|
Discussiestuk over MAI/vrijhandel/nieuw rechts
Hier een reactie op het artikel in de Fabel van de Illegaal-krant nr.
35 "Campagne tegen MAI is potentieel antisemitisch", en de
beslissing van de Fabel te stoppen met de anti-MAI campagne.
Bovengenoemd artikel is ook gepubliceerd in Ravage 287 en via de
mai-lijst.
Ik heb mijn kritiek in drie stukken gehakt
1. artikel "campagne tegen MAI is potentieel antisemitisch"
2. Goldsmith
3. conclusie Fabel: stoppen met de anti-MAI/WTO campagne
David
van maar niet namens Eurodusnie
+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++
1. artikel " campagne tegen MAI is potentieel antisemitisch"
In dit artikel zetten jullie uiteen dat de kritiek op het "internationale
kapitaal" in het verleden, maar ook nog tegenwoordig, vaak geuit
is
door anti-semieten. Deze stellen het internationale kapitalisme dan
voor als joods complot. Ik denk dat de meeste mensen die wat van
geschiedenis weten wel op de hoogte zijn van dit fenomeen. Toch
kan het nooit kwaad dit weer eens op te rakelen, zoals jullie doen in
dit artikel.
Jullie constateren echter een paar dingen die volgens mij veel te ver
gaan:
a. kritiek op vrijhandel sluit naadloos aan bij antisemitisme.
b. de anti-MAI campagne neigde er toe het "slechte" internationale
kapitaal tegenover het "goede" lokale kapitaal te zetten.
c. het MAI is voorgesteld als een sinister complot.
punt a: Dit is volgens mij een redeneerfout van jullie. Het feit dat
historisch, en ook nu nog, kritiek op vrijhandel vaak geuit is door
anti-semieten, wil nog niet zeggen dat anti-semitisme en vrijhandel
onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, zoals door jullie
gesuggereerd wordt. Wordt het thema vrijhandel automatisch een
"verdacht" thema als je weet dat anti-semieten zich er ook
mee bezig
houden, en hebben gehouden? Volgens mij niet. Als je op de hoogte
bent van de een anti-semitische traditie in de kritiek op het
internationale kapitaal, is het een kwestie van duidelijk en
principieel onder woorden brengen van wat jouw kritiek is op het
internationale kapitaal of vrijhandel, en scherp opletten met wie je
samenwerkt. Maar het thema als "besmet" verklaren en je ervan
terugtrekken is volgens mij geen goede strategie. Gelukkig schrijven
jullie dat kritiek op vrijhandel "niet perse" hoeft samen
te gaan met
antisemitisme. Oef, kom ik daar nog net goed weg! Het is goed dat
jullie de aandacht vestigen op het feit dat een deel van de kritiek
op
vrijhandel anti-semitische trekken had en heeft. Maar ik weiger me
afzijdig te houden van kritiek op vrijhandel, alleen maar omdat
enkele malloten zoals Hylkema zich er ook mee bemoeid hebben.
punt b: jullie gaan volgens mij een stap te ver. Ik ben zelf met name
in de eerste periode (toen het MAI nog niet van tafel was) aktief
geweest in de campagne, en zodoende ben ik bekend met het
aktiemateriaal en wat er verteld werd tijdens de speakers-tour. Naar
mijn weten is er nooit gepleit voor sterke nationale staten, of lovend
gesproken over nationale economieën. Wel werd in de anti-MAI
campagne gezegd dat de mogelijkheden van multinationale
bedrijven (tnc's) zouden toenemen onder een MAI verdrag, en dat de
controlemogelijkheden en mogelijkheden tot regelgeving van
nationale, regionale en lokale overheden op tnc's door het MAI
beperkt zouden worden. Dit laatste werd als een nadelige
ontwikkeling voorgesteld, maar dat is zeker geen pleidooi voor een
sterke staat. Hetzelfde geldt voor jullie veronderstelling dat in de
anti-MAI campagne er een lans gebroken is voor het "goede, lokale
kapitaal". Als je vaststelt dat dat kleine bedrijven of complete
lokale
economieën in arme landen vaak onder de voet gelopen worden
door grote westerse bedrijven, ben je toch niet bezig met een
verheerlijking van nationaal of lokaal kapitaal? Denk je dan meteen
hetzelfde als traditioneel extreem rechts? Als arme landen
maatregelen nemen om hun eigen economie te beschermen, kan dit
volgens jullie "misschien enigszins begrijpelijk" zijn, maar
eigenlijk
sluit het naadloos aan bij fascistisch volksnationalisme. Nu ben ik
het misschien die te snel conclusies trekt, maar die conclusies
worden wel gesuggereerd in jullie artikel.
