Terug naar hoofdinhoud

Requiem voor een klootzak (009)

07 maart 2026

Over de teloorgang van Rojava zou Jan Best niet uitgepraat raken. Hij zou bij iedereen en alles de as Koerden-VS-Israel bepleit hebben als dé oplossing voor de problemen in het Midden-Oosten. En hij zou zichzelf nog een keer naar Qamishlo getransporteerd hebben om er te kunnen sterven.

Hij zag mij daar ook graag naartoe verhuizen. Naar Qamishlo, een stadje op twee uur rijden van Erbil. Jan had daar volgens eigen zeggen een ‘universiteitje’ opgericht. Hij zou daar archeologen gaan opleiden, ‘en daarna neem jij het van me over, Joop’.

Hij stuurde me foto’s van een van zijn bezoeken aan Rojava, ergens rond 2015. Erbil ziet er daarop uit als een moderne Westerse stad. Jan beschreef de jonge Koerd die hem vanuit zijn woonplaats Baarn begeleidde met ‘ja, die houdt eigenlijk alleen van feestjes’.

Qamishlo was volgens de beelden en de verhalen van Jan andere koek. Een weg de woestijn in, nog een weg naar nergens, witte, lage gebouwen, weinig tot geen mensen op straat. Jan’s ‘universiteit’ was de verdieping van wat leek op een winkel of bakkerij.

Wellicht heeft de academische droom van Best ten grondslag gelegen aan zijn vete met de Pieriks, van uitgeverij Aspekt, waarvan de lezers van KM in die tijd ongewild getuigen moesten zijn. Volgens Jan begon die ruzie met het door Perry Pierik ‘laten verdwijnen van een bibliotheek’.

Best had volgens eigen zeggen na haar overlijden ‘de bibliotheek’ van Nanny de Vries wegens ruimtegebrek in hun flat in Baarn laten verkassen naar een pakhuis op het erf van Pierik, in Soesterberg. Van daaruit zouden de boeken worden verscheept naar Rojava.

Maar de jonge Pierik zou de verzameling boeken over archeologie en vrouwengeschiedenis hebben ‘verkwanseld’. Dat zou ook best kunnen, want in een telefoongesprek met mij in die tijd vroeg Perry P zich hardop af ‘wat die Koerden nou met boeken van lesbo’s moeten’.

Best was ook een hardcore seksist (misschien lag dat wel aan de basis van zijn band met de Pieriks?). Hij kon verlekkerd vertellen over de ‘Zweedse meisjes van achttien die zich eerst laten naaien voordat ze als peshmerga de bergen ingaan.’

Zo’n beschrijving zette voor mij de ontwikkelingen in Rojava al snel in een ander daglicht. Al googelend stuitte ik er op meer mensen die ik in Finland of Nederland had meegemaakt als ‘wereldverbeteraar’, maar in werkelijkheid in wapens en/of harddrugs handelden.

Maar Jan Best wilde naar het oord om er te sterven. Hij zag voor zich hoe hij het lichaam van De Vries er kon laten herbegraven en dat hij zichzelf daarna op haar graf een kogel door het hoofd zou jagen.

In die jaren belde hij me iedere avond op, in Finland, voor een monoloog van hem die twee uur duurde. Een keer had hij gedronken, kon amper meer uit zijn woorden komen en liet me horen hoe je een Kalashnikov moest ontgrendelen.

Wie weet heeft hij wel de moed gehad om zijn plan te verwezenlijken. Maar het zou me verbazen.

(JoopFinland)

07 maart 2026
Requiem voor een klootzak