O) Het IMF: Krimpen of Zinken!: een
gezamenlijke verklaring en strategiepaper
Oproep: onderteken en neem deel aan campagne!
Op 24 juli verscheen "Het IMF: Krimpen of Zinken!:
een gezamenlijke verklaring en strategiepaper" op de
website van Focus on the Global South [1].
Dit document is het resultaat van twee maanden van samenwerking
tussen een aantal organisaties die deelnamen aan de "Strategy
Session on the International Monetary Fund" van eind
april in het Institute for Policy Studies te Washington
[2].
De opstellers roepen organisaties wereldwijd op om de verklaring
te ondertekenen voorafgaand aan de herfstvergadering van
de Bretton Woods Institutions (IMF en Wereldbank) van 13
tm. 20 september in Singapore. Met de aanbieding van de
verklaring en lijst van ondertekenaars aan de deelnemende
regeringen in september wordt het startschot gegeven voor
een wereldwijde campagne tegen het IMF. Andere activiteiten
in september zijn een conferentie over de toekomst van het
Fonds op 17 september in Singapore en alternatieve activiteiten
in het nabijgelegen Batam (Indonesië) op 15 tm. 19
september [3].
De initiatoren zijn: Institute for Policy
Studies; Sisters of the Holy Cross Congregation Justice
Committee; Focus on the Global South; Jubilee South; 50
Years is Enough; Gender Action; Nicaragua-US Friendship
Office; Solidarity Africa Network; Development Gap; Citizens'
Action for Essential Services; Intercultural Resources-Lokayan;
Jerry Mander, co-director, International Forum on Globalization.
De kwetsbaarheid van het Internationale Monetaire Fonds
was nog nooit zo groot als nu. Het Fonds lijdt aan een drievoudige
crisis - een legitimiteitscrisis, een begrotingscrisis en
een rollencrisis - en die criss is in zijn 62-jarige bestaan
ongeëvenaard. Deze omstandigheden verschaffen de tegenstanders
de gelegenheid om het Fonds drastisch te laten krimpen,
om zijn macht te ontnemen (disempower), of zelfs te ontmantelen.
Als deze gelegenheid niet wordt aangegrepen, kan het zijn
dat door veranderende omstandigheden het IMF alsnog wordt
versterkt en gered.
Tien jaar geleden was het Fonds nog zeer ambitieus en ging
hij er arrogant van uit te weten wat het beste was voor
ontwikkelingslanden. Nu ligt het IMF onder vuur, verbergt
hij zich achter vier muren in Washington, DC. en is niet
in staat om een effectief antwoord te formuleren op de kritiek
van een groeiende groep organisaties.
Legitimiteitscrisis
De omslag in het welzijn van het Fonds is voornamelijk
het gevolg van de Aziatische financiële crisis die
een einde maakte aan de vermaarde tijgereconomieën
in de zomer en herfst van 1997. De Azië-crisis was
het "Stalingrad" van het IMF en hij is de klap
nooit te boven gekomen. Of zoals Dennis de Tray, een voormalig
IMF-official die op het moment van crisis bij de Wereldbank
in Jakarta werkte, het uitdrukt: "Fund lost its legitimacy
then, and it never recovered it" [4].
Het Fonds liep drie vernietigende klappen op tijdens de
crisis.
Ten eerste werd het gezien als beleidsverantwoordelijke
voor de ontmanteling van kapitaalbeheersingsmaatregelen
door vele Oostaziatische regeringen in de jaren voorafgaand
aan de crisis. Dit beleid van "capital account liberalization"
leidde weliswaar tot het aantrekken van vele miljarden dollars
aan speculatief kapitaal tussen 1993 en 1997, maar zorgde
er tevens voor dat er geen hindernissen waren voor de kapitaalvlucht
die optrad tijdens de panieksituatie in de zomer van 1997.
In een paar weken tijd werd 100 miljard dollar onttrokken
aan de economieën van Indonesië, de Filippijnen,
Thailand, Maleisië en Zuid-Korea.
De tweede klap was de wijdverspreide opvatting dat de vele
miljarden dollars van de IMF-reddingsoperaties voor de getroffen
landen niet bedoeld waren voor het redden van de economieën
van deze landen maar voor het afbetalen van buitenlandse
schuldeisers en speculanten. Zo verloor Citibank met een
zeer uitgebreide "aanwezigheid" in Azië geen
cent door de crisis. Deze schandalige ontwikkeling leidde
tot scherpe kritiek op het IMF, zelfs van de kant van vrijmarktadepten.
Daaronder George Shultz, voormalig Secretary of State van
de VS onder Richard Nixon, die zei dat het Fonds een gevaar
oplevert voor de moraal ("moral hazard") en daarom
zou moeten worden afgeschaft.
De derde slag voor het IMF kwam voort uit de gevolgen van
de stabilisatieprogramma's die hij opdrong aan de landen
in economische crisis. Door tegen beter weten in de nadruk
te leggen op het snijden in de overheidsuitgaven om de inflatie
terug te dringen, versnelden deze programma's in feite het
afglijden van deze economieën in recessie.
Het Aziatische financiële debakel gaf de aanzet voor
voortdurende herziening van de structurele aanpassingsprogramma's
die IMF en Wereldbank sinds 1980 aan ruim 90 economieën
in ontwikkeling of overgang oplegden. Slechts enkele van
de programma's leidden tot groei, afname van ongelijkheid,
en afname van armoede zoals beloofd aan alle deelnemende
landen. De "shocktherapie"-programma's van het
IMF zorgden er in de 90-er jaren voor dat de rijen van armen
aanzwelden met miljoenen mensen in Rusland en Oost-Europa
[5]. De resultaten
waren dermate slecht dat het voortgezette structurele aanpassingsprogramma
van het IMF hernoemd werd tot "armoedereductie en groeifaciliteit
(PRGF).".
Terwijl het Fonds in 2002 nog steeds wankelde als gevolg
van de Azië-crisis, stortte de economie van Argentinië
in. Dat land was niet in staat om $100 miljard af te lossen
van zijn $140 miljard aan buitenlandse schuld. Misschien
meer dan elk ander land had Argentinië het neoliberale
recept van het IMF tot op de letter toegepast, met de invoering
van ondermeer een vergaande deregulering, een omvangrijke
tariefliberalisering, en financiële liberalisering.
Het IMF was tevens de grootste supporter van de Argentijnse
Valuta Raad die de voorraad aan pesos, de Argentijnse munt,
bond aan de in het land circulerende dollars. Toen dit pakket
van beleidsmaatregelen in 2001 en 2002 een mislukking bleek,
was het ook gedaan met de geloofwaardigheid van het IMF
omdat die miljarden dollars aan stabilisatieleningen had
verschaft om het Argentijnse beleid te steunen.
De nadagen van de crisis bleken zelfs nog meer vernietigend.
Na de verkiezing van Nestor Kirchner in 2003 tot president,
verklaarde deze dat zijn regering de staatsschuld aan particuliere
schuldeisers zou terugbetalen tegen een koers van 25 cent
per dollar. Woedende schuldeisers wilden dat het IMF Kirchner
tot de orde zou roepen, maar het IMF - met zijn reputatie
aan flarden en zonder invloed van enige betekenis - trok
zich terug en ging de confrontatie uit de weg. Zo lukte
het de Argentijnse president om deze vergaande afschrijving
van de staatsschuld aan de internationale particuliere sector
door te drukken.
Een aantal ontwikkelingslanden, waaronder Argentinië
en Brazilië, verbrijzelden daarop het imago van het
Fonds als onmisbare leeninstantie van laatste toevlucht.
Na de eerste serie aflossingen ging Kirchner door met het
volledig afbetalen van de Argentijnse schuld aan het IMF.
Ook Brazilië loste zijn hele IMF-schuld in. Beide konden
zich zo onafhankelijk verklaren van een instelling die erg
wordt gehaat in Latijnsamerika.
Begrotingscrisis
De legitimiteitscrisis veroorzaakte financiële gevolgen.
In 2003 verklaarde de Thaise regering dat het de meeste
van zijn IMF-schulden had afbetaald en stelde dat het kort
nadien financieel onafhankelijk zou zijn van de organisatie.
Indonesia beëndigde zijn leenovereenkomst met het Fonds
in 2003 en kondigde recentelijk aan zijn schuld van meerdere
miljarden dollar in twee jaar te zullen afbetalen [6].
Een aantal andere, grote leners in Azië, zich bewust
van de vernietigende gevolgen van het door het IMF opgelegde
beleid, zagen af van het aangaan van nieuwe leningen bij
het Fonds. Onder deze landen zijn de Filippijnen, India
en China. Deze trend is nu verterkt doordat Brazilië
en Argentinië na het recentelijk aflossen van hun schulden
en het uitroepen van hun financiële souvereiniteit,
duidelijk aangaven niet meer te zullen lenen.
