WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
A) Global players: mondiale
shock-therapie
(door Rob
Bleijerveld)
Op 15
november hielden de G20-landen in Washington een bijeenkomst over
de
wereldwijde financiële crisis. De aanbevelingen in hun eindverklaring
tonen het
gebrek aan bereidheid om te breken met het huidige financiële
en
economische systeem. Ondertussen ondervinden de meeste
ontwikkelingslanden
in toenemende mate de negatieve gevolgen van het
exportgerichte
en geliberaliseerde economische model dat hen door
Wereldbank,
IMF en WTO is opgelegd.
Algemeen wordt nu erkend dat de huidige crisis het falen en de zwaktes
van de financiële en economische architectuur en van de internationale
financiële instellingen aantoont. Ondanks haar klinkende naam leverde de
'Bretton Woods 2'-bijeenkomst van de G20 landen [1] van 15 november geen
daadwerkelijke aanzet op voor een nieuw financieel systeem. Er werden
tal van aanbevelingen gedaan voor akties op de korte en middellange
termijn [2], maar die werpen eerder nieuwe
problemen op dan dat ze
oplossingen bieden. Zo worden klimaatverandering, energiezekerheid,
voedselzekerheid en de bestrijding van armoede en ziekten wederom
benaderd vanuit dezelfde principes van open handels- en
investeringsmarkten, concurrentieverhoudingen en economische groei die
de huidige crisis hebben veroorzaakt. Daarnaast mag de verbetering van
de regulering van de financiële systemen volgens de G20 niet leiden tot
"over-regulering" die de economische groei zou kunnen belemmeren en de
kapitaalstromen verder zou verminderen.
Volgens het Bretton Woods Project [3] loopt de G20 door de beperkte
maatregelen die zijn voorgesteld het risiko de fouten van de Azië-crisis
van 1997 te herhalen en het momentum voor aktie te verliezen. Het nu
niet daadwerkelijk struktureel oplossen van de crisis, zal er voor
zorgen dat de onderhandelingen lang en moeilijk worden en dat de
politiek wil om dingen te veranderen, verdwijnt.
Handel
en financiën
De G20-landen zeiden ook te streven naar het vaststellen van een
raamwerk voor de onderhandelingen van de wereldhandelsorganisatie WTO
vóór eind 2008. Dat moet volgens hen een succesvolle afsluiting van de
Doha Ontwikkelings Ronde van de WTO in 2009 mogelijk maken. De
voorzitter van de WTO wil daadwerkelijk medio december een ministerstop
houden om de G20-wens mogelijk te maken. Critici gaan er van uit dat de
WTO en de G20 het schokeffect van de huidige financiële crisis zullen
misbruiken om op die top controversiële handelsvoorstellen door te
drukken die in hun eigen belang zijn. De voorstellen zullen echter zeer
negatief uitpakken voor de meeste ontwikkelingslanden [4].
Terwijl de financiële crisis zich verder ontplooit, worden via de
internationale handel de economische gevolgen steeds meer voelbaar voor
de ontwikkelingslanden. Ze zijn zeer kwetsbaar doordat Wereldbank en IMF
hen vele jaren geleden een exportgeleide en pro-liberaliseringseconomie
oplegde, in stand gehouden door WTO en de rijke landen. Het lukte de
meeste ontwikkelingslanden niet om uit deze val te ontsnappen door te
profiteren van de export en hun economieën veelzijdiger en sterker te
maken. Niet verdere marktopening op handelsgebied - zoals de G7 en WTO
steeds beweren - maar ingrijpende hervormingen van de internationale
financiële architectuur zijn de sleutel hiervoor. Aspecten van de
internationale financiële architectuur worden volkomen genegeerd bij de
gangbare handelsbesprekingen, en voorstellen voor financiële hervoming
gaan nooit over de handelsdimensie.
'Shock
and awe' voor ontwikkelingslanden
Hoe ondervinden de ontwikkelingslanden de effecten van de huidige
crisis? Ten eerste via de handelsfinanciering. Banken zijn in toenemende
mate terughoudend om - tegen een vergoeding - garant te staan voor
betalingen voor handelsgoederen door importeurs (ondanks de
kredietwaardigheid van exporteurs in ontwikkelingslanden). Het gaat om
steeds lagere garantiebedragen en de eisen die banken stellen worden
hoger. De situatie is vooral een probleem voor landen en exporteurs die
de laatste 20 jaar een niche-positie verworven binnen wereldwijde
productieketens. Ze zijn als producenten op hun beurt namelijk weer
afhankelijk van de levering van grondstoffen of half-producten door
andere exporteurs. Het wereldwijde tekort aan handelskrediet (geschat op
25 miljard dollar) zal nog meer toenemen en de 'bail outs' van
'nationale' banksystemen bieden naar verwachting geen oplossing hiervoor
(want de regeringen zullen het ingelegde belastinggeld 'terug willen
verdienen' via leningen aan 'concurrerende' ondernemingen in plaats van
aan exporteurs in arme landen).
Ten tweede via de handelsverzekering. Exporteurs in arme landen kunnen
niet als de multinationale ondernemingen zelf het risiko dragen van
wanbetaling door een importeur en hebben de hulp nodig van verzekeraars.
