Terug naar hoofdinhoud
  • Archivaris
  • 316

puntje.

Polemiek in 'puntje'? Het voelt een beetje aan als het planten van spruitjes in een bloementuintje, maar wel ja, ook dat is mogelijk. Beste Peter, actievoerder van 'GroenFront!', voor je acties tegen de aanleg van de Afrikahaven kan ik alleen maar bewondering en respect opbrengen, maar je kritiek op het 'puntje' dat - onder meer - handelde over de ontruiming van jullie actiekamp, vraagt om weerwoord. 'Een enigszins smalend en vooral cynisch stukje' over 'Groenoord', zo was je oordeel over dat schrijven, maar na enkele herlezingen ervan valt nog steeds niet te vinden waar ik me zo smalend of cynisch over 'Groenoord' zou hebben uitgedrukt. Is het smalend of cynisch om te stellen dat de BV Nederland zich niet tegen laat houden door de acties van 'GroenFront' bij de realisatie van een megaproject als de Afrikahaven? Dat lijkt me eerder realistisch. Je schreef dat jij waarschijnlijk de persoon bent die tijdens de ontruiming van het actiekamp 'het is oorlog' riep voor de tv-camera. Toegegeven, de openingszin die daar verslag van doet herbergt enig cynisme. Tijdens de uitzending van de bewuste beelden was ik verdiept in allerlei van Internet gehaalde informatie over de achtergronden en ontwikkelingen van de oorlog in Congo-Brazzaville; je opmerking dat het oorlog was op Groenoord, was op een geschikter moment ongetwijfeld wat genuanceerder geïnterpreteerd. Je schrijft ook dat ik de oorlog die zich afspeelde op Groenoord 'slechts beeldspraak' noem. 'Maar natuurlijk is het beeldspraak', zo vervolg je daarop. Zó ver wilde ik echter niet gaan: 'De oorlog die zich in de rijkere landen afspeelt, berust voornamelijk op beeldspraak', zo staat het er, en het woordje 'voornamelijk' is daar bewust aan toegevoegd. Voor mij maakt het verzet van Groenoord namelijk wel degelijk deel uit van een oorlog die zich afspeelt tussen de 'gewillige beulen van de vrije markt' en de natuurbeschermers, maar het is een oorlog die in zoverre afwijkt van alle andere die we kennen, dat de verwoestende klappen ervan geen der strijdende partijen, maar de inzet van de strijd treffen: ons (snel verdwijnend) natuurlijk leefmilieu. Vervolgens lees ik dat je je nogal gestoken voelde door 'de opmerking dat het allemaal niets zou uithalen, een druppel op een gloeiende plaat en slechts symbolisch' was. Maar van die opmerking(en) vind ik nog niet één woordje terug in het betreffende 'puntje'. Als er staat geschreven dat 'GroenFront!' de aanleg van de Afrikahaven niet zal tegenhouden, betekent dat niet dat ik van mening ben 'dat het allemaal niets zal uithalen'. En over die druppel: zelfs al zou jullie verzet maar een druppel op een gloeiende plaat zijn, dan nog is het zo dat vele kleintjes één grote maken. Zelf zie ik alle alternatieve en geweldloze vormen van verzet liever als kleine zaadjes die worden verspreid in een storm. Een grote variëteit van vruchtbare zaadjes waaruit niet alleen een keur van mooie plantjes zal ontspruiten, maar zoals de geschiedenis leert, ook af en toe ook een verrassende boom. 'Waar ik echt giftig van werd' zo schreef je, 'is dat gezeik over geweldloosheid. Onze geweldloze opstelling zou promotie wezen voor de ME, het gebeuren tijdens de Eurotop weer goed praten en we zouden ons voor het karretje hebben laten spannen van Klaas Wilting en zijn medebandieten.' Het daarna volgende uitvoerige pleidooi voor geweldloos verzet doet me vermoeden dat je alleen maar de eerste kolom van een 'puntje' hebt gelezen. Maar zelfs in die kolom is met de beste wil van de wereld nergens enige vorm van 'gezeik' over geweldloosheid te vinden. Ook heb ik niet geschreven dat jullie geweldloze opstelling promotie zou zijn voor de ME, maar dat het beeld van de ontruiming op zich resulteerde in een promotiespot voor de ME. Nog zo'n wezenlijk verschil: er stond geschreven dat 'GroenFront!' een ideaal trekpaard voor dat karretje van Patijn was, niet dat jullie je voor dat karretje zouden hebben laten spannen. Oké, de eerste kolom (behalve de laatste zin) is niet bepaald een reclame voor geweldloos verzet. Tevens valt te begrijpen dat voor iemand die zich in het heetst van de strijd bevindt, mijn conclusies over Groenoord enigszins cynisch of smalend kunnen zijn overgekomen. Dat dit niet de bedoeling van het stukje was, lijkt me echter duidelijk. Vanuit dat uitgangspunt gezien lijkt het me niet al te moeilijk om er in plaats van cynisme, een persoonlijke betrokkenheid en teleurstelling in te herkennen die de beschouwing van alle franje heeft ontdaan. Nog gemakkelijker is het om, na het lezen van de tweede en derde kolom, het geheel te herkennen als een pleidooi voor geweldloos verzet in de rijke landen. Daarom is het een beetje vreemd dat je betoog overkomt als een reactie op een tegenovergestelde