Skip to main content
  • Archivaris
  • 355

Het revisionistische zionisme

deel 3: Shamir, Netanyahu en Sharon

In de laatste twee Kleintjes gaf Peter Edel een indruk van de geschiedenis van het Likoed-blok, dat met de recente overwinning van Ariel Sharon weer eens president heeft geleverd in Israël. In dit Kleintje het laatste deel van deze korte serie.

door Peter Edel

Nadat Menachem Begin was opgestapt als Israëlische premier en leider van Likoed, werd hij op beide posten opgevolgd door de voormalige minister van buitenlandse zaken Yitzhak Shamir, een revisionistische politicus met een duister oorlogsverleden. In tegenstelling tot andere revisionistische zionisten koos Shamir er tijdens de oorlog namelijk niet voor om aan de zijde van de Britten tegen de nazi's te strijden, maar sloot hij zich aan bij de 'Stern Gang', de zionistische splinterbeweging die tot ver in de Tweede Wereldoorlog met de nazi's wilde samenwerken (1).
Kort na het einde van de Tweede wereldoorlog was de Stern Gang mede verantwoordelijk voor een serie aanslagen in Palestina, waarvan niet alleen Britten en Arabieren het slachtoffer werden, maar ook veel joodse immigranten. Individuele aanslagen werden evenmin uit de weg gegaan. In 1948 werd de Zweedse VN vertegenwoordiger Graaf Folke Bernadotte door leden van Shamir's Stern Gang vermoord, omdat hij het advies had gegeven om Jeruzalem geen deel uit te laten maken van Israël (2).
Meer dan 35 jaar later zou Shamir als minister van buitenlandse zaken blijk geven van een anti-Amerikaanse opstelling, waarbij de denkbeelden van de Stern Gang uit de Tweede Wereldoorlog nog altijd duidelijk herkenbaar waren (3). Tijdens de oorlog verweet de Stern Gang de Amerikaanse president Roosevelt dat hij zich niet had ingezet om Groot-Brittannië als belangrijkste westerse macht in het Midden-Oosten, te vervangen door Nazi-Duitsland. Shamir meende dat Hitler in dat geval niet tot de moord op de Europese joden had besloten en mee was blijven werken aan hun emigratie naar Palestina.
De afwijzende opstelling van Shamir ten aanzien van de VS kwam tot uiting toen de Amerikaanse militair Jonathan Pollard zich bereid verklaarde om gevoelige informatie over de Sovjet Unie aan Israël te leveren (4). Shamir wist heel goed hoe nieuwsgierig de leiders van de Sovjet Unie waren. In een poging hen tot een strategische samenwerking te verleiden, gaf hij de informatie van Pollard aan het Kremlin door. Daarnaast verwachtte Shamir dat de Sovjetleiders vervolgens toestemming aan Russische joden zou geven om naar Israël te emigreren.
Na verloop van tijd begonnen de Amerikanen nattigheid te voelen. Pollard werd in november 1986 gearresteerd, om enige tijd later tot een levenslange gevangenisstraf te worden veroordeeld. Door zijn inzet voor Israël heeft hij daar een soort van heldenstatus gekregen. Toen Benjamin Netanyahu in zijn hoedanigheid van Israëlische premier de VS bezocht, pleitte hij nogal nadrukkelijk voor de vrijlating van Pollard. Bill Clinton, die toch al niet zulke goede relaties met Netanyahu onderhield, gaf echter geen centimeter toe met als gevolg dat Pollard nog altijd in de gevangenis zit. Met Shamir liep het beter af, want in 1986 werd hij premier van Israël, in welke positie hij Israëlische militairen hard liet optreden nadat de (eerste) Intifada was uitgebroken.

Netanyahu
De zojuist al genoemde Benjamin Netanyahu werd de derde Likoed premier van Israël. De periode waarin Netanyahu zijn overwinning boekte werd gekenmerkt door (zelfs voor Israëlische maatstaven) veel geweld. Eerst was er de aanslag op Yitzhak Rabin door de joodse fundamentalist Yigal Amir, waarna Israël in de greep werd gehouden door talloze aanslagen van de Palestijnse 'Hamas' beweging. Daardoor ontstond forse kritiek op de Israëlische regering van Shimon Peres, die na Rabin's dood premier was geworden. Onder deze chaotische omstandigheden zag Likoed zijn kans schoon en wist Netanyahu de verkiezingen met een uiterst klein verschil te winnen. Het verschil in stemmen was zo gering dat het de vraag is of Netanyahu wel gewonnen had, als hij niet 'geholpen' was geweest door de aanslagen van Hamas, die de publieke opinie in Israël toen sterk bepaalden. Dat Netanyahu vervolgens opdracht gaf om een aantal Hamas-kopstukken te laten vermoorden, zal men binnen deze organisatie dan ook bepaald onsportief hebben gevonden (5).
Ondanks druk uit de VS probeerde de regering Netanyahu het vredesproces waar mogelijk te vertragen. Maar het aantreden van 'Bibi' had ook andere gevolgen. Hoewel hij op sommige punten populair was bij de bevolking heeft Netanyahu over het algemeen een vrij zwakke politieke positie gekend in de Isralische politiek. Dat komt vooral omdat Likoed, zoals eerder in deze artikelenserie beschreven, niet wordt gesteund door de seculiere Ashkenazim. Dat Netanyahu zelf van Ashkenazische afkomst is, veranderde daar niets aan (6).
De mensenrechtenactivist Israel Shahak benadrukt dat de zwakke binnenlandse positie van Netanyahu ook in zijn relaties met het buitenland tot uiting kwam. Volgens Shahak werd Netanyahu door de VS tot concessies gedwongen, die zijn voorgangers nimmer hadden geaccepteerd. Zo raakte de Amerikaanse inlichtingendienst CIA tijdens het premierschap van Netanyahu nauw bij de onderhandelingen tussen Israël en de Palestijnen betrokken. Sinds die tijd is er bij belangrijke besprekingen tussen Israëlische en Palestijnse autoriteiten altijd een Amerikaanse vertegenwoordiger aanwezig geweest. In geval van onenigheid over veiligheidskwesties, was het diens taak om als scheidsrechter op te treden, dat wil zeggen: na contact opgenomen te hebben met het Witte Huis (7).
Haaks op de concessies die Netanyahu ten aanzien van de VS moest doen, stond de nogal gespannen relatie met Bill Clinton. Vanuit het gezichtsveld van de Amerikaanse president waren daarbij zeker argumenten te noemen. Hij zal het bijvoorbeeld niet op prijs hebben gesteld dat de Mossad, tijdens het premierschap van Netanyahu, bandopnamen liet maken van telefoongesprekken tussen hem en zijn ma