Kleintje CIDI
donderdag 27 januari-2011
Later we ter gelegenheid van Holocaust Memorial Day eens doen of we het CIDI zijn. Wie zullen we aan het kruis nagelen op de beschuldiging van antisemitisme? Moet natuurlijk een moslim zijn. Laten we Fethullah Gülen onder de loupe nemen. U weet wel, die uit Turkije afkomstige islamitische prediker waar de halve culturele elite in Nederland achter aan holt. Omdat hij van die oorstrelende dingen zegt over tolerantie en dialoog tussen culturen en religies. Begin jaren tachtig hoorde je Gülen daar nog niet over. Tolerantie was toen ver bij hem te zoeken. Destijds kreeg hij een strakke plasser bij de gedachte aan de vervolging van socialisten door Turkse militairen. De slogan over dialoog moest Gülen toen ook nog uitvinden. Hij schreef bijvoorbeeld erg vervelende dingen over joden. Zoals de sluwheid en leugenachtigheid van de joden bij wie haat tegen elke godsdienst al vanaf de geboorte aanwezig is. Ook waren joden voor Gülen de uitvinders van het communisme, een stelling waar de nazis al mee wegliepen. Voor alle duidelijkheid: Gülen heeft nooit het boetekleed aangetrokken over zijn antisemitische jeugdzonden. Hij ontkent het simpelweg, al staat het zwart op wit. Daarom zou je verwachten dat het hem de rest van zijn leven nagedragen wordt door leiders van joodse organisaties. Maar niet dus.
De Turkse Rabbijn Ishak Haleva was niet onder de indruk van Gülens antisemitisme. Dat had hij niet zo kwaad bedoeld volgens Haleva. Verder werd Gülen door Abraham Foxman van de uiterst zionistische Anti Defamation League of Bnai Brith in de armen gesloten alsof hij de joodse Messias was. En de hoge Sefardische Rabbijn Baksi-Doron heette Gülen van harte welkom met zijn scholen in de door Israël bezette Westbank. De Israëlische overheid hield aanvankelijk nog een slag om de arm, maar draaide later royaal bij. Tijdens een congres in 2008 op de Fatih universiteit van Gülen in Istanbul was zelfs een officiële vertegenwoordiger van de zionistische staat present.
In het rapport dat Turkije-kenner Martin van Bruinessen in opdracht van het Ministerie voor Wonen, Wijken en Integratie opstelde over de Gülen-beweging kwam het antisemitisme van de islamitische prediker eveneens aan de orde. Maar wie denkt dat het voor Minister Donner reden was om de subsidiekraan dicht te draaien heeft het mis. En dat terwijl de ontwikkelingsorganisatie ICCO onlangs venijnig door de Nederlandse regering op de vingers werd getikt omdat de website Electronic Intifada oproept tot een boycot van Israëlische producten. Waar zou al die vergevingsgezindheid richting Gülen toch vandaan komen?
Misschien omdat hij aan het hoofd staat van een beweging met een geschat vermogen van 25 miljard dollar en daardoor heel wat in de melk te brokkelen heeft op deze aardkloot?