Gevangen in Tilburg, je vrijheid voorbij...
De Nederlandse regering zegt dat het asielbeleid van Nederland streng maar rechtvaardig is. Maar iedereen die in de Tilburgse Willem II-gevangenis is geweest, kan vragen stellen bij dat asielbeleid. In de Willem II-gevangenis zitten 400 mannen zonder verblijfsvergunning. In deze gevangenis zitten geen mensen voor een straf. Zij zijn opgesloten in afwachting van uitzetting. De helft van hen wordt ook echt uitgezet. De anderen worden na verloop van tijd weer op straat gezet.
Onttrekken aan uitzetting
In Nederland zijn 5 gevangenissen voor mensen zonder verblijfspapieren. Die van Tilburg is de grootste met 400 plaatsen. Daarnaast is er het Grenshospitium, het Huis van Bewaring in Nieuwersluis, en een gedeelte van de gevangenissen in Leeuwarden en Zwolle. In 1996 zijn daar 140 cellen in Alphen aan de Rijn en 40 in Zoetermeer bijgekomen. De mensen zitten vast op grond van artikel 26 van de vreemdelingenwet: zich onttrekken aan uitzetting. Zij zijn uitgeprocedeerde vluchtelingen maar ook anderen. Bijvoorbeeld gezinsherenigers als de partner nog niet voldoende inkomen heeft. Of mensen die hier zwart werken. Zij hadden de pech dat ze werden ontdekt. Dat kan gebeuren door controles op het werk, controles in de buurt van de grens, of doordat de vreemdelingendienst een tip heeft gekregen dat hier iemand zonder verblijfsvergunning woont. Veel van de mannen in de Willem II vertellen dat ze werden opgepakt bij zwart rijden in de tram, of door een rood stoplicht reden. De laatste tijd zijn er meer uitgeprocedeerde vluchtelingen die vanuit een asielzoekerscentrum worden vastgezet, omdat zij niet meewerken aan terugkeer. De termen zich "onttrekken aan uitzetting" en "niet meewerken aan terugkeer" zijn rijkelijk vaag. De toepassing ervan lijkt willekeurig.
** Umar is een uitgeprocedeerde vluchteling. Hij werd aangehouden bij een controle in de buurt van de Nederlands Belgische grens. Omdat hij geen verblijfsvergunning had, werd hij naar het politiebureau van Breda gebracht. Vandaar werd hij drie dagen later naar de Willem II gebracht. Daar zat hij 6 maanden. Hij werd naar de ambassade van Liberia en Nigeria gebracht. Omdat hij geen "laissez-passer" kreeg, werd hij tenslotte weer vrijgelaten. Nu leeft hij als illegaal in Utrecht.
Identiteit en reispapieren
Als de politie iemand tegenkomt zonder verblijfspapieren, dan nemen zij hem of haar mee naar het politiebureau. Er volgt overleg met de IND. De IND beslist wat er dan gebeurt. Iemand moet uitgezet worden, of hij mag weer gaan. Als uitzetten snel mogelijk is, gebeurt dat vanuit een politiecel. Duurt het langer, dan wordt je overgebracht naar een Huis van Bewaring zoals de Willem II. Voor wie geen paspoort heeft, beginnen daar de pogingen om je identiteit vast te stellen en reispapieren te krijgen. Wie zelf meewerkt, en een ambassade heeft die meewerkt, die krijgt een "laissez-passer" en dan wordt hij uitgezet. Als van een persoon de naam en geboortedatum en land van herkomst niet bekend zijn, dan wordt het moeilijk om reispapieren te krijgen. Dan ben je dus niet uitzetbaar. Zo kan de tijd in de Willem II-gevangenis lang duren. Er is geen maximum. Als het niet lukt om reispapieren te krijgen, dan kan het zes maanden duren. Als je niet meewerkt, bijvoorbeeld door je identiteit niet bekend te maken, dan kan de tijd zelfs oplopen tot negen maanden.
** Amadou uit Sierra Leone was vlak bij de Duitse grens toen hij werd aangehouden. Hij vroeg onmiddellijk asiel aan. Omdat hij zich niet zelf had gemeld en omdat de IND twijfelde of hij wel echt uit Sierra Leone kwam, werd hij toch naar het politiebureau gebracht en tien dagen later naar de Willem II. De asielprocedure moest hij in de gevangenis afwachten. Vijf maanden later kwam de uitspraak van de rechtbank dat zijn asielverzoek was afgewezen. Toen begon ook voor hem het bezoeken van ambassades. Behalve de ambassade van Sierra Leone werden die van Nigeria en Liberia geprobeerd. Dit alles leverde niet het gewenste resultaat op: er waren geen reispapieren voor Amadou. Hij kon niet uitgezet worden. Dus werd hij, na negen maanden gevangenschap op de trein gezet met een treinkaartje en het verzoek om Nederland te verlaten.
