Skip to main content
  • Archivaris
  • 331

Twintig jaar na de Iraanse revolutie... (deel twee)

De laatste zeven jaar van de oorlog was er militair en politiek gezien niets veranderd. De oorlog had aan honderdduizenden het leven gekost en de materiële schade was enorm. Toen de oorlog voorbij was dacht men dat er veel zou veranderen, maar in werkelijkheid veranderde er niets.

door Ahmad Reza

Toen Rafsanjani president werd ontstond dezelfde hoop, er werd veel gepraat over zijn liberale houding ten opzichte van de harde lijn van de mollahs, maar ook die hoop bleek ijdel. Voor westerse bedrijven ontstonden wel de mogelijkheden om handel met Iran te drijven, maar voor de Iraanse bevolking werd alles onbetaalbaar en de corruptie bereikte een ongekend niveau. De zogenaamde radicale islamieten die de macht in handen hadden werden gigantisch rijk en zij blokkeerden iedere poging tot verbetering. Khomeini stond achter hen en hij vormde de absolute macht. Toen Khomeini stierf leidde dat ook niet tot veranderingen. Het nieuwe blok van machthebbers zat stevig in het zadel en de islamitische garden, justitie, geheime dienst en parlement waren in hun handen.
In Iran was er behalve de president ook een religieus leider die heel veel macht in handen heeft en na de dood van Khomeini werd Khamenee, een strenge mollah van de harde lijn, tot leider gekozen. Men moet niet vergeten dat ook Rafsanjani tot hun kliek behoorde, die ook niet echt uit was op veranderingen. Toen de Golfoorlog uitbrak deed Iran niets. De politiek en het leger bleven buiten het conflict en na de blokkade van Irak begon men met de doorvoer van alles wat Irak kon betalen en waarmee veel geld werd verdiend.
Het probleem voor de staat begon eigenlijk toen er geen georganiseerde oppositie meer over was. De oorlog was voorbij en er was geen duidelijke vijand (intern of extern) meer over om de aandacht af te leiden. De levensstandaard bleef achteruit gaan en de kloof tussen arm en rijk was groter dan ooit. De bevolking begon in het openbaar haar ontevredenheid uit te drukken, hier en daar werden demonstraties gehouden, niet alleen door studenten en restanten van de oppositie, maar door het gewone volk dat Rafsanjani en zijn inhoudsloze beloften moe was.

verkiezingen
Toen er opnieuw verkiezingen moesten worden gehouden (Rafsanjani's tweede en laatste termijn als president zat erop) ontstond een strijd tussen twee mollahs. Beiden behoorden tot de radicale lijn en beiden waren aanhanger van Khomeini, hetgeen ook niet anders kon, omdat iedere kandidaat eerst de goedkeuring moest krijgen van een comité van conservatieve mollahs. Toen Khatami (de huidige president) was goedgekeurd begon hij wat liberaler standpunten in te nemen. De andere kandidaat, Nategh Nori, behoorde duidelijk tot de harde islamitische lijn. Khatami werd door het volk als hun kandidaat beschouwd en hij kreeg de overgrote meerderheid van de stemmen. Veel mensen stemden op hem om hun afkeer duidelijk te maken, vooral vrouwen die zoveel te lijden hadden door het simpele feit dat ze vrouw waren. De overwinning van Khatami was veel groter dan verwacht, een duidelijke boodschap naar de harde lijn. De overwinning gaf hem wel meer speelruimte, maar vergeet niet dat de reële macht in Iran elders ligt, een macht die niet makkelijk afgegeven wordt.
Het grootste obstakel tegen iedere verbetering is de grondwet en de verdeling van de macht. Er is een president die door het volk gekozen wordt, maar alle kandidaten moeten worden goedgekeurd door een commissie van hoge mollahs. Verder is er een parlement dat vergelijkbaar is met het Lagerhuis, dat ook door het volk gekozen wordt, maar iedereen moet voor de verkiezingen goedkeuring krijgen van dezelfde commissie. Maar zelfs na de verkiezingen kunnen gekozen leden nog afgekeurd worden.
Alle wetten die worden aangenomen zijn eerst beoordeeld door een raad van wijzen, ook een commissie van alleen hoge mollahs die het recht hebben alles af te keuren. Hun taak is het dat alle wetten getoetst worden aan de islam. Boven alles staat de leider, iemand die niet wordt gekozen, maar benoemd door de mollahs. De leider is geen enkele verantwoording verschuldigd, wordt benoemd voor onbeperkte tijd (voor het leven) en heeft ongekende macht. Hij is bijvoorbeeld, en niet de president, de hoogste baas van de strijdkrachten en geheime dienst en hierin heeft hij het alleenrecht. De reden hiervan is dat toen begonnen werd met het schrijven van een nieuwe grondwet de mollahs onder leiding van Khomeini en zijn aanhang (ook onder de mollahs bestaan er verschillende stromingen) probeerden alles onder hun controle te brengen, maar verpakt in een schijndemocratisch raamwerk. Omdat Khomeini zelf zogenaamd boven de politiek stond, maar niemand vertrouwde, werd de positie van leider gecreëerd. Iedereen wist dat er na Khomeini een groot probleem zou ontstaan. De leider van het land moest het hoogste niveau van geestelijke hebben, maar de huidige leider (Khamenee) is eigenlijk heel laag in de orde. Khamenee was door de aanhang van Khomeini naar voren geschoven als politieke mollah van de harde lijn, maar daardoor werd hij niet door de hele geestelijkheid geaccepteerd.

