Skip to main content

De Velser affaire

maandag 4 april-2005
Het ziet er naar uit dat er opnieuw een onderzoek komt naar de Velser affaire. Een complex samenraapsel van collaboratie, verraad en zelfverrijking tijdens WO II in de streek rond Velsen en buurtgemeente Haarlem. Met een roerig vervolg in de jaren daarna. Dat onderzoek zal worden uitgevoerd door het NIOD, als de gemeente Velsen tenminste over de brug komt met financiële middelen. Of dat instituut nou het aangewezen vehikel is voor dat onderzoek is de vraag. Tot nu toe is het veelal de begraafplaats geweest van heel wat shit uit de bezettingsperiode, vooral als het betrekking had op hooggeplaatsten of op geheime tikkietakkies tussen de geallieerden en de moffen.
Als we de schaarse berichten over de hernieuwde poging om wat meer zicht te krijgen op de achtergronden van de affaire mogen geloven dan zal het onderzoek zich ditmaal concentreren op de mogelijke directieven uit Engeland voor de moord op en het verraad van leden van het linkse verzet in de betrokken regio. Daartoe behoorden ondermeer Hannie Schaft en Jan Bonekamp. Aanleiding daartoe is het vorig jaar verschenen boek “Het schandaal” van Connie Braam dat ingaat op deze materie.
Een uiterst boeiende materie, die zich overigens niet beperkt tot Velsen en omstreken. Dat uitroeien van het harde linkse verzet vond stelselmatig plaats in bezet West-Europa en vormde bijvoorbeeld in Nederland de hoofdcomponent van het beruchte Englandspiel. Dat geheime samenspel tussen de geallieerden en de moffen zou na de oorlog zijn vervolg krijgen in de vorming van het sinistere Gladionetwerk.
Hoe dit ook zij, een serieus onderzoek naar dit onderdeel van de Velser affaire is de moeite waard. Komt misschien toch nog eens boven water of de eindjaren zeventig wegens oorlogsmisdaden veroordeelde Pieter Menten blufte toen hij zei in het bezit te zijn van een bevel uit het bevrijde zuiden van Nederland om een aantal communistische verzetsmensen in de regio Haarlem om zeep te helpen (Menten: “ ... en ik zal maar niet zeggen welke handtekening daaronder staat”).
En misschien vormt dit onderzoek weer de inleiding tot een wijdsere onderneming op dit terrein. Om bijvoorbeeld eens uit te pluizen welke rol met name de Britten hebben gespeeld bij de eliminatie van CS 6; wat de inhoud was van de gesprekken tussen Britse agenten en Duitse toplieden van Abwehr en SD in de Amsterdamse hotels Carlton en Victoria en de Mozes en Aäronkerk aan het Waterlooplein; wat de betekenis is geweest van villa “Het Topje” in Noordwijk voor het Englandspiel enzovoort enzovoort.
Want gebeurt alles in Nederland niet zestig jaar later?