag weer in ere te herstellen. In 1987 was er een groep, de Twaalf Ambachten, die daartoe adhesiebetuigingen verzamelde. Onder degenen die zich achter het initiatief schaarden bevonden zich behalve bekende tv-persoonlijkheden (o.a. Sonja Barend en Kees van Kooten), prominente vertegenwoordigers van organisaties op het gebied van vervoer, milieu en alle fractievoorzitters van de in de Tweede Kamer vertegenwoordigde partijen (o.a. de huidige bewindslieden Kok en van Mierlo). Ondanks deze politieke steun, welke zich zelfs uitstrekte tot de ministers Smit-Kroes van Verkeer en Waterstaat en Nijpels van milieuzaken, kwam de autoloze zondag er niet. Een belangrijke factor zal daarbij zijn geweest dat een en ander op basis van vrijwilligheid moest geschieden. Ook de in Veenendaal in 1993 georganiseerde autovrije dag liep op een fiasco uit, onder andere omdat dagjesmensen uit andere plaatsen met de auto kwamen kijken.
Afgelopen jaar zijn er opnieuw twee groepen ontstaan die ernaar streven de autoloze zondag realiteit te doen worden. In Deventer is het Comité Autovrije Zondag bezig met het organiseren van een eenmalige autovrije zondag in die stad. Het actiecentrum van Pippi Autoloze Zondag Nederland organiseert haar maandelijkse ludieke acties in Rotterdam en een landelijke handtekeningenactie voor een landelijke autoloze zondag een keer per maand, net zoals de zondagen eind 1973. Tot nu toe krijgt Pippi aanzienlijke steun van individuele personen en organisaties door het hele land en ook binnen de gemeenteraad van Rotterdam, voor het idee om, bij wijze van proef, een autovrije zondag te starten in die stad.
Om mensen uit de auto en op de fiets te krijgen zijn betere voorzieningen niet voldoende. Om die overstap te stimuleren is een maatregel als de autoloze zondag nodig. Zo'n maatregel vraagt niet zo veel geld als de regering elk jaar besteedt om de automobilisten te verleiden om de auto eens te laten staan, maar slechts om een politieke keuze om dit in te voeren.
Pippi Autoloze Zondag, Soetendaalseweg 59-A, 3036 EK, Rotterdam 010.2652624
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 310, juni 1997