• Archivaris
  • 439

De logica van het systeem

door Paleander

De logica van de huidige vloedgolf aan overheidsbezuinigingen, doet denken aan de Engelse BBC serie 'Yes Minister' en 'Yes Prime Minister': het doel is het doel zelf, de reden is de reden, oorzaak en doel volgen uit de reden, en de reden uit de oorzaak, en wie dat niet snapt, is een onbenul..!
Nou ja, volgens 'iemand', wie die iemand is, is mij een volslagen raadsel. Maar wie niet het nut inziet van de huidige bezuinigingen van Mark Rutte en Co, schijnt te lijden aan een acute aanval van een chronisch gebrek aan gezond verstand. Banken werden en worden met miljarden overeind gehouden en nu zijn landen aan de beurt, maar iemand moet al die miljarden ophoesten, en dat is, ja, u raadt het al, WIJ.
Die heerlijke onpersoonlijke abstracte meervoudigheid van het WIJ... Waarom lonken politici niet vaker richting burger met het sublieme WIJ: 'Weet u wat WIJ zo goed doen; wat WIJ zo duidelijk begrijpen; wat WIJ moeten doen; WIJ, U en IK!'
Of de burger zich zo rap vrijwillig en aangenaam laat verdoven door vleierij en loze beloftes…? Misschien de gemiddelde onnadenkende PVV kiezer in Limburg die na enige generaties mechanisch op het CDA te hebben gestemd, door een haast onverklaarbare schok ruw en kortstondig ontwaakten? In de korte vlaag van verstandsverbijstering die op het ruwe ontwaken volgde, konden ze maar één consensus ontdekken — hun eigenste Wilde Geert — om daarna snel en veilig weg te dommelen in hun sociaal-maatschappelijke trance van niet na-denken...
Wie van u herinnert zich nog dat Jan-Peter Balkenende bij zijn aantreden als premier eertijds door zijn zwart kijkerij de Nederlandse economie als enige in Europa in een recessie wist te praten? Verschillende economen wierpen hem deze beschuldiging ook daadwerkelijk voor de voeten, maar deze stoere ferme knaap wist zich van de prins geen kwaad. 'Bezuinigen' was het sleutelwoord; bezuinigen en privatisering, de patent medicijnen tegen elk vermeend overheidsfalen, want als er al een schuldige is, is dat de 'gebrandmerkte' eeuwige werknemer bij de overheid, de ambtenaar of de dito verguisde ambtelijk bestuurder. De partijgenoot in de provincie doet het altijd slecht, omdat hij vaak in een 'coalitie' zit met rabiaate 'tegenstanders' van de Haagse coalitie, en zelden vanuit een politieke concensesus trance kan besturen.
Politici zien zichzelf altijd als redders in de nood van ambtelijk falen en wanbeleid, tegen burgerlijke ongehoorzaamheid, of tegen nooit bewezen, maar ogenschijnlijk wijd verspreid en gebrandmerkt misbruik van uitkeringen door naar obesitas neigende werklozen. Werklozen die ogenschijnlijk vanaf het moment dat ze hun baan verliezen, nog maar een doel in het leven kennen, onderuit gezakt op de bank TV kijken met de nimmer leeg wordende zak chips en een liter cola op de knieën. Wie bij een dergelijke vloed van aandoenlijke vooroordelen niet een traantje van doorleefd gevoel wegpinkt, is geen mens, néé, zelfs geen homo-sapiëns meer.
In tegenstelling tot het gezapige Nederland, poogt men in England elkaar in de politieke arena vlijmscherp en doelbewust politiek leed toe te voegen; maar zie je tevens een goed maar scherp ontwikkeld gevoel voor humor om niet te verzanden in gedreuzel over apert steeds terugkerend politiek-ambtelijk falen en ergerlijk politiek eigenbelang.
Zo schonk de eerder aangeduide BBC serie 'Yes Minister' en 'Yes Prime Minister', (1980-1988) de kijker een blik achter de schermen van de Britse regering en haar ambtelijke bestuurders. Een serie, die zoals later bleek, o.a. gebaseerd was op de onthullingen van Marcia Williams, de persoonlijke secretaresse van de socialistische premier Harold Wilson.
In de BBC serie moest de Honorable 'James Hacker', (gespeeld door wijlen acteur Paul Eddington), die het als oud-journalist en parlementslid tot minister had geschopt, met lede ogen aanzien hoe Humphrey's, (gespeeld door wijlen Nigel Hawthorne), zijn 'ambtelijk hoofd' aan het langste eind trok. Ogenschijnlijk bepaalde Humphrey en niet Hacker het ministerieel beleid.
Humphrey: 'Maar minister, de oppositie is niet echt de 'oppositie', ze zijn slechts een regering in ballingschap; de ambtenaren zijn de inwonende oppositie!'