Al met al hebben jullie wel gelijk dat het vraagstuk van
internationaal vs. nationaal/lokaal kapitaal, de vraag in hoeverre je
daar al dan niet onderscheid in kunt maken, maar ook de positie van
de nationale staat in het proces van globalisering met name in het
begin van de anti-MAI campagne te weinig bediscussieerd is. Hier
ga ik verder op in bij punt 3.
punt c: het MAI als sinister complot. Tsja, dat verhaal over dat van
een OECD-ambtenaar gestolen koffertje met geheime documenten,
dat was natuurlijk leuk om te vertellen. Van het feit dat men binnen
de OECD en nationale ministeries lange tijd heeft geprobeerd het
ontwerp voor MAI geheim te houden is binnen de anti-MAI
campagne gebruik gemaakt. Soms wil je dingen wat aandikken in
een campagne, dus werden er termen gebruikt als een "stille
machtsovername". Natuurlijk overdreven, net als het MAI dat op
een
poster werd voorgesteld als magere hein met een zeis (paarse poster
"mai maait alles weg"). Ik vond dat goede politieke propaganda,
niet
meer en niet minder. Maar volgens de Fabel komt de anti-MAI
campagne nu ineens terecht in het vaarwater van de (anti-semitische)
complottheorieën. De bewijzen hiervoor: rare telefoontjes van ufo-
freaks en andere gekken naar het secretariaat, de publicatie van een
CEO artikel in het obscure blad Nexus, en de aanwezigheid van een
enkele "samenzweringsdeskundige" op een globaliseringsseminar.
Net als bij het bovenstaande punt vind ik dat jullie conclusies te snel
trekken. Samenzweringscomplotten zijn vaak niet fris, maar de anti-
MAI campagne ook op deze manier in een kwaad daglicht proberen
te stellen vind ik sterk overdeven.
Verder nog een paar korte dingen over dit artikel. De kop,
"campagne tegen mai is potentieel antisemitisch" vind ik erg
suggestief en tactloos. Als je ermee wil bereiken dat een hoop
mensen kwaad worden (terecht of niet) en dat er veel wordt gezeurd
over vorm en presentatie dan is het een geslaagde kop, maar dat was
volgens mij niet jullie bedoeling. Bovendien zegt de kop, door het
woordje "potentieel", eigenlijk niets. Ik kan ook wel zeggen:
"campagne tegen de E.U. potentieel fascistisch", of "campagne
voor
kerkasiel potentieel anti-semitisch". Ergens klopt het nog ook,
maar
het is de vraag of dit een goede manier is om een discussie op te
starten.
En dan die vergelijking van de "Hot Spring 98" poster (geen
mai-
campagne poster, maar een algemene anti-vrijhandels poster
uitgebracht door A Seed) met walgelijke anti-semitische posters van
voor de Tweede Wereldoorlog: tsja, wat willen jullie daar nu
eigenlijk mee? Aantonen dat er vanuit een soort verborgen
onderbewustzijn onbewust anti-semitische stereotyperingen in die
poster zijn geslopen? Was die poster wel o.k. geweest als het
mannetje met de sigaar een puntneus had gehad? Hebben er
trouwens ooit joods cowboys bestaan, of maakt dat niet uit? Ik weet
niet zo goed wat ik moet met die plaatjes-vergelijking.
2. Goldsmith
Jullie zijn bezig met een onderzoek naar de betrokkenheid van
Edward Goldsmith bij anti-vrijhandels en globaliseringsinitiatieven.
