• Archivaris
  • 372

De toekomst van de milieubeweging is links

Rechts regeert in Nederland. Prompt zijn heel wat milieumaatregelen teruggedraaid. Voor de milieubeweging moet dit aanleiding zijn om haar eigen politieke positie op te frissen. Het is de hoogste tijd om kleur te bekennen.

door Wouter van Eck

Een sociale beweging wil dat er iets verandert, anders is ze geen sociale beweging. En dus krijgt ze te maken met voor- en tegenstanders, met gevestigde belangen en tegenkrachten. Met een politiek krachtenveld, kortom. De sociale beweging die zich voor het milieu inzet maakt een grote fout als ze zichzelf ziet als een factor die niet links en niet rechts zou zijn. Met een krampachtig neutrale opstelling is het onmogelijk een machtspositie op te bouwen. In dat geval zullen duurzame successen uitblijven.
Het is misschien nuttig om enkele principiële verschillen tussen links en rechts kort te benoemen. Tenslotte waren die na acht jaar paars wat naar de achtergrond verdwenen. Links is voor een sterke overheid, voor het beschermen van publieke voorzieningen en voor een meer gelijke verdeling van kennis, macht en inkomen. Rechts verwacht weinig van de overheid, hecht minder aan publieke voorzieningen en stelt dat de vrije markt tot maximaal profijt voor ieder leidt.
De doelen van de milieubeweging verlangen een overheid die het aandurft om blinde economische krachten in te tomen. Zoals het aanwijzen van natuurreservaten, waar het dus ook niet wordt toegestaan om naar olie en gas te boren. Zoals het verbieden van schadelijke bestrijdingsmiddelen. Zoals het trekken van scherpe planologische grenzen rondom bebouwde gebieden, om de resterende groene ruimte te behouden. Zoals het belonen van beleggingen in maatschappelijk zinvolle activiteiten als biologische landbouw en duurzame energie. Zoals het belasten van vervuilende produktiemethoden en het stimuleren van schone alternatieven. Zoals het reguleren en controleren van risicovolle produktieprocessen. Redacteur Michel Jehae beweert in het juninummer van het tijdschrift "Natuur en Milieu" dat milieuproblemen als verzuring, klimaatverandering of verdroging niet links of rechts zouden zijn. Daar valt kennelijk over te twisten. Zeker is wel dat de oplossing van dergelijke milieuproblemen alleen links kan zijn. Ze vereisen immers een sterke overheid die de economie met maatregelen aan banden durft te leggen.
Het recht op een leefomgeving met schone lucht, rust en natuurlijke rijkdom is afhankelijk van de instandhouding van de collectieve waarden van de mensheid. Dit publieke domein staat mondiaal onder druk door private economische belangen. Het zijn linkse partijen die het sterkst opkomen voor deze publieke voorzieningen. Net zo goed is het waarborgen van goed openbaar vervoer bij hen in betere handen, zoals maar weer blijkt nu het rechtse kabinet bezuinigingen op het openbaar vervoer afkondigt en tegelijkertijd wel geld uittrekt voor extra asfalt en verlaging van de benzineprijzen voor automobilisten.
Ook het linkse streven naar een meer gelijke verdeling van inkomens valt samen met de doelstellingen van de milieubeweging. Het tegengaan van extreme armoede is nodig om te voorkomen dat in ontwikkelingslanden gemarginaliseerde bevolkingsgroepen noodgedwongen overgaan tot roofbouw en plundering van natuurlijke hulpbronnen. Het tegengaan van exorbitante zelfverrijking is nodig om de verspillende overconsumptie van de elite aan banden de leggen. Dat het kabinet Balkenende de onroerendzaakbelasting (OZB) wil afschaffen is door VVD geïnitieerd rechts beleid. Deze lastenverlichting bevoordeelt de villabezitters meer dan bewoners van een rijtjeshuis. Het houdt in dat te ruim wonen wordt gestimuleerd en verschaft de rijken nog meer middelen voor vliegreisjes en dergelijke.

Van oudsher bestaan er nauwe banden tussen sociale bewegingen en progressieve partijen. Dat is een gevolg van het linkse uitgangspunt dat de staatsmacht niet beperkt moet worden tot een instrument ten behoeve van gevestigde belangen. Als sociale bewegingen opkomen voor genegeerde belangen is links steevast als eerste bereid om die belangen mee te laten tellen in de politieke arena. Daardoor ontstaat onderlinge verwantschap tussen linkse partijen en sociale bewegingen. De gemeenschappelijke doelen worden binnen en buiten het parlement nagestreefd. Daarbij komen via de linkse partijen kwesties op de politieke agenda. Het afschaffen van de slavernij en het garanderen van sociale huisvesting, dát zijn zaken die van links komen. Soms is het aan een relatief rechtse minister om een rol te spelen bij het realiseren van doelstellingen van sociale bewegingen. Maar dat is alleen zo als links er eerst in is geslaagd om de maatschappelijke druk zo sterk op te voeren dat dat uiteindelijk onontkoombaar is. Zonder het socialisme was de liberaal Van Houten nooit tot het befaamde kinderwetje gekomen. Zonder de inzet van linkse partijen was er voor Winsemius en Nijpels niet eens een ministerie van milieu geweest.

