WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
A) Vrijdag 14 juni Amsterdam:
fietsdemonstratie tegen G8-top
Voor het eerst in haar bestaan vindt de G8-top
in Rusland plaats en wel van 15-17 juli in St.
Petersburg.
De dag voor begin van de top, 14 juli dus,
is uitgeroepen tot internationale actiedag. Doel
van die dag is om aandacht te vestigen op de G8-top
en diens agenda, maar vooral ook om solidariteit
te betuigen met demonstranten in Rusland, die
onder moeilijke omstandigheden actie moeten voeren.
Het politie-optreden daar is erg hard en ook zijn
er groepen gewelddadige fascisten die (vaak in
samenwerking met de politie) linkse activisten
aanvallen.
Wij willen op die dag een demonstratieve tocht
organiseren in Amsterdam. Deze begint om 14.00
uur op het Leidseplein en wordt per fiets afgelegd.
Onderweg zal op verschillende plekken gestopt
worden, die een symbolische of directe relatie
met de G8-top hebben.
Komt dus allen, met fiets of ander rollend vervoersmiddel.
En neem dingen mee die de tocht en thematiek zichtbaar/hoorbaar
maken (vlaggen, versierselen, fluitjes, etc.).
De tocht eindigt met een heuse beachparty (neem
wat eten/drinken mee). Om die geslaagd te maken,
wordt het deelnemers ook aanbevolen om wat strandspullen
mee te nemen. Denk aan strandstoelen, parasols,
handdoeken, emmers en scheppen, opblaasdrijfdingen
etcetera.
Meer informatie:
- http://g8-2006.plentyfact.net/Main_Pagewebsite
(Engels)
- http://gipfelsoli.org/St.%20Petersburg.html
(Duits)
- http://www.globalinfo.nl
(Nederlands).
Toevoeging:
Behalve direkte aktie is er ook een tegenconferentie
van zo'n 600 NGO's (Moskou). Toen Putin deze tegentop
op 4 juli bezocht, werd hij met actie geconfronteerd.
Zie: "G8: Actie tegen kernnenergie bij tegentop
Moskou," door WISE 6 juli 2006 (http://globalinfo.nl/article/articleprint/945/-1/2/).
Een verslag van de staat van repressie in
St. Petersburg, vlak voor de G8-top, zie: "Report
on St. Petersburg repression," door Reclaim
The Commons (http://www.infoshop.org/inews/article.php?story=20060709171925394).
NAAR
INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
B) WTO kraakt in haar voegen
(door Kees Hudig/XminY [1])
Ook de illegale mini-ministerial van afgelopen
weekend is volledig mislukt en werd al op de eerste
dag weer ontbonden. De WTO lijkt dermate vastgelopen
dat sommige deskundigen al zinspelen op haar naderend
einde. Dat zou natuurlijk mooi zijn.
"Top moet 'nucleaire optie' voorkomen,"
schreef NRC-Handelsblad op donderdag 29 juni voorafgaand
aan de mini-top in Genève. En de 'nucleaire
optie' is de meltdown die zou volgen op een mislukking,
die er nu dus is, of lijkt aan te komen. Als laatste
redmiddel heeft de directeur-generaal, de sociaaldemocraat
en voormalig EU-commissaris van handel Pascal
Lamy, nu de taak om aan een voorstel te werken.
Daarover moeten alle WTO-landen zich dan beraden,
om voor eind van de maand akkoord te gaan. Als
dat ook niet gebeurt, zou de WTO wel eens rijp
voor de vuilnisbelt kunnen zijn.
Centraal staat de Doha-ronde, waarover eind 2001
- kort na de terreuraanslagen in New York en Washington
- een akkoord gesloten werd en die zou moeten
leiden tot zowel meer vrijhandel als ontwikkeling
van arme landen. Een combinatie die volgens veel
deskundigen onmogelijk is. Het doorrekenen van
de afspraken, toonde dat ook aan; de rijke landen
zouden er voornamelijk op vooruit gaan, niet de
arme. De VS en de EU goochelen met statistieken
en landbouwsubsidies om te voorkomen dat ze echt
in moeten leveren.
Eind april verstreek een belangrijke deadline
in de afgesproken agenda, die toch al ernstig
achterliep op de oorspronkelijke planning. Lamy
verklaarde toen dat er eind juni een akkoord zou
moeten zijn. Ook dat lukte niet, waarna de spoedministerial
van afgelopen weekend redding had moeten brengen.
Maar dat dus niet deed.
Los van de achterlopende agenda van de Doha-ronde,
die niet echt het geloof in het proces versterkt,
is ook de aflopende 'fast-track'-termijn in de
VS van belang. Het Amerikaanse Congres heeft de
regering de afgelopen jaren 'va banque' gegeven
om te onderhandelen, en eist alleen nog een uiteindelijke
ratificatie. Maar volgend jaar mag het congres
zich weer tegen details aan gaan bemoeien, hetgeen
voor nog meer vertraging zou kunnen zorgen.
"Lot WTO aan zijden draad" kopt Trouw
[2]
dan ook op maandag 3 juli. En citeert Lamy die
verklaart dat er wel sprake is van crisis, maar
"nog net niet van paniek". Ook het Financieel
Dagblad [3]
doet tamelijk luchtig over de situatie: Lamy gaat
proberen de komende weken "de belangrijkste
partijen nader tot elkaar te brengen".
De Volkskrant kopt op maandag 3 juli: "Overleg
over Vrijere Wereldhandel Muurvast". In het
Belgische Nieuwsblad [4]
wordt de kans geopperd dat Lamy af zal reizen
naar de G8-top in St. Petersburg (15-17 juli)
om te proberen daar wat te bereiken. De Belgische
NGO 11.11.11 biedt een goede analyse [5]
van de crisis.
Noten:
[1]
http://globalinfo.nl/article/articleprint/943/-1/2/
NAAR TEKST
[2]
http://www.trouw.nl/hetnieuws/economie/article376820.ece/
Lot_WTO_aan_zijden_draad
NAAR TEKST
[3] http://www.fd.nl/ShowRedactieNieuws.asp?Context=N%7C1&
amp;DocumentId=28991 NAAR
TEKST
[4]
http://www.nieuwsblad.be/Article/Detail.aspx?ArticleID=B330016060701
NAAR TEKST
[5]
Zie elders in deze ZIP: "Waarom het in de
WTO niet lukt." NAAR
TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
C) Waarom het in de WTO niet
lukt
(door Marc Maes [1])
De juni-top van de WTO is afgelopen. Opnieuw
zonder akkoord. Het is nu uitkijken naar de Algemene
Raad van de WTO in de laatste week van juli.
Zestig ministers waren naar Genève gekomen
in een poging om de Doharonde te depanneren. Sinds
zijn lancering in 2001 is die in feite nooit uit
zijn startblokken geraakt. Na een halve dag vergaderen
op vrijdag zeiden verscheidene ministers al dat
ze misschien beter terug naar huis zouden gaan
om nog eens goed na te denken en zich klaar te
maken voor de Algemene Raad van einde juli.
Vrijdagavond begon een exclusieve informele vergadering
van een dertigtal ministers. De verwachting was
dat ze de hele nacht zou duren, maar ze was na
korte tijd al afgelopen.
Zaterdagmorgen kwamen de ministers opnieuw samen
maar een akkoord werd niet gevonden. De discussie
spitste zich vervolgens toe op hoe het nu verder
moet. Uiteindelijk werd besloten om Directeur-generaal
Pascal Lamy de opdracht te geven om dat uit te
zoeken. Dat voorstel werd voorgelegd aan de voltallige
vergadering van de WTO-leden (Trade Negotiating
Committee) en aangenomen. Ondertussen hielden
al de ontwikkelingslanden persconferenties om
hun frustraties te uiten: de Doharonde is op zijn
kop gezet, zeiden ze, de ontwikkelingsdimensie
is ver zoek.