visie. Je betoog eindigt met vier argumenten voor geweldloos verzet die je in een numeriek rijtje hebt geplaatst. Argument nummer één, naar ik vrijelijk aanneem je hoofdargument, doet helaas afbreuk aan de andere drie: '1. Onze tegenstander, de staat (dat horen de multinationals maar al te graag! puntje), is beter in geweld dan ik ben, zij hebben wapens, ME en minder gevoel dan ik heb. In een gevecht moet je altijd die manier kiezen waarin je tegenstander het minst goed is, en dat is in dit geval geweldloosheid.' Dit argument doet vermoeden dat als je wél beter in geweld zou zijn en wél over wapens, een militie en minder gevoel zou beschikken, je zou kiezen voor verzet mét geweld en dat lijkt me gezien de drie andere argumenten niet je bedoeling. De persoonlijke reden waarom jij - en met jou, op een enkeling na, al je medestanders in deze wereldwijde strijd - niet kiest voor verzet met geweld, lijkt me eerder omschreven door je vierde argument: 'Ik verdom het net zo dom te zijn als de staat en naar zo iets simpels en banaals als geweld te grijpen.' De toevoeging van het woordje 'simpel' is wat ongelukkig in deze zin. Simpelheid is tenslotte geen criterium voor het wel of niet gebruiken van geweld, maar afgezien daarvan slaat dit argument de spijker op zijn kop. Mensen die over de intelligentie en het bewustzijn beschikken dat nodig is om te beseffen dat ons natuurlijk leefmilieu verloren gaat, of beter gezegd, beseffen wat dat inhoudt, zijn in de regel ook uitgerust met een flinke dosis liefde en respect voor al wat leeft. Dát lijkt me de reden waarom we op deze wereld duizenden fanatieke milieubeschermingsactivisten hebben rondlopen, maar slechts één Una-bomber (die overigens zijn geweld als een kip zonder kop heeft toegepast en een manifest schreef dat fundamentele misvattingen en complete idioterie bevat). Wat we zien is een planeet met een bevolking die voor van alles en nog wat naar de wapens grijpt, behalve voor het redden van de planeet zelf. Het is nu eenmaal zo, mensen gaan in de regel alleen maar over tot verdediging met geweld als reactie op een directe levensbedreiging of als de onderdrukking hen teveel wordt. Hoe ver ook de aftakeling van ons natuurlijk leefmilieu al gevorderd mag zijn, voordat het gros van de mensen dit proces als een directe levensbedreiging zal beschouwen, zal het nog heel wat erger moeten worden dan nu. Gewelddadig verzet in de rijke landen zal eerder ontstaan uit een economische onderdrukking die geen grenzen meer kent, maar waarschijnlijk ook dan nog niet eens voordat het meeste leed al geleden zal zijn. Of deze strijd zal losbarsten vóór de tijd dat ook hier veel alleenstaande vrouwen en kinderen geen andere mogelijkheid meer weten om in leven te blijven dan het verkopen van hun lichaam, betwijfel ik ten zeerste. Zouden de mannen hier dan zó veel anders zijn als op de rest van de wereld? Wat voor verzet kunnen we überhaupt nog verwachten van mannen die, zelfs zonder dat het hun macho gedrag heeft vermindert, zich ook nog eens hebben laten misvormen tot weinig meer dan afgestompte en slaafse produktie-eenheden? Zijn het, op de zeldzame uitzonderingen na, soms niet allemaal gewillige beultjes van de vrije markt die alleen maar spartelend hun eigen onderdrukte hoofdjes (lees: baantje) boven water proberen te houden terwijl ze de zwakkeren onder hun ellebogen verder de diepte in zien verdwijnen? Gehandicapten, zieken, ouderen, alleenstaande moeders en hun kinderen, politieke vluchtelingen, noem maar op, álle zwakkeren in onze samenleving zien we steeds verder in een verdomhoekje terechtkomen. Voor velen valt het nu nog maar moeilijk te geloven, maar het einde van deze ontwikkeling is nog lang niet in zicht. De economische automatismen van de vrije markt die op deze wereld zijn losgelaten, zullen niet gemakkelijk meer te negeren of te bedwingen zijn en bieden geen plaats voor menselijke gevoelens en ecologische processen. Veel wijst er op dat de digitale dictatuur van de vrije markt uiteindelijk een vernietigendere uitwerking op de aarde en de mensheid zal hebben dan alle misdadige praktijken van Stalin, Hitler en Mao bij elkaar, maar voor de grotere dictators achter dit levens- en vrijheidsverwoestende regime gaat iedere stropdas slijmend op zijn knieën. Nee, Peter, ben maar niet bang. Gewapend verzet zal hier niet makkelijk ontstaan, en al helemaal niet om ons natuurlijk leefmilieu te redden. Het ziet er naar uit dat de bovenstaande ontwikkelingen niet eerder zullen stoppen voordat het systeem vanzelf in elkaar stort en onze democratieën (of wat daar van over is) meetrekt in zijn val. Dan krijgen we nog oorlogen genoeg. En geloof maar dat ze zullen vechten totdat er bijna niets en niemand meer over is.

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 316, 19 december 1997