• Archivaris
  • 418

controle über alles

Wanneer bij de geboorte het individuele medisch dossier gekoppeld wordt aan het burger-servicenummer wordt het hele leven van het begin tot het einde geobserveerd. Anoniem zijn lijkt in de toekomst onmogelijk. Opgaan in de massa lijkt de enige oplossing om anonimiteit te behouden.

door Loes Sikkes

Verzamelingen bestaan uit kostbaarheden, misschien wel hoe kostbaarder des te populairder. Wat is kostbaarder dan persoonlijke informatie? Wat de verzamelaars van persoonsgegevens zouden willen weten, is hoe wij naar de wereld kijken. Totale transparantie van beleving en gevoel. Een streven naar controle over het verzamelobject, zodat bijvoorbeeld verkooptechnieken afgestemd kunnen worden op persoonlijke behoeften en controle plaats kan vinden op het vertoonde gedrag. Hiermee wordt inzichtelijk dat surveillance op vrijwel elk niveau in de samenleving aanwezig is en veroorzaakt wordt door een drang naar controle.

Verzameling

Het rangschikken van identiteiten is de oorsprong van de database. De verschijningsvorm van stambomen hebben grote visuele overeenkomsten met die van databases. De verzameling persoonsgegevens betreffende het individu vormen samen een nieuw lichaam/verzameling die wij de databody noemen. Volgens de theorie van Foucault, zoals beschreven in "Discipline, Toezicht en Straf", vormen individuen de verzameling. Het gedrag van individuen wordt beïnvloed door het panopticon (alziend oog - red.) doordat deze hen het gevoel geeft continu geobserveerd te worden (1). Ook de controlemaatschappij zoals Deleuze deze benadert, zorgt voor verandering in het gedrag van degene die gecontroleerd wordt, mits men weet dàt er controle plaats vindt (2). Vaak is de toepassing van controle/surveillance niet geheel zichtbaar. Zo zijn veel mensen zich er niet van bewust geobserveerd te worden door het gebruik van de bonuspas, OV-chipkaart en mobiele telefoon. Zo ook is de vervanging van de papieren krasparkeerkaart in Rotterdam door de plastic chipparkeerkaart niet zonder reden. De nieuwe versie die een chip bevat die registreert op welke datum, tijd en locatie er geparkeerd wordt, maakt het parkeergedrag meer transparant.
Diegenen die ons observeren zijn vergelijkbaar met de instituten zoals Foucault deze benoemde: bestuurlijke organen zoals scholen, gevangenissen, de overheid en religieuze instellingen. Steeds meer taken van overheden verschuiven richting het bedrijfsleven. Dat de behoefte aan observatie met hen meeschuift, is vrij logisch. Door de intrede van nieuwe technologieën wordt het daadwerkelijk mogelijk steeds meer facetten van de maatschappij transparanter te maken.

Elektronisch dossier

De invoering van het elektronisch patiëntendossier is minimaal een jaar uitgesteld. Oorspronkelijk zou per 1 januari 2006 de invoering van start gaan, totdat bleek dat beveiligingsexperts erin geslaagd waren toegang te krijgen tot de patiëntengegevens van 1,2 miljoen personen. De experts konden de databases van twee ziekenhuizen binnendringen nadat de ziekenhuizen daar toestemming voor hadden gegeven. Ook baby's dienen vanaf 2007 een elektronisch dossier te krijgen waarin informatie komt te staan over de gezinssituatie en de omgeving, bijgehouden door artsen en verpleegkundigen van de jeugdgezondheidszorg. Zowel het elektronisch patiëntendossier als het elektronisch kinddossier dienen in de toekomst gekoppeld te worden aan het Burgerservicenummer (BSN). Doel van het BSN, dat het huidige sofinummer gaat vervangen, is om de uitwisseling van gegevens tussen burgers, overheid en allerlei instanties eenvoudiger te laten verlopen. Het bevat relevante gegevens als naam, adres en woonplaats en moet tot minder administratieve lasten leiden. Niet alleen overheidsinstanties zouden dan inzicht krijgen in dit persoonlijke nummer, maar ook financiële instellingen. Banken krijgen daardoor een beter controlemiddel in handen om identiteitsfraude te bestrijden. Momenteel kunnen ze de identiteit van klanten niet goed controleren, omdat de Wet Bescherming Persoonsgegevens hen verbiedt de basisadministratie van de gemeente te raadplegen.

