Hollands handelshuis in Bhutan
maandag 29 oktober-2007
Ik heb met stijgende verbazing de berichtgeving rond het koninklijk
bezoek aan Bhutan gadegeslagen. Noch op de televisie noch in de geschreven media wordt melding gemaakt van de etnische zuiveringen die tussen 1988 en 1994 in Bhutan hebben plaatsgevonden en waarbij naar schatting meer dan honderdduizend mensen met geweld van huis en haard verjaagd werden. En waarvan de meesten tot op de dag van vandaag zich nog in UNHCR vluchtelingenkampen in Nepal bevinden. Bhutan mag dan momenteel een eerste voorzichtige stap richting democratie zetten, maar op het gebied van de repatriering van de vluchtelingen maakt zij allerminst haast. Erger, als het aan Bhutan ligt blijven ze voorgoed buiten lande. Daar deze schrijnende problematiek nog steeds speelt, hadden onze politici en de regering het bezoek moeten aangrijpen om de repatriering van de vluchtelingen aan te kaarten. Of had dat de toeristische sfeer van het koninklijke bezoek aan Bhutan verpest? In vrijwel elke krant verscheen de gelijkluidende zin: "Volgens rapporten van onder meer Amnesty International worden de mensenrechten in Bhutan weleens geschonden: met de vrijheid van meningsuiting, religie en vergadering en de behandeling van gevangenen en Nepalezen in het land zou het soms nog modderen zijn". Als dat geen vorm van vrijwillige zelfcensuur is, dan weet ik het niet meer? Op deze Engelstalige websites (hier en hier) vindt u de geschiedenis van deze tragedie. (Robbert Stephan Schrover - 's-Hertogenbosch)