Ik denk dat dit erg nuttig is. Ik vond het schokkend te lezen dat
iemand die in veel linkse kringen hoog in aanzien staat en veel
initiatieven tegen vrijhandel financieel ondersteunt, regelmatig als
spreker te gast is bij nationalistische en extreem-rechtse
organisaties. Ik weet nog weinig van het ideeëngoed van Goldsmith,
maar het feit dat iemand goede contacten heeft met extreemrechtse
organisaties kan natuurlijk niet afgedaan worden als naief of
onschuldig. Linkse organisaties zouden niet met deze man moeten
samenwerken of geld van hem moeten aannemen. Ik ben benieuwd
naar de rest van jullie onderzoek.
3. jullie conclusie: stoppen met de anti-MAI campagne
Als ik het goed begrijp is deze beslissing gebaseerd op drie redenen:
1. de grote, en structurele betrokkenheid van "nieuw rechtse"
groepen bij campagnes tegen globalisering en vrijhandel
2. het onvermogen van links om een duidelijke positie in te nemen
op de thema's vrijhandel en globalisering die zich duidelijk
onderscheidt van nieuw-rechts
3. de termen vrijhandel en globalisering zijn vanuit een links
perspectief "niet in te vullen", want het zijn geen linkse
begrippen.
Over punt 1: nieuw rechts, extreem rechts of nationalistisch rechts
bemoeit en bemoeide zich, andere mensen hebben het ook al gezegd,
intensief met thema's en terreinen die voor het gemak vaak tot
"links" worden gerekend. Niet alleen vrijhandel en globalisering,
ook de Europese Unie, dierenstrijd, het opkomen voor inheemse
volkeren, vegetarisme, ecologisch denken, voedselcollectieven,
alternatieven voor de geldeconomie, etcetera. Dit is natuurlijk erg
verontrustend, maar het is onderdeel van de politieke strijd om op al
deze terreinen het gevecht aan te gaan met extreem rechts, de
uitgangspunten van je eigen campagnes en ideeën scherp en
principieel te formuleren, en goed te letten op de
samenwerkingsverbanden die je aangaat. Jullie schrijven het zelf in
het voorwoord van Fabelkrant nr. 35: het gevaar ligt voortdurend op
de loer dat linkse bewegingen worden beinvloed door of zelfs
ingelijfd bij nieuw-rechts. De vraag is, hoe reageer je dan? Jullie
reageren door te stoppen met de anti-MAI campagne en door de
(zeer brede) thema's vrijhandel en globalisering te laten vallen,
behalve als deze kunnen worden behandeld binnen de speerpunten
anti-racisme en patriarchaat. Ik ben het hier absloluut mee oneens.
Het opleggen van oneerlijke "vrij"handelsakkoorden door het
westen aan de rest van de wereld en het proces van economische
globalisering zijn fenomenen binnen het kapitalisme waar links
aktief aanwezig moet zijn met akties, campagnes, discussies en
publicaties. Hier van afzien vanwege de structurele bemoeienis van
nieuw rechts met deze thema's vind ik een soort struisvogelpolitiek,
die bij nieuw rechts vast met gejuich zal worden begroet, maar die
ik beschouw als het prijsgeven van politiek terrein.
