Skip to main content
  • Archivaris
  • 341

Extreem religieuze bewegingen (deel 2)

Regelmatig verschijnen er berichten in de pers waaruit blijkt dat Joodse fundamentalisten een struikelblok vormen voor het ontstaan van vrede in het Midden Oosten. In het vorige nummer van Kleintje Muurkrant behandelde Peter Edel de rol van de National Religious Party en Gush Emunim in Israël. Deze keer gaat het over de Haredim.

door Peter Edel

Gush Emunim en de National Religious Party (NRP) zijn zeker niet de enige groeperingen waar fundamentalistische Joden zich in Israël bij aan hebben gesloten. Ook de 'Haredim' dienen in dit verband genoemd te worden. De term Haredim verwijst naar het hebreeuwse woord 'Hared', dat zoveel betekent als "vol van angst" (voor God). Deze fundamentalistische stroming is uit verschillende segmenten opgebouwd. In de eerste plaats zijn er de Haredim, die evenals de aanhangers van Gush Emunim en veel seculiere Israëliërs, van Ashkenazische oorsprong zijn. Zij worden in de Knesset vertegenwoordigd door de 'Yahadut Ha'Torah' partij ("Judaism of the Law"). Daarnaast zijn er de Haredim met een oriëntaalse achtergrond. Zij worden vertegenwoordigd door de Shas partij, die tot voor kort door Aryeh Der'i werd geleid. Aan diens politieke carrière kwam echter een einde aan nadat hij door een seculier gerechtshof tot een gevangenisstraf was veroordeeld wegens het aannemen van steekpenningen.
De uitgangspunten van de Haredim en Gush Emunim hebben talloze raakvlakken. Beide stromingen oriënteren zich voor een belangrijk deel rond het verwachtingspatroon dat de Joodse Messias binnenkort zal verschijnen. Daarnaast kennen zowel Gush Emunim als de Haredim een afkeer van seculiere Israëliërs en wordt door beide fundamentalistische stromingen gestreefd naar een terugkeer van de situatie zoals die voor de opkomst van de Joodse hervormingsbeweging bestond. Er zijn niet alleen overeenkomsten, maar ook grote verschillen tussen Haredim en Gush Emunim aanhangers. Die verschillen komen om te beginnen in uiterlijke zin naar voren. De aanhang van de NRP en Gush Emunim kleden zich niet specifiek. Doorgaans zijn zij alleen herkenbaar aan het keppeltje op hun hoofd - dat in tegenstelling tot bij de Haredim - gebreid is. Daarnaast zijn de kolonisten van de NRP en Gush Emunim veelal ter herkennen aan hun onafscheidelijke machinegeweer.
Bij de Haredim is het heel anders gesteld met de kledingvoorschriften. Daar hecht men zwaar aan de dikke zwarte kleding (inclusief zware bontmuts), die een overblijfsel is van het barre klimaat dat hun voorouders vroeger in Oost Europa kenden. Dat er in Israël een geheel ander klimaat heerst heeft er niet toe geleid dat de Haredim hun 'dress-code' hebben aangepast. Het vasthouden aan tradities gaat hier voor alles, ook als dat betekent dat men zich te barsten staat te zweten in de woestijn.

De Haredim en leger
De verschillen binnen het Joodse fundamentalisme strekken zich ook uit naar andere gebieden. In tegenstelling tot de aanhang van Gush Emunim, weigeren de Haredim ten ene male om de Joodse staat te verdedigen door dienst te nemen in het Israëlische leger. Nu hoeven de Haredim dat ook niet, want hun religieuze opvattingen brengen met zich mee dat zij door de leiders van de Joodse staat zijn vrijgesteld van militaire dienstplicht. Dat laatste is één van de oorzaken van de geringe populariteit van de Haredim onder de seculiere Israëliërs; in tegenstelling tot de fundamentalisten binnen de NRP en Gush Emunim, waar de bereidheid om de Joodse staat in militaire opzicht te verdedigen heeft geleid tot een vrij algemeen respect binnen de Israëlische samenleving. De Haredim stellen hier tegenover dat Israël uitsluitend en alleen bestaat vanwege de sterke nadruk die zij op hun religieuze gebruiken leggen. Zij vinden dat met hun religieuze praktijken de zegen van het opperwezen wordt afgedwongen, waardoor succes van het Israëlische leger gewaarborgd is. Zonder hun religieuze arbeid was Israël al lang onder de voet gelopen door de Arabische landen is het standpunt van de Haredim. Dientengevolge is het volgens de aanhangers van deze stroming volledig gerechtvaardigd om militaire dienst te weigeren. Voorwaarde daarbij is dat zij zich volledig wijden aan de studie van de Talmoed; het door Rabbijnen samengestelde geschrift dat voor fundamentalistische Joden de basis van het bestaan vormt.