Het opdrogen van bankkredieten zorgt echter voor oplopende verliezen bij
de handelsverzekeraars. Er lijkt paniek uitgebroken te zijn en
niet-verzekerbare bedrijven (waaronder zelfs hele grote als General
Motors, Woolworths en Ford) staan nu op een zwarte lijst. Er ontstaat
een vicieuze circel: verzekeraars beoordelen de kredietwaardigheid van
een land van herkomst als negatief als banken geen handelskredieten
verstrekken en banken lenen op hun beurt geen geld uit indien er geen
verzekeraar is. Opkomende economieën als Brazilië en India reageerden
snel en verstrekten 'eigen' bedrijven extra krediet, maar arme landen
kunnen dat niet doen.
Prijseffecten
Na jaren van daling stegen de grondstofrijzen tussen 2002 en 2007 sterk.
Door de wereldwijd afgenomen vraag en economische groei zakten ze dit
jaar weer zeer snel en aanzienlijk. Hoewel de lagere prijzen voor
voedsel en olie enige verlichting bieden aan importafhankelijke
ontwikkelingslanden, zijn ze een probleem voor exportafhankelijke
landen. Slechts weinig exporterende ontwikkelingslanden hebben werkelijk
kunnen profiteren van de 'boom' door hun economie aan te passen (meer
diversiteit, waardevergroting van hun exportpakket, industrialisatie).
De opbrengsten van sommige landen vloeiden niet naar de staatskas, en
anderen investeerden niet in infrastruktuur of productiecapaciteit maar
in consumptiegoederen of lang uitgestelde sociale behoeften. Daardoor
hebben de meeste landen geen reserves of 'stootkussen' om de schokken
van de crisis op te vangen. Zelfs landen die een beetje konden
investeren in fabrieksproductie moeten die sectoren laten inkrimpen
omdat er onvoldoende binnenlandse vraag is om het effect van de
afgenomen buitenlandse vraag op te vangen.
Indirekte
gevolgen
Er zijn ook een aantal indirekte gevolgen van de afgenomen
exportopbrensten.
* Zo leidden de extra verdiensten tijdens de 'boom' van 2002-2007 vaak
tot een onevenwichtige risikoverdeling tussen staat en particuliere
(buitenlandse) onderneming bij de uitvoering van infrastrukturele
werken. Bij mislukking van de projecten is het vaak de staat (en
indirekt de bevolking) die aanzienlijke schadevergoedingen moet betalen
of schade leidt. Zelfs in Wereldbank-projecten bedoeld om de
handelsconcurrentiepositie van een land te versterken zijn meestal geen
clausules opgenomen om het land te vrijwaren bij een negatieve uitkomst
of te voorzien van meer belastinggeld bij een uitkomst die beter is dan
verwacht.
* 'Lageinkomens'-landen met een lage of middelgrote schuld zijn zeer
kwetsbaar voor exportschokken en door de huidige crisis moeten ze weer
gaan lenen. Dat laatste geldt ook voor een groeiende groep
'middeninkomens'-landen die kampen met de afnemende grondstofprijzen.
Beide groepen zijn voor leningen en de hoogte ervan afhankelijk van de
taxatie van schuldenrisiko's en -duurzaamheid door de Wereldbank (Debt
Sustainability Framework) en particuliere waardetaxatie-ondernemingen
(zoals Fitch).
* Tijdens de 'boom' groeiden de buitenlandse investeringsstromen (FDI)
in die landen met veel natuurlijke hulpbronnen en grondstoffen. Maar
deze stromen droogden ook weer snel op toen de prijzen onderuit gingen.
FDI is inderdaad geen stabiele financieringsbron en juist als de arme
landen inkomsten van buiten dringend nodig hebben, verdwijnen ze. Dat
versterkt de negatieve tendens en kan uitmonden in een spiraalbeweging
naar beneden.
* De financiële crisis maakt duidelijk dat een land niet echt kan
profiteren van handel indien een systeem om de omruilwaarde van de eigen
munt te stabliseren, ontbreekt. Brazilië, Mexico en Zuid-Korea moesten
grote, nationale bedrijven redden met 'duur' geld toen die het
IMF-advies opvolgden om deel te nemen aan hedge-constructies waar met
derivaten werd gegokt op waardeveranderingen van de dollar. En de munten
van landen die afhankelijk zijn van export van hun grondstoffen dalen in
waarde als de grondstoifprijzen dalen.
Handel
in financiële diensten
Bestaande handels- en investeringsakkoorden leggen grote beperkingen op
aan regeringen om geschikte maatregelen te treffen om de gevolgen van de
crisis tegen te gaan. En in tegenstelling tot wat WTO-voorzitter Lamy
beweert, leidt verdere liberalisering van financiële diensten niet tot
de invoer van vers kapitaal in ontwikkelingslanden (maar juist tot
uitstroom van geld door buitenlandse banken). Landen die hun financiële
dienstenmarkten meer hebben afgeschermd, blijken nu beter bestand te
zijn tegen de effecten van de crisis. Degenen die dat niet deden,
ondervinden de schadelijke gevolgen van het wanbeleid van de banken uit
de rijke landen. Zij hebben zelfs niet het recht op toezicht als die
banken zich in hun land willen vestigen.