Over punt 2: Jullie hebben gelijk dat de kritiek op het fenomeen
vrijhandel en het linkse antwoord op het complexe proces van
economische globalisering vaak tekort heeft geschoten, ook binnen
de anti-MAI campagne. Te eenzijdig is en wordt er kritiek geleverd
op het "internationale kapitaal", de boze multinationals en
internationale vrijhandels- of investeringsverdragen, zonder deze
kritiek voldoende te integreren met fundamentele anti-
kapitalistische kritiek, de rol van nationale staten en ja, ook anti-
racistische en anti-patriarchale stellingnames. Hierdoor wordt het
verschil tussen links en rechts inderdaad verdoezeld, en kan het
gebeuren dat rechts-nationalistische groepen zich ineens vinden in
(tekortschietende) "linkse" analyses. De vraag is opnieuw:
hoe
reageer je dan? Jullie trekken de conclusie dat een discussie over het
integreren van fundamentele anti-kapitalistische kritiek in
campagnes vrijhandel maar niet van de grond wil komen, en laten
het "speerpunt" vrijhandel dan vallen. Ik ben er voor om,
hoe
moeilijk dit misschien ook is en ondanks jullie vaststelling dat dit
al
een jaar lang niet lukt, deze discussie toch van de grond te krijgen,
en door te gaan met de strijd tegen het vrije markt-denken vanuit een
anti-kapitalistisch perspectief. Dit klinkt misschien erg
hoogdravend, en natuurlijk ben ik me bewust van de groeiende
verrechtsing en weinig florissante positie van de linkse
aktiebeweging. Maar het opgeven van economische thema's als
vrijhandel vanuit een anti-kapitalistisch perspectief draagt denk ik
alleen maar bij tot verdere marginalisering.
over punt 3: vrijhandel en globalisering zijn geen linkse begrippen
of terreinen. Ik ben het met jullie eens, ik heb het hierboven ook al
geschreven, dat internationaal kapitaal, "neo-liberalisme"
of meer
specifiek een verdrag als het MAI niet los van een brede anti-
kapitalistische analyse bekritiseerd kunnen worden. Jullie conclusie
dat binnen linkse discussies, akties en campagnes het thema
vrijhandel geen plaats heeft deel ik niet. Vrijhandel is niet "vrij".
Het
wordt gepresenteerd als een neutrale economische strategie die voor
de hele wereldbevolking gunstig uit gaat pakken. In werkelijkheid is
vrijhandel vooral in het voordeel van de rijke landen die de beste
uitgangspositie in de internationale handel hebben. Door dit systeem
op te leggen aan de hele wereld kan het profiteren en uitbuiten van
arme landen ongestoord doorgaan, inclusief natuurvernietiging en
het aanwakkeren van vluchtelingenstromen. Armoedeverschillen
wereldwijd nemen nog steeds toe.(1) Vanuit deze invalshoek is het
volgens mij heel goed mogelijk en ook noodzakelijk vrijhandel
binnen een anti-kapitalistische context "links in te vullen".
En over
het onderscheid met "nieuw rechts": ik zie nieuw rechts niet
zo snel
kritiek leveren op de voortzetting van de politiek van uitbuiting en
profiteren van arme landen binnen het systeem van vrijhandel.
Nieuw rechts levert geen wezenlijke kritiek op het kapitalisme of op
de oneerlijke en ongelijke Noord-Zuid verhoudingen. De nieuw-
rechtse kritiek op vrijhandel en globalisering is uiteindelijk tot
herleiden tot de angst voor het verzwakken van nationale
economieën. Het kapitalisme wordt steeds internationaler en dit
wordt als een bedreiging gezien voor de eigenheid van nationale
culturen, het zelfbeschikkingsrecht van volkeren en de autonomie
van nationale staten. Vanuit dit perspectief verzet nieuw rechts zich
tegen multinationals, vrijhandel, "veramerikanisering", de
WTO en
het MAI. De conclusie is voor mij duidelijk: zeer oppervlakkig
gezien komt de kritiek van nieuw rechts en links op vrijhandel en
globalisering met elkaar overeen. De uitgangspunten van deze
kritiek zijn echter wezenlijk anders. Anti-kapitalistische kritiek moet
natuurlijk niet exclusief op vrijhandel worden gericht. Vrijhandel
echter is een belangrijke trend binnen het kapitalisme, het begrip valt
door links wel degelijk in te vullen en biedt goede
campagnemogelijkheden.
David
Eurodusnie
12/7/99
(1) Deze voorstelling van zaken is natuurlijk enigszins
simplistisch...niet alle armoedeproblemen zijn te herleiden tot het
kapitalisme en ook praktijken die niets te maken hebben met
vrijhandel, bv. dumping van gesubsidieerde produkten, houden de
afhankelijkheidsrelatie tussen Noord en Zuid in stand.
|