Onderwijs volgens de Talmoed
De Haredim streven er naar dat het op de Talmoed gebaseerde onderwijs algemeen wordt ingevoerd in Israël. Dit heeft weinig te maken met wat normaliter onder het woord onderwijs wordt begrepen. Gebruikelijke vakken zoals wiskunde, vreemde talen, literatuur en natuurkunde worden als het aan de Haredim ligt in het geheel niet onderwezen. In plaats daarvan ligt de nadruk volledig op de lessen van de Talmoed. Zelfs de Thora heeft bij de Haredim een ondergeschikte rol. Naast de boeken van Mozes, krijgen de Haredim alleen de gedeelten uit het Oude Testament onder ogen die in de Talmoed staan geciteerd. Een groot gedeelte van de in de Thora beschreven geschiedenis van het Joodse volk, is dientengevolge volstrekt onbekend voor de Haredim.
Haredim die daartoe geschikt zijn bevonden, kennen vanaf hun zestiende levensjaar een volledige dagtaak aan het bestuderen van de Talmoed. Dit vindt plaats in de 'Yeshiva'. Deze Talmoedscholen worden vaak gekenmerkt door luide, door elkaar heen schreeuwende stemmen. Dat komt omdat het door de Haredim als een zonde wordt beschouwd om de Talmoed in stilte te bestuderen. Twaalf tot veertien uur Talmoed studie per dag is geen uitzondering. Veel studenten in de Yeshiva leidden dientengevolge aan oververmoeidheid. Over hun levensonderhoud hoeven de Haredim zich echter niet druk te maken, want hun religieuze werkzaamheden worden van overheidswege uit gefinancierd, waar men in seculiere Israëlische kringen overigens geen enkele begrip voor kan opbrengen.

De positie van de vrouw
De Talmoed studie in de Yeshiva is alleen weggelegd voor mannelijke Haredim. De Talmoed en de wetgeving van het klassiek Judaïsme leren dat vrouwen geen onderwijs nodig hebben, terwijl bepaalde studies zelfs volledig voor hen verboden zijn. Vroeger kregen vrouwen in fundamentalistisch Judaïstische kringen daarom geen enkel onderwijs en waren zij vaak analfabetisch. Tegenwoordig is dit onder druk van de seculiere regering in Israël gelukkig niet meer mogelijk, maar van een gelijkwaardige positie in het onderwijs tussen Haredim-mannen en -vrouwen is in de verste verte geen sprake. Om aan de onderwijsplicht die de regering heeft ingesteld te voldoen, hebben de Haredim speciale instituten opgericht waar meisjes een inferieur soort onderwijs krijgen, dat vaak meer met religieuze indoctrinatie dan met educatie te maken heeft. Ook de politiek is volgens de Haredim verboden terrein voor vrouwen. Israëlische vrouwen die daar toch aan beginnen worden door deze fundamentalistische Joden als heksen of demonen beschouwd. Ook op dit punt volgen de Haredim netjes de wetten uit de Talmoed. In de 'Tractate Shabath' (een belangrijk onderdeel van de Talmoed) wordt de vrouw beschreven als: "a sack full of excrement". Ook in de 'Kitzur Shulhan Aruch' (een verkorte versie van de Talmoed die gelezen wordt door religieuze Joden die zich niet volledig op de Talmoedstudie hebben gestort) staan zaken beschreven over vrouwen die werkelijk verbijsterend zijn. Vrouwen worden er op één lijn geplaatst met honden en vrouwen: "A male should not walk between two females or two dogs or two pigs. In the same manner the males should not allow a woman, dog or pig to walk between them". Iedere jongen in de Haredim gemeenschap krijgt deze 'wijze les' tussen zijn tiende en twaalfde jaar te horen. In de praktijk komt deze regel er overigens op neer dat hij vooral uit moet kijken om tussen twee vrouwen te lopen, want op honden zijn de Haredim niet zo gesteld en varkens zijn in hun gemeenschappen uit de aard van de zaak niet te vinden.
De behandeling van vrouwen is één van de punten waarin de Haredim verschillen van de fundamentalisten van de NRP en Gush Emunim. Vrouwonvriendelijke passages uit de wetgeving van het klassieke Judaïsme worden door de aanhang van de laatstgenoemde fundamentalistische stromingen vaak uit de weg gegaan. Zo bestaat er voor de NRP geen bezwaar tegen om vrouwen toe te laten op belangrijke posities. Daardoor zijn binnen de leiding van de NRP ook vrouwen te vinden, terwijl dat voor de politieke partijen van de Haredim uit den boze is.

