De moord op Louis Sévèke (007)

De trieste gebeurtenis van 15 november 2005 was voor tenminste twee dagbladcolumnisten en voor een bekend literator aanleiding zichzelf onder de aandacht te brengen.

Gerrit Komrij schreef in die tijd de reeks columns onder de naam Gouden Woorden achterop het NRC. De gouden woorden in de aflevering van 22 december lijken vooral Franse woorden. De columnist heeft het niet één maar twee keer over raison d’être. Eerst in verband met de door de omgeving van het slachtoffer afgekondigde en gehuldigde mediastilte. Een paar alinea’s verder met betrekking tot het door Komrij veronderstelde ‘geloof in samenzweringen (…) van radicaal links’.
Politie heet voor Komrij politie, de binnenlandse veiligheidsdienst binnenlandse veiiligheidsdienst. De intimi en medestanders van Sévèke krijgen echter de volle laag. Zij zijn achtereenvolgens ‘vrienden van Louis‘, dus tussen aanhalingstekens, ‘strijdmakkers van zijn fanatieke clubje’, ‘Nijmegens oproer-kraaiers’, ‘Nijmeegse fundamentalisten’, ‘Nijmegens Gideonsbende’, ‘Nijmeegse revolutionairen’ en ‘het clubje’.

De raison d’être van Sylvain Ephimenco was in 2005 dezelfde als vandaag. De immigrant van Frans-Algerijnse komaf basht in Trouw wekelijks zijn lotgenoten. De columns van Ephimenco worden gekenmerkt door een pijnlijk gebrek aan feitenkennis, en door onverbloemde steun voor de meest rabiate uitingen van geborneerdheid in het algemeen en xenofobie in het bijzonder.
In zijn bijdrage Zwijgen en controle in zaak- Sévèke van 31 december 2005 heeft de columnist het over 16 in plaats van 15 november, en wordt het slachtoffer gelinkt aan de ‘gewelddadige ondervraging’ van infiltranten in de kraakbeweging en aan ‘Kedichem’. Ephimenco vindt in navolging van Komrij zwijgzame activisten niet kies of voorzichtig maar verdacht: ‘de wetten van de Omerta worden in het krakerswereldje goed nageleefd.’

‘Krakers fascineren A. F. Th.’, aldus De Gelderlander van 15 augustus 2007. De broodschrijver A. F. Th. van der Heijden uit Geldrop -Adrie voor zijn vrouw, Albert in zijn boeken- heeft daarvoor twee keer over de kraakbeweging geschreven. De Slag om de Blauwbrug gaat over een junk die verzeild raakt in de Kroningsrellen van 30 april 1980. Advocaat van de hanen gaat al helemaal niet meer over krakers maar tracteert de lezer op een drankzuchtige versie van Henk Kersting, de advocaat van de in 1985 vermoorde Hans Kok.
Aanleiding voor het artikel in de provinciale krant is het plan van de gevierde schrijver om een boek te gaan wijden aan de moord in de stad waar hij ooit studeerde: De Oprotpremie. Op een foto bij het stuk komt de auteur uit het Nijmeegs Centraal Station, zijn lange jas zwiert open langs zijn aanzienlijke buik. Op de plek van de moord ‘(merkt) de stilstaande man niets van de aandacht die hij trekt’. Nog een citaat: ‘Met de Nijmeegse kraakbeweging had hij indertijd niets. In Amsterdam woonde hij zeven jaar in een kraakpand, maar altijd voelde hij ‘zich meer toeschouwer dan deelnemer’’…

(JoopFinland)

De moord op Louis Sévèke

  • Hits: 553
Klik hier om uw reactie toe te voegen

Kleintje Muurkrant - Postbus 703 - 5201 AS - 's-Hertogenbosch