ontevredenheid
Omdat alle parlementsleden eerst worden gescreend behoort de grote meerderheid van hen tot de harde lijn en ook de islamitische garden, de geheime dienst en het justitiële apparaat behoren tot deze lijn. Zij waren ook allemaal betrokken bij de jaren van terreur en hebben daar veel profijt uit getrokken. Iedere verandering die leidt tot het loslaten van de harde lijn brengt dan ook hun positie in gevaar.
De ontevredenheid bij mensen is groot, overal zijn er nieuwe demonstraties, er is een zachte vorm van burgerlijke ongehoorzaamheid en er is geen duidelijke vijand meer. In de laatste 10 jaar was er geen oorlog meer en alles wat mis gaat wordt nu verweten aan de absolute macht. Van een verbetering van de levensstandaard is niets terechtgekomen, het onderwijsniveau is duidelijk gedaald, de gezondheidszorg zit in een dal, de armoede is op haar hoogtepunt en de corruptie neemt zelfs voor Iraanse begrippen ongekende vormen aan. Kortom, alles wat mis kon gaan gaat mis. Er heerst nog steeds dezelfde terreur, er is geen sprake van mensenrechten of individuele vrijheid, er is geen vrijheid van pers, geen vrije politieke organisaties en vakbonden. Religieuze minderheden mogen nog steeds geen hoge functies bekleden en les geven op openbare scholen. Sommigen mogen zelfs niet studeren aan een middelbare school. Homo's krijgen nog steeds de doodstraf, de handen van dieven kunnen worden afgehakt en vrouwen gestenigd. De bevolking is echt moe van dit onmenselijke systeem. Zelfs een deel van de 'blinde' aanhang begint nu wat anders te kijken.

patstelling
Khameni heeft niet, zoals Khomeini had, voldoende autoriteit om alles onder controle te houden en aan de andere kant heeft ook Khatami weinig gezag over de belangrijke instellingen van het land. Hij is zelf trouw aan de islamitische republiek en al zijn hervormingen kunnen slecht gedaan worden in het kader van de grondwet. Op dit moment is er een politieke patstelling in Iran. De harde lijn aan de ene kant heeft haar gezicht verloren, maar beschikt nog over veel macht en aan de andere kant kunnen Khatami en zijn aanhang ook niets doen.
De liberalen weten dat de tijd dringt en de harde lijn gokt op de volgende verkiezingen. Door deze patstelling hebben de mensen wat meer vrijheid, maar iedereen weet dat als de harde lijn haar greep terugkrijgt het net als vroeger wordt. De laatste twee jaar is er fundamenteel niets veranderd, er zijn minder executies in de gevangenissen, maar dezelfde mensen opereren nu in een soort doodseskaders.
Een groot probleem in Iran is de verdeeldheid van de oppositie en dat geeft de harde lijn veel ruimte. Er zijn veel persoonlijke en politieke verschillen die binnen de oppositie moeten worden weggewerkt en jammer genoeg gebeurt er weinig in deze richting. Dat blijft voor het Iraanse volk niet onopgemerkt en ook niet voor Iraniërs in het buitenland. Het lijkt erop dat het leiderschap van de oppositie nog steeds in dezelfde handen blijft en dat dezelfde oude discussies gevoerd worden, waardoor een nieuw leiderschap op moet komen uit tot nu toe nog onbekende of weinig bekende mensen.
Sommigen gokken op het leger, maar zij vergeten dat het leger in Iran altijd alleen maar het instrument van onderdrukking is geweest en vrijwel nooit zelfstandig politiek bezig is geweest. Het Iraanse leger werd meestal ingezet om iedere eis tot zelfstandigheid van minderheidsgroepen zoals Koerden de kop in te drukken en hun gebieden te bezetten. Er zijn grote verschillen tussen het Iraanse leger en bijvoorbeeld Zuid- en Centraalamerikaanse legers. Het Iraanse leger heeft nooit als eenheid gewerkt. Tijdens de sjah en ook daarna werd het leger heel goed gecontroleerd en iedere vorm van verzet of eenheidsvorming werd hard gestraft. Daardoor is er geen cultuur van politieke activiteit in het leger, maar aan de andere kant is het Iraanse leger ook niet geschikt om brede vormen van burgerlijke ongehoorzaamheid tegen te kunnen houden (tijdens de sjah is dat bewezen). De laatste 20 jaar is het leger bijna nooit tegen demonstranten ingezet. Er is een grote ontevredenheid in het leger, maar dit heeft meer te maken met individuen in het leger dan met het leger als eenheid.
Het grootste probleem, en het meest gevaarlijke instrument in handen van de harde lijn, zijn de revolutionaire of islamitische garden. Zij zijn goed getraind en ideologisch klaar gemaakt ter bescherming van de harde lijn. Ze controleren het gevangenissysteem en ook de geheime dienst. Ze staan onder controle van de leider en niet van de regering en de meeste executies in binnen- en buitenland worden door hen uitgevoerd. Ze geven zich niet gemakkelijk over en zullen nog lang alle veranderingen tegen blijven houden.