Magie in Israël
Een ander aspect rond de Haredim dat hier zeker niet onvermeld mag blijven is het practiseren van magische gebruiken en hekserij. Dergelijke praktijken zijn vooral kenmerkend voor de oriëntaalse Haredim en de Shas partij. Rabbijn Kaduri (zie noot), die in Israël bekend staat vanwege zijn kennis over magie, heeft zich aan de kant van de Shas partij geschaard. Hij baarde veel opzien in Israël toen hij zich nabij Eilat in een duikboot liet afdalen om een aantal bezweringen uit te spreken. Hiermee zou hij een op handen zijde aardbeving in de richting van niet-Joods grondgebied hebben geleid. Toen er korte tijd later een aardbeving plaats vond werd Egypte daarbij veel zwaarder getroffen dan Israël, hetgeen volgens veel religieus georiënteerde Israëliërs te danken was aan de bezweringen van Kaduri. Kaduri heeft te kennen gegeven dat hij de leiders van de Shaspartij met behulp van kabbalistische bezweringen heeft beschermd. Dat laatste bleek onder andere toen de Shas leider Aryeh Der'i voor de rechter moest verschijnen in verband met corruptie. Hij droeg toen een tiental amuletten, die gezegend waren door de meest vooraanstaande kabbalisten in Israël en hem tegen onheil moesten beschermen. De toegepaste bezweringen hadden overigens geen enkel resultaat. Want ondanks alle magische voorzorgsmaatregelen die de aanhang van Der'i van tevoren had getroffen, werd hun leider wel degelijk tot een gevangenisstraf veroordeeld.
Aan magie toegeschreven effecten komen tevens naar voren in de Israëlische politiek. Toen Benjamin Netanyahu in 1996 tot premier werd verkozen werd dit toegeschreven aan de zegening die hij eerder van rabbijn Kaduri had ontvangen. Het geloof in magie beperkt zich in Israël dan ook niet tot de Haredim, het is zelfs één van de elementen die de Joodse staat verdeeld. De seculiere Joden willen hier doorgaans niets van weten, maar onder religieuze Israëliërs bestaat een sterke hang naar occulte gebruiken. Hoe ver die invloed in Israël gaat komt bijvoorbeeld tot uiting in de verkoop van publikaties over magie, die gaan al sinds jaar en dag als warme broodjes over de toonbank.

Racisme
Wat betreft de Joodse geschiedenis in de twintigste eeuw houden de Haredim er buitengewoon radicale standpunten op na. Dat er miljoenen Joden in concentratiekampen door nazi's zijn vermoord wordt door veel Haredim zonder meer gezien als een straf van God, waarbij de opkomst van de Joodse hervormingsbeweging en het verval van Talmoedstudie in de diaspora als oorzaken worden genoemd. Ook andere gevallen waarbij Joden het slachtoffer zijn, worden door de Haredim geïnterpreteerd als de wraak van God. Toen er in 1985 tijdens de sabbat een ongeluk met een bus in Israël plaatsvond, waarbij een groot aantal Joodse kinderen kwam te overlijden, oordeelde rabbijn Yitzhak Peretz van de Shas partij dat hij dit als een straf van God beschouwde voor het schenden van de Sabbat.
Het opperwezen speelt ook een belangrijke rol bij de opvattingen die er binnen de Haredim gemeenschap over niet-Joden bestaat. Evenals andere fundamentalistische stromingen binnen het Judaïsme zien de Haredim zichzelf als superieur aan elke niet-Jood. Dat God de volgelingen van Abraham volgens het Oude Testament heeft uitverkoren, vormt daarbij het voornaamste criterium. Dit gegeven wordt door veel radicale rabbijnen geïnterpreteerd als een raciaal onderscheid tussen Joden en niet-Joden, zoals dat ook al door vroege (seculiere) zionisten, als Theodor Herzl en Max Nordau, werd gedaan. De term 'raciaal' gaat in dit verband overigens niet ver genoeg, want veel fundamentalistische Joden in Israël zien zichzelf niet zo zeer als een afzonderlijk ras, maar als een compleet andere soort dan niet-Joden.