De rest van de vergaderingen die normaal dag
en nacht moesten voortgaan tot maandagochtend
werden afgeblazen. Het is de bedoeling dat Pascal
Lamy in de volgende week probeert om compromissen
te vinden en dat de ministers einde juli terug
naar Genève komen.
Waarom slaagt men er in de WTO na vijf jaar nog
niet in om een akkoord te bereiken?
De bluf van de VS
WTO-onderhandelingen kan men het best vergelijken
met een pokerspel: niet in de kaarten laten kijken,
bluffen, de andere aan het twijfelen brengen,
liegen, enz. De VS heeft vijf jaar land zitten
bluffen, maar iedereen weet ondertussen dat ze
niets te bieden heeft. De VS vraagt zeer vergaande
tariefverminderingen in de landbouw en de handel
in industriële producten, maar heeft niets
om daartegenover te stellen. De regering Bush
heeft geen mandaat om de Amerikaanse binnenlandse
landbouwsubsidies te verminderen onder het huidige
niveau. Ze bluft dus en vraagt een onmogelijke
vermindering van landbouwtarieven met 66% en een
vermindering van de industriële tarieven
(NAMA) in de ontwikkelingslanden van om en bij
de 50-70%.
De gulzigheid van de EU
De Europese Unie is niet minder eisend: ze zit
op de zelfde lijn als de VS op vlak van NAMA en
wil bovendien nog vergaande liberaliseringen in
de dienstensector (GATS). Maar de EU is op zijn
minst bereid om zelf serieuze toegevingen te doen:
ondanks het protest van Frankrijk, zou ze bereid
zijn haar landbouwtarieven te verlagen met 51%
(tegenover 38% in haar laatste bod van oktober
2005).
Het probleem voor de EU is dat ze deze landbouwtoegevingen
wil ruilen voor vergaande toegevingen in NAMA
én GATS. Maar in Hong Kong was beslist
dat de WTO-leden pas tegen einde juli een nieuw
GATS-aanbod moesten formuleren. Voor de EU valt
er dus deze week niets te rapen. Daarom wil Mandelson
liever einde juli in de week van de Algemene Raad
de knopen proberen door te hakken.
Sommige waarnemers vragen zich zelfs af of het
niet al op voorhand geregeld was om het hele circus
van deze week te laten mislukken om op die manier
landbouw én NAMA én GATS terug samen
op de onderhandelingstafel te krijgen.
Géén eerlijke ruil
Voor de ontwikkelingslanden blijven de eisen
van EU en US veel te vergaand. In de dienstensector
is het onevenwicht tussen de capaciteit van de
rijke landen en de rest van de wereld veel te
groot om een eerlijke ruil toe te laten. Ontwikkelingslanden
moeten dus voor hun toegevingen in de dienstensector
compensatie vinden in de landbouw. Maar in de
landbouw wil het Noorden niet ver gaan, bovendien
wil het Noorden voor toegevingen in de landbouw
ook nog eens toegevingen in NAMA en dat maakt
een mogelijk akkoord véél te duur.
Ontwikkelingslanden vinden overigens dat zij eigenlijk
niets zouden moeten betalen voor het wegwerken
van de handelsverstoringen in de landbouw die
al zoveel decennia aanslepen en hen al zoveel
gekost hebben.
Doha is géén ontwikkelingsronde
Ondertussen klagen de meeste ontwikkelingslanden
over het feit dat ze uitgesloten worden van de
informele en exclusieve gesprekken in Genève;
en vooral over het feit dat alle aandacht uitgaat
naar de eisen van de grote landen terwijl hun
specifieke bezorgdheden voortdurend aan de kant
geschoven worden.
- De minstontwikkelde landen klagen dat er sinds
Hong Kong niets gebeurd is op vlak van "tariefvrije-quotavrije
markttoegang". De teller is op 97 % markttoegang
blijven hangen, en juist de overige 3% is voor
hen cruciaal;
- De Afrikaanse katoenlanden blijven op hun honger
zitten, de Amerikaanse katoensubsidies worden
niet aangepakt;
- Het voorstel van de 47 landen van de G33 voor
een betere bescherming van hun voedselzekerheid
en plattelandsontwikkeling wordt voortdurend aangevallen;
- Er is dringend nood aan nieuwe grondstoffenakkoorden
om de inkomens van miljoenen kleine producten
te stabiliseren, maar daar is geen aandacht voor;
- en bovendien groeit de twijfel over de gevolgen
van handelsliberalisering:
Liberalisering leidt niet tot ontwikkeling
De jongste maanden zijn er nieuwe onderzoeksrapporten
uitgekomen die te verwachten voordelen van verdere
handelsliberalisering sterk hebben verminderd.
Van de honderden miljarden van de Wereldbank-studies
van 2003 is nog slechts een luttele 40 miljard
over, die bovendien nog eens slecht verdeeld is,
zodat de Afrikaanse en minstontwikkelde landen
zelfs netto verliezen zullen leiden [2].
Bovendien zijn de kosten van de economische hervormingen
die het gevolg zijn van de liberaliseringen nog
eens niet mee in rekening genomen. Deze week kwam
het IVVV met een rapport over de mogelijke desastreuze
gevolgen die de eisen van het Noorden op het gebied
van industriële tarieven (NAMA) kunnen hebben
voor de arbeidsintensieve sectoren in het Zuiden
[3].
Conclusie:
Wat er nu op de onderhandelingstafel van de WTO
ligt is géén goede deal voor de
ontwikkelingslanden. Het is beter om de hele Doha-agenda
in de prullenmand te gooien en opnieuw goed na
te denken hoe handel kan bijdragen tot duurzame
ontwikkeling; in plaats van de offensieve agenda
van het Noorden na te blijven jagen.
Het is zeker geen goed idee om de Directeur-generaal
van de WTO, oud EU-commissaris Pascal Lamy, meer
bevoegdheid te geven en de vrije hand om zelf
een ontwerp van akkoord uit te schrijven. Integendeel,
alle WTO-leden moeten juist meer betrokken worden
en hun standpunten moeten beter gehoord worden,
in plaats van hen nog minder te betrekken bij
de besluitvorming.
Noten:
[1] Commentaar van Marc Maes
- WTO-deskundige van de Belgische ontwikkelingsorganisatie
11.11.11 - bij de WTO-onderhandelingen in Genève.
Het is geschreven op 1 juli 2006 en te vinden
op: http://www.11.be/index.php?option=content&task=view&id=100927
NAAR
TEKST
[2] Zie: "Winners
and Losers: Impact of the Doha Round on Developing
Countries," door Sandra Polaski, Carnegie
Endowment for International Peace, 21 maart 2006
(http://www.carnegieendowment.org/publications/index.cfm?fa=view&
id=18083&prog=zgp&proj=zted). NAAR
TEKST
[3] "NAMA simulations
for labour intensive sectors in developing countries"
(http://www.icftu.org/www/PDF/ICFTUNAMAtariffsimulations.pdf).
Zie ook het artikel "ICFTU evalueerde NAMA-voorstellen:
Ontwikkeling en werkgelegenheid in ontwikkelingslanden
loopt gevaar" elders in deze ZIP.
NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
D) Nieuws en achtergrond bij
mislukte juni-top en het vervolg daarop:
(door Rob Bleijerveld)
* Hieronder staan enkele verwijzingen naar
uitgebreide informatie en analyses over de mislukte
top en de aanloop daartoe:
- "WTO members give Lamy a mandate to bridge
the gaps- how much longer will members insist
the Doha Agenda can deliver on development?"
door Carin Smaller (TIP/IATP), in Geneva Update
van 10 juli 2006 (http://lists.iatp.org/listarchive/archive.cfm?id=120297)
en
- "WTO talks in 'crisis' as high-level meeting
fails; Lamy to try to facilitate consensus,"
Bridges Weekly Trade News Digest Special Update
3 juli 2006 (http://www.ictsd.org/weekly/06-07-03/story1.htm).
- "Developing countries state their concerns
at end of WTO meeting," door Martin Khor
(TWN), 2 juli 2006 (http://www.twnside.org.sg/title2/twninfo445.htm)
* Open NGO-brieven aan WTO:
Op 26 juni stuurden 103 internationale maatschappelijke
organisaties en sociale bewegingen een open brief
aan de WTO-leiding en de handelsministers. Hierin
verwerpen ze de legitimiteit van exclusieve bijeenkomsten
(eind juni, Genève) en van elke poging
van Lamy om met een eigen onderhandelingstekst
te komen. Ze dringen er bij de handelsministers
op aan de Doha Rond te begraven en te kiezen voor
een multilaterale handelssysteem dat uitgaat van
mensenrechten en mens- en milieugerichte duurzame
ontwikkeling. Zie: "Brandbrief WTO-ministers
eist 'begraven Doha-ronde," 28 juni 2006
(http://globalinfo.nl/article/articleprint/939/-1/2/).
De brief ("Multilateral trading System: time
for a new approach") is te vinden op: http://www.s2bnetwork.org/s2bnetwork/download/Letter%20to%20Ministers
%20June%202006%20English.pdf?id=122.
Twee dagen later stuurden ruim 70 Europese NGO's
een vergelijkbare brief aan Mandelson en de andere
handelsministers. Zie: "WTO: Europese brandbrief
tegen Doha-ronde," van 29 juni 2006 (http://globalinfo.nl/article/articleprint/940/-1/2/).
* G6 centraal in Lamy's zoektocht:
Lamy heeft twee weken de tijd om de hoofdrolspelers
in het WTO-drama over te halen concessions te
doen op landbouw en marktoegang voor industrieproducten
en natuurlijke grondstoffen. Aansluitend worden
er tijdens de G8-top op 15 en 16 juli diverse
ontmoetingen over de WTO gehouden.
Lamy zal tot dan 'shuttle-diplomacy' bedrijven
en heen en weer vliegen tussen verschillende 'hoofdsteden'
om te horen wat de "bottom-lines" zijn
van de regeringen van de G6-staten (VS, EU, Australië,
Brazilië, India en Japan).
Als eerste was Japan aan de beurt, waar hij niet
alleen ministers sprak maar ook vertegenwoordigers
van Nippon Keidanren, de grootste Japanse zakenlobby.
Bij de ondernemers drong hij er op aan dat ze
samen met hun collega's uit de andere G6-staten
druk uitoefenen op hun regeringen om stappen vooruit
te zetten. De Japanse economieminister Nikai werd
voorgehouden dat de G6 in de maand juli moet inzetten
op onderlinge bilatarale onderhandelingen Zie:
"Aso says of Doha snarl: you give, then we'll
take," 6 juli 2006 (http://search.japantimes.co.jp/cgi-bin/nb20060706a3.html).
* Nieuw mandaat Lamy (1):
Zoals elders in deze nieuwsbrief te lezen valt,
kreeg WTO-voorzitter Lamy van de WTO-lidstaten
een nieuw mandaat. Dat gebeurde op initiatief
en aandringen van de G6-staten!
Volgens maatschappelijke organisaties zoals ActionAid
krijgt Lamy op deze manier de ruimte om een deal
door te drukken die elke ontwikkeling onmogelijk
maakt in de Doha Ronde. Zie: "WTO mag de
armen geen slechte deal opdringen," door
War on Want, elders in deze ZIP.
* Nieuw mandaat Lamy (2):
Volgens Martin Khor van het Third World Network
blijft het zelfs na het besluit over het nieuwe
mandaat van Lamy onduidelijk of dat mandaat toelaat
dat Lamy een eigen onderhandelingstekst schrijft.
Het lijkt erop dat hij ruimte heeft om verder
te gaan dan de rol van 'catalysator' die hij kreeg
toebedeeld. Zie: "As talks fail, Lamy given
new role," 5 juli 2006 (http://www.ourworldisnotforsale.org/showarticle.asp?search=1667)
* Nieuw mandaat Lamy (3):
In de media is in verband met het nieuwe mandaat
van Lamy (weer) de naam van Arthur Dunkel opgedoken,
ex-voorzitter van de Uruguay Handelsronde. Voormalige
handelsminister Zoellick van de VS suggereerde
in april van dit jaar al dat Lamy - net zoals
Dunkel dat in 1991 deed - zelfstandig een handelsdeal
in elkaar moet zetten om de impasse bij de WTO
op te heffen (zie: "Another WTO Date Looms"
Straits Times/ANN van 20 april 2006 (http://e.sinchew-i.com/content.phtml?sec=2&artid=200604200001).
Dunkel zou de Uruguay-onderhandelaars gechanteerd
hebben: accepteer deze tekst of de Ronde is dood!
(Zie: "Doha Round Deadlock Continues,"
door Jessica Holzer 7 juli 2006 (http://www.forbes.com/home/businessinthebeltway/2006/07/07/
doha-trade-WTO-cx_jh_0707doha.html)).
Pikant detail: de zogenaamde Dunkel Draft legde
ook de basis voor het GATS-akkoord van de WTO.
Bij het ontwerpen van de Accountancy-regels voor
GATS was ene Arthur Anderson betrokken, de CEO
van Anderson Consulting en voormalig adviseur
van ENRON.... (Zie: "The Enron Stage of Capitalism
- The Reckless Terrorism of GATS," door Vijay
Prashad, in Dissident Voice, 9 november 2002 (http://www.dissidentvoice.org/Articles/Prashad_GATS.htm).
* EU en GATS:
Europees handelsminister Mandelson nam voor de
mislukte top al een voorschot op de GATS-eindspurt
van eind juli door een selecte groep van 22 ministers
uit te nodigen voor een "evaluatievergadering"
in Genève. Handelsdeskundigen verschillen
van mening over het beoogde doel van deze stap.
Zie: "Services 'cluster' focuses on domestic
regulation, LDC treatment - Mandelson calls for
stocktaking on services," in Bridges Weekly
Trade News Digest vol 10, nr 23 van 28 juni 2006
(http://www.ictsd.org/weekly/06-06-28/story4htm)).
* G8 en WTO:
Tijdens de G8-top in St.Petersburg (15 tm 17
juli) zullen er bilaterale en multilaterale handelsbesprekingen
worden gehouden tussen regeringsleiders van de
G8-staten (zonder Rusland), India, Brazilië,
Australië, China, Zuid-Afrika, Mexico en
een vertegenwoordiger van de Afrikaanse Unie.
Eerder dit jaar nam Lula al het initiatief om
Blair (en ook Merkel) aan te spreken over een
plan B voor de WTO, een noodplan voor het geval
de aprildeadline niet gehaald zou worden. Toen
is ook de mogelijkheid geopperd om van de regeringsleiders
in St. Petersburg te vragen knopen door te hakken.