Observatie

Uit bovenstaande kan worden opgemaakt dat de mate van surveillance in de toekomst toe gaat nemen. Wanneer bij de geboorte het individuele medisch dossier gekoppeld wordt aan het burgerservicenummer wordt het hele leven van het begin tot het einde geobserveerd. Een centralisatie van verzamelingen waarbij bepaalde specialisten, de overheid en allerlei andere instanties toegangsprivileges verkrijgen tot bepaalde gedeeltes uit het (deel)dossier.
Momenteel ontstaan eilanden door gebruik van verschillende systemen, waardoor data-uitwisseling onmogelijk blijkt. Met het aan elkaar koppelen van verzamelingen (persoons-)gegevens is al een start gemaakt. DigiD staat voor Digitale Identiteit en is een gemeenschappelijk systeem van en voor de overheid. Burgers kunnen dankzij DigiD met een gebruikersnaam en wachtwoord op internet bij elektronische diensten van steeds meer overheidsinstellingen terecht, zoals gemeentes, belastingdienst, de sociale verzekeringsbank en het centrum voor werk en inkomen (3). Ook vanuit organisaties bestaat een toenemende behoefte de consument nauwlettend in de gaten te kunnen houden. Voorheen werden er voornamelijk gegevens verzameld over de woonplaats en het inkomen van de consument. Vervolgens werden de transactiegegevens een most-wanted item. Tegenwoordig zijn de interactiegegevens erg belangrijk: het surfgedrag, in welke community networks bewegen we ons en waar volgen we het nieuws. Ons bestaan wordt steeds transparanter gemaakt. Op onze wensen, behoeftes en ons prijsbewustzijn worden beslissingen afgestemd. Technologie wordt ingezet om ons zo nauwkeurig mogelijk te volgen. Wal-Mart in de VS bijvoorbeeld wil starten met de invoering van RFID-chips (radio frequency identification) op artikelen.
RFID-chips vervangen in de logistiek in hoog tempo barcodes, omdat de chips veel meer informatie kunnen dragen en handiger zijn met het scannen. Op containers, pallets en dozen worden ze al veel gebruikt, winkels willen ze op artikelen plaatsen. Ze kunnen dan diefstal beter voorkomen en de gang van artikelen volgen. Soms blijven de chips ook buiten de winkelpoort fungeren. Begrijpelijk dat vooral dat laatste privacybezwaren oproept, want op het moment dat alles zo geordend en transparant gemaakt is, wordt het erg gemakkelijk binnen zo'n ordening te navigeren.

Bevolkingsregister

Juist doordat steden als Rotterdam en Amsterdam hun persoonsregistratie netjes op orde hadden, was het voor de Duitsers gemakkelijk joodse inwoners te traceren. In 1939 werd de persoonskaart ingevoerd. Deze kaart gaf een totaal bevolkingsinzicht (4). Het laatste decennium zijn de bevolkingsregisters geheel geautomatiseerd. In het bovenstaande gaat het om inwoners van landen die in oorlog zijn en niet om organisaties. Met het verschuiven van steeds meer taken van overheden naar het bedrijfsleven worden we in feite inwoners van verschillende '(ei)landen'.
Organisaties kunnen in de toekomst een gemakkelijkere bron zijn voor het verkrijgen van persoonsgegevens en de verzamelde informatie zal veel gedetailleerder zijn wanneer het bedrijfsleven grote hoeveelheden informatie verzamelt, vastlegt en verwerkt over het gedrag en de identiteit van personen. Wat bijzonder is aan deze ontwikkeling, is dat het initiatief niet bij de overheid ligt, maar bij het bedrijfsleven. De behoefte aan controle door middel van surveillance is ingeburgerd in ons dagelijks bestaan. Ook ouders willen het liefst continu weten waar hun kind mee bezig is of zich bevindt en gebruiken technologie om aan deze behoefte te voldoen. Zoals bijvoorbeeld I-Kids, een mobiele telefoon waarmee kinderen vier verschillende voorgeprogrammeerde nummers kunnen bellen en twee spelletjes mee kunnen spelen. Wanneer de ouder het kind probeert te bereiken, neemt de telefoon na twintig seconden automatisch op. Ook is het mobieltje gekoppeld aan een GPS-systeem (Global Positioning System) zodat het via I-mode of internet te traceren is, zelfs wanneer deze uitgeschakeld is. Een kind kiest er niet voor deze persoonlijke informatie te delen, in tegenstelling tot velen die vrijwillig persoonlijke informatie verspreiden en delen met onbekenden.

