Skip to main content
  • Archivaris
  • 382

Nieuwe a-sociale bijstandswet

Duizenden mensen dreigen onder de armoedegrens terecht te komen, nu de Tweede Kamer akkoord lijkt te gaan met de nieuwe wet Werk en Bijstand (WWB), en tegelijkertijd later in het jaar zal instemmen met de enorme bezuinigingen die door het kabinet zijn aangekondigd. Als de wet Werk & Bijstand per 1 januari 2004 wordt ingevoerd, dan heeft dat grote gevolgen voor de inkomenspositie van mensen in de Bijstand.

De nieuwe bijstandswet leidt tot uitsluiting van grote groepen mensen en extra armoede. Er zitten namelijk niet alleen mensen in de bijstand die zo weer aan de slag zouden kunnen: er zijn nogal wat mensen met een zeer "grote afstand tot de arbeidsmarkt". Bijvoorbeeld mensen die arbeidsongeschikt zijn, mensen met onvoldoende AOW en aanvullende bijstand, mensen die in een instelling verblijven met een zak- en kleedgeld-regeling vanuit de bijstand, dak- en thuislozen, etc.

Inkomenspolitiek
Volgens de nieuwe wet mogen gemeenten geen 'inkomenspolitiek' meer bedrijven: ze mogen bijstandsgerechtigden bijvoorbeeld geen toeslagen meer uitkeren. De wet - ooit bedoeld om rechtsgelijkheid te creëren voor uitkeringsgerechtigden en bureaucratie weg te halen - zal zijn doel ver voorbij schieten. Het zal leiden tot toename van armoede en uitsluiting van grote groepen mensen. De toeslagen voor mensen die lang op het sociaal minimum leven zullen verdwijnen. Alleen mensen die langer dan vijf jaar in de bijstand zitten en geen enkel zicht hebben op werk, komen nog in aanmerking voor een tegemoetkoming van de kosten. Dat betekent dat alle mensen die korter dan vijf in de bijstand zitten geen categoriale toeslagen meer krijgen voor het aanschaffen en onderhouden van duurzame gebruiksgoederen, zoals bed, matras, koelkast, wasmachine, fornuis. Het inkomen wordt te laag om nog iets te ondernemen, om nieuwe kleren te kopen, een telefoon aan te sluiten of af en toe een krant te kopen. Door afschaffing van allerlei categoriale regelingen zullen bijstandsgerechtigden voor elk wissewasje hun hand op moeten houden bij de sociale dienst en zal elke vraag door een bijstandsconsulent beoordeeld moeten worden. Het gevolg is veel werk voor de sociale dienst, dus verhoging van de uitvoeringskosten. De consulent krijgt hiermee veel macht over de uitkeringsgerechtigde: dit leidt tot betutteling! Het rijk zegt aan de ene kant dat iedereen wel voor zichzelf kan en moet zorgen, aan de andere kant wil ze van elke uitgave van een bijstandsgerechtigde een bonnetje zien!

Onduidelijkheden
Volstrekt onzeker is nog de invloed van allerlei andere maatregelen die het inkomen direct zullen beïnvloeden zoals het eigen risico in de ziektekosten, wel of niet kwijtschelding gemeentelijke belastingen, afschaffen van de huursubsidie. De categoriale benadering wordt vervangen door maatwerk, maar hiervan zijn de gevolgen ook zeer onduidelijk. Hoe groot wordt het risico, dat de meest kwetsbaren juist hiervan de dupe worden. Moeten nu de rechten, die er voor de diverse doelgroepen waren, individueel worden bevochten? En hoe groot is dan weer het gevaar van willekeur en rechtsongelijkheid? De nieuwe wet is gemaakt in een tijd van economische voorspoed en gaat er van uit dat iedereen weer aan het werk moet en ook kan. Ook als je alleenstaande ouder bent van kinderen onder de vijf jaar. Ook als je psychosociale problemen hebt en ook als je ouder bent dan 57,5 jaar. En dat terwijl het werk inmiddels niet meer voor het oprapen ligt, en er nog steeds onvoldoende kinderopvang beschikbaar is. Dus hoe realistisch is dit uitgangspunt? De arbeidsmarkt werkt als een groot communicerend vat. Als mensen uit de Bijstand gereïntegreerd worden betekent dat slechts dat ze beter kunnen concurreren met alle anderen die een baan zoeken. Alle WAO-ers die gereïntegreerd worden, alle schoolverlaters, alle pas ontslagenen, alle vrouwen die vanuit de emancipatiegedachte aan het werk moeten. Hoeveel werk is er eigenlijk? In de nieuwe wet krijgt iedereen het recht op reïntegratie. In de Wet Werk en Bijstand wordt door de regering echter enorm bezuinigd op het budget dat gemeenten krijgen voor reïntegratie: 650 miljoen euro's. Kortom: je mag meer als gemeente, maar je krijgt er minder geld voor.

Ook zal de regeling 'bijverdiensten deeltijdwerk' verdwijnen. Mensen die naast hun uitkering een deeltijdbaan hebben, verdienen daarmee niet genoeg om uit de bijstand te komen; zij ontvangen aanvullende bijstand. In de huidige bijstandswet is het voor sommige mensen (onderandere alleenstaande ouders met jonge kinderen en ouderen, daklozen) mogelijk om een gedeelte van het loon dat zij daarmee verdienen te behouden (maximaal 163 euro). Dit is bedacht omdat bleek dat 90% van de alleenstaande ouders en ouderen die werkten dit in deeltijd deden en daardoor niet uit de bijstandssituatie kwamen. Deze regeling maakt het mogelijk dat de afstand tot de arbeidsmarkt niet te groot wordt en vergroot de kans om economisch zelfstandig te worden.
In de nieuwe wet krijgen gemeenten gemiddeld 30% minder middelen voor werk en inkomen maar worden gemeenten wel voor honderd procent verantwoordelijk voor de bijstand (nu is dat 25%). Dit betekent dat gemeenten er alles aan zullen doen om zo min mogelijk uitkeringsgerechtigden te hebben. Het zal leiden tot "een slot op de voordeur en enorme pressie op de uitgang": zo min mogelijk mensen toelaten tot de bijstand, en zoveel mogelijk druk op mensen uitoefenen om ze uit de bijstand te krijgen. De druk op de minder dan 20% bijstandsgerechtigden die kunnen werken is natuurlijk het hoogst.

Geschreven door Het Utrechts Actiecomité Werklozen tegen de Wet Werk en Bijstand (AUW).

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 382, 29 augustus 2003