Begin juli was er nog enige weerstand tegen WTO-besprekingen
in St. Petersburg. Lamy zei het handig te vinden
omdat Rusland wel meedoet met de G8 maar geen
WTO-lidstaat is. Gesuggereerd is echter dat hij
de kans groot in schat dat Chirac het Franse landbouw-veto
gaat uitspelen. Wellicht was dat ook de reden
dat Mandelson St. Petersburg "geen geschikte
arena" noemde (hoewel hij later de mogelijkheid
niet uitsloot dat regeringsleiders elkaar "in
een of andere combinatie" zouden ontmoeten).
Volgens Lula hebben de handelsministers en andere
diplomaten de grenzen van hun capaciteit ontmoet
en is het nu de hoogste tijd dat de regeringsleiders
spreken. Bush steunde hem onverwachtstijdens een
speech op 7 juli.
Onderwijl schreef Paul Wolfowitz, hoofd van de
Wereldbank, een brief aan de G8-leiders waarin
waarschuwde hij dat de tijd voor de WTO afloopt.
De drie belangrijkste spelers (de VS, de EU en
de G20) moeten nu concessies doen. Volgens de
media suggereerde hij dat de VS als eerste moet
'bewegen'.
De G8 bestaat uit: Rusland, Duitsland, Canada,
de VS, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk, Italië
en Japan.
Bronnen:
- "Lula heads to G8 summit with proposal
to rescue trade talks," 10 juli 2006 (http://www.livinginperu.com/news/2095);
- "PanAfrica: G-8, Developing States Get
WTO Wake-Up," Business Day, 11 juli 2006
(http://allafrica.com/stories/200607110103.html);
- "Despair as five years of world trade talks
fail," door Larry Elliott and Ashley Seager
(Guardian), 3 juli 2006 (http://www.guardian.co.uk/wto/article/0,,1811386,00.html);;
- "Global trade looks to G8 for boost,"
10 juli 2006 (http://www.gulf-times.com/site/topics/article.asp?cu_no=2&item_no=96541&version=1&template_id=
48&parent_id=28);
- "Press Conference
by the President," Museum of Science and
Industry in Chicago, Illinois, 7 juli 06 (http://www.whitehouse.gov/news/releases/2006/07/20060707-1.html);
- "Trade talks need 'better' US offer,"
door Philip Thornton, 11 juli 2006 (http://news.independent.co.uk/business/news/article1171483.ece).
* Extra mini-top Genève?:
Op 12 juli zal de Indiase handelsminister Nath
naar Genève reizen voor bilateraal overleg
met Lamy. Er zijn berichten dat Lamy mogelijk
later deze maand de G6 zal uitnodigen een extra
mini-top. Onduidelijk is of het om een aparte
top gaat of dat er een St.Petersburg-ontmoeting
mee bedoeld wordt. Zie: "Kamal Nath to meet
Lamy," 11 juli 2006 (http://www.hindu.com/2006/07/11/stories/2006071108601000.htm).
* Rapport over smerige taktieken in Hong
Kong:
Een recent rapport van ActionAid beschrijft de
smerige taktieken waarmee ontwikkelingsstaten
in Hong Kong (dec. 2005) onder druk zijn gezet
om akkoord te gaan met tekstvoorstellen. Het verhaalt
van bedreigingen, misleiding, manipulatie, intransparantie
en uitsluiting door WTO-leiding en rijke staten.
ActionAid doet aanbevelingen om deze praktijken
te voorkomen. Zie: "The Doha Deception Round:
How the US and EU cheated developing countries
at the WTO Hong Kong Ministerial," door ActionAid,
juni 2006 (http://www.actionaid.org.uk/doc_lib/doha-deception-round.pdf).
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
E) WTO mag de armen geen slechte
deal opdringen
(door War on Want)
Nieuws dat grote handelsblokken de onderhandelingen
proberen te omzeilen om zo een (gunstige) deal
te forceren bij de Wereldhandelsorganisatie heeft
woedende reacties opgewekt bij campagnevoerders
voor eerlijke handel.
Op zaterdagochtend werd in Geneve voorgesteld
dat secretaris-generaal Lamy - bij gebrek aan
echte concessies van de kant van EU en VS - meer
macht gegeven moet worden om een handelsdeal in
elkaar te zetten. Dat voorstel werd resoluut verworpen
door de Britse campagneorganisatie War on Want
als zijnde zeer ongewenst. De suggestie die Lamy
eerder die week deed, namelijk dat er wel een
deal mogelijk zou zijn rondom het "magische
getal" 20 [1],
riep alom kwaadheid op wegens de anti-ontwikkelingskoers
ervan. Het versterkte de vrees dat Lamy niet uit
is op een eerlijke uitkomst van de besprekingen.
John Hilary, directeur Campaigns and Policy bij
War on Want, zei: "Pascal Lamy heeft gedurende
de hele Doha Ronde laten zien de vijand te zijn
van ontwikkelingslanden. Het is ondenkbaar dat
hem nu de macht wordt gegeven om een deal door
te drukken die de EU en de VS ontzien en uiteindelijk
de armen in de wereld zal schaden."
Hilary ging verder: "Toen deze ronde vijf
jaar geleden werd gelanceerd in Doha, werd ons
verteld dat het de eerste ontwikkelingsronde zou
zijn. Het is echter uitgelopen op een nachtmerrie
voor ontwikkeling omdat de EU en de VS weigeren
iets te doen aan hun landbouwsubsidies en omdat
er onophoudelijk druk op ontwikkelingslanden wordt
uitgeoefend om hun markten te openen. In plaats
van het doordouwen van een deal tegen de belangen
van de armen in, zou de WTO de huidige onderhandelingen
moeten begraven [2]
en een echte ontwikkelingsgerichte handelsagenda
moeten opzetten."
De huidige ronde van handelsbesprekingen kreeg
de naam Doha Ontwikkelings Agenda in de veronderstelling
dat het zou leiden tot het stopzetten van de subsidies
waarmee de VS en de EU hun landbouwproducten dumpen
op de markten van ontwikkelingslanden, en dat
het de schade die veroorzaakt is door de Uruguay
Onderhandelingsronde - die in 1994 eindigde -
zou goedmaken. Alle recente studies tonen aan
dat de EU en de VS na de Doha Ronde hun huidige
subsidieniveau mogen handhaven of zelfs verhogen,
terwijl er geen pogingen zijn gedaan om iets te
doen aan de schade veroorzaakt door de Uruguay
Ronde. Het ontwikkelingsmandaat van de Doha Ronde
is dus niet uitgevoerd.
Bron:
"WTO must not force bad trade deal on poor,"
door War on Want, 1 juli 2006 (http://www.ourworldisnotforsale.org/showarticle.asp?search=1663).
Vertaling/toevoeging: Rob Bleijerveld
Noten:
[1] Lamy's "magische getal"
20 heeft betrekking op een maximum omvang van 20
miljard dollar van de Amerikaanse landbouwsubsidies,
de acceptatie door de EU van het G20-voorstel voor
een gemiddelde landbouwtariefreductie van 54%, en
het reduceren van de tarieven voor alle industriegoederen
door ontwikkelingslanden als India en Brazilië
tot beneden de 20%-grens. Dat zou betekenen dat
de VS helemaal niets hoeft te doen en dat vele ontwikkelingslanden
juist heel veel moeten inleveren hetgeen hun eigen
industrieën grote schade zou toebrengen. Lamy's
"magische getal" werd afgewezen omdat
het overduidelijk slecht uitpakt voor de armen.