Op een dag word je vrijgelaten. Dat kan gebeuren door de rechtbank, na een verzoek om vrijlating (opheffing vreemdelingenbewaring) of dat gebeurt na een beslissing van de IND. Elke dag rijdt er een busje van de Willem II naar het station in Tilburg en worden twee of drie mensen op de trein gezet met het verzoek om Nederland te verlaten. Zij zijn dan nog steeds zonder verblijfspapieren, illegaal, net zoals voordat zij werden vastgezet.
Een goede advocaat
Wanneer je vastgezet wordt heb je recht op een advocaat. Dat kan je eigen advocaat zijn of een advocaat die wordt aangewezen of een die je zelf kiest. Een goede advocaat is belangrijk. Hij of zij kan naar de rechtbank gaan als de redenen waarom je bent vastgezet niet deugen. Bijvoorbeeld een uitgeprocedeerde vluchteling die altijd stempelt en zich niet onttrekt aan uitzetting mag niet zomaar vastgezet worden. De advocaat kan ook om vrijlating vragen na een maand of drie maanden of na zes maanden. Sommige vluchtelingen vragen (voor de tweede keer) asiel aan als zij in de gevangenis terecht komen. Ook dan is een advocaat belangrijk. Tenslotte kan de advocaat een klacht indienen als de behandeling in de Willem II niet goed is.
** John woonde nog in het asielzoekerscentrum maar was al uitgeprocedeerd. Op een dag moest hij komen voor een afspraak met de vreemdelingenpolitie. De vreemdelingenpolitie zei dat hij mee moest naar de ambassade voor een "laissez-passer". De ambassade gaf geen reispapieren. Terug op het politiebureau werd John vastgezet in de cel. Pas na een dag mocht hij zijn advocaat bellen. Na een week werd hij overgeplaatst naar de Willem II-gevangenis in Tilburg. Na vijf weken ging de advocaat met John naar de rechtbank met een verzoek om vrijlating. De rechter besliste dat John niet in de gevangenis hoorde, omdat hij zelf heeft meegewerkt aan terugkeer. John werd vrijgelaten. Vijf weken heeft hij daar gezeten. En zijn plaats in het asielzoekerscentrum was hij kwijt.
Het is een schande...
Gevangenissen om mensen buiten de grenzen van Nederland te krijgen ... het is een schande. Vrijheid is één van de fundamentele rechten van de mens. Vrijheid ontnemen enkel en alleen omdat iemand geen verblijfspapieren heeft gaat te ver. Onder de uitgeprocedeerden, zijn vluchtelingen die serieus gevaar lopen als zij terug gaan naar eigen land. Deze mensen hebben vaak geen andere mogelijkheid dan hier blijven als illegaal. Voor mensen die vastzitten, is de Willem II een hel. Je weet niet hoe lang het gaat duren en je weet niet of je uitgezet gaat worden of dat je later weer op straat belandt. Naarmate de angst voor terugkeer groter is, is ook de spanning groter in de tijd dat men opgesloten zit.
De Vuurdoop organiseert elke maand een protest-wake tegen deze gevangenis en zo vaak mogelijk gaan we op bezoek bij mensen die vastzitten in de Willem II. Op deze manier laten we zien dat vluchtelingen niet in een gevangenis horen. Het eerste dat ons gevraagd wordt, is altijd: "waarom zit ik hier, ik ben geen crimineel, ik heb niets gedaan." Tijdens de bezoeken proberen we informatie te geven over wat er gaat gebeuren en over rechten in de gevangenis. We kunnen helpen bij het vinden van een goede advocaat, we kunnen contact opnemen met familie of vrienden of op een andere manier contacten met de buitenwereld houden. Doordat het moeilijk is contact te onderhouden, gebeuren er in de Willem II dingen die niemand ziet en niemand weet. De Nederlandse regering maakt zich zorgen over cijfers en aantallen. Maar naar de verhalen van vluchtelingen wordt nauwelijks geluisterd. Gevangenissen voor mensen zonder verblijfspapieren worden aangedragen als de oplossing in de problematiek van vluchtelingen. Maar... het is geen oplossing. Het is alleen maar een probleem erbij.
Helma Hurkens (Medewerkster stichting de Vuurdoop 013.5421982)
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 312, augustus 1997