Skip to main content

AMIA en de ayatollah’s

vrijdag 15 augustus-2003
De nog verse Argentijnse regering van president Nestor Kirchner laat er geen gras over groeien. Om nieuwe kredieten op te graven voor zijn bijna failliete land vaart hij nijver een Amerikaans-Israëlische koers. Dat vond ondermeer zijn weerslag in het arrestatiebevel dat de federale rechter José Galeano de afgelopen week uitvaardigde tegen acht Iraanse burgers. Onder wie Hadi Solanger, de voormalige Iraanse ambassadeur in Buenos Aires. Zij worden ervan verdacht betrokken te zijn geweest bij de bomaanslag op het gebouw van de Israëlisch-Argentijnse Associatie AMIA op 18 juli 1994, waarbij 85 mensen omkwamen en 200 gewond raakten. Eerder waren al vier andere Iraniërs in staat van beschuldiging gesteld, zodat het totaal nu op twaalf komt. Verwacht wordt dat de ayatollah’s in Teheran bij een gezamenlijke plechtigheid de middelvinger zullen heffen en van de minaretten laten schallen dat Kirchner en Galeano de boom in kunnen. Die laatste zet inmiddels zijn onderzoek naar de achtergronden van de affaire voort en zal de komende week 12 voormalige agenten van de geheime dienst SIDE in het getuigenbankje trekken. En dat opent wellicht weer het hekje voor een verhoor van ex-president Carlos Menem, die verleden jaar ervan beschuldigd werd 10 miljoen dollar uit Teheran te hebben ontvangen om het onderzoek naar de aanslag op tilt te zetten. Het bedragje zou zijn overgemaakt naar een van diens Zwitserse bankrekeningen, maar is nog niet teruggevonden. Menem ontkent. Een andere interessante suggestie met betrekking tot deze zaak dateert uit september 2001 en kwam uit de mond van Ramon Mestre, voormalig minister van Binnenlandse Zaken. Volgens hem was de aanslag uitgevoerd om de regering van Menem in moeilijkheden te brengen. Als een soort straf omdat hij bepaalde toezeggingen aan bepaalde figuren in het Midden-Oosten niet was nagekomen. Menem behoorde tot de Syrisch-Argentijnse clan van de familie Yoma. Een lid van die clan, Karim Yoma, werd kort na het aantreden van de regering-Menem in de beginjaren negentig al vanuit Teheran gestiekt om de ayatollah’s van Argentijnse nucleaire goodies te voorzien. Onder internationale druk bleef het bij wat bescheiden prullaria. Het Iraanse regime was daar niet gecharmeerd van. Zou je het zelf wezen. Iedereen wil boter bij de vis. Al is het Zeeuws Meisje. Geen gekke these dus, die strafmaatregel. Mocht er in de komende tijd nog iets meer daarover naar boven wellen hoort u het zeker van ons. (Meer details over dit nucleaire touwtrekken zijn terug te vinden in het artikel "Steekspel rond een uranium-deal” in De Morgenster).