NAAR TEKST
[2] War on Want is een van
de ruim 100 maatschappelijke organisaties wereldwijd
die deze week een gezamenlijke open brief stuurden
aan de WTO en de handelsministers en daarbij opriepen
om de "Doha Ronde te begraven." Voor brief
en ondertekenaarslijst, zie: http://www.ourworldisnotforsale.org
NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
F) (27 juni) Brandbrief WTO-ministers
eist 'begraven Doha Ronde'
Het is tijd voor een nieuwe benadering van
het internationale handelssysteem. Meer dan honderd
organisaties eisen stopzetting van de Doha Ronde
van de WTO.
Genève, 27 juni 2006 - In een brief die
vandaag gestuurd werd aan de handelsministers
in de WTO, hebben meer dan honderd organisaties
uit het maatschappelijk leven uit de hele wereld
de legitimiteit verworpen van een exclusieve ministeriele
bijeenkomst die deze week in Genève gehouden
wordt. Ook hebben ze de handelsministers nadrukkelijk
gevraagd om een nieuwe benadering van het internationale
handelssysteem in te zetten.
De ondertekenaars vertegenwoordigen maatschappelijke
organisaties uit meer dan dertig landen, waaronder
de belangrijke spelers in de WTO - de VS, EU,
Japan, Canada, Australië en India, naast
kleinere landen als Senegal, Uganda, Nigeria en
Bolivia.
"De huidige onderhandelingen sluiten op
dit moment elke mogelijkheid uit dat de meerderheid
van de wereldbevolking, met name dat deel dat
leeft in arm gemaakte ontwikkelingslanden erop
vooruit gaat," stelt de brief. "In plaats
daarvan zullen veel van de voorstellen binnenlandse
beleidsopties van ontwikkelingslanden radicaal
uitsluiten."
Een reeks economische rapporten over de te verwachten
uitkomsten van de Doha Ronde (genaamd naar het
akkoord dat in 2001 gesloten werd op de Ministeriële
WTO-top in Doha, vert.), waaronder die van de
Wereldbank, de VN, de Carnegie Endowment for International
Peace en de Europese Commissie, heeft vastgesteld
dat ontwikkelingslanden als geheel netto verliezers
zullen zijn van de Doha Ronde, terwijl de meeste
winst die van de Doha-afspraken te verwachten
is, in buitengewone mate naar de rijke landen
zal vloeien. De brief verklaart dat de onderhandelingen
volharden in het ontkennen van belangrijke problemen
op het gebied van de handel in landbouwproducten,
zoals dumping, terwijl ze ondertussen concrete
voorstellen verwerpen die zijn gebaseerd op zekerheid
van levensonderhoud en rurale ontwikkelingsdoelen.
De brief kaart ook de 'fuzzy math' ('warrig rekenwerk')
aan van de 2,8 miljard dollar van het schema van
"aid for trade" (hulp in ruil voor handel)
van de ontwikkelde landen waarmee ze pretenderen
steun te leveren voor de 'aanpassingskosten' van
de ontwikkelingslanden, waarbij eerdergemaakte
beloftes meegeteld wordt om ontvankelijkheid te
creëren voor de liberalisering die de Doha
agenda oplegt. "We zijn volstrekt gekant
tegen het huidige hulp voor handelsmechanisme,
waarvan inhoud en tijdschema gebonden zal zijn
aan de bereidheid van de ontvangers om de door
de Doha agenda opgelegde liberalisatie te aanvaarden,"
beweert de brief. "De ruil is absurd: met
geld kan geen beleidsruimte teruggekocht kunnen
worden, en er ligt niet eens nieuw geld op tafel."
Terwijl de brief de potentiële effecten
aanvecht van de Doha Ronde als een anti-ontwikkelingsronde
die de particuliere belangen behartigt van de
grootste bedrijven in de wereld, waarvan de meeste
hun hoofdkantoor in de ontwikkelde wereld gevestigd
hebben, worden in de brief drie eisen aan de handelsministers
gesteld:
1) Het verwerpen van de legitimiteit van de mini-ministeriële
top van juni, die de effectieve deelname van alle
ministers uitsluit, en weigeren daar verder aan
mee te werken;
2) Het verwerpen van elke poging van de Directeur-Generaal,
Pascal Lamy, om zijn eigen voorstel voor te leggen
aan de ministers.
3) Het begraven van de Doha agenda en starten
van een nieuwe benadering van het internationale
handelssysteem, die mensenrechten voorstaat en
een ontwikkeling waarbij mensen centraal staan
en ecologische duurzaamheid.
Om de brief in zijn geheel (in verschillende talen
vertaald, vert.) te zien is er de website: our
world is not for sale <http://www.ourworldisnotforsale.org>.
Bron: http://globalinfo.nl/article/articleprint/939/-1/2/
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
G) Stop de diensten-deregulering.
Geen noodzakelijkheidstesten! [1]
Aktieoproep van Public Services International:
De WTO overweegt GATS-regels over binnenlandse
regelgeving [2]
op te nemen die alle overheden kan dwingen
wetten en voorschriften te verwijderen die
"onnodig belastend", "irrelevant",
"onredelijk" en/of "niet objectief"
zijn. Dit heeft verstrekkende gevolgen voor
de publieke dienstensector. Public Services
International roept daarom op tot urgente
aktie: stuur protestbrief of -fax aan gemeente,
handelsminister en de voorzitter van de GATS-werkgroep!
[3]
Met zijn recente beslissing tegen Europese
regels voor GMO's bewees de WTO dat regelgeving
kan ondergraven ongeacht de mate van publieke
steun die daarvoor is. De WTO-onderhandelaars
passen de methodes voor het ondermijnen van
goederen-bepalingen (zoals bij GMO) nu toe
bij de dienstenbesprekingen van het General
Agreement on Trade in Services.
De voorstellen over het beperken van binnenlandse
regelgeving door overheden gaan uit van de
mogelijkheid om bestaande of nieuwe wetten
en voorschriften als schendingen van de nieuwe
GATS-regels aan te merken. Ze heten dan "onnodig
belastend", "irrelevant", "onredelijk"
en/of "niet objectief" te zijn.
Zelfs regelgeving die op geen enkele wijze
de belangen van buitenlandse dienstverleners
achterstelt op die van binnenlandse leveranciers
kan dan een schending zijn. En als overheden
buitenlandse dienstenleveranciers niet in
de gelegenheid stellen om te interveniëren
in het binnenlandse proces van regelgeving
(!), is dat ook een schending. Alle regelgeving
kan tot "onnodige last voor commerciële
belangen" worden bestempeld.
De WTO-onderhandelaars willen eind juni een
eerste concepttekst gereed hebben [4]
en eind 2006 moeten de nieuwe regels als bindend
onderdeel zijn opgenomen in een vernieuwd
GATS-akkoord, of de Doha-besprekingen nu wel
of niet succesvol afgerond zijn!
Wat staat op het spel?
Volgens het onderhandelingsmandaat moeten
bereik en werking van kwalificatievereisten
en -procedures, licentievereisten en -procedures,
en technische standaards worden aangepast.
Daardoor wordt het mogelijk om een geschil
te beginnen over alle aspecten van dienstenregulering.
Zeer belangrijk in dit verband zijn de voorstellen
om alle niet-discriminerende binnenlandse
regels te onderwerpen aan een "noodzakelijkheidstest".
Overheden moeten met zo'n noodzakelijkheidstest
aantonen dat een maatregel daadwerkelijk nodig
is om het beoogde politieke doel te bereiken.