voordelen
In het buitenland werd heel veel over veranderingen in Iran gepraat en geschreven (zoals toen Rafsanjani president was), en soms krijgen mensen het idee dat het gedaan is met het fundamentalisme. Nu zou alles goed zijn, maar in feite is de huidige situatie in Iran heel gevaarlijk voor mensen. De bevolking krijgt een vals gevoel van vrijheid en veiligheid, maar zij kunnen ieder moment geconfronteerd worden met een patrouille van de garden en worden gearresteerd en veroordeeld met dezelfde oude straffen. Het benadrukken van veranderingen en er veel meer van maken dan het in werkelijkheid is heeft
voor het Westen een paar voordelen. Men kan Iran veilig verklaren en dat betekent dat er geen Iraanse vluchtelingen meer worden opgenomen. Maar er bestaan ook nog veel beperkingen in de handel met Iran bijvoorbeeld op het gebied van elektronica, hogere technologie en zeker de wapenhandel. Hoe sneller Iran veilig en democratisch verklaard wordt, des te sneller deze handelsbeperkingen worden opgeheven. In de genoemde branches wordt er grof geld verdiend en de handel zou ook voor Iran
heel belangrijk zijn, omdat er niet meer indirect gekocht hoeft te worden en de prijzen zullen dalen. Ondanks alles wat er wordt beweerd, is het huidige Iran honderd procent kapitalistisch. Het land is heel lang geïsoleerd geweest en wil nu graag toegang tot een grotere markt. Dat is de grootste druk achter veranderingen in Iran en vreemd genoeg zijn beide stromingen zich daarvan bewust, hoewel de verschillen groot blijven. De een wil toegang zonder veranderingen, de ander weet dat dat niet kan.

toekomst
Hoe de toekomst van Iran eruitziet kan niemand voorspellen. Duidelijk is dat de veranderingen doorgaan, maar dat is geen makkelijke weg. De harde lijn is nog te sterk om het veld te ruimen en er zal een lang proces van verandering op gang komen. De huidige grondwet moet worden afgeschaft en een democratische grondwet aangenomen, de mollahs moeten uit de politiek. Geen enkel systeem kan in Iran democratisch regeren zonder de erkenning van de verschillende minderheidsgroeperingen in Iran en hun rechten. Dat kan voor de een cultureel zijn, voor de ander autonomie. Er moet een samenwerking worden opgebouwd op basis van vertrouwen tussen alle bevolkingsgroepen en voor eens en altijd moet iedere vorm van religie uit de Iraanse politiek geweerd worden. Er moet nog veel gebeuren op het gebied van sociale voorzieningen, onderwijs, gezondheidszorg, werkloosheid, infrastructuur en noem maar op. Het huidige systeem, links noch rechts, heeft geen oplossing voor deze problemen. Het is niet voldoende dat een paar kranten kunnen schrijven wat ze willen schrijven. Het is natuurlijk goed, nodig en zeker welkom, maar er moet meer zijn om democratie voor langere tijd te garanderen. Iran is rijk genoeg om deze veranderingen zelf te betalen, olie en gas brengen genoeg geld binnen voor al deze investeringen. Het land is groot en rijk aan mineralen, maar het belangrijkste van alles is dat na alle verloren jaren en verloren mensen er nog steeds voldoende menskracht met redelijk vakmanschap in bijna alle richtingen van wetenschap en technologie is om zonder veel problemen op eigen benen te kunnen staan. Maar dat kan niet heel lang op zich wachten, er is niet veel tijd over en de schade van de huidige situatie is groter dan algemeen gedacht. De bevolkingsgroei is evenwel gigantisch, in 20 jaar is de bevolking bijna verdubbeld en de groei gaat gewoon door. Er is geen planning voor de toekomst van deze massa's, geboortecontrole is iets tegen de wil van god (het bekende verhaal).
Een Iraans gezegde is dat de baas van de toekomstplanning in Iran degene is die tanden geeft (god) maar ook brood...

(in het volgende Kleintje publiceren we het laatste deel van deze korte serie over de ontwikkelingen in Iran. Daarin zal ingegaan worden op de recente gebeurtenissen...)

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 331, 9 april 1999