Dr. Goldstein
Dergelijke opvattingen komen tot uiting in de wijze waarop Palestijnen door fundamentalistische Joden worden bejegend. Veel rabbijnen van de Haredim vinden absoluut niet dat het een zonde is om een Arabier te vermoorden. Sterker nog: er zijn in dergelijke fundamentalistische kringen stemmen op gegaan om via massamoord een einde te maken aan het 'Palestijnse probleem'. Dat blijkt uit Israëlische publikaties die zijn verschenen naar aanleiding van de slachting die de fundamentalistische Jood Dr. Baruch Goldstein in 1994 op de Joodse feestdag Purim beging in een Moskee te Hebron. Met een machinegeweer schoot Goldstein toen op een groep biddende moslims, waarvan het grootste gedeelte in de rug werd getroffen. In totaal werden hierbij 29 mensen vermoord, waaronder veel kinderen. Een nog veel groter aantal Palestijnen werd door de kogels van Goldstein verwond. Ook Goldstein zelf vond bij deze schietpartij de dood.
Goldstein werd in de VS geboren. Daar was hij een volgeling van de uitermate invloedrijke 'Lubovitcher Rebbe' Schneerson, die tot groot verdriet van veel fundamentalistische Joden in Israël en daarbuiten in 1992 kwam te overlijden. Schneerson was de leider van de 'Chabad Hassid', waarvan de aanhangers in Israël, naast Gush Emunim, tot de meest fanatieke kolonisten behoren. 'Chabad Hassid' vindt aan de ene kant aansluiting bij de Haredim, maar deelt aan de andere kant de opvatting van de NRP en Gush Emunim. Zo hebben de Israëlische aanhangers van rabbijn Schneerson er geen enkel bezwaar tegen om in het leger van de Joodse staat te dienen. Direct na aankomst in de Joodse staat meldde Baruch Goldstein zich dan ook als vrijwilliger bij het Israëlische leger, waar hij als arts kwam te werken. Hij viel in het leger op door zijn pertinente weigering om Arabische patiënten te behandelen.
Joodse fundamentalisten in Israël draaien er niet omheen dat Goldstein voor hen een ware held is, wiens daad als voorbeeld geldt. In de dagen na het bloedbad in Hebron verschenen er affiches in de religieuze wijken van Jeruzalem waarop het werd betreurd dat Goldstein met zijn daad niet nog meer slachtoffers had gemaakt. Uit het laatste blijkt de mate waarin Goldstein ook tegenwoordig nog door Joodse fundamentalisten wordt vereerd. Zijn graf is voor velen onder hen zelfs een soort bedevaartsoord geworden. De reactie van het politieke establishment in Israël op het bloedbad dat Goldstein in Hebron veroorzaakte was tweeledig. Aan de ene kant spraken de leiders van de Joodse staat hun afschuw uit over het gebeuren. Maar daar tegenover stond dat er onder de belangrijkste politici geen enkel protest hoorbaar was toen fundamentalistische Joden opriepen om Goldstein op glorieuze wijze als held te begraven. Dat laatste toont eens te meer aan hoe groot de invloed van fundamentalistische Joden op de Israëlische politiek is.

Noot: Rabbijn Kaduri was te zien in de reportage over de bedevaart van "Dominee Muntz" naar Jeruzalem, die eind vorig jaar te zien was in het VPRO programma "Waskracht". Muntz vond hier het "ware geloof" en ontpopte zich uiteindelijk zelfs als orthodox rabbijn.

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 341, 11 februari 2000