Terug naar hoofdinhoud
  • Archivaris
  • 357

De wereld in het Klein

De gladde zondagbijlage van de lokale krant Los Tiempos (Cochabamba, Bolivia) publiceert de laatste maanden verbazingwekkende artikelen. Vandaag is er een gewijd aan de Boliviaanse schrijver Sergio Almaraz, op aarde tussen 1928 en 1968. Zijn korte leven was lang genoeg om klare taal te spreken: "extreme armoede werkt kolonisatie in de hand" schreef Almaraz, "en op een bepaald nivo verdwijnt de waardigheid. De VS heeft dit nivo ontdekt en buit het uit: voor zijn ogen en zakken is een Boliviaan minder waard dan een Argentijn of een Chileen."

door Theo Roncken

Waarom heb ik Almaraz nooit eerder ontmoet? Hij komt notabene uit Cochabamba, waar ik toch al ruim zeven jaar vertoef en probeer wijzer te worden van de vreemdste combinaties van lijdzaamheid en strijdlust die je maar in een mens kunt tegenkomen. Volgens de schrijver: "is het walgelijk te zien hoe burgers zich slaafs glimlachend om de ambassadeur verdringen om een lening te verkrijgen, maar het is pijnlijk om de boeren met bloemenkransen hun dank te zien belijden voor een schooltje of een gratis waterput."
Dit brengt me bij de speciale Nederlandse ambassadeur voor het vredesproces in Ethiopië en Eritrea, P. Marres, die het waagde om in de Volkskrant van 10 mei jongstleden te verwoorden dat "de afschaffing van ontwikkelingshulp aan derdewereldlanden mensen hun waardigheid teruggeeft. Dan pas is het kolonisatieproces afgerond", vindt Marres.

Op het gevaar af op dezelfde fikse kritiek te kunnen rekenen die Marres onmiddellijk van onder meer CDA, Groen Links, PvdA, VVD en D66 ontving, wil ik zijn stelling hier ten dele onderschrijven. Marres argumenteert dat: "veel energie en intellectuele capaciteit die in de ontwikkelingslanden nu worden besteed aan overleg met de vele hulpgevende landen, beter gebruikt kunnen worden voor de eigen ontwikkeling." Er zit veel waarheid in deze uitspraak, maar het gaat er vooral om een goed onderscheid te maken tussen de vele ideeën over "ontwikkeling".
Bolivia is één van de twee Latijnsamerikaanse landen waarmee Nederland een "langdurige bilaterale ontwikkelingsrelatie" onderhoudt. Het gaat hierbij om jaarlijks 74 miljoen gulden voor met name plattelandsontwikkeling, onderwijs en participatie en decentralisatie, met als hoofddoel: armoedevermindering (uit: Internationale Samenwerking, april 2001). Op zich is dit geen weggegooid geld, maar ondanks dat Nederland de op vier na grootste donor van Bolivia is, zijn het de richtlijnen van de Wereldbank, het Internationaal Monetair Fonds en de adviseurs van Harvard die in politiek La Paz de dienst uitmaken. Nu vindt de Wereldbank dat in het land de benzineprijs omhoog moet, ook al betekent dat meer werkloosheid en meer Bolivianen onder de beruchte armoedegrens. De Wereldbank vond ook dat Cochabamba's water geprivatiseerd moest worden, hetgeen vorige jaar april leidde tot een algehele volksopstand na abrupte prijsverhogingen. En onlangs brachten economische studies aan het licht dat de ontwikkelingslanden die in de laatste tien jaar het minst de richtlijnen van het IMF hebben opgevolgd zich het best hebben kunnen onttrekken aan de fnuikende economische afhankelijkheid. Mijn conclusie is dat er van een afronding in het kolonisatieproces helemaal geen sprake is.

bomen
Een voorbeeld. Begin mei jongstleden gaf de Boliviaanse regering per decreet 410 duizend vierkante kilometers bosgrond vrij voor houtexploitatie, voor twee derde zelfs zonder enige restricties. Momenteel vindt op 70 duizend vierkante kilometers houtkap plaats, en dat gaat niet erg netjes. Om "bruikbare" bomen te bereiken leggen de bulldozers heel wat "loze" stronken plat. 410 duizend vierkante kilometers is overigens ongeveer 40% van Bolivia's totale oppervlakte. Nu heeft de FAO, onder meer met Nederlandse ontwikkelingshulp mooie proefprogrammaatjes waarbij kleine groepen boeren zorgvuldig met de door hen beheerde bossen omgaan. Jaarlijks bijplanten, roterend kappen en zo. Leuk bedacht, leuk gedaan, maar daar gaat het de gemiddelde buitenlandse investeerder absoluut niet om en die kapt ongeveer 50 keer zo snel en 100 keer zo aselectief als de participatieve boer.

olie
Nog een voorbeeld. Twee jaar terug verzetten ecologische organisaties zich tegen een lening van de VS aan de SHELL en de ENRON waarmee deze oliegiganten een gaspijp wilden aanleggen tussen Bolivia en Brazilië. Helaas ging deze buitenlandse "investering" ten koste van een uniek stuk droog tropisch woud, dat door de pijpleiding in tweeën gehakt zou worden. En helaas reikt de arm van de ENRON en de (deels Nederlandse) SHELL ver: op 12 juni 2000 tekenden zij achter gesloten deuren een overeenkomst met onder meer het Wereldnatuurfonds, "Wildlife Conservation Society" en "Friends of the Earth", die voor 20 miljoen dollar het beheer over dit Boliviaanse bos op zich namen en op hun beurt het vereiste groene zegel aan de oliebaronnen uitreikten.

Sergio Almaraz schreef in zijn "Olie in Bolivia" (La Paz, 1958) dat voor zijn land de olie- en gasreserves de enige kans vormden op een autonome economische ontwikkeling. Inmiddels is de exploitatie van deze grondstoffen sinds 1995 weer volledig geprivatiseerd, betalen de Bolivianen voor hun eigen gas een hogere prijs dan de Braziliaanse buren en schommelen de kosten van olieprodukten ook voor hen vrolijk mee met het wereldgebeuren. Absurd? Het is de prijs die Bolivia betaalt in ruil voor haar toegang tot het leeuwendeel van haar ontwikkelingsfondsen.

De wereld in het klein
Als we de wereld in één dorpje van 100 bewoners zouden stoppen zouden 6 personen 59% van de rijkdommen bezitten, en alle zes zouden ze Noordamerikaan zijn. 80 inwoners zouden in onwaardige omstandigheden leven, 50 zouden ondervoed zijn, 70 zouden niet kunnen lezen en maar eentje zou een computer bezitten. Of de enige Nederlander van Piet Hein zou zingen, zijn centjes zou beleggen bij de Shell of donateur was van het Wereldnatuurfonds weet ik niet. Interessante vragen zijn het wel.

(bovenstaand stukje, geschreven door de in Cochabamba, Bolivia wonende Theo Roncken, is afkomstig van 'groen gras', een verzameling van onregelmatig verschijnende verhaaltjes van een noorderling in het zuiden. Het basisidee is om het kleine, dagelijkse gebeuren te koppelen aan de werking van grote, schijnbaar onaanraakbare machten. Je kunt contact met hem opnemen via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.)

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 357, 7 juni 2001