Actievoeren heeft geen zin
"Ja, als we zo gaan beginnen kunnen we net zo goed meteen thuis op de bank gaan zitten wachten tot de wereld vergaat"; "Nou ja, actievoeren kan toch wel een signaal afgeven"; "Het idee is een beetje dat je met zoiets de publieke opinie bespeelt"; "Een demonstratieve optocht kan toch heel inspirerend zijn voor mensen die nog niet in de scène zitten"; "Ik heb geen behoefte aan dit soort cynisch gezeik!" ... Zo maar een paar reacties die ik de afgelopen weken kreeg op mijn bewering dat actievoeren geen zin heeft.
door Dirk
Er lijkt onder anarchisten een blinde vlek te liggen rond "actie voeren": de vraag stellen "of actievoeren zin heeft", "of een actie eigenlijk wel zijn doel bereikt", is een zeldzaamheid onder actievoerders. Openlijk twijfelen aan de effectiviteit van actievoeren wordt vaak afgedaan als en pleidooi voor passiviteit en daarmee genegeerd. Dat is erg jammer, want als je een politiek doel wilt bereiken is het eerste dat je je moet afvragen hoe je dat gaat doen. Door geen fundamentele vragen te stellen bij de methoden waarmee je je doelstellingen wilt bereiken en cynici bij voorbaat uit de discussie te sluiten is er een impasse ontstaan in de huidige beweging. Ik denk dat het belangrijk is om je af te vragen wat het rendement is van acties die je in het verleden hebt gevoerd en welke echt tot een feitelijke decentralisering van macht hebben geleid, want daar zou het ons als anarchisten uiteindelijk toch om te doen moeten zijn. Eerlijk gezegd kan ik me weinig acties heugen die recentelijk tot een decentralisering van macht hebben geleid. Natuurlijk, er zijn veel punten van de antiglobaliseringsbeweging overgenomen door machthebbers. De EU probeert met de argumenten van de antiglobaliseringsbeweging over milieu en voedselveiligheid haar handelsbescherming te verdedigen in de WTO en de grote voedselexporterende landen proberen met argumenten over economische dumping en "level playing fields" die handelsbescherming weer te torpederen. Erg leuk allemaal, maar ons heeft dat tophoppen weinig meer opgeleverd dan een paar blauwe plekken en wat sterke verhalen voor aan de bar.
Het idee dat actievoeren zin heeft speelt erg tot de verbeelding. Je presenteert daarmee een alternatief. Mensen hebben vaak geen zin om te horen over wat er allemaal mis is in de wereld als ze er niet iets aan kunnen doen. Zeggen en laten zien dat je actie kunt voeren kan die mensen over de streep te trekken om naar je te luisteren en zich bij jou aan te sluiten. Vanuit dat oogpunt valt er wel wat voor te zeggen om activisme te promoten, je bouwt er "human resources" mee op, maar om nu te zeggen dat die resources zichzelf effectief in gaan zetten, nee. Door krampachtig met een "alternatief" te willen komen neem je impliciet aan dat er altijd een alternatief is, en helaas is dat er in veel gevallen niet.
Je kunt dus actie voeren om mensen te inspireren en voor jouw zaak te winnen. Vooral demonstraties zijn daar heel goed voor, omdat je met relatief weinig inspanning veel mensen inspireert. Vandaar dat organisaties als de Internationale Socialisten en de SP, die zich volledig op het rekruteren hebben gestort ook zo vreselijk graag demonstreren. Het rekruteren doen deze organisaties niet onverdienstelijk, maar het officiële politieke doel (het stoppen van een oorlog of een uitzettingsbeleid) waaraan de rekruteersessie wordt opgehangen wordt zelden of nooit gehaald. Demonstreren blijft beperkt tot een massale morele zelfbevrediging, we kunnen naar huis met het voldane gevoel dat we tenminste iets gedaan hebben. De motivatie om te gaan demonstreren waar organisatoren van rekruteerdemonstraties mee naar buiten treden is dat in het verleden mensen "iets" gedaan hebben, dat dat ergens toe geleid heeft dat als goed te bestempelen is en dat er daarom nu ook "iets" gedaan moet worden. Hoe dat "iets" er uit moet zien, aan welke voorwaarden "iets" moet voldoen om effectief te zijn wordt niet gedefinieerd, botweg omdat het officiële doel van een demonstratie ondergeschikt is aan het rekruteren.