Deze boycot door de grootste leners vertaalt zich feitelijk
in een begrotingscrisis. Want de operaties van het IMF werden
de laatste twintig jaar in toenemende mate betaald uit schuldafdrachten
van zijn ontwikkelingsklanten, meer dan uit de bijdragen
van rijke noordelijke regeringen. Die laatsten zorgden er
met opzet voor dat de leners de kosten voor het instandhouden
van de instelling gingen dragen. Volgens cijfers van het
IMF leiden deze ontwikkelingen ertoe dat de betaling van
rente en schulafdracht met ruim de helft zullen afnemen,
van 3,19 miljard dollar in 2005 tot 1,39 miljard dollar
in 2006, en daarna verder tot 635 miljoen dollar in 2009.
Ngaire Woods, IMF-deskundige van de Oxford University, Fund,
beschreef het effect als een "enorme deuk in het budget
van de organisatie" [7].
Rollencrisis
Het IMF zoekt tevergeefs naar een nieuwe rol nu zijn rol
als tuchtmeester van onder schuldenlast lijdende landen
en afdwinger van structurele aanpassing geërodeerd
is.
Een poging van de G7 om het Fonds een centrale rol te geven
in een nieuwe "wereldwijde financiele architectuur"
liep met een sisser af. De G7 wilde het IMF het beheer geven
over een kredietsysteem voor crisismanagement (contingency
credit line) waartoe landen toegang hebben waar een financiële
crisis dreigt uit te breken mits ze voldoen aan de door
het IMF goedgekeurde macroeconomische voorwaarden. Het plan
werd echter afgevoerd omdat het beeld van een regering die
toegang zoekt tot de kredietlijn op zich al een financiële
paniek zou kunnen veroorzaken terwijl zo'n regering die
juist probeert te voorkomen.
Een andere voorstel - het opzetten van een door het IMF
geleide "Sovereign Debt Restructuring Mechanism"
- sneuvelde ook. Het ging om een internationale versie van
het Chapter 11 faillisementsmechanisme (van het NAFTA-akkoord
[8]) dat landen
bescherming zou moeten bieden tegen schuldeisers op basis
van een schuldenherstructureringsplan. Zuidelijke landen
wierpen tegen dat het plan te zwak was en de VS wezen het
af omdat ze bang waren dat het de handelingsvrijheid van
Amerikaanse banken teveel zou inperken.
Tijdens de lentebijeenkomst van het IMF van dit jaar werd
het Fonds opgedragen om de relaties tussen landen te controleren
(monitor) die betrokken zijn bij wereldwijde, macroeconomische
onevenwichtigheden - ofwel grootschalige handelsoverschotten
of -tekorten. Maar het mandaat was erg vaag en het weerspiegelt
heel duidelijk de wanhoop van de G8 die op zoek is naar
een geschikte rol voor een internationale economische bureaucratie
die overbodig en irrelevant is geworden.
Waarom we nu moeten handelen
Nu het IMF het meest kwestbaar is vanwege de drievoudige
crisis waarin het zich bevindt, is dit het meest geschikte
moment om een campagne te lanceren om zijn macht te ontnemen,
hem te laten "krimpen", zo niet te ontmantelen.
Er zijn drie factoren die in het voordeel kunnen werken
van deze campagne.
Ten eerste hebben de grootste ontwikkelingsklanten - zoals
boven al aangevoerd - meer dan genoeg van het Fonds en willen
ze de relatie stopzetten.
Verder is de Amerikaanse elite meer dan ooit verdeeld over
het Fonds. Een belangrijk aantal conservatieven willen het
IMF opdoeken. De laatste keer dat in het Amerikaanse Congress
werd gesproken over het aanvullen van de financiele middelen
van het IMF was in 1998, en slechts op het nippertje werd
een maatregel voor aanvulling goedgekeurd. Het valt te betwijfelen
of zo'n maatregel het nu wel zou halen.
Tenslotte was er sprake van grote politieke verschillen
tussen de VS en belangrijke Europese lidstaten over het
IMF. De Europese regeringen wilden het IMF bijvoorbeeld
gebruiken om Argentinië te dwingen in elk geval de
Europese houders van schuldpapieren af te betalen. Maar
de Bush-regering stond onwelwillend tegenover het idee om
IMF-geld aan te wenden om Europese speculanten schadeloos
te stellen [9].
Een andere uiting van onenigheid betrof het plan om het
IMF het "Sovereign Debt Restructuring Mechanism"
te laten managen: de Europeanen waren voor maar de VS torpedeerden
het plan.
Om kort te gaan, de drie pilaren waarop het Fonds ruim
60 jaar lang stond - het geloof in zijn onmisbaarheid voor
ontwikkelingslanden, een "internationalistische consensus"
onder de Amerikaanse elite, en de "transatlantische
consensus" tussen de Europese en Amerikaanse elites
- zijn in belangrijke mate geërodeerd. En dat heeft
reële mogelijkheden geschapen voor een wereldwijde
campagne van maatschappelijke organisaties om de macht te
ontnemen aan het Fonds danwel om de instelling te ontmantelen.
Een onmisbare leeninstantie van laatste toevlucht?
Terwijl een toenemend aantal individuen en groepen die
op het IMF-thema actief zijn, het eens zijn over het toenemend
disfunktioneren van het IMF, zijn er sommigen die aarzelen
om op te roepen om de instelling buiten werking te stellen.
Ze hebben het gevoel dat er nog steeds behoefte is aan een
instelling van laatste toevlucht waar ontwikkelingslanden
geld kunnen lenen [10].
Maar dit is niet langer een realiseerbare rol voor
het IMF
Voor vele Aziatische landen is het antwoord op een noodsituatie
een regionale instelling die de complexiteiten van de regio
beter kent dan het Fonds en die daarom in mindere mate zonder
onderscheid voorwaarden zou opleggen. Het Asian Monetary
Fund (AMF) dat tijdens de Azië-crisis werd geblokkeerd
door een veto van Washington en IMF zou die rol hebben kunnen
vervullen. De Oostaziatische landen lijken nu met hun "ASEAN
Plus Three"-afspraken de weg in te slaan van het opzetten
van zo'n regionale financiële organisatie.
In Latijnsamerika is er ook beweging richting een regionale
instelling die ondermeer moet dienen als kapitaalbron en
als leeninstantie van laatste toevlucht: het Bolivarian
Alternative for the Americas (ALBA), dat naar voren wordt
geschoven door Venezuela, Bolivia, en Cuba.
Maar een bezwaar is hier op zijn plaats. Oostazië
en Latijnsamerika hebben aanzienlijke kapitaalreserves die
als bron kunnen dienen voor een regionale leeninstantie
van laatste toevlucht. Hoe zit het echter met het kapitaalarme
Afrika? De bezorgdheid hierover zorgde voor terughoudendheid
bij menig Afrikaanse regering om zich af te keren van het
Fonds.
Allereerst is de belangrijkste behoefte in Subsahara Afrika,
zoals voor de meeste zuidelijke landen, echte en onvoorwaardelijke
schuldenkwijtschelding en niet dat valse HIPC ("Highly
Indebted Poor Country") initiatief dat doorspekt is
van voorwaarden á la IMF. Die schuldenkwijtschelding
moet ook de de schuld van Afrikaanse landen aan het IMF
omvatten. Tot nu toe heeft het Fonds dit hardnekkig geweigerd,
maar moest het onlangs verbeten akkoord gaan met het wegstrepen
van de IMF-schuld van 19 HIPC-landen. Ten aanzien van de
vraag wie kan dienen als leeninstantie van laatste toevlucht
voor Afrika is het belangrijk te onderkennen dat de verschrikkelijke
getuigenis van de slechte adviezen en beleidsvoorstellen
van het IMF in dit gebied de instelling niet kwalificeert
om in deze rol door te gaan [11].
Zoals een deskundige opmerkte wordt Afrika niet alleen tot
asiel voor beleidsmaatregelen die elders gefaald hebben,
maar ze worden ook toegepast door IMF-medewerkers die minder
ervaren zijn danwel van een lager caliber [12].
In plaats van te rekenen op het IMF kunnen Afrikaanse regeringen
misschien beter mikken op samenwerking met relatief kapitaalrijke
ontwikkelingslanden als China, Venezuela, India, en Zuidafrika
voor het opzetten van een regionale instelling die als leeninstantie
van laatste toevlucht kan dienen. Echter lerende van hun
ervaringen met het noorden en het IMF moeten ze aandringen
op een eerlijke regeling met die landen zonder speciale
voorwaarden, hetgeen niet gemakkelijk zal zijn omdat sommige
van die landen net zo uitbuitend zijn als noordelijke landen.
