Leugens in België (007)
vrijdag 23 juli-2004
In de vorige aflevering repten wij al over de bedreigingen aan het adres van madame Marie-Jeanne P. en dat ze daar verderop in haar verklaringen op terug zou komen. Dat deed ze. Een citaat:
... Een paar dagen daarna kwam de genoemde Fragnard * van de PJ in Charleroi tegen vijven in mijn etablissement. Hij werd vergezeld door twee anderen. De ene was die man met dat donkere haar van de PJ waar ik het al over heb gehad. De ander met wat mediterrane trekken. Na het zien van de fotos in de pers ben ik er absoluut zeker vandat die man met zijn donkere ogen en zijn bijna zwarte haar Marc Dutroux was. De drie heren hebben aan de toog een glas gedronken. Op een zeker ogenblik heeft Fragnard me apart geroepen en me gezegd dat het niet best was wat ik bij de BSR ** had gedaan. Bodart had me toch heel wat klanten bezorgd en ik moest mijn klacht intrekken. Ik heb hem gezegd dat ik dat weigerde. Wij ook zei hij, maar we zetten hier geen voet meer over de drempel. Toen hij zich weer bij de anderen had gevoegd voegde hij daaraan toe: Eén lucifer kan een groot huis als dit in de hens steken. In die periode had ik een kleine cassetterecorder op de toog. Een gewoon apparaatje. Die heeft die uitspraak geregistreerd zonder dat Fragnard daar weet van had. De man die ik identificeerde als Dutroux heeft me met een ijskoude blik aangekeken. Ik heb gevraagd of hij daar een goede reden voor had. Hij antwoordde dat hij mij in de gaten zou houden. De andere man van de PJ heeft helemaal niks gezegd.
Ik heb besloten om mijn klacht tegen de BSR van Charleroi niet in te trekken. Ik heb maar aan één persoon verteld dat ik die klacht had gedeponeerd maar ik kan me niet zo gauw herinneren wie dat geweest is. Het kan een meisje zijn dat in die tijd in Love Story werkte. Ik zou u haar naam wel kunnen geven. Niet zo lang daarna kreeg ik anonieme telefoontjes. Het was een mannenstem. Hij maakte me duidelijk dat als ik mijn klacht niet introk hij me zou laten elimineren, evenals mijn dochter. Ik heb gebeld naar Fosseur van de BSR in Charleroi en die is me komen opzoeken. Samen met Michaux en Meunier. Ze wilden graag het bandje meenemen en een kopietje bij me achterlaten. Maar ik heb dat geweigerd omdat ik het leven van mijn dochter niet in de waagschaal wil leggen.
Vervolgens ben ik verschillende keren naar de PJ van Charleroi geweest. Bij de chef van Fragnard geloof ik. Ik had daarvoor een paar uitnodigingen gekregen, die ik uiteindelijk heb geaccepteerd. De man die me ontving heeft me aangehoord en toen meegenomen naar het vertrek van Fragnard. Die ontkende gewoon alles. Er is geen verklaring op papier gezet en ik heb niets ondertekend.
Maar daarmee is het verhaal van Marie-Jeanne P. niet ongeloofwaardig geworden. Integendeel zelfs. Vraag is wel: wie was Bodart van de BSR? Daar komen we op terug. Stay tuned.
* Zie noot van aflevering 6 uit deze serie
** Brigade de Surveillance et de Renseignements. Vergelijkbaar met onze CRI.