Een andere reden om actie te voeren is het presenteren van je argumenten op een symbolische manier. Het afgeven van een signaal naar machthebbers gaat er al in principe vanuit dat de macht niet gedecentraliseerd hoeft te worden. Ik beschouw dit soort acties als een (onhandige) vorm van lobbyisme. De enige reden dat mensen die actie voeren om een signaal af te geven zich niet gewoon in het lobbycircuit storten is dat zij zich dan, vanuit een soort rudimentair anarchistisch sentiment, een onderdeel van het probleem zouden voelen. In het lobbycircuit zouden deze mensen ongetwijfeld veel meer kunnen bereiken, al was het alleen maar door hun enorme kwantiteit. Maar in plaats daarvan kiezen ze voor sadomasochistische rituelen als rellen, vandalisme en lock-ons. Dit soort acties worden vaak gevoerd bij de symptomen van een probleem: een laboratorium dat genetisch veranderde organismen produceert, een legerbasis of een bankgebouw en bijna nooit waar de eigenlijke macht ligt (een octrooibureau/rechtbank, een ministerie, een directiekantoor). Als je dan toch met een symbolische actie een signaal wil afgeven, dan zou je dat veel beter kunnen doen in de richting van de mensen die er echt wat over te zeggen hebben en waarvan je verwacht dat ze mogelijk receptief zijn voor je boodschap, niet de ongeïnteresseerde rtl4kijkerster die alleen maar doet wat hem/haar gezegd wordt. Dit gebeurt helaas veel te weinig, het morele superioriteitsgevoel is natuurlijk maximaal wanneer je tegenover een ongeïnteresseerde werknemerster staat die nog nooit over de consequenties van zijn/haar dagelijks leven heeft nagedacht. Tegenover een gesjeesde technocraat of PR-man/vrouw die wel begrip heeft maar begrijpt dat de wereld zo niet in elkaar zit voelt de activist zich al stukken minder superieur. Morele zelfbevrediging wint het wederom van het officiële doel.
Zinvol actievoeren
Soms heeft het ook wèl zin om "iets" te doen. Opstanden genoeg in de geschiedenis die daadwerkelijk decentralisering van macht hebben bewerkstelligd. Ik zal je niet vermoeien met een eindeloze opsomming, we kennen allemaal de verhalen over Chiapas, Catalonië en Oekraïne. De grote gemene deler in de acties die effectief tot decentralisering hebben geleid is mijns inziens het feitelijk veranderen van de politieke praktijk: Directe actie. "Directe actie" is iets wezenlijks anders dan spectaculaire actie. Machthebbers kun je buitenspel zetten door alternatieve structuren op te zetten of de uitvoering van beleid te saboteren. Dat kan soms spectaculair zijn, maar vaak ook niet. Spektakel is zeker niet de belangrijkste garantie voor succes. Directe actie is helaas vaak niet altijd mogelijk. Het veranderen van de politieke praktijk en daarmee de machthebbers buitenspel zetten is iets prachtigs, maar ook iets heel zeldzaams. De situaties waar er ruimte is voor directe actie dienen zich niet dagelijks aan, en er is ook nauwelijks een routine in het opsporen en uitbuiten van dergelijke situaties. Het handelen vanuit een behoefte naar morele bevrediging, het idee dat iemand goed bezig is zolang hij/zij maar "iets" doet, verstikt de ontwikkeling van een dergelijke routine. Het opzetten van alternatieve organisatiestructuren die de huidige kunnen vervangen of omzeilen is niet echt spectaculair, kost veel tijd en is vreselijk moeilijk. Het is makkelijker om in je behoefte naar morele bevrediging te voorzien door een spectaculaire actie te voeren en vervolgens thuis voldaan naar je eigen foto op indymedia (www.indymedia.nl) te gaan zitten kijken, maar in negenennegentig procent van de gevallen schiet je er verder niets mee op.
De wereld om ons heen verandert voortdurend en kapselt verzet in in formele instituten om ze vervolgens langzaam af te breken. Je ziet dat bij de vakbeweging en de sociaaldemocratie die in hun "nette" en geïnstitutionaliseerde vorm op geen enkele manier verandering kunnen doorvoeren of in het verleden veroverde rechten ook maar kunnen verdedigen. Om effectief voor decentralisering van macht te vechten moeten we onszelf voortdurend vernieuwen. We willen niet dezelfde fout maken als de sociaaldemocratie of de vakbeweging. Door krampachtig vast te houden aan onze rituelen verliezen we ons momentum en zullen de anarchistische verworvenheden uit het verleden ook ingekapseld en afgebroken worden. We zien het al bij de verworvenheden van de kraakbeweging: Eerst is het kaf van het koren gescheiden met tijdelijke verhuur en antikraak, waardoor de overgebleven krakers makkelijk te marginaliseren en te criminaliseren zijn, en vervolgens krijgen we een kraakverbod op ons dak. Het "bestrijden" van deze afbraak blijft beperkt tot rudimentaire vormen van symbolisch verzet: We kraken een pand voor onszelf, we hangen een poster op, ketenen onszelf vast en we lopen wat achter elkaar aan in demonstraties, al dan niet gewapend met capuchon, hond en bierfles. Vernieuwende en effectieve acties grossieren in afwezigheid. Anarchisten zouden eens wat cynischer moeten worden over de acties die zij voeren. We zouden moeten streven naar effectitiviteit in plaats van morele bevrediging. Alleen dan is actievoeren zinvol. Cynisme is wat ons kan doen groeien.
Verder lezen? "Demonstreren voor een ander Hiernumaals" eurodusnie.nl//2003/07/139.shtml & "De zin van demonstreren" eurodusnie.nl//2003/07/193.shtml & reageren op dit artikel kan op http://eurodusnie.nl/2004/06/1236.shtml
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 393, 9 juli 2004