Sociaal platform

Sociale platforms zijn er om bestanden te delen. Het online beschikbaar maken van documenten, foto's, video's of webpagina's voor bijvoorbeeld een groep vrienden, het spelen van games, of het bekijken van persoonlijke profielen, zoals op Flickr en Snapfish. Veel gebruikt in de Verenigde Staten zijn Myspace en Orkut (van Google), een vergelijkbaar Nederlands netwerk is Hyves. Op Hyves wordt iemand je 'vriend' als je hem uitnodigt en hij die uitnodiging accepteert. Van al je vrienden kun je zien wie zijn vrienden zijn, en daar zitten vaak weer mensen tussen die jij ook kent. Zo wordt het netwerk steeds groter.
Een spelletje spelen tegen de computer is uit, vooral games waarbij tegen elkaar gestreden kan worden zijn populair. Zoals lanparty's waarbij men fysiek bijeen komt om virtueel de strijd met elkaar aan te gaan. De virtuele identiteit gaat een steeds grotere rol spelen, mede veroorzaakt door een sociale druk om te participeren. Ook het aspect van entertainment draagt hier toe bij. Het gemak waarmee men persoonlijke informatie verspreidt kan nadelige gevolgen hebben. Zoals bijvoorbeeld bij het zoeken naar een nieuwe baan. Het cv bevat slechts informatie die een sollicitant wil laten zien. Internet is veelzijdiger, in weblogs kom je meer over iemands persoonlijkheid te weten. Ook wanneer je googlet op iemands naam kom je op de meest uiteenlopende virtuele plaatsen terecht. De sollicitanten van nu komen uit de googlegeneratie, ze zoeken alles op, maar laten ook overal informatie sporen achter (5).

Risico's

Wat gebeurt er op het moment dat deze verschillende dataverzamelingen worden gecentraliseerd en hoe afhankelijk willen we zijn van zo'n datasysteem? Wanneer individuen toegang krijgen tot hun databodies bestaat de kans op een onjuiste weergave van de databody, doordat men sommige zaken liever niet terug vindt in het elektronische dossier. Als het consumeergedrag inzichtelijk wordt gemaakt voor bijvoorbeeld de ziektekostenverzekeraar, zou dit nadelige gevolgen kunnen hebben voor de premie. Een databody die ons beperkt in ons doen en laten doordat zij belastende informatie bevat die toegankelijk blijkt voor velen, hierbij uitgaande van een open source datacentrum, of een niet voldoende beveiligde centralisatie.
Anoniem zijn lijkt in de toekomst onmogelijk. Helemaal wanneer het IP-nummer gekoppeld wordt aan de databody of centralisatie. Opgaan in de massa lijkt de enige oplossing om anonimiteit te behouden. Met het groter worden van sociale netwerken kan er in de toekomst ook een tegenmacht ontstaan. Wij hebben immers ook toegang tot het wereldwijde web en kunnen allemaal ons eigen nieuws publiceren, producent èn journalist zijn. Democratie gaat om de stem van het volk, het volk beslist. De mogelijkheid hiertoe is in deze tijd dichterbij dan ooit. Over elk afzonderlijk onderwerp kunnen politici naar de mening van de burger vragen. Als je bent aangekomen op het punt waar je jaren naar gestreefd hebt, komt meestal de vraag: wat nu? Is het wel zo verstandig beslissingen te laten nemen door een volk wat, meestal vanuit emotie, impulsief reageert? Een bepaalde vorm van bestuur is nodig omdat die zich verdiept heeft in de materie waarmee ze werkt, maar of dat organisaties zijn vraag ik me af. Ze blijken wel de meeste interesse te tonen voor het doen en laten van hun 'burgers'.

Deze bijdrage werd geschreven door Loes Sikkes voor het Databodies-onderzoek op de Universiteit van Amsterdam in opdracht van het Instituut voor Netwerk Cultuur (Zie ook www.leon-loes.nl en we kwamen het met 't Kleintje tegen op www.ravagedigitaal.org)

noten:
1. Michel Foucault, "Discipline, Toezicht en Straf, De geboorte van de gevangenis" (1989) Historische Uitgeverij Groningen.
2. Gilles Deleuze (2002), "Postscript on Control Societies", Thomas Levin, Ursula Frohne and Peter Weibel (eds.), "Ctrl Space: Rhetorics of Surveillance from Bentham to Big Brother", Cambridge, MA: MIT Press.
3. www.digid.nl
4. De Groene Amsterdammer van 29 oktober 1997:
"Formalisme, lafheid en nalatigheid", door Evelien Gans;
5. "Werkgevers vinden je geheimen via Google", Marjan Bleeker, 25 november 2005

Dit bericht is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 418, 10 november 2006

  • Hits: 247

Kleintje Muurkrant - Postbus 703 - 5201 AS - 's-Hertogenbosch