Het dienstenakkoord van de WTO, GATS, staat zelfs niet toe dat
regeringen een verbod uitvaardigen op de handel in (riskante) financiële
producten, een van de oorzaken van de huidige crisis. Het is hen niet
toegestaan op naar eigen keuze regulkering in te stellen of om bestaande
(slechte) regels af te schaffen. Iets dergelijks is ook te vinden in het
EPA-akkoord dat de EU voor tekening heeft voorgelegd aan de
APC-landen [5].
Roll-back
Deze tijd van grote crisis is bij uitstek geschikt om radikale eisen te
stellen vooor verandering: van het ongedaan maken van onrechtvaardige
regels en maatregelen, de drastische hervorming van handels- en
investeringsverdragen, en de drastische hervorming van beleid, mandaat
en besluitvormingsstruktuur van de internationale financiële
instellingen.
(Dit
artikel is ook te vinden op: http://www.globalinfo.nl/content/view/1774/1/)
Noten:
[1] Zie:
http://www.g20.org/G20/webapp/publicEN/aboutG20/pubEN_aboutG20_faq.htm. NAAR TEKST
[2] "G20
Summit Communiques in full," 16 november 2008.
NAAR TEKST
[3] Organisatie
die het beleid van de internationale financiële
instellingen op de voet volgt. Zie http://www.brettonwoodsproject.org. NAAR TEKST
[4] Iets
soortgelijks gebeurde eind november 2001 in Doha (Qatar) toen
de VS na de aanval van 11 september de overige WTO-lidstaten chanteerde
om akkoord te gaan met het sterk bekritiseerde voorstel van de Doha
Agenda. (De toenmalige Amerikaanse handelsminister is nu overigens de
voorzitter van de Wereldbank....) Zie "Doha,
the economic frontline -
The developing world's needs are being sacrificed to the war effort,"
Naomi Klein , 8 november 2001 en haar boek "The Shock Doctrine" uit
2007. NAAR TEKST
[5] Zie
"Deregulering
van financiële diensten via GATS en FTA's
bevorderen financiële crises," door Myriam Vander Stichele ,
30 november
2008. NAAR TEKST
Bronnen:
- "International
economic architecture: cleaning up the mess?," Bretton
Woods Project, 27 November 2008.
- "Trade
issues crucial for effectively dealing with the global
financial crisis," Aldo Caliari , 19 november 2008.
NAAR
INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
B) Recente
artikelen over pogingen om de handel in financiële diensten (GATS) nog
verder te dereguleren en liberaliseren
* "Hoe de
WTO en de financiële crisis elkaar versterken - Bijeenkomst
van Wereldhandelsorganisatie WTO gaat alleen over meer financiering van
handel," door Myriam Vander Stichele (vertaling: Rob
Bleijerveld)
Inleiding:
Op 12 november 2008 hield de WTO een exclusieve conferentie
over de
gevolgen van de financiële crisis voor de (internationale)
handel. De
belangrijkste discussiepunten waren het gebrek aan krediet en
financiering
voor handelaars, en de teruggang van de internationale
handel
door de vertraging van de economische groei. De belangrijkste van
de
voorgestelde (en reeds toegepaste) oplossingen betroffen delen van de
risiko’s
door internationale financiële instellingen (IFI's) en door
export
krediet verzekeringsmaatschappijen (ECA's).
Wat niet
wordt verteld, is dat de risico’s van de ECA's uiteindelijk
voor
rekening komen van de ontwikkelingslanden die hun schuldenlast
vergroot
zien. Dit houdt in dat de particuliere sector - waarvan een
deel op de
vergadering was vertegenwoordigd - minder risiko hoeft te
dragen.
Onder de aanwezigen bevonden zich banken als de ING en de Royal
bank of
Scotland die onlangs overheidssteun hebben gekregen ondanks hun
slechte
sociale en ecologische staat van dienst.
* "Deregulering
van financiële diensten via GATS en FTA's bevorderen
financiële crises," door Myriam Vander Stichele (vertaling:
Rob
Bleijerveld)
Inleiding:
Er ontbreekt een belangrijk element in de vele discussies en
voorstellen
over de hervorming van het financiële systeem en het
voorkomen
van de uitbreiding van de financiële crisis. Er wordt namelijk
niet
gediscussieerd over de veelomvattende liberalisering en
deregulering
van financiële diensten, kapitaalbewegingen en de
internationale
financiële industrie via GATS en vrijhandelsakkoorden
(FTA's).
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
C) Webverwijzingen
naar meer nieuws, achtergrondinformatie en analyses over de financiële
crisis (en internationale handel):
-
Coalitie Eerlijke Handel (http://www.eerlijkehandel.nu/)
-
Globalinfo (http://www.globalinfo.nl/)
- ATTAC
Vlaanderen (http://vl.attac.be/rubrique4.html) [onder 'artikels']
- Casino
Crash (http://casinocrash.org/) (Engelstalig)
NAAR INHOUD