Verlengen, met strafschoppen na (004)

Een weekje interlandvoetbal resulteert in gemengde gevoelens. Het Nederlands mannenelftal komt van al zo verre terug aan de top. Dat is mooi. Maar de vrouwen lijken de omgekeerde richting te zijn ingeslagen. Tenslotte is er nog de zeperd van Jong Oranje gisteravond tegen de altijd gevaarlijke Schotten.

Eerst de mannen. Of eigenlijk jongens, want ik geniet vooral van Martijn De Ligt en Frenkie De Jonge en die hebben allebei nog het puberdons van mijn eigen zoons om de tengere lendenen. Wat heeft die De Ligt zich opgericht nadat ie een jaar geleden door pa Blind tegen de ontketende Bulgaren de wei van Sofia was ingestuurd om de klappen op te vangen die Blind en het management van de bond eigenlijk hadden verdiend. De Jonge is nu al de briljante stuwer en stuurder op het middenveld die het elftal in Kevin Strootman nooit had. Je ziet ook die andere spelers opbloeien nu ze zich door balgevoel en lef omringd voelen. Memphis Depay is gewoon een heel goede voetballer, en Ryan Babel is aan zijn derde jeugd bezig. Enige dissonant blijft het kind van Blind, de overschatte en net zo achterbaks als zijn verwekker uit zijn ogen gluipende Daley Blind.

Ik moest terwijl ik naar het zich ontvouwende spektakel in Parijs keek, terugdenken aan de geboorte van het gouden EK-elftal van 1988. Ik heb de eer gehad de wedstrijd bij te wonen waarin die spelers voor het eerst in het diepe werden gegooid. Tegen Denemarken, in maart 1984. Het werd 6-0, in een wedstrijd waarin niemand van tevoren fiducie had. Er waren 9000 man naar de oude Watergraafsmeer gekomen, het regende de ganse avond pijpestelen en de Denen wisten niet hoe ze het hadden. Gullit, Van Basten, Rijkaard en Koeman, jawel hij, stuurden ze alle kanten op.

De vrouwen, sinds vorige zomer verrassend Europees kampioen, dreigen het WK te gaan missen. Te vrezen valt dat ze internationaal alweer afhaken. En dat het ook gelijk het einde inluidt van de hype die vrouwenvoetbal uiteindelijk is. Ik kan er niets aan doen maar ik moet bij vrouwenvoetbal altijd denken aan zaterdagvoetbal. Aan de oerhollandse gewoonte om de voetbalcompetitie op te delen volgens de sharia zoals die in de zenuwpezende dorpen in het Westland en op de Veluwe geldt.

Zaterdagvoetbal, dat is de herinering aan de prachtige weemoedige begin- en eindtune van het radioprogramma van de NCRV, Hier en Nu Sport, waarin de luisteraar werd meegenomen op een rondje langs de velden in Harderwijk, Spijkenisse en op Marken. Het commentaar bij de wedstrijden tussen NSVV, Kozakken Boys, IJsselmeervogels en DOVO werd geleverd door Jaap Bax, die er wel es een goaltje naast zat en altijd klonk alsof hij onder een afdak in de fetsenstalling naar het gebodene keek. Zaterdagvoetbal, dat was voetbal van boven de grote rivieren, zonder afdeling in Brabant en Limburg, omdat de katholieken maar al te graag op zondag speelden. Zaterdagvoetbal, dat was de legendarische spits Jaan de Graaf uit het palingdorp Spakenburg, die een contract tekende bij AZ met daarin de clausule dat hij niet op Dag des Heeren hoefde te spelen. Zaterdagvoetbal heeft Dirk Kuyt aan ons doen geworden, de klusjesman op het veld, de waterdrager, de ballenjongen uit Katwijk met het haar gekruld als een golf in de Noordzee.

Maar zaterdagvoetbal is haar ware functie kwijtgeraakt. Tegenwoordig speelt men alleen nog op de zaterdag omdat de zondag voor de familie is, voor de meubelboulevard, voor iets anders. Niet meer omdat de dominee het verordonneert. En zo is het ook met vrouwenvoetbal. Dat ontstond omdat vrouwen in het voetbal niet toegestaan worden. Vrouwenvoetbal is een knieval, een zwichten voor de man. Vrouwenvoebal is door mannen uitgevonden. Door heel erg verkeerde mannen ook nog es een keer. Om zich aan te kunnen verlustigen, om gevoelens van dédain en onverholen superioriteit op te kunnen botvieren. Een vrouw die zichzelf serieus neemt leent zich hier niet voor. Een geëmancipeerde vrouw gaat korfballen. In die sport kun je je, veilig en wel omdat het geen contactsport is, als vrouw meten met een man, en samen met hem spelen.

Real Madrid zou zondagavond met grote cijfers van zowel wereldkampuioen Frankrijk als runner up Oranje gewonnen hebben. Dat is de waarheid over interlandvoetbal. Speltechnisch en tactisch kunnen de incidenteel en onder een parttime trainer samengeraapte elftallen niet in de schaduw staan van een clubteam. Het sneue gedoe rond de keuzes van Nederlands-Marokkaanse spelers voor het kiezen voor een van beide nationale elftallen spreekt boekdelen. En ik moest zondag vaak terugdenken aan de traumatische ervaring van de Duitse internationals in het Parijse stadion, toen zij urenlang opgesloten zaten in hun kleedkamers omdat het stadion tijdens de wedsstrijd gebombardeerd was en elders in de stad honderd doden vielen in diverse schietpartijen. Wat was nu eigenlijk het verschil tussen die apocalyptische gebeurtenis en het nationalistische feestje dat onder de goedkeurende blik van Macron op de tribunes werd gevierd? 

De natiestaat zou liever vandaag dan morgen moeten worden afgeschaft, en voetbal middels ethnische lijnen ook. Nationale elftallen zijn van de twintigste eeuw, met haar oorlogen en haar nationale socialisten. Het einde is dan ook al in zicht. Het komende WK wordt een slechte grap, een toernooi met kerstmis in een speeltuin in de woestijn. En het komende EK wordt chaos, omdat de deelnemende nationale elftallen dan over het hele continent zullen trekken, dus zich juist aan nationale grenzen niets gelegen zullen laten leggen. Zelfs de ING zal daarin geen geld meer willen steken... (JF)

Verlengen, met strafschoppen na

  • Hits: 883
Klik hier om uw reactie toe te voegen

Kleintje Muurkrant - Postbus 703 - 5201 AS - 's-Hertogenbosch