Nu rechts regeert is het verleidelijk om als milieubeweging afstand tot links te bewaren. Omdat geen enkele linkse partij in de regering is vertegenwoordigd kan het tactisch wijs lijken om te voorkomen dat je geassocieerd wordt met die machteloze kant van het politieke spectrum. Toch is dat onverstandig. Het verzwakt de eigen positie en maakt het rechts juist makkelijker om milieubelangen opzij te schuiven. Waarom zijn het algemeen kiesrecht, de gelijke behandeling van vrouwen of de achturige werkdag niet ongedaan gemaakt? Relatief progressieve kabinetten willigden deze doelen van verschillende sociale bewegingen in. De politieke pendule leidde het land daarna weer naar rechtse kabinetten, met partijen die zich eerder tegen deze punten hadden gekeerd. Desondanks werd het beleid niet teruggedraaid, zoals met het milieubeleid nu wel gebeurt. De conclusie moet zijn dat rechtse kabinetten de verworvenheden van sociale bewegingen pas respecteren als ze anders geconfronteerd zouden worden met ongemeen scherpe oppositie en brede maatschappelijke protesten.
De vakbonden zijn als onderdeel van de arbeidersbeweging bijna even oud als de parlementaire democratie in ons land. Zij zijn dus gepokt en gemazeld in dit stelsel. De milieubeweging kan van die sociale beweging veel leren. De vakbonden zijn altijd tot overleg en onderhandelen bereid. Levert dat onvoldoende op, dan wordt er actie gevoerd. Als links regeert worden er meer doelen bereikt. Logisch, want de sociaal-democratie is van oudsher de parlementaire vleugel van de arbeidersbeweging. Als rechts regeert staan de verworvenheden onder druk. Dat is voor de vakbonden heus geen reden om zich dan van links te distantiëren. Hoewel de opstelling van de vakbonden tegenover een rechts beleid soms best feller en strijdbaarder zou kunnen zijn is het voor hen gelukkig wel reden om zich schrap te zetten en maatschappelijke druk op te bouwen.

Het lijkt er op dat het politieke instinct van de milieubeweging de afgelopen jaren in slaap is gesust. Paars was natuurlijk een vreemde cocktail. Door financiële meevallers kon de regering letterlijk links en rechts voordeeltjes uitdelen. Lastenverlichting en extra investeringen in snelwegen voor de rechtse achterban, het stimuleren van groene energie en een fietsforfait voor de linkse goegemeente. Met Pronk kende het kabinet een bevlogen, linkse minister van milieu. Iemand die zich aantoonbaar inzette om de doelstellingen van de milieubeweging mee te laten tellen in het centrum van de macht. Hoewel daarbij nog een behoorlijk aantal nederlagen werden geleden (denk aan Schiphol en de Betuwelijn) was dit relatief gezien een luxe positie. Hierdoor lijkt een gezapige mentaliteit te zijn ontstaan.
Nu het politieke tij is gekeerd, wekt een groot deel van de milieubeweging de indruk het spoor bijster te zijn en niet te weten hoe ze zich moet opstellen. Juist daarom levert een vergelijking met de vakbeweging belangrijke lessen op voor de milieubeweging. Koester je allianties met linkse partijen en zorg ervoor dat je tijdens een rechtse regering een maatschappelijke tegenkracht vormt. Anders tellen je belangen niet meer mee. Zonder politisering en profilering verliest een sociale beweging haar herkenbaarheid en macht. Wat dan resteert, is een futloos en tandeloos gezelschap. Kortom, om het vrij naar Rosa Luxemburg te verwoorden, de milieubeweging van de toekomst zal links zijn of niet zijn.

(Wouter van Eck is actief voor Milieudefensie en fractievoorzitter voor GroenLinks in de gemeenteraad van Nijmegen. Dit artikel werd ook gepubliceerd in het oktobernummer van Natuur en Milieu)

Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 372, 11 oktober 2002

  • Hits: 445

Kleintje Muurkrant - Postbus 703 - 5201 AS - 's-Hertogenbosch