'Minister, daarom is het soms zo moeilijk om aan ministers uit te leggen dat openbaarheid van bestuur niet alleen betekent kabinet en collegae te informeren, maar tevens vrienden in de nationale media.'
Humphrey' bepaalde wat wel of niet geschreven mocht worden, welke rookgordijnen aan de pers moesten worden doorgeseind en welke niet:
'Minister, u zult toch moeten toegeven dat t beter is om publiekelijk toe te geven, dat we besloten hebben meer flexibel te zijn in de toepassing van beleidsprincipes, dan openlijk toegeven dat we ons beleid in de vuilnisemmer hebben weggegooit.'
'Als de pers niet weet wat u doet, weten ze ook niet wat u fout doet!'
'Beste minister, het reorganiseren van het ambtelijk apparaat en de kerkelijke theologie hebben veel met elkaar gemeen; het reorganiseren van het ambtelijk apparaat is als een mes dat je door een schaal met knikkers heen haalt, en theologie is een probaat middel agnostici binnen de kerk te handhaven.'
'Minister, regeren gaat niet over moraliteit, maar over stabiliteit; de dingen in beweging houden en anarchie verhinderen, zodat de maatschappij niet uit elkaar valt.
'Als een minister ontdekt dat de regering iets illegaals doet, is hij niet verplicht dit aan de premier te vertellen. Omdat hij iets onaangenaams heeft ontdekt betekent dat niet dat hij dit overal moet gaan rondbazuinen.
Regeren gaat wel over principes, maar vooral het principe, deze nooit in praktijk toe te passen.'
De cynisch-komische monologen en dialogen gaven de serie zijn charme; de eeuwige strijd tussen Hacker en Humphrey, waarbij de laatste op zeldzaam onverwachte momenten het onderspit delfde, als Bernard de persoonlijke secretaris zijn minister, (gespeeld door Derek Fowlds), vooraf de wapenen in handen gaf waarmee hij zijn ambtelijk hoofd kon verslaan. Achteraf leek het er erg veel op dat Bernard de onzichtbare spin in het web was, en niet Humphrey:
Bernard: 'Minister, het dilemma van de politicus bestaat er uit dat hij zich ogenschijnlijk verplicht voelt zijn geweten te volgen, maar hij moet ook weten in welke richting hij beweegt. Daarom kan hij zelden zijn geweten volgen, omdat de weg die hij volgt meestal in de tegenovergestelde richting loopt.'
'Minister, als Humphrey u vertelt dat de zaak in beschouwing wordt genomen, betekent dat dat het dossier is zoekgeraakt. Wanneer hij u vertelt 'we houden ons actief bezig met de overwegingen die het dossier suggereert' betekent dat dat men het dossier probeert terug te vinden.'
'Minister, als Humphrey u vertelt: 'dat het ministerie gezien de complexiteit van de omstandigheden, de mogelijkheid overweegt bepaalde zaken op een bepaalde wijze af te handelen, die ruimte open laat voor suggesties, zonder hier een principiële kwestie van te maken, zodat soms de dingen niet zijn wat je denkt, betekent dat bondig: 'wij liegen!'
Toppunt van ambtelijk cynisme was Humphrey's aanbeveling twee sub-commissies aan te stellen om de aanbevelingen te beoordelen van een parlementaire commissie:
'Ja minister, het is noodzakelijk een sub-commissie aan te stellen die de aanbevelingen van de parlementaire commissie onderzoekt, en een tweede sub-commissie die de aanbevelingen van de eerste sub-commissie onderzoekt, begrijpt u het minister?'
'Nee, dat doe ik niet Humphrey, het klinkt volslagen onzinnig, jouw suggestie betekent dat de aanbevelingen van de parlementaire commissie zinloos zouden zijn?'
'Minister ik zou het niet zo zwart-wit willen stellen, maar het ministerie streeft primair zijn eigen doel na, en niet dat van de regering noch de burgers.'
'Humphrey het klinkt alsof ministers slechts marionetten zijn, die de lof of de schuld krijgen van iets waar ze geen enkele controle over hebben, noch het hoe en waarom begrijpen?!'
'Doe ik dat minister? Maar u moet toch toegeven, dat de logica van het systeem orde schept, terwijl als wij toestaan dat het parlement, of God-verhoede de burgers het overheidsbeleid bepalen dit tot chaos leidt.'
'Daarom staan we toe dat politici in paniek geraken, zij hebben namelijk behoefte aan activiteit als een placebo voor gebrek aan succes en innovatie.'