Maar de Afrikanen hebben geen andere keuze dan om het beheer
over de hulpbronnen op hun rijke continent in eigen hand
te krijgen door de kwijtschelding of afwijzing van schulden,
danwel door allianties aan te gaan met potentiële sympatiserende
(sympathetic) bondgenoten in Venezuela en anderen die hun
banden met het IMF eerder doorsneden. De Afrikanen moeten
vervolgens deze hulpbronnen aanwenden voor ontwikkeling
en niet toestaan dat ze versneld aan Afrika onttrokken worden
in de vorm van enorme schuldenafdrachten aan grote schuldeisers,
Wereldbank en IMF.
De gevolgen van het niet aangrijpen van de gelegenheid
Het IMF is op dit moment "down and out", maar
zijn vermogen om weer op te veren moet niet worden onderschat.
Het kan zijn dat er zich omstandigheden voordoen die de
VS en de Europese lidstaten ertoe brengen zich weer samen
sterk te maken voor een herleving van het Fonds. Het kan
ook zijn dat de VS het IMF in leven houdt om te dienen als
werktuig voor Washington's unilaterale politiek. Bijvoorbeeld
om China te dwingen om diens munt, de renminbi, in waarde
te laten dalen om zo het probleem van de Amerikaanse handelsbalans
op te lossen.
Met andere woorden: we hebben niet de luxe om toe te kijken
en te genieten van het aangezicht van het Fonds dat een
doodstrijd levert. We moeten het een handje helpen om het
lot te ondergaan dat het geheel en al verdient.
Campagne-eisen en -activiteiten
Om de strategische doelstelling te bereiken van het ontnemen
van de macht aan het IMF, zou de Campagne er bij zuidelijke
landen op aan moeten aandringen geen nieuwe leenafspraken
meer te maken met het Fonds.
De Campagne zou ook bij regeringen moeten aandringen om
eenzijdig de door het Fonds geclaimde schulden af te wijzen.
We zouden regeringen moeten vragen om zich terug te trekken
uit valse of niet doelmatige schuldverminderingsprogramma's
als het HIPC die door Wereldbank en IMF worden gecontroleerd.
Evenzo zou de Campagne regeringen moeten vragen om geen
gebruik meer te maken van de adviezen en beheersdiensten
van Fonds en Bank bij de Poverty Reduction Strategy Programs
(PRSP's) en om de gemaakte afspraken te herzien danwel door
ze eenzijdig op te zeggen. Hierbij zal doorslaggevend zijn
om op systematische wijze de negatieve gevolgen te laten
zien die de voorwaarden van Fonds en Bank hebben voor productie,
banen, lonen, inkomsten, gendergelijkheid, publieke gezondheid,
publieke diensten en het milieu. Met name de Poverty Reduction
and Growth Facility (PRGF) van het IMF lijkt kwetsbaar te
zijn op dit vlak en een gerichte campagne om die stil te
leggen lijkt kans van slagen te hebben. Daarmee kan dan
momentum worden opgebouwd ten behoeve van andere initiatieven.
We moeten in de VS, Europa, Japan en de zuidelijke landen
oproepen tot het instellen van hoorzittingen en evaluaties
met betrekking tot het IMF op basis van het parlementaire
toezicht, begrotingsbepalingen en -praktijken. Het doen
van oproepen tot terugtrekking van het lidmaatschap van
het IMF kan een middel zijn om de aandacht te trekken van
zowel overheid, pers als van maatschappelijke groepen. Het
houden van een forum over deze kwestie in een vooraanstaand
land, zoals Argentinië, kan leiden tot het opzetten
van soortgelijke fora in andere landen. Dit kan worden gekoppeld
aan het houden van openbare referenda over voortzetting
van het IMF-lidmaatschap. Het referendum over het Braziliaanse
lidmaatschap van de Free Trade Agreement of the Americas
in 2002 kan daartoe als voorbeeld dienen. En, daar waar
de mogelijkheid van een overwinning aanwezig is, kunnen
we bij de parlementen aandringen om te stemmen over het
al dan niet terugtrekken uit het IMF.
In 2007 zou een grootschalige conferentie over alternatieven
voor het IMF als leeninstantie van laatste toevlucht moeten
worden georganiseerd. De voorbereiding in de vorm van uitgebreid
onderzoekswerk zou dit jaar al moeten worden uitgevoerd.
Als gordijnopener voor deze conferentie organiseert de Campagne
een eendaagse seminar over alternatieven voor het IMF in
Singapore gelijktijdig met de herfstbijeenkomst van IMF
en Wereldbank in september dit jaar.
Een van de centrale handelingsuitgangspunten van de campagne
is om de verschillende deelnemende organisaties de mogelijkheid
te bieden om mee te doen op een wijze die hen past. Zo zullen
bepaalde regeringen en organisaties nog niet bereid zijn
om de oproep te ondertekenen om uit het IMF te stappen,
maar wel om uit een PRSP te stappen of om de oproep voor
het opdoeken van het PRGF te steunen.
De uitdaging die voor ons ligt
In zijn klassieke werk, "The Structure of Scientific
Revolutions," toonde Thomas Kuhn aan hoe denkmodellen
voortkomen uit kaders die aanzetten tot plotseling optredende
en zeer grote stappen vooruit in wetenschappelijke kennis.
Op overeenkomstige wijze wijzigde zich het beeld van het
IMF drastisch: van een vitale instelling die bijdroeg aan
groei en stabiliteit in de wereld tijdens de twee decennia
die volgden op de Tweede Wereldoorlog werd het een 800-pond
zware gorilla die al drie decennia lang de weg naar duurzame
ontwikkeling voor miljarden mensen in de wereld blokkeert.
Was deze overbodige instelling al in 1994 met zijn 50-ste
verjaardag opgeheven, dan:
- zouden 22 miljoen Indonesiërs en 1 miljoen Thais
niet onder de armoedegrens zijn beland door het beleid van
"capital account liberalization" dat hij oplegde
aan de Oostaziatische landen;
- zou Argentinië, the posterheld van IMF-stijl
neoliberalisme, de tragedie van werkeloosheid en armoede
van de helft van zijn bevolking bespaard zijn gebleven;
- zouden duizenden mensen in Malawi niet geleden hebben
aan ondervoeding en voedselgebrek doordat hij Malawi dwong
tot "commercialisering" van zijn instituut voor
bevoorrading en stabilisatie van de voedselvoorziening,
hetgeen leidde tot het failissement ervan;
- zouden 100 miljoen mensen in Rusland en Oost Europa
geen vrije val gemaakt dankzij de IMF shocktherapie programma's.
Globaal economisch beheer is belangrijk, maar het is een
systeem waarin het Fonds zoals op dit moment samengesteld
niet langer enige positieve rol te spelen heeft. De veronderstelde
stabiliserende funkties van het Fonds in een vluchtige wereld
van ongereguleerde wereldwijde financiële stromen zijn
voortdurend getorpedeerd door zijn machtigste lid, de VS.
Onderwijl werd het dienstdoen als leeninstantie van laatste
toevlucht op systematische wijze ondermijnd door de voorwaarden
die het Fonds oplegde aan zijn klanten en die leidden tot
grotere armoede, ongelijkheid en geïnstitutionaliseerde
economische stagnatie.
Het ontnemen van de macht aan het Fonds zal niet leiden
tot wereldwijde financiële en fiscale chaos zoals Wall
Street ons zal voorhouden. Integendeel, het ontnemen van
de macht aan het IMF is een onmisbare voorwaarde voor het
opzetten van een werkelijk rechtvaardig, rationeel en doelmatig
systeem van globaal financieel beheer. De IMF-voorwaarden
veroordelen ontwikkelingslanden tot crises en grotere armoede.
De "reddings"-programma's van het IMF doen niets
anders dan het redden van de grote krediteuren en het opzadelen
van mensen met stabilisatieprogramma's die leiden tot recessie.
Het IMF heeft in feite geen belang bij het beperken van
de macht van wereldwijd opererende speculanten. Zolang het
Fonds een machtspositie bekleedt, zal het elke werkelijke,
wereldwijde financiële hervorming blokkeren ten voordele
van Wall Street, zullen er meer financiële crises volgen
en meer onzekerheid voor mensen, en zal het financiële
kapitaal minder verantwoording hoeven af te leggen.
Net als oude kerncentrales is het IMF gevaarlijk en moet
het, zo vinden velen, met pensioen gaan. De beste oplossing
voor problemen die zulke stokoude instellingen opleveren,
is door ze te ontmantelen. Maar als dit nu nog niet mogelijk
blijkt met betrekking tot het Fonds, dan moeten zijn macht
om schade aan te richten en zijn reikwijdte drastisch worden
ingeperkt.
Noten:
[1]
http://www.focusweb.org/content/view/985/27/
Vertaling: Rob Bleijerveld. NAAR
TEKST
[2]
Zie ook "Critici plannen offensief terwijl
crisis van IMF en Wereldbank groeit," door Walden Bello
in WTO.ZIP nieuwsbrief nr 68, van 6 juni 2006 (http://www.stelling.nl/trouble/zip/060606-7468.htm#f).