En dat is extreem moeilijk zoals bij vergelijkbare
geschillen bij de WTO en zijn voorganger,
GATT, herhaaldelijk al naar voren kwam. In
feite zullen de WTO-rechtbanken hiermee alle
regelingen voor publieke gezondheid, stadsplanning,
of bescherming van consumenten, werknemers
en milieu kunnen aanduiden als "meer
belastend dan noodzakelijk". Alleen al
het vooruitzicht van de hindernis van een
noodzakelijkheidstest kan voldoende zijn voor
overheden om af te zien van het invoeren van
nieuwe regelgeving.
Hoewel vele WTO-lidstaten tegen opname van
zo'n test in het nieuwe GATS-akkoord zijn,
houden een paar lidstaten (zoals Zwitserland,
Hong Kong, Australië, Nieuw Zeeland en
Mexico) stug vast aan het opnemen daarvan.
Voorbeelden van de voorgestelde GATS-schendingen:
- alle licentievereisten die niet strict
relevant zijn voor de gelicentieerde activiteit
zoals de eis dat banken hun dienstverlening
in arme wijken verbeteren alvorens een fusie
wordt toegestaan;
- elke gemeentelijke goedkeuring van commerciële
ontwikkelingen die niet in een "redelijk"
tijdsbestek werd verleend. Uitgebreide openbare
hoorzittingen en milieueffectrapportages zouden
onmogelijk zijn indien het voorstel van de
EU voor snelle ("promptly) uitgifte
van licenties wordt aangenomen;
- elk verbod op olieboring in gevoelige gebieden
("onredelijke" eis);
- bepaalde onderwijskundige kwaliteitsstandaards
("onnodig belastende" eis).
Hoe reëel is de dreiging?
In een geschil moet de betreffende overheid
voor de WTO-rechtbank overtuigend aantonen
dat de regelgeving 'noodzakelijk' is. In de
dertien soortgelijke geschillen waar overheden
dit op basis van de WTO-regels probeerden
aan te tonen, is dit elf keer mislukt! De
WTO-rechtbanken bepaalden dat overheden moeten
bewijzen dat het doel wat ze met de regeling
beogen "belangrijk" is, dat de regeling
"effectief" is om dit doel te bereiken,
en dat het doel niet op een andere wijze kan
of kon worden gehaald. Door de noodzakelijkheidsvereiste
zullen overheden onder grote druk komen te
staan hetgeen zal leiden tot deregulering.
Het zal volgens handelsdeskundige Ellen Gould
ook negatief uitwerken op waterdiensten, zoals
drinkwatervoorziening [5].
Het huidige onderhandelingsproces en
de noodzaak om te reageren
De voorzitter van de Working Party on Domestic
Regulation, Peter Govindasamy uit Singapore,
kreeg van de WTO-lidstaten de opdracht om
voor 1 juli een eerste concept onderhandelingstekst
te produceren. Op 6 en 13 juli komt de werkgroep
weer bijeen om te praten over deze voorzitterstekst;
na de zomer zullen de onderhandelingen naar
verwachting doorgaan.
Zonder krachtige en urgente protesten door
gekozen vertegenwoordigers, NGO's, nationale
regulateurs en bezorgde burgers zal de concepttekst
zonder twijfel de optie van een noodzakelijkheidstest
omvatten en andere negatieve elementen. De
obscure GATS-onderhandelingen kunnen de toekomst
van demokratische regulering inperken en bemoeilijken
op een moment waarop de behoefte aan regulering
die beantwoordt openbare belangen groter is
dan ooit. Het gaat om een breed scala aan
zaken, van klimaatverandering tot aan publieke
gezondheid. Tijdige interventie is noodzakelijk
om aan deze dreiging een halt toe te roepen!
De volgende twee weken zijn bepalend voor
alle onderhandelingen over binnenlandse regelgeving
die nog volgen. Het is van wezenlijk belang
om de regeringen en de voorzitter Govindasamy
te vertellen dat de WTO niet de plaats is
voor het maken van afspraken over binnenlandse
regelgeving. Ze moeten begrijpen dat publiek
en regulateurs bezorgd zijn over de rampzalige
gevolgen van hun voorstellen.
Daarom ook is het zaak om die staten aan
te spreken die zich tot heden niet voor of
tegen de noodzakelijkheidstest uitspraken.
En niet te vergeten moet worden geprotesteerd
bij die staten die zich op aggressieve wijze
inzetten voor inegratie van zo'n test - Zwitserland,
Hong Kong, Australië, Nieuw Zeeland en
Mexico - en bij de voorzitter van de werkgroep.
Noten:
[1] "Beware: Regulating
for deregulation!" (http://www.icftu.org/displaydocument.asp?Index=991224797&Language=EN)
en "Call to Action! Derail the Deregulation
of Services, No to any Necessity Test"
(http://www.polarisinstitute.org/gats/july_5_06.html).
Beide teksten zijn van Public Services International.
Ingekort, bewerkt en vertaald: Rob Bleijerveld.
NAAR TEKST
[2] "domestic regulation".
NAAR TEKST
[3] Voor modelbrieven:
zie de tekst "Call to Action! Derail
the Deregulation of Services, No to any Necessity
Test" - noot 1. De PSI ontvangt graag
een kopie van brief of brieven (emailadres:
mike.waghorne AT world-psi.org). NAAR
TEKST
[4] Op 11 juli maakte
het IATP bekend dat de bedoelde concepttekst
later vandaag wordt verwacht!. Dat is echter
te laat voor deze editie van WTO.ZIP nieuwsbrief.
Over de hier aangehaalde besluitvorming en
voor enige achtergrondinformatie, zie: "Services
'cluster' focuses on domestic regulation,
LDC treatment," ICTSD, Bridges Weekly
Trade News Digest vol 10 nr 23, van 28 juni
2006 (http://www.ictsd.org/weekly/06-06-28/story4.htm).
Voor een nadere analyse, zie: "Crunch
Time in Geneva: pressure tactics in the GATS
negotiations," door Scott Sinclair, Canadian
Centre for Policy Alternatives, juni 2006
(http://www.policyalternatives.ca/documents/National_Office_Pubs/2006/Crunch_Time_in_Geneva.pdf).
NAAR TEKST
[5] Gould waarschuwt
water-campagnevoerders dat noodzakelijkheidstest
en andere beperkingen een direkt effect zullen
hebben op waterdiensten, ongeacht of 'drinkwatervoorziening'
wel of niet op de tafel van de GATS-onderhandelaars
ligt. Zie paragraaf "Note to Water Campaigners..."
op de pagina http://www.polarisinstitute.org/gats/july_5_06.html
voor de uitwerking van haar analyse. NAAR
TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
H) (18 juni) Amerikaanse
WTO-onderhandelaars in de hoek gedreven
Ondanks alle uitlatingen over grote ambitie
en inzet lijkt het er op dat er vóór
19 juni geen belangrijke doorbraak in de WTO-onderhandelingen
over landbouw en industriële goederen
zal zijn [1].
Op die datum zal de leiding van de handelsorganisatie
ingrijpen en met een eigen concepttekst komen
waarover handelsministers zich zullen uitspreken.
Een van de redenen van de stagnatie is de
opstelling van machtige en rijke lidstaten,
zoals de VS: ze stellen veel eisen maar willen
zelf weinig concessies doen.
Uit onderstaand tekst van het Institute for
Agriculture and Trade Policy (IATP) blijkt
dat het landbouwaanbod van de VS neer komt
op vergroting van de eigen binnenlandse subsidiesstromen.
Ook kunnen de Amerikaanse onderhandelaars
geen kant op door de tegengestelde belangen
van de lobbies van twee machtige landbouwgroepen.
