Skip to main content
  • Archivaris
  • 307

Brabants Dagblad, mea culpa...

Kleintjeslezersters die naast dit prachtblad ook nog het Brabants Dagblad lezen ben ik een exkuus schuldig. In het vorige Kleintje (nr. 306) meldde ik in 'Belofte maakt schuld...' dat ik een ingezonden brief had gestuurd naar het BD, die (ik citeer) 'evenwel door het monopolistisch censuurbeleid aldaar de kolommen nooit gehaald heeft'. Ik heb zelfs de kostbare ruimte van het Kleintje in beslag genomen om daar dan maar mijn ingezonden brief te publiceren. 't Spijt me, want op diezelfde plek had natuurlijk jouw bijdrage aan het Kleintje kunnen staan.
't Vorige Kleintje verscheen op vrijdag 14 februari, mijn ingezonden brief naar het BD dateerde van 21 januari, dus ik ging er in mijn vooringenomen wantrouwen tegen het BD al vanuit dat ze mijn brief niet zouden plaatsen. Ik alleen wist van de brief, plus de redaktie van het BD, dus als die brief niet geplaatst zou worden zou zelfs de haan bovenop de St.Jan er niet om kraaien, niet één keer, laat staan drie keer.
Maar ook tegenover de dames en heren van het BD dien ik hier mijn mea culpa uit te spreken (nee, ik ben intussen niet religieus geworden, maar 't klinkt zo mooi, alsof je een Italiaans nagerecht met stukjes chocolade, rozijnen en likeur bestelt) en derhalve mijn welgemeende exkuses aan te bieden. Natuurlijk had ik u nooit van 'monopolisme' en 'censuurbeleid' mogen beschuldigen, want u heeft toch gemeend om op dinsdag 18 februari mijn ingezonden brief te moeten plaatsen. Jammer alleen dat mijn brief reageerde op enkele stukken in uw krant die medio januari verschenen, zodat 21 januari geen onlogische reaktiedatum was, maar dat op 't moment van plaatsing, vier weken later dus, de direkte aanleiding bij veel van uw lezersters (zonder hun aktieve of passieve memorie in twijfel te trekken) wellicht ver naar de achtergrond zal zijn verdwenen lijkt me ook geen onterechte konklusie.
Ik zou gaarne de volgende scène aan u willen voorleggen:
(de redaktie van het BD tijdens de ochtendkoffie, maandag 17 februari. Eén der redakteuren, laten we hem Wim Dokter noemen, leest in het volgens u nooit gelezen Kleintje Muurkrant, en roept vervolgens witheet uit:) "Haalt die provokateur ons hier alweer door de urine (let op 't nette taalgebruik)...". Wim D. geeft vervolgens een redaktie-assistente opdracht het rond archief te raadplegen teneinde een verfrommelde brief op te sporen. Enkele kostbare VNU-uren later blijkt de frommel onvindbaar. Wim D. scheurt vervolgens een deel van de voorpagina van Kleintje Muurkrant nr. 306 en plakt dit op een kopijvel. Nijdig krast hij er de zetinstrukties bij en stuurt dit samen met de overige kopij van het BD van 18 februari naar de zetterij in Best. De volgende ochtend kunnen de lezersters van het BD kennis nemen van de ingezonden brief van de provokateur, precies 4 weken na de datum waarop de brief geschreven werd. In een tijd waarin we in frakties van sekonden via satelliet en Internet precies weten wat er aan de andere kant van de wereld of elders in het heelal gebeurt wellicht een nieuw rekord!
Lezersters van Kleintje Muurkrant, al dan niet werkzaam ter redaktie van het BD, hebben nu de gelegenheid tot een reaktie op dit schrijven. Het volgende Kleintje verschijnt op 11 april, en 't zou prettig zijn als uw reaktie, die ik gaarne tegemoet zie, op 1 april (where is the joke?) in ons bezit zou zijn. Tot dan!

basz

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 307, maart 1997