NAAR
TEKST
[3]
Meer informatie over dit International Peoples Forum vs
the IMF and the World Bank op: http://www.ifiwatchnet.org/uploads/e66573a01f5e8e9cf2a1e942b0f4141a/
IPF_ANNOUNCEMENT_INVITATION.doc NAAR
TEKST
[4]
Commentaar tijdens lunch-seminar over IMF en Wereldbank,
op 21 april 2006 bij het Carnegie Endowment for International
Peace (Washington, DC.). NAAR
TEKST
[5]
"Human Development Report 2003," van het
United Nations Development Program (UNDP) (pp. 33-65), Oxford
University Press (NY, 2003). NAAR
TEKST
[6]
"President Says IMF Debt to be Repaid in Two
Years," Jakarta Post, 26 mei 2006. NAAR
TEKST
[7]
"The Globalizers in Search of a Future: Four
Reasons why the IMF and World Bank Must Change, and Four
Ways they can," door Ngaire Woods, CDG (Center for
Global Development) Brief, april 2006 (2). NAAR
TEKST
[8]
Handelsovereenkomst tussen Mexico, Canada en de
VS. NAAR
TEKST
[9]
Zie "Synthesis Report on the E Forum on International
Regulation," door Walden Bello, Focus on the Global
South and Pacific Action Research Center (Hong Kong, december
2005). NAAR
TEKST
[10]
"On Globalization," door George Soros,
in "Public Affairs" (New York, 2002). NAAR
TEKST
[11]
"The Globalizers: the IMF, the World Bank, and
their Borrowers," door Ngaire Woods (pp. 141-178),
Cornell University Press (Ithaca, 2006). NAAR
TEKST
[12]
Commentaar van Ngaire
Woods, tijdens lunch-seminar over IMF en Wereldbank, op
21 april 2006 bij het Carnegie Endowment for International
Peace (Washington, DC.). NAAR
TEKST
Toevoeging:
Het International Peoples Forum vs the IMF and the World
Bank vindt plaats van 15 tm 17 september 2006 in Batam (Indonesia)
en Singapore. Meer informatie:
http://www.ifiwatchnet.org/uploads/e66573a01f5e8e9cf2a1e942b0f4141a/
IPF_ANNOUNCEMENT_INVITATION.doc
De (voorlopige) lijst van ondertekenaars
is te vinden op: http://www.focusweb.org/component/option,com_facileforms/
act,run/ff_name,signlist/ff_border,1/
De lijst is inmiddels aangegroeid tot vele tientallen organisaties
en individuen, waaronder een aantal uit Nederland.
NAAR
INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
P) Alternatieven voor de ineengestorte
Doha Ronde
(ingekort door Rob Bleijerveld)
In zijn artikel "Alternatives to the collapsed
WTO Doha Round talks" van 23 augustus beschrjft Stephen
Lendman [1]
de aantasting van de economische macht van de VS in de Wereld
Handels Organisatie WTO en hoe de grootmacht weigert daaruit
consequenties te trekken. De VS dreigt net als andere grootmachten
in het verleden ten onder te gaan aan de eigen fouten.
Lendman ziet de opstelling van de VS als belangrijkste reden
voor de opschorting van de Doha Ronde na 5 jaar van onderhandelingen.
"Zoals vaker eiste de VS nu ook de grootste winst op,
bood zelf zeer weinig en verwachtte de ontwikkelingslidstaten
te kunnen dwingen om akkoord te gaan."
Maar opkomende economische machten Brazilië en India
en anderen weigerden hieraan toe te geven. Zelfs handelscommissaris
Mandelson merkte op, dat de VS een "buitenproportionele"
prijs van de ontwikkelingslanden vroeg en dat "surely
the richest and strongest nation in the world, with the
highest standards of living, can afford to give as well
as take." De VS beschouwt zichzelf als de de facto
heerser van de wereld en eist daarom het recht op om de
regels vast te stellen en verwacht dat alle anderen daaraan
gehoorzamen. Maar het tij keert en een groeiend aantal landen
heeft genoeg van wat Washington verstaat onder 'vrijhandel',
een handel die in feite niet 'eerlijk' is.
In het WTO-onderhandelingsproces beloofde de VS veel, bijvoorbeeld
op het voor ontwikkelingslanden belangrijke gebied van de
landbouw. Mooie woorden werden gespendeerd aan de 'geest
van de Doha Ontwikkelingsronde', maar toen het op daden
aankwam, weigerden de Amerikanen hun landbouwbeleid - de
Farm Bill - drastisch te wijzigen. Zelfs een WTO-vonnis
over katoen-subsidies (na een Braziliaanse klacht) leidde
niet tot relevante beleidswijzigingen. De onbetrouwbaarheid
en onoprechtheid van de VS bleken ook uit de verwikkelingen
rondom de kwestie van de 'tarief- en quotavrije markttoegang'
voor de Minst Ontwikkelde Landen (MOL's). De VS wilden hen
een regeling opdringen waarbij de rijke landen zelf mogen
kiezen welke producten zij 'gevoelig' achten en willen uitsluiten
('3%-pakket'). In feite betekent dit markttoegang voor de
MOL's voor producten die ze niet (op concurrerende wijze
kunnen) produceren maar geen toegang voor goederen die ze
wel concurrerend produceren.
Lendman wijst vervolgens op de bilaterale 'vrijhandelsverdragen'
die de VS met andere staten afsloot of waarover de VS nu
onderhandelt [2].
Het karakter daarvan (een-tegen-tegen onderhandelingen achter
gesloten deuren) en de uitkomst (afspraken die soms verder
gaan dan de WTO-bepalingen) geven aan dat de VS niet geleerd
heeft van de WTO-mislukkingen uit het verleden: Seattle,
Cancún en nu in Genéve. Met de nadruk op bilaterale
akkoorden proberen de Amerikanen stapje voor stapje de eenheid
in de ontwikkelingswereld te ondermijnen. Hoewel onzeker
is of de Amerikanen zo hun nederlaag om zullen kunnen zetten
in een gedeeltelijke overwinning, is wel duidelijk dat ze
ondanks dat Doha aan het infuus ligt, danwel al dood is,
niet af willen stappen van hun "free trade"-benadering.
Het Bolivariaanse Alternatief
Ondertussen wordt de Amerikaanse dominantie van de neoliberale
eenrichtingsweg en de 'race to the bottom' betwist. Met
name in Latijns-Amerika groeit de geest van weerstand die
geïnspireerd wordt door een nieuw experiment, het Alternativa
Bolivariana para las Americas (ALBA).
ALBA moet volgens Lendman een alternatief worden voor de
'vrijhandelsakkoorden' die gebaseerd zijn op de WTO-regels
en maatregelen van IMF en Wereldbank, welke zorgen voor
toenemende armoede en ellende. De VS en de Amerikaanse transnationale
ondernemingen willen met deze 'vrijhandelsakkoorden' een
supranationale "economische grondwet" vestigen
die via bindende handelsregels de rijke landen bevoordelen
en transnationals in staat stelt om de wereldmarkten te
overheersen.
Het doel van ALBA daarentegen is te komen tot vergaande
integratie van Latijns-Amerikaanse landen en tot de ontwikkeling
van 'de sociale staat'. Een staat die er voor zorgt dat
de gewone mensen kunnen beschikken over voor hun levensonderhoud
noodzakelijke producten en voorzieningen. De principes:
aanvulling (niet concurrentie), solidariteit (niet overheersing),
samenwerking (niet uitbuiting) en respect voor de souvereiniteit
van elke deelnemende natie.
Belangrijk onderdeel van het ALBA-project van de Venezolaanse
president Chavez (en het People's Trade Agreement dat Cuba,
Venezuela en Bolivia onderling afsloten) is de onderlinge
uitwisseling van goederen en diensten buiten het internationale
bank- en handelssysteem om. Zoals het ruilen van Venezolaanse
olie en bouwmatarialen voor Cubaanse ondersteuning op gebied
van gezondheidszorg en alfabetisering.
Het Mercosur Alternatief
Minder indrukwekkend en radikaal dan ALBA is de Zuidelijke
Gemeenschappelijke Markt van Latijns-Amerika, de Mercosur.
Deze douane-unie - bestaande uit Brazilië, Argentinië,
Uruguay, Paraguay en Venezuela en de 'geassocieerde' leden
Bolivia, Chili, Colombia, Ecuador en Peru (en tijdelijk
waarnemer Mexico) - was ooit bedoeld als aanvulling op het
handelsmodel van de WTO. De heersende klasse uit de Latijns-Amerikaanse
landen dacht met een regionaal handelsblok sterker te kunnen
staan in de onderhandelingen met de VS.
Hoewel Mercosur niet in staat bleek om de VS zover te krijgen
zijn onderhandelingspositie te verzachten, bewees het blok
wel dat ontwikkelingslanden die samen ergens pal voor staan,
in staat zijn de onderhandelingen met de VS tot stilstand
te brengen. Mercosur liet zien dat ze niet akkoord wenst
te gaan met de eenzijdige Amerikaanse deals die henzelf
schade toebrengen.