Amerikaanse WTO-onderhandelaars in de
hoek gedreven
(door R. Dennis Olson en Alexandra Spieldoch,
juni 2006 [2])
Een nieuwe economische toetsing van het
Amerikaanse landbouwvoorstel door de Wereld
Handels Organisatie (WTO) bevestigt hetgeen
NGO's en ontwikkelingslanden maanden geleden
al hebben gezegd: het voorstel omvat zóveel
achterdeuren dat de toegestane hoeveelheid
landbouwsteun in de VS in feite zal toenemen.
De toetsing toont niet alleen de leegheid
van het voorstel, maar ook de beperkte ruimte
die de Amerikaanse onderhandelaars hebben
bij de Doha Ronde.
Op verzoek van de onderhandelaars van de VS,
de EU en negen andere WTO-lidstaten werden
op 19 mei de landbouwvoorstellen van de VS,
de EU, de G10-landen [3]
en de G20-landen [4]
doorberekend. Daaruit kwam naar voren dat
het Amerikaanse voorstel voorziet in een toegelaten
verhoging van de subsidie aan de Amerikaanse
landbouwsector tot 22,5 miljard dollar per
jaar, terwijl de geschatte subsidie van het
afgelopen jaar 19,6 miljard dollar bedroeg.
De verhoging wordt eenvoudigweg bereikt door
de bestaande bestedingen in een andere subsidiecategorie
onder te brengen. Het is de bedoeling van
de VS om de bestedingen over te hevelen van
de zogenaamde Amber Box [5]
((waarvan de voorwaarden verder zullen worden
verscherpt) naar de regeling voor non-product
specifieke en product-specifieke "de
minimis betalingen" en naar de Blue Box
(die een ruimere opzet krijgt).
Bij de aankondiging van het voorstel in oktober
karakteriseerde de Amerikaanse handelsminister
het als "krachtig", "ambitieus"
en "substantieel." Het IATP en andere
NGO's bekeken meteen de kleine lettertjes
en kwamen tot vergelijkbare conclusies als
van de nieuwe toetsing. Tijdens de onderhandelingen
hebben ook ontwikkelingslanden als Brazilië
en India voortdurend kritiek geuit op de talrijke
achterdeuren in het Amerikaanse voorstel.
Iets anders dat in deze economische simulatie
naar voren komt, is de zwakte van het Boxen-systeem
van de WTO ter beperking van de binnenlandse
steun. Daarbij komt dat zowel de VS als de
EU hun binnenlandse bestedingen sinds 2001
niet hebben aangemeld bij de WTO. De uitvoerders
van de toetsing moesten daarom terug gaan
tot het niveau van binnenlandse bestedingen
van de '90-er jaren, nog tot voor de aanname
van de huidige Farm Bill [6].
Er wordt door de WTO echter geen boete geheven
voor het te laat rapporteren...
Met dit landbouwvoorstel hebben de VS aan
geloofwaardigheid verloren. Eerder riepen
de Amerikanen al de woede op van veel WTO-lidstaten
toen ze een essentieel instrument voor de
ontwikkeling in arme landen probeerden te
ondermijnen met hun op 6 april ingediende
voorstel over Speciale Producten (SP's). Speciale
Producten bieden arme landen de mogelijkheid
om hun voedselzekerheid en rurale ontwikkeling
te beschermen door het instellen van speciale
tarieven op de invoer van bepaalde gewassen.
De Amerikanen willen het aantal tarieflijnen
voor een SP-regeling beperken tot vijf (een
gemiddelde WTO-lidstaat heeft 2000 tarieflijnen)
en de criteria voor de SP-behandeling aanscherpen.
Hun voorstel werd door de G-33 [7],
de Afrika Groep [8],
de Afrika-Cariben-Pacific Groep en de Minst
Ontwikkelde Landen [9]
als een klap in het gezicht ervaren. Volgens
deze landen gaat het voorstel in tegen het
kleine beetje vooruitgang dat op dit gebied
werd gemaakt in het July 2004 Package [10]
en de Zesde Ministerstop in Hong Kong van
december 2005.
Gezien de reacties op deze recente voorstellen
vraagt men zich af of de VS wel serieus zijn
met betrekking tot het afmaken van de Doha
Ronde dit jaar [11].
De krappe manoeuvreerruimte die de VS in de
WTO hebben, heeft te maken met de macht van
de binnenlandse landbouwlobbies, de onpopulariteit
van de president en de groeiende ontevredenheid
over het huidige vrijhandelsbeleid.
De landbouwminister van de VS - the U.S.
Trade Representative (USTR) - zit klem tussen
de belangen van de grote Amerikaanse exporteurs
van agro-industriële producten ("agribusiness")
en de binnenlandse grondstoffenleveranciers
("commodity groups") [12].
Dat politieke onderscheid was er niet ten
tijde van de Uruguay Ronde toen de grotere
grondstoffenleveranciers meer een lijn trokken
met de exporteurs [13].
De (huidige) belangentegenstelling kwam afgelopen
week naar voren toen de USTR een ontmoeting
had met de grote landbouwgroepen na het uitkomen
van het toetsingsrapport. De USTR vroeg de
'commodity groups' om een lager subsidieniveau
te accepteren hetgeen botweg werd geweigerd.
In een brief aan president Bush schreef de
groep: "We vinden het belangrijk duidelijk
te maken dat de Amerikaanse landbouw niet
nog meer reductie van de binnenlandse steun
zal accepteren dan al door de regering is
voorgesteld. Indien de onderhandelaars worden
gedwongen het ambitieniveau van het Amerikaanse
voorstel voor markttoegang terug te brengen
teneinde een akkoord te bereiken, dan moet
het ambitieniveau voor de vermindering van
handelverstorende binnenlandse steun in het
voorstel in gelijke mate worden teruggebracht."
En voor hen die zich afvragen waar het controversiële
Amerikaanse voorstel over de SP's vandaan
komt, hier een verklarend citaat van de diezelfde
'commodity groups': "De behandeling van
'Speciale Producten' voor ontwikkelingslanden
moet worden beperkt teneinde het marktvoordeel
op basis van algehele tariefreductie te behouden."
De steun in de VS voor vrijhandel is op zijn
best gezegd gemengd matig ("mixed").
Het beleid van na de Uruguay Ronde, vooral
door de Farm Bills van 1996 en 2002, zijn
peperdure mislukkingen gebleken. De regering
geeft nu op landbouwgebied veel meer uit dan
halverwege de '80-er jaren. Toch is er sprake
van stagnatie van de boereninkomens; een groot
aantal dalen zelfs. Het Amerikaanse aandeel
in de landbouwexportmarkt daalt ook, terwijl
de verkoop onder de kostprijs van agrarische
grondstoffen via de wereldmarkt (met andere
woorden: dumping) doorgaat.
Voor steeds meer groepen binnen het Amerikaanse
parlement worden de resultaten van het Noord
Amerikaanse Vrijhandels Akkoord (NAFTA, sinds
1994) en van de deregulering van de landbouwmarkt
duidelijk. Daaronder zijn vele Congress-leden
uit (Amerikaanse) staten waar het boereninkomen
de gerelateerde rurale werkgelegenheid sterk
daalden. In het Congress vonden recentelijk
een aantal zware (parlementaire) gevechten
over handel plaats. De Trade Promotion Authority
(de zogenaamde Fast Track [14])
die in 2002 ternauwernood werd goedgekeurd,
loopt in 2007 af en blijft zeer omstreden
in de ogen van voorlieden in het Congress
en hun achterban. Vooruitgang in onderhandelingen
over Regionale Vrijhandels Akkoorden is ofwel
tot stilstand gekomen (zoals bij het Andes
Vrijhandels Akkoord en de Vrijhandels Gebied
van de Americas FTAA) of zijn op het nippertje
afgerond (zoals bij Centraalamerikaanse Handels
Akkoord CAFTA dat met slechts twee stemmen
verschil in het Congress werd aangenomen).