Wie de laatste maanden gedurende de zogenoemde 'euro-crises' soms het bevreemdende gevoel bekruipt, wie is er nu gek, ik of de politici, de bankiers of de Europese commissie...?
Nobelprijs gekroonde economen waarschuwen onafhankelijk van elkaar voor de desastreuze sociaal-economische gevolgen van zware overheidsbezuinigingen op de bevolking. Leden van de Europese commissie zien in de crises een aanleiding om nog meer controle en bevoegdheden voor de commissie op te eisen, alsof die controle los staat van de politieke kleur en overtuiging van de commissieleden. Bankmanagers die eerst met behulp van virtueel bankvermogen, miljoenen en miljarden aan bonussen aan elkaar uitdeelden en in 'contanten' uitbetaalden, en de virtuele 'mega-schuld' doorschoven naar de Europese belastingbetaler, blijven nu als een gans met een broedsyndroom op hun zijn geld-eieren zitten, en weigeren krediet of leningen te geven aan bedrijven in de 'harde economie' waar men producten en diensten produceert die noodzakelijk zijn voor de samenleving.
Managers van internationale banken die openlijk speculeren over de desintegratie van de euro-zone, en mede-verantwoordelijk waren voor de huidige crises door hun collectief-individuele hebzucht, sturen door hun uitspraken de 'markt' in de richting van een nieuwe crises. Blijkbaar is dat voor hen persoonlijk lonender, dan alle zeilen bij te zetten om de lasten en gevolgen van de crises gelijkmatiger te verdelen over de samenleving en de wereld.
Je kunt alleen hopen dat door de verwevenheid van alle grote wereldeconomieën- China exporteert 70 procent van haar export richting Europa - dat iedereen beseft dat niemand baat heeft bij een herhaling van 1929, en iedereen mede-verantwoordelijk is voor het sociaal-economisch welzijn van de wereld.
Hoewel vanuit sociaal oogpunt dit vermeende algemeen sociaal-economisch welzijn al sowieso overal ongelijk verdeeld is; de roep om een algemene herverdeling wordt steeds vaker en luider gehoord, als het enig effectieve middel tegen sociale desintegratie en politieke radicalisering van de Westerse wereld.
Wees gerust, al deze dingen leven hun eigen leven, je kunt beter je hengel pakken en gaan vissen, de wereld draait ook wel verder zonder jouw paniek en onrust…
Om met een lichtpuntje te eindigen: een ambtenaar met gezond verstand en een gevoel voor zijn medemens, luistert elke dag naar het nieuws in de hoop één bericht te horen: 'dat de regering Rutte is gevallen'. Hij beklaagde zich dat elke bezuinigingsronde de laatste tien jaar géén geld had opgeleverd maar integendeel, juist duurder was uitgevallen.
En de eerste les in economie is dat alleen als er geld wordt uitgegeven de economie zal groeien. Bezuinigen is dus een vrij omslachtige manier om meer geld uit te geven, terwijl men luid verkondigt dat wij met zijn allen de broekriem moeten aanhalen.
Waarom verkondigt Rutte niet dat hij in werkelijkheid meer geld wilt uitgeven, inplaats van minder? Tsja, als u het weet, weet ik het ook... In ieder geval schijnt morgen de zon. Hoe ik dat weet? Welbevinden is een gevoel tussen de oren. Dus morgen schijnt de 'zon'!

Dit bericht is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 439, 16 december 2011

  • Hits: 456

Kleintje Muurkrant - Postbus 703 - 5201 AS - 's-Hertogenbosch