Met het Venezolaanse lidmaatschap op 21 juli jl. is Mercosur
's werelds derde grootste economische blok geworden [3].
Volgens de Venezolaanse president Chavez gaat Mercosur nu
een nieuwe fase in. De Latijns-Amerikaanse eenheid is versterkt
en het blok zal beter dan voorheen kunnen onderhandelen
met de VS, EU en Japan. De Braziliaanse president Lula da
Silva voegde daaraan toe dat niemand meer praat over het
door de Amerikanen gepushte Free Trade Agreement of the
Americas, het FTAA.
Sociale Top voor Souvereiniteit en Integratie
Of met name de Braziliaanse en Argentijnse regeringen ook
de wens van Chavez zullen onderschrijven dat Mercosur nu
"sociale kwesties voorrang zal geven" boven de
belangen van "de ondernemersmodellen van de oude elite"
is de vraag. De Mercosur-leiders konden tijdens hun recente
topontmoeting echter wel kennis nemen van de straatmarsen
en manifestaties van activisten van allerlei plumage. Voor
het eerst hielden de Latijns-Amerikaanse sociale bewegingen
hun Peoples' Summit for Sovereignty and Integration gelijktijdig
met een Mercosur-top [4].
Op hun agenda stonden zaken als anti-armoede maatregelen,
rechten en eisen van inheemse volkeren, rechten van vrouwen,
de bescherming van natuurlijke hulpbronnen, investeringen
in onderwijs, en handelsliberalisering.
De deelnemende organisaties sloten hun top af met een verklaring
getiteld "Zuid-Amerika gaat een nieuw tijdperk in,"
waarin ze aangeven te zullen strijden voor een alternatief
voor de falende neoliberale 'vrijhandels'plannen. Hun motto:
"Tegen vrijhandelsovereenkomsten - vóór
integratie van de volkeren. Tegen buitenlandse schulden
en bemoeienis door internationale financiële instellingen
- vóór economische onafhankelijkheid. Tegen
militarisering - vóór zelfbepaling. Tegen
honger en armoede - vóór betere verdeling
van rijkdom."
Rusland
Net zoals de macht van Mercosur meer politiek dan economisch
is, is dat ook het geval bij andere opkomende machten, zoals
Rusland, China en India.
Volgens Lendman zijn de verhoudingen tussen Rusland en
de VS al enige tijd gespannen, omdat Rusland weigert zijn
economie geheel te laten domineren door Amerikaanse bedrijven.
Zo gaat het in tegen de eisen van de VS met betrekking tot
het WTO-toetredingsproces, waarop Bush het proces stopzette.
Putin's reactie was om Chevron en Conoco-Phillips te beletten
gas- en olievelden in de Barends Zee te ontwikkelen. Tevens
werd een deal met Chavez gesloten: wapens en militaire uitrusting
in ruil voor deelname aan de bouw van een pijpleiding in
Venezuela [5].
Daarbij trad Rusland in 2001 toe tot de Shanghai Cooperation
Organization (SCO) - een belangrijke energie-alliantie met
China, Kazachstan, Kyrgystan, Tajikistan and Uzbekistan,
waaraan ook Iran binnenkort zal gaan deelnemen. Het SCO
lijkt bedoeld om te voorkomen dat de VS de olie- en gasrijke
Euraziatische-Kaspische regio zal overheersen. Nadat de
pro-Amerikaanse president Yushchenko van Ukraine gedwongen
werd af te treden, is de kans groot dat ook dat land zal
toetreden tot de SCO, waarmee de invloed van de VS op Rusland
nog meer afneemt.
Euro's voor dollars
Meer tegenslag voor de VS dreigt door de (uitgesproken
of veronderstelde) intenties van Rusland, China en Iran
om een deel van hun dollarreserves om te zetten in andere
valuta, waaronder de euro. Verder is Rusland van plan om
zijn munt uitwisselbaar te maken met andere belangrijke
valuta (net zoals China dat eerder deed). Iran is voornemens
om een oliebeurs te openen en om een deel van zijn olie
te verkopen in euro's. China opende op 18 augustus al een
oliebeurs, de Shanghai Petroleum Exchange, en kondigde aan
binnenkort ook oliederivaten en chemische producten te gaan
verhandelen. Lendman zegt te verwachten dat de yuan en later
mogelijk de euro de handelseenheid zal zijn.
Deze ontwikkelingen bij elkaar vormen een ernstige bedreiging
voor de Amerikaanse dominantie in de verschillende regio's
en ondermijnen de positie van de VS als economische wereldmacht.
De VS zal dit niet met lede ogen aanzien en waarschijnlijk
op vele fronten aktie ondernemen. Maar bovenstaande alianties
van ontwikkelingslanden tonen, aldus Lendman, aan dat de
negatieve gevolgen van de Amerikaanse dominantie door samenwerking
kan worden tegengegaan. Daarbij kunnen deze naties bogen
op de kracht van de aantallen en zijn ze wellicht in staat
andere landen aan te trekken waardoor de balans nog verder
kan doorslaan.
Verzet je (samen) en je zult succes hebben
De les die hieruit geleerd kan worden, is volgens Lendman
dat een voldoende aantal naties eerst moeten ervaren hoe
sterk ze zijn door vanuit gemeenschappelijk eigenbelang
samen te werken en door te proberen overeind te blijven.
De ontwikkelingslanden kunnen "schoolbully" VS
van zich afschudden zodra voldoende van hen weigeren nog
verder geduwd en geslagen te worden en bereid zijn terug
te vechten.
De geschiedenis is op hun hand daar het er op lijkt dat
de VS dezelfde fout maakt die andere dominante heersers
in het verleden maakten, namelijk te vér grijpen
en dan vallen. Yale-wetenschapper Immanuel Wallerstein [6]
schreef: (the US) "has been a fading global power since
the 1970s, and the US response to the (9/11) terrorist attacks
has accelerated this decline......the economic, political
and military factors that contributed to US hegemony are
the same factors that will inexorably produce the coming
US decline." En professor Chalmers Johnson [7]
voorspelt het uiteenvallen van het Amerikaanse 'empire'
indien de huidige trend doorzet. Hij schetste een verontrustend
scenario met een "staat van voortdurende oorlog",
het "verloren gaan van democratie" en het faillisement
van de VS die zijn "grootse militaire projecten"
niet meer kan bekostigen.
Zoals boven aangegeven zijn er al beloftevolle aanzetten
van samenwerking gedaan om op te komen voor de eigen rechten,
aanzetten die anderen kunnen inspireren mee te doen. Ook
de recente gebeurtenissen in Mexico, waar duizenden mensen
al geruime tijd de straten van Mexico City bezetten en miljoenen
demonstreerden om presidentskandidaat Obrador te steunen,
kunnen een nieuwe stimulans zijn om te strijden voor sociale
gelijkheid en rechtvaardigheid in Mexico, de Latijn-Amerikaanse
regio of daarbuiten.
Noten:
[1]
bron: "Alternatives To the Collapsed WTO Doha Round
Talks," Stephen Lendman, 23 augustus (http://www.zmag.org/content/showarticle.cfm?SectionID=13&ItemID=10813).
Stephen Lendman woont in Chicago (email: lendmanstephen
AT sbcglobal.net; weblog: sjlendman.blogspot.com).
Vertaald en ingekort door Rob Bleijerveld. De vertaling
werd eerder gepubliceerd op http://www.globalinfo.nl/content/view/981/30/
NAAR
TEKST
[2]
Het gaat om 23 landen. Minder bekend zijn echter de even
schadelijke verdragen onder andere naam. Zoals het US-India
Knowledge Initiative dat transnationale ondernemingen vije
toegang geeft tot de Indiase landbouwmarkt (Monsanto - GMO-producten;
Cargill en Archer Daniels Midland - te dure tarwe) en de
grootwinkelmarkt (Walmart). NAAR
TEKST
[3]
De politieke en economische macht van het blok kan nog groeien:
Chavez stelde voor om Bolivia en Cuba tot lid te maken.
Met Cuba is inmiddels een Economisch Complementatie Akkoord
afgesloten over tarieven en handel. Een eventueel presidentschap
voor Obrador maakt toetreding van Mexico waarschijnlijk.
NAAR
TEKST
[4]
20 en 21 juli in Cordoba, Argentinië. NAAR
TEKST
[5]
Eind augustus ging Chavez naar China om energie- en investeringsakkoorden
af te sluiten en politieke steun te verwerven. NAAR
TEKST
[6]
In diens boek "The Decline of American Power"
uit 2003. NAAR
TEKST
[7]
In diens boek Sorrows of Empire"" uit 2004. NAAR
TEKST
NAAR
INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
Q) Hervatting van de Doha-onderhandelingen
nog op losse schroeven
Ontwikkelingen en speculaties
(door Rob Bleijerveld)
Sinds de opschorting van de Doha Ronde-besprekingen op
24 juli is er veel gepraat en geschreven over het heropstarten
daarvan. De posities van de hoofdrolspelers zijn echter
tot nu toe vrijwel ongewijzigd; de impasse duurt voort.
