Besproeiing & Oorlog
campagne tegen "War on Drugs"
Aan de horizon verschenen onverwacht bewapende helikopters, gevolgd door een sproeivliegtuigje. Binnen tien minuten vernietigde een witte gifwolk wat Bernardo Velásquez in tien jaar met zijn familie had opgebouwd. Indertijd had pure overleving hen indertijd naar dit Amazone gebied in het zuiden van Colombia gedreven. In Cartagena del Chairá aan de Caguán rivier hadden ze drie hectare coca geplant, de basis van de overlevingseconomie in de Caquetá en Putumayo departementen. Maar gestimuleerd door de lokale priester besloten ze negen jaar geleden mee te doen in een omschakelingsprogramma. Ze kregen subsidie om rubberbomen en cacao aan te planten, begonnen een moestuin en legden een viskweekvijver aan.
door Martin Jelsma
De rubberbomen waren juist volgroeid genoeg om met tappen te beginnen toen het vliegtuig opeens overkwam. En weg was de droom. Alle cacao werd vernietigd, de meeste rubberbomen verschrompelden en geen vis in de vijver overleefde. De kinderen hadden een week lang diarree en huiduitslag. Een jaar na de besproeiing was alleen die ene hectare coca die ze nog aangehouden hadden, redelijk hersteld. De aandrang was groot om een eindje verderop maar weer een nieuw stuk oerwoud te kappen en weer nieuwe coca aan te planten.
In het afgelopen decennium zijn in Colombia op die manier meer dan 200.000 hectare coca en zo'n 60.000 hectare opiumvelden besproeid met een Roundup glifosaat mengsel van het beruchte bedrijf Monsanto. Grofweg drie miljoen liter herbicide is daarbij in de ecologisch kwetsbare Colombiaanse Amazone en Andes gebieden terecht gekomen. Tienduizenden mensen zijn hierdoor opnieuw op de vlucht gedreven waarvan velen bij gebrek aan andere mogelijkheden hoger de Andes of dieper de Amazone introkken. Ondertussen bleef het aantal hectares coca toenemen, van zo'n 40.000 toen de besproeiingsoperaties begonnen, tot 120.000 nu. De besproeiingen hebben slechts een destructieve vicieuze cirkel in werking gezet van chemische verontreiniging, gezondheidsklachten, ontwrichting van boeren- en inheemse gemeenschappen, gedwongen migratie, verdere ontbossing en nieuwe aanplant die vervolgens weer besproeid wordt, enzovoort, enzovoort. Bovendien vormen deze anti-drugs operaties een ernstige bedreiging voor het moeizame vredesproces in Colombia. De legitimiteit van de overheid wordt voor de bevolking in deze afgelegen streken net zo hard kapot gesproeid, mensenrechten worden geschonden, de steun voor de lokale guerilla groeit, de oorlog breidt zich uit naar steeds weer nieuwe gebieden en de anti-drugs missie raakt meer en meer verstrengeld met bestrijding van opstand.
Voor januari is in het kader van 'Plan Colombia' een mega-besproeiing van ongekende omvang aangekondigd voor de Putumayo. Vers door Amerikaanse militaire adviseurs getrainde speciale anti-drugs legereenheden zullen die operaties vergezellen in nieuw geschonken helikopters en extra sproeivliegtuigjes. Een aangekondigd drama waar iedereen zich huiverend op voorbereid. De FARC guerilla door het gebied af te grendelen van de buitenwereld en zich zonder enige scrupules op te maken voor een militaire krachtmeting; de paramilitairen met dagelijkse moordpartijen om al vast een begin te maken met het gebied te zuiveren van verdachte guerilla sympathisanten. Buurland Ecuador en de VN door voorbereidingen te treffen voor de opvang van tienduizenden vluchtelingen, een stroom die inmiddels al op gang begint te komen.
Behalve het intensiveren van de chemische besproeiingen worden er ook plannen ontwikkeld voor het openen van een biologisch front in de War on Drugs; het opzettelijk creëren van epidemieën van schimmels die de coca, opium en cannabis zouden kunnen uitroeien. Gefrustreerd door de statistieken over de toenemende omvang van de teelt van drugsgewassen, zijn zowel de VS als nota bene het drugscontrole programma van de Verenigde Naties (UNDCP) op zoek gegaan naar potentieel effectievere bestrijdingsmethodes. Colombia zou het testgebied worden -onder VN vlag- voor coca besproeiingen met de Fusarium oxysporum, een uitermate agressieve schimmel waarmee al twintig jaar in VS laboratoria geëxperimenteerd wordt. Wetenschappers, NGO's en inheemse volkeren reageerden met een lawine van kritiek over de potentiële gevolgen voor het milieu, voor de volksgezondheid en de voedselveiligheid. En na een bijzonder effectieve internationale campagne het afgelopen half jaar, hebben zowel de Colombiaanse regering als de UNDCP zich onlangs uit het project teruggetrokken. Ook omringende landen spraken zich in krachtige termen uit over de risico's van het bewust op gang brengen van een dergelijke plaag in het Amazone gebied.
Al eerder waren plannen voor de inzet van Fusarium in Florida tegen illegale cannabisteelt, na vele protesten in de ijskast gezet door de lokale milieu autoriteiten. De eerste dreigingen zijn daarmee gekeerd, maar de plannen van deze biologische oorlogsvoering zijn nog lang niet definitief van tafel. In Uzbekistan is een ander UNDCP programma in volle gang met Britse steun, om een schimmel tegen opium papaver te ontwikkelen en uit te testen. En de Colombiaanse regering overweegt, onder zware druk uit Washington, om alsnog een onderzoeksprogramma te beginnen naar andere biologische middelen die tegen de coca inzetbaar zouden zijn. Amerikaanse beleidsmakers lijken nog geenszins bereid de door hen als de "silver bullet" van de War on Drugs beschouwde schimmel uit hun hoofd te zetten.
Maar ondertussen neemt ook de oppositie tegen al deze waanzin steeds grotere vormen aan. In januari zal een internationaal gecoördineerde campagne van start gaan in een poging een eind te maken aan de chemische en biologische War on Drugs. Een poging om krachten te bundelen van milieu, mensenrechten en ontwikkelingsorganisaties, drugsbeleid hervormers, vredesgroepen, etcetera, om samen met welwillende autoriteiten hier in Europa en in Latijns Amerika een kritische massa te vormen om de destructieve vicieuze cirkel te doorbreken. Ook voor de Nederlandse regering is hierin een duidelijke rol weggelegd. Dit jaar verdriedubbelde Nederland haar bijdrage aan UNDCP en is daarmee nu een van de grotere donoren. In de internationale donorconferenties voor Colombia en in antwoord op Kamervragen heeft Nederland zich nadrukkelijk uitgesproken tegen de chemische besproeiingen en de schimmel-plannen. Een logische stap zou zijn om ook pressie uit te oefenen op UNDCP om zich ondubbelzinnig terug te trekken uit welk programma dan ook om methodes te ontwikkelen voor het gedwongen vernietigen van drugsgewassen.
Stop de chemische en biologische War on Drugs!
(Martin Jelsma is betrokken bij Transnational Institute (TNI). Voor uitgebreide achtergrondinformatie zie internetpagina's www.tni.org/drugs en/of bel 020.6626608)
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 354, 9 maart 2001