Terug naar hoofdinhoud
  • Archivaris
  • 393

John Negroponte

De nieuwe Amerikaanse ambassadeur in Irak heet John Negroponte. Volgens velen de belangrijkste man in Irak. Wie is deze John Negroponte? Hij komt aan het hoofd te staan van de grootste Amerikaanse ambassade ter wereld, met meer dan 3000 werknemers.

Negroponte wordt door internationale mensenrechtenorganisaties beschuldigd van het oprichten van het Nicaraguaanse Contra-rebellen-leger. Opgericht om de democratisch gekozen regering in Nicaragua omver te werpen. Hij wordt ook verantwoordelijk gehouden voor het in de doofpot stoppen en houden van mensenrechtenschendingen in Honduras, ten tijde van zijn ambassadeursschap aldaar. En wat recenter werd hij ervan beschuldigd verantwoordelijk te zijn voor het diplomatieke voorwerk voor de Amerikaanse invasie in Afghanistan in 2001 en Irak in 2003.
Negroponte is in 1939 geboren als zoon van een Grieks-Amerikaanse scheepvaartbaron. Na zijn afstuderen op Yale University begon hij in 1960 als diplomaat bij Buitenlandse Zaken. Een ervaring dus van meer dan veertig jaar op acht verschillende plekken op de wereld. Ten tijde van de Amerikaanse interventie in Vietnam startte zijn carrière. Daarna ambassadeur in Honduras, Mexico, Filippijnen, en in 2001 Amerikaans ambassadeur bij de VN. hij kent zijn talen (Vietnamees, Grieks, Frans en Spaans).
Zijn meest controversiële periode beleefde John Negroponte als Amerikaans ambassadeur in Honduras van 1981 tot 1985. In die periode steeg de Amerikaanse militaire hulp aan Honduras van bijna vier miljoen dollar naar 75 miljoen dollar. De COHA (The Council on Hemispheric Affairs), een organisatie die de Amerikaanse betrekkingen met latijns-Amerikaanse landen in de gaten houdt noemde deze periode: "An era when human rights and democratic processes were routinely downgraded in the name of halting purported efforts by Moscow to expand Communism throughout the hemisphere". In deze jaren begonnen de Amerikanen vanuit Hondurees grondgebied met het optuigen van de Nicaraguaanse Contra's.

'Doodseskaders'
Een belangrijk contact van Negroponte - Kolonel Gustavo Alvarez Martinez - was één van de verantwoordelijken voor het doodseskader "Battalion 316". Deze militaire terreureenheid werd getraind door de CIA en wordt verantwoordelijk gehouden voor het laten verdwijnen van meer dan 180 'subversievelingen' in de tachtiger jaren. Negroponte heeft altijd volgehouden dat hij niks wist over schendingen van de mensenrechten in Honduras tijdens zijn ambassadeursschap.
Maar alleen al in 1982 verschenen er meer dan 300 krantenartikelen in Hondurese kranten over het illegaal vasthouden van kritische studenten en het ontvoeren van vakbondsstrijders. In die periode bezochten mensenrechtenorganisaties en familieleden van 'verdwenen critici" de Amerikaanse ambassade, maar ze kregen bij John Negroponte geen gehoor. In 1983 schreef hij in zijn Ambassade-jaarverslag "er zijn geen politieke gevangenen in Honduras".
Tijdens de negentiger jaren van de vorige eeuw liep Negroponte zelden in de schijnwerpers, pas toen George Bush hem in 2001 aanstelde als Amerikaans Ambassadeur bij de Verenigde Naties viel hij weer op. Diverse mensenrechtenorganisaties - zeker die uit Latijns Amerika - waren woedend. Dit leidde tot een aantal afgedwongen hoorzittingen in het Amerikaanse parlement waarbij Negroponte verklaarde niks te weten van Hondurese doodseskaders. Hij verklaarde pas in 1988 van "Battalion 316" te hebben gehoord toe hij een artikel daarover las in The New York Times. Zijn leugens werden echter niet doorgeprikt en Negroponte werd benoemd tot VN-ambassadeur. Tijdens die baan zocht hij steun voor de door de Amerikanen georganiseerde inval in Afghanistan in 2001. Zijn pogingen om de rest van de wereld mee te krijgen voor een inval in Irak mislukten - De VS trokken ten strijde zonder VN-resolutie. Sinds kort is Negroponte de vervanger van Paul Bremer als de belangrijkste Amerikaanse vertegenwoordiger in Irak. Vergelijkbaar met zijn rol in Honduras zal John Negroponte (dus) de Amerikaanse belangen behartigen: militaire, economische en politieke controle.

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 393, 9 juli 2004