Verklaringen van hoofdrolspelers duiden er op dat een eventuele
heropstart niet vóór de Amerikaanse Congress-verkiezingen
van 7 november zal plaats hebben.
Na de 24e juli haastte handelsminister Schwab van de VS
zich volgens verschillende persberichten om in het weekend
van 29 en 30 juli te kunnen overleggen met minister Amorim
van Brazilië. Ze zouden daarbij gesproken hebben over
"hoe de grote verschillen tussen de 'arme en rijke
landen' kunnen worden overbrugd." "Think of it
as creative brainstorming," aldus Schwab [1].
In de Observer werd gesuggereerd dat Schwab Amorim ook vroeg
om nog niet met sankties te komen in de kwestie van het
WTO-vonnis over de Braziliaanse katoenklacht [2].
WTO-sankties zouden de Amerikaanse 'protectionistische krachten'
namelijk vrij spel geven en er toe kunnen leiden dat er
de komende jaren geen Doha deal te verwachten is.... [3].
Kort na 24 juli kondigde Brazilië aan de WTO te zullen
vragen om de huidige veranderingen in het Amerikaanse katoensubsidesysteem
te onderzoeken omdat de uitgevoerde hervormingen onvoldoende
zouden zijn. Dit eerste verzoek werd gedaan op 1 september
en werd door de VS afgewezen. Brazilië kan voor de
volgende zitting van de WTO Geschillencommissie op 28 september
een tweede verzoek doen (dat de VS niet kan afwijzen). Na
90 dagen kan Brazilië dan beginnen met het opleggen
van tariefsankties tot maximaal 4 miljard dollar [4].
Meer waarschijnlijk is dat het land dit zal gebruiken als
troefkaart en zal zien met welk Doha-bod de VS zal komen
op de 'onderhandelingssessies' in Brazilië (9 en 10
september) en in Australië (20-22 september).
Zoektocht naar 'momentum'
Voorzitter Australië van de Cairns-groep (grote landbouwexporteurs
waaronder Brazilië [5])
nodigde eind juli de G6-leden uit om deel te nemen aan een
evaluatie- en onderhandelinsgsessie in Queensland (Australië).
Van 20 tm 22 september houden de Cairns-leden daar hun jaarvergadering
en handelsminister Vaile van Australië hoopt dat de
gelegenheid te baat wordt genomen om "momentum"
te verkrijgen in het Doha-proces.
De Amerikaanse ministers Schwab en Johanssen en WTO-voorzitter
Lamy zeiden meteen toe te zullen komen. Over eventuele Japanse
deelname is niets bekend gemaakt in de media. India zegt
alleen deel te nemen indien de VS bereid is tot een aanzienlijke
reductie van zijn landbouwsubsidies. Handelsminister Nath:
"Brazil wants to have a deal badly. The US wants it
on their terms with huge subsidies. But when agricultural
products are padded with subsidies, it is not a level-playing
field." [6].
De Europese Commissarissen Fischer Boel en Mandelson lieten
weten niet in te zullen gaan op de uitnodiging [7].
Ze vinden ook dat de VS eerst aanzienlijke concessies moet
doen, anders heeft praten in Cairns geen zin. Schwab beklaagde
zich erover dat Eurocommissaris Mandelson de telefoon zelfs
niet wilde opnemen toen ze hem wilde spreken over dit besluit.
Een andere bijeenkomst die door de Amerikanen wordt genoemd
als mogelijkheid om de "stagnatie te doorbreken"
is de APEC-top van medio november in Vietnam.
Eerst zullen er echter een drietal Doha-gerelateerde bijeenkomsten
worden gehouden in Río de Janeiro. Op 4 augustus
kondigde Brazilië aan dat daar op 9 en 10 september
een G20-top [8]
zal plaatsvinden waarvoor ook andere ontwikkelingslanden
zijn uitgenodigd. Ze zullen diskussiëren over mogelijkheden
om de ontwikkelde landen te bewegen de Doha Ronde succesvol
af te sluiten [9].
De EU, VS, Japan en Pascal Lamy zijn uitgenodigd om aansluitend
aan de G20-bijeenkomst met Brazilië en India te evalueren
hoe de Doha-onderhandelingen weer op te pakken zijn [10].
Vervolgens zullen Brazilië, Zuid-Afrika en India op
13 september met elkaar overleggen over hun gezamenlijke
WTO-belangen [11].
De rol van Azië
De ASEAN-top van 23 en 24 augustus in de Maleisische hoofdstad
Kuala Lumpur was aanleiding voor verschillende WTO-hoofdrolspelers
om zich (in de pers) uit te laten over hun verwachtingen
ten aanzien van de Doha Ronde. De ASEAN-groep en Japan waren
van mening dat de WTO-besprekingen wat hen betreft voor
half november weer moeten worden opgepakt. Alle WTO-lidstaten
moeten hun posities herzien zodat de onderhandelingsdoelen
succesvol zullen zijn [12].
In een gezamenlijke verklaring gaven de VS en de ASEAN aan
de ineenstorting van de Doha-onderhandelingen te betreuren.
Ze bepleiten een nauwe samenwerking om de onderhandelingen
"voor eind 2006 weer op de rails te zetten." Handelsminister
Schwab van de VS vertelde de pers echter dat een eventuele
heropstartdatum wat de VS betreft ergens tussen eind december
2006 en maart 2007 moet liggen. Mocht een heropstart dan
niet lukken, dan voorziet ze dat de Doha Ronde de eerste
paar jaar stil zal liggen... Daarbij heeft het volgens haar
"geen zin om Doha weer op te starten indien de uitkomst
niet substantieel is." [13]
"De VS is bereid 'meer flexibiliteit te tonen' wat
betreft binnenlandse landbouwsubsidies mits andere landen
dieper snijden in hun tarieven," aldus Schwab.
Breekijzer?
Amerika's handelsminister Schwab bezocht China op 28 en
29 augustus voor besprekingen over ondermeer de Doha Ronde.
In de internationale pers wordt aangenomen dat de VS China
- de op twee na grootste handelsnatie ter wereld - wil gebruiken
als breekijzer om dwarsliggers Brazilië en India uit
elkaar te drijven.
Zoals bijna te doen gebruikelijk werd China voorafgaand
aan het bezoek via de pers getracteerd op allerlei Amerikaanse
beschuldigingen en verkapte dreigementen [14].
Evenwel toonde ze zich tijdens het bezoek zeer vleiend over
de voortgang die China heeft gemaakt sinds zijn toetreding
tot de WTO. Schwab gaf aan dat "niet alleen de Chinese
bevolking maar ook de VS" van de snelgroeiende Chinese
economie profiteert. Een dag eerder had ze er bij de Chinese
handelsminister Bo Xilai op aangedrongen dat China een grotere
rol speelt bij het weer tot leven brengen van de WTO-onderhandelingen.
Uit het Chinese antwoord lijkt op te maken dat China niet
zo bevattelijk is voor de dreigementen van de VS [15].
China wil zich samen met andere lidstaten constructief opstellen
en zich actief inzetten voor hervatting van de Doha-onderhandelingen.
Bo Xilai benadrukte evenwel dat de Doha Ronde een ontwikkelingsronde
is en dat de ontwikkelde landen daar meer aandacht voor
moeten hebben. "The Doha round is a development round
and the emphasis in the talks should be placed on development
issues in order to break the stalemate and promote a fair,
stable and open multilateral trading system," aldus
de minister.
Amerikaanse agenda allesbepalend
Uit diverse verklaringen van 'hoofdrolspelers' viel al
op te maken dat de Doha-onderhandelingen over de Amerikaanse
Congress-verkiezingen van 7 november 2006 zullen worden
heengetild.
Zo gaf Japan op 24 augustus impliciet te kennen er niet
op te rekenen dat de Doha-onderhandelingen voor half november
zullen worden voortgezet. Volgens de Amerikaanse minister
Schwab zouden eventuele vervolgbesprekingen zelfs pas tussen
eind december 2006 en maart 2007 kunnen plaatshebben.
Eurocommissaris Mandelson - die eerder de Cairns-uitnodiging
afsloeg en zijn woordvoerder liet meedelen het in 'Río
de Janeiro' niet zou komen tot voortzetting van de onderhandelingen
[16] - deed
op 1 september ook een duit in het zakje. Hij zei een window
of opportunity voor Doha te zien tussen de Congress-verkiezingen
van november en de in het voorjaar geplande herziening van
het Amerikaanse landbouwbeleid, de zogenaamde Farm Bill.
"I hope then that the obvious political constraints
that were operating can be put behind us and then we can
start negotiating meaningfully again," aldus Mandelson.
Hij sprak indirekt de Amerikaanse politici aan toen hij
stelde dat er sprake zal zijn van een "echte crisis"
indien het Congress niet het handelsmandaat van de Amerikaanse
regering, de Trade Promotion Authority, vernieuwt dat op
1 juli 2007 afloopt [17][18].
Het Amerikaanse Farmweek voerde - wellicht voor 'binnenlands
gebruik' in de VS - een Europese landbouwattaché
op, de Fransman Christian Berger, die een nog ruimere marge
hanteerde [19].
Gezien de spanningen tussen de VS en de belangrijke landbouwnatie
in de EU, Frankrijk, zou het volgens Berger beter zijn om
de onderhandelingen pas voort te zetten na de presidentsverkiezingen
in zowel Frankrijk (2007) als de VS (2008). Naar zijn inschatting
zullen in 2009 zowel Bush als Bush-opponent Chirac het veld
hebben geruimd, zullen de Europese boeren gewend zijn geraakt
aan verdere landbouwhervormingen en zal het landbouwbeleid
in de VS zijn aangepast. Een cruciale voorwaarde is wel
dat het Congress het handelsmandaat van de Amerikaanse regering
vernieuwt, want de EU zou er geen vertrouwen in hebben afspraken
te maken met een delegatie zonder onderhandelingsbevoegdheid.
Farm Bill
De weigering van de VS om zijn landbouwbeleid te herzien
in het kader van de WTO-onderhandelingen was een van de
belangrijkste oorzaken voor het opschorten van de besprekingen
voor onbepaalde tijd. De retoriek van de Amerikaanse handelsdelegatie
over zijn geweldige landbouwaanbod kan niet verhullen dat
de VS - evenals de EU - een groot politiek binnenlands probleem
heeft. De belangenorganisaties - zoals de 'bende van 11'
[20] - die
ingaan tegen aanpassing van het landbouwaanbod zijn (nog)
te krachtig.
Elke vijf jaar moet het Amerikaanse landbouwbeleid, de zogenaamde
Farm Bill, herzien worden en de eerstvolgende geprogrammeerde
wijziging gaat in op 1 september 2007.
De afgelopen maanden werden er door zowel de Amerikaanse
regering als door het parlement hoorzittingen georganiseerd
om van belanghebbenden te horen welke veranderingen ze voorstaan.
Sommige organisaties van boeren en van grondstoffenverwerkers
willen de Farm Bill wijzigen, anderen willen juist vasthouden
aan voor hen gunstige regelingen en stellen voor de looptijd
van Farm Bill met een jaar te verlengen. De gedane wijzigingvoorstellen
gaan over afschaffing van braakligregelingen, wijziging
in het stelsel van garantieprijzen, wijziging van inkomenssubsidiesvormen,
instelling van al dan niet permanente voorzieningen bij
rampen, verruiming van verzekering en credietopname voor
producenten van biobrandstoffen [21].
Op 31 augustus verklaarde landbouwminister Johanns van
de VS dat het hoe dan ook noodzakelijk is om de Farm Bill
te wijzigen [22].
Zelfs indien er geen zicht is op een nieuw WTO-akkoord,
dan nog zijn het de "gewijzigde economische omstandigheden"
[23] in de
VS en in de wereld die aanpassing van de Farm Bill vereisen.
Nu worden teveel overheidsgeld uitgegeven aan een te klein
aantal grote producenten die zorgen voor relatief weinig
opbrengsten. Dat leidt onbedoeld tot opdrijving van de grondprijs
en maakt lenen duurder; jonge mensen worden zo ontmoedigd
om actief te worden in de landbouwsector.
De regering van de VS zal niet voor januari 2007 met een
eigen wetsvoorstel komen. Hoewel de regering de verschillende
onderdelen van de Farm Bill desnoods met "aggressief
zal verdedigen" in de WTO, moet het landbouwbeleid
niet uitgaan van het tegengaan van WTO-geschillen die beetje
voor beetje zullen leiden tot de ontmanteling van die onderdelen.
Wetgever en regering moeten volgens Johanns anticiperen
op de toekomst en een werkelijk vangnetsysteem voor boeren
kan niet alleen op subsidies gebaseerd zijn.
Trade Promotion Authority
Op 30 juni 2007 loopt het huidige handelsmandaat (TPA)
van de Bush-regering af. Met deze TPA kan Bush zonder al
te veel problemen handelsakkoorden door het parlement loodsen.
Het Congress mag de wetsvoorstellen niet wijzigen maar kan
ze alleen wegstemmen danwel goedkeuren.
Op vrijdag 18 augustus liet de handelsminister Schwab weten
dat het nog te vroeg was om verlenging of verandering van
het handelsmandaat te overwegen. Een van de redenen was
dat ze niet de druk op de (Doha-)ketel wilde laten verslappen.
Ze voegde daar de waarschuwing aan toe dat de VS aan zijn
eis tot drastische tariefsverlagingen zal blijven vasthouden
[24].
Sommige Amerikaanse waarnemers zagen in de reis die Schwab
eind augustus naar China en Maleisië ondernam een eerste
signaal dat de VS zal proberen de Doha-besprekingen weer
op gang te brengen. Toch zou Bush eerst een duidelijk politiek
signaal moeten afgeven over de verlenging van het TPA voordat
de G6-partners met nieuwe voorstellen zullen komen. En dat
is niet voor de Congress-verkiezingen van november te verwachten
[25].
In de aanloop naar de Congress-verkieizingen van 7 november
zal een grote strijd losbranden over de verlenging van de
TPA. De regering moet aan de ene kant proberen te voorkomen
dat de Demokraten de meerderheid in het parlement bemachtigen
(omdat die voorwaarden zullen stellen die onacceptabel zijn
voor Bush) [26].
Aan de andere kant is er ook onder de Republikeinse aanhang
(agro-business, boeren) veel weerstand tegen het radikaal
snijden in landbouwsubsidies zoals geëist door de WTO-partners.
Noten:
[1]
"US and Brazil to work on relaunch of WTO talks,"
AP van 30 juli 2006 (http://www.gulfnews.com/business/Trade/10055921.html).
NAAR
TEKST
[2]
Zie: "Dispute Settlement: Dispute DS267; United States
Subsidies on Upland Cotton" (http://www.wto.org/english/tratop_e/dispu_e/cases_e/ds267_e.htm).
NAAR
TEKST
[3]
Daarbij zijn er in oktober verkiezingen in Brazilië
en Lula zou kunnen 'scoren' met sankties tegen de VS. "For
George Bush, a fair deal means what American farmers demand,"
door Heather Stewart, Observer, 30 juli 2006 (http://observer.guardian.co.uk/business/story/0,,1833088,00.html).
NAAR
TEKST
[4]
"US Blocks Brazil Cotton Probe Request," door
Bradley S. Klapper (AP), 1 september 2006 (http://www.chron.com/disp/story.mpl/ap/fn/4157259.html).
NAAR
TEKST
[5]
De Cairns-groep: Argentinë, Australië, Bolivia,
Brazilië, Canada, Chili, Colombia, Costa Rica, Guatemala,
Indonesië, Maleisië, Nieuw Zeeland, Pakistan,
Paraguay, de Filippijnen, Zuid-Afrika, Thailand en Uruguay.
NAAR
TEKST
[6]
"India cold-shoulders Cairns Group initiative,"
door KG Narendranath & Arun S, 8 augustus 2006 (http://www.financialexpress.com/fe_full_story.php?content_id=136588).
NAAR
TEKST
[7]
"Australia slams EU for trade talks fiasco," door
Honor Mahony, 4 augustus 2006 (http://friendsofeurope.org/news_detail.asp?ID=939&page=det).
De Australian van 4 augustus suggereert dat de Europese
Commissie wel een waarnemer naar de Cairns-top stuurt ("US
ready to talk on trade reforms," door Geoff Elliott
en Verity Edwards (http://www.ourworldisnotforsale.org/showarticle.asp?search=1732)).
NAAR
TEKST
[8]
G20: Argentina, Bolivia, Brazil, Chile, China, Cuba, Egypt,
the Philippines, Guatemala, India, Indonesia, Mexico, Nigeria,
Pakistan, Paraguay, South Africa, Thailand, Tanzania, Uruguay,
Venezuela and Zimbabwe. NAAR
TEKST
[9]
"Brazil's Rio de Janeiro to host G20 meeting in September,"
Xinhua, 5 augustius 2006 (http://english.people.com.cn/200608/05/eng20060805_290199.html).
NAAR
TEKST
[10]
Australië is niet uitgenodigd. NAAR
TEKST
[11]
Het is de eerste top van de in 2003 opgerichte India-Brazil-South
Africa Dialogue Forum. Uit: "Brazil to talk trade with
India, S Africa," AFP, 27 augustus 2006 (http://www.theaustralian.news.com.au/story/0,20867,20266701-1702,00.html).
NAAR
TEKST
[12]
"Japan, Malaysia want early resumption of WTO trade
talks," van 24 augustus 2006 (http://mdn.mainichi-msn.co.jp/business/news/20060824p2g00m0bu00
2000c.html). De ASEAN-groep: Maleisië, Singapore,
Thailand, Indonesië, de Filippijnen, Vietnam, Cambodia,
Laos, Brunei en Myanmar. NAAR
TEKST
[13]
"World trade talks could be frozen for years,"
28 augustus 2006 (http://www.namibian.com.na/2006/August/marketplace/06426D9066.html).
NAAR
TEKST
[14]
Die lijken vooral op de binnenlandse politiek: China profiteert
(ten onrechte...) van zijn status als ontwikkelingsland
en zou moeten helpen om de armoede in de (echte) ontwikkelingslanden
op te lossen; het land moet zijn WTO-toetredingsverplichtingen
nakomen; het mislukken van de Doha Ronde zou een geweldige
aanslag betekenen op China's economie en zou kunnen leiden
tot allerlei handelsdisputen. In: "US tries to woo
China against India, Brazil on WTO talks," van 29 augustus
2006 (http://www.zeenews.com/znnew/articles.asp?aid=318899&ssid=51&sid=BUS).
NAAR TEKST
[15]
In "Schwab's visit underscores China's mediating role
in stalled trade talks," van 30 augustus 2006 (http://english.people.com.cn/200608/30/eng20060830_298052.html)
wordt echter gesuggereerd dat China wellicht toch de rol
van breekijzer op zich zal nemen. China kan namelijk zowel
profiteren van tariefs- en subsidiereducties door de VS
en de EU, als van opening van de dienstensectoren in India
en Brazilië. Daarbij zou de basis voor de samenwerking
tussen de VS en China inmiddels versterkt zijn door recente
oplossingen voor diverse bilaterale problemen. "Trade
heavyweight China lacks WTO punch," door Chris Buckley,
van 17 augustus 2006 (http://www.financialexpress.com/fe_full_stor.php?content_id=137642)
gaat over speculaties van een aantal deskundigen over de
'low-profile' rol van China in de WTO.
(Andere dreigementen voor binnenlands gebruik betreffen
de voorkeursregeling voor 13 "upper middle income economies"
(waaronder India, Brazilië en Zuid-Afrika) binnen het
Generalized System of Preferences (GSP) programma dat eind
2006 verlengd of aangepast moet worden. In: "Trade:
The dangers of payback. Experts warn that revoking trade
benefits to India and others could hurt U.S. businesses
and consumers," door Parija B. Kavilanz, van CNNMoney,
18 augustus 2006 (http://money.cnn.com/2006/08/18/news/international/ustrade_payback/)).
NAAR
TEKST
[16]
"Commission says WTO talks unlikely to be resumed in
near future," Euractiv, van 31 augustus 2006 (http://www.euractiv.com/en/trade/commission-wto-talks-resumed-near-future/article-157375).
Gevraagd naar wat de EU van de Río-bijeenkomst verwacht,
zei Mandelson: "renewal of commitment, reassertion
of the value and economic benefits for the global economy
as a whole and in particular for developing countries."
(zie noot Q). NAAR
TEKST
[17]
"EU trade chief sees window for WTO rescue," Reuters,
van 1 september 2006 (http://www.financialexpress.com/latest_full_story.php?content_id=139110).
NAAR
TEKST
[18]
Voormalig Indiaas GATT-ambassadeur, Bhagirath Lal Das, denkt
echter dat de onderhandelingen in september weer zullen
beginnen. In november kunnen de volledige modaliteiten voor
landbouw en NAMA klaar zijn en de Doha Ronde kan voor de
afloop van het handelsmandaat van Bush afgerond zijn! Hij
is van mening dat de VS toch hun subsidieniveau kunnen verlagen
en dat Duitsland nu een belangrijkere stem in de EU heeft
dan landbouwnatie Frankrijk zodat de G20-top tot verdere
compromissen bereid zal zijn. In: "US may cut farm
subsidies, says Das," door Ashok B. Sharma, van 30
augustus 2006 (http://www.felsberg.com.br/ingles/felsberg_news_contents.asp?i=22979
&desc=if). NAAR
TEKST
[19]
"French attache sees TPA as crucial to WTO," 30
augustus 2006 (http://farmweek.ilfb.org/viewdocument.asp?did=9474).
Dit bericht is niet bevestigd, maar de analyse sluit wel
aan bij de te verwachten politieke problemen ten aanzien
van de Farm Bill. De Congressleden voelen zich niet gesteund
om vergaande wijzigingsvoorstellen te verdedigen nu er geen
(regelgevend) WTO-akkoord tot stand is gekomen en omdat
hun positie kwetsbaar is met de Amerikaanse verkiezingen
van 2007 en 2008 in het vooruitzicht. NAAR
TEKST
[20]
Een groep van 11 belangrijke landbouworganisaties die verantwoordelijk
zou zijn voor het feit dat Bush eind juli geen WTO-toezeggingen
kon doen. "Farm groups on a roll.... More to follow?,"
door Forrest Laws, 15 augustus 2006 (http://southwestfarmpress.com/news/08-15-06-column-farm-groups/).
Maar binnen deze alliantie van 11 (en zelfs binnen de afzonderlijke
lidorganisaties) rommelt het. NAAR
TEKST
[21]
Biofuels zijn een politiek instrument, maar leiden niet
tot CO2-reductie of voedselzekerheid. Volgens sommige deskundigen
kost de productie zelfs meer energie dan het oplevert. Zie:
"Frankenstein fuels," door Mark Lynas, in de New
Statesman, van 7 augustus 2006 (http://www.newstatesman.com/200608070031).
Meer info op: http://www.biofuelwatch.org.uk]
Stiglitz beschrijft hoe de zogenaamde "escalating tariffs"
de te dure Amerikaanse ethanol-productie (maïs) afschermen
voor de veel goedkopere Braziliaanse ethanol (suiker). In:
"Reasons behind the demise of the Doha development
round," door Joseph Stiglitz (pagina 9), van 15 augustus
2006 (http://www.taipeitimes.com/News/editorials/archives/2006/08/15/2003323304).
NAAR
TEKST
[22]
"U.S. Must Reform Farm Policy, U.S. Agriculture Secretary
Says- Large farm subsidies cannot be justified, Johanns
says," door Andrzej Zwaniecki, van 31 augustus 2006
(http://usinfo.state.gov/xarchives/display.html?p=washfile-english
&y=2006&m=August&x=20060831172749SAikceinawz0.923443).
NAAR
TEKST
[23]
De huidige regeling is niet meer te betalen zijn door de
terugkopende economisch groei in de VS. Bij het opstellen
van de huidige Farm Bill in 2002 was er nog sprake van een
begrotingsoverschot; nu is er een begrotingstekort. NAAR
TEKST
[24]
"Too early to consider renewing US trade law-Schwab,"
19 augustus 2006 (http://tralac.org/scripts/content.php?id=5188).
NAAR
TEKST
[25]
"WTO talks can get back on track!, Reuters, 19 august
2006 (http://www.financialexpress.com/latest_full_story.php?content_id=137764).
Na overleg met zijn economische topadviseurs op 18 augustus
liet Bush na om het Congress aan te sporen snel het TPA
te wijzigen. Volgens Daniel Griswold van Cato Institute's
Center for Trade Policy Studies kan het Witte Huis nog geen
schets van een mogelijke Doha-deal presenteren om de handelsdeskundigen
in het parlement te kunnen overtuigen van de noodzaak van
verlenging. NAAR
TEKST
[26]
Volgens Harvard-hoogleraar en voormalig hoofdeconoom bij
het IMF, Kenneth Rogoff, heeft Bush ook weinig politieke
speelruimte omdat de Demokraten de toenemende inkomensongelijkheid
centraal zullen stellen in de verkiezingsstrijd. Bush mag
dus niet de middenklasse (die er economisch op achteruit
is gegaan) van zich vervreemden. Daarbij zijn er lagere
groeiverwachtingen voor de economie van de VS. (In: "VS
niet schuldig aan falen WTO; Verenigde Staten liberaalste
handelsland ter wereld," in Het Financieele Dagblad,
15 augustus 2006 (vertaling: Menno Grootveld)). NAAR
TEKST
NAAR
INHOUD
------------------------------------------------------------------------------------------------
Nieuwsbrief
over ontwikkelingen rondom Wereld Handels Organisatie
WTO en de Europese Unie. Het is een initiatief van
de Werkgroep Globalisering Delft-Den Haag. Aan dit
bulletin hebben meegewerkt: Guus Geurts, Kees Hudig
en Rob Bleijerveld.
Voor een
gratis email-abonnement en voor het sturen van mededelingen,
copy of reacties: onyva AT xs4all.nl
------------------------------------------------------------------------------------------------------