Die onderhandelingen leidden ook tot splitsingen
binnen de nationale politieke partijen. De
nationale en regionale onenigheden rond handel
overheersen en vormen de achtergrond voor
de bijdrage van de VS bij de WTO.
Sommige Congress-leden lieten zich zelfs
vijandelijk uit over andere landen in de WTO-onderhandelingen.
Charles Grassley, de machtige (republikeinse)
voorzitter van de Financiële Commissie
van de Senaat, dreigde Brazilië en India
met het stopzetten van de voordelige regeling
onder het General System of Preferences omdat
ze de WTO-onderhandelingen zouden ophouden
met hun weigering om concessies te doen op
gebied van markttoegang voor industriële
goederen (NAMA) [15].
Andere Congress-leden zinspeelden op de mogelijkheid
om de werking van Farm Bill en Fast Track
Authority aan te houden totdat de de WTO-onderhandelingen
afgerond zijn. Toch is er op dit moment geen
grote steun voor genoemde verlengingen.
Ook speelt het laagterecord van de populariteit
van president Bush een belangrijke rol in
deze context. De regering Bush heeft te maken
met een serie binnenlandse problemen, waaronder
de (afnemende steun voor) de oorlog in Iraq,
een hoog financieringstekort, en een aantal
zeer schadelijke openbare schandalen. Steeds
meer nemen republikeinse vertegenwoordigers
in het Congress afstand van de regering, bezorgd
dat de onpopulariteit van Bush hen bij de
verkiezingen in november stemmen zal kosten.
Deze binnenlandse problemen spoorden president
Bush aan tot het herbenoemen van de politieke
behendige handelsminister Robert Portman als
Budget Director bij Management and Budget.
Daarmee wordt iemand weggehaald die zeer bedreven
was in het navigeren binnen het Congress,
een noodzaak voor het doorsluizen van een
uiteindelijke WTO-deal. Portman's opvolgster,
de evenzeer kundige maar relatief onbekende
handelsbureaucraat, Susan Schwab, ontbeert
Portman's contacten op de Hill [16].
Terwijl Directeur-General van de WTO, Pascal
Lamy, de lidstaten nog steeds aan zet tot
het bereiken van enige overeenkomst eind juni,
lijkt de multilaterale speelruimte voor de
Amerikaanse regering in snel tempo te krimpen.
De regering Bush zou natuurlijk graag hebben
dat er een Doha akkoord tot stand komt en
er wordt binnen de WTO aanzienlijke druk uitgeoefend
om juist dat te bereiken. Maar er is geen
duidelijkheid over wat zo'n akkoord zou moeten
omvatten om het uitvoerbaar te maken - de
recente toetsing van de landbouwvoorstellen
doen veronderstellen dat de VS zeer weinig
substantieels kan aanbieden in ruil voor de
de gevraagde (en retorisch beleden) marktopening.
De ontwikkelingslanden hebben op dit punt
weinig reden om ervan uit te gaan dat deze
onderhandelingsronde zijn ontwikkelingsmandaat
gestand zal doen. Met de herfst-verkiezingen
in aantocht zijn Congres-leden en president
Bush nog voorzichtiger om handelsvoorstellen
te steunen die grote concessies vereisen -
ook als dat de WTO betreft. Het toenemend
kribbige debat over de voormalige dominante
vrijhandelsagenda in de VS kan belangrijke
gevolgen hebben voor de toekomst van de Doha
Ronde.
Bronnen:
* Agriculture Domestic Support Simulations:
<http://www.tradeobservatory.org/library.cfm?refid=87952>
* Applied Tariff Simulations:
<http://www.tradeobservatory.org/library.cfm?refid=87953>
* IATP analysis of U.S. WTO Agriculture Proposal
of October 10, 2005 -
<http://www.tradeobservatory.org/library.cfm?refID=77195>
* WTO Faces Moment of Truth on Development
-
<http://www.tradeobservatory.org/library.cfm?refid=87286>
* Why is the Doha Round Failing?
<http://www.iatp.org/iatp/library/admin/uploadedfiles/Why_is_the_Doha_Round_failing.pdf>
* Agriculture Commodity Groups Letter to President
Bush
<http://www.ncga.com/letters/PDFS/06_02_06NCGA-AgJointLetterPresidentBushWTO.pdf>
Noten:
[1]
Voor recente verslagen over de WTO-onderhandelingen,
zie ondermeer: http://www.ourworldisnotforsale.org/
en http://www.tradeobservatory.org/
NAAR TEKST
[2]
R. Dennis Olson is directeur van het Trade
and Agriculture Project bij het Institute
for Agriculture and Trade Policy; Alexandra
Spieldoch is directeur van het Trade and Global
Governance Program bij het Institute for Agriculture
and Trade Policy. Vertaling/aanvullingen:
Rob Bleijerveld (met dank aan Alexandra Strickner).
De tekst is van 7 juni en is als pfd-bestand
te vinden op:
http://www.tradeobservatory.org/library.cfm?refid=88071
NAAR TEKST
[3] Een groep
van 10 grote, rijke landbouwimporteurs die
de eigen landbouwsector in hoge mate afschermen.
Zie: http://en.wikipedia.org/wiki/G10_%28agricultural%29
NAAR TEKST
[4]
Zie: http://en.wikipedia.org/wiki/G20_developing_nations
NAAR TEKST
[5]
In het kader van de Doha Ronde is afgesproken
om "handelsverstorende" binnenlandse
landbouwsubsidies in hoge mate te verminderen.
De betreffende onderhandelingen gaan over
aanpassing van de criteria voor de bestaande
subsidiecategoriën, zoals de verschillende
Boxen en de "de minimis"-regeling.
Voor definities, zie: "Domestic support
in Agriculture - The boxes" (http://www.wto.org/english/tratop_e/agric_e/agboxes_e.htm).
Over de wijzigingsvoorstellen van VS en EU
voor de boxes en de implicaties voor ontwikkelingslanden,
zie: "Analysis of the revised Draft text
of 16 December 2005 on agricultural negotiations,"
door Jacques Berthelot (Solidarité)
van 17 december 2005 (http://www.ourworldisnotforsale.org/showarticle.asp?search=1180).
NAAR TEKST
[6]
Het sterk bekritiseerde Amerikaanse landbouwbeleid.
Het is gebaseerd op meerjarige hoge binnenlandse
subsidiestromen (die leiden tot grootschalige
dumping van zwaar gesubsidieerde landbouwproducten
op de wereldmarkt). NAAR
TEKST
[7]
Zie: http://en.wikipedia.org/wiki/G33
NAAR TEKST
[8]
Bestaat uit 41 Afrikaanse WTO-lidstaten. NAAR
TEKST
[9]
Zie: http://en.wikipedia.org/wiki/ACP_countries
NAAR TEKST
[10]
Zie: "WTO 'eindelijk' weer op gang na
Cancún-debacle - Raamakkoord strijdig
met ontwikkelingsdoel van Doha Ronde,"
door Rob Bleijerveld, in WTO.ZIP nieuwsbrief
nr 47 van 11 augustus 2004 (http://www.stelling.nl/trouble/zip/040811-9147.htm).
NAAR TEKST
[11]
Een zeer recent citaat als voorbeeld: "If
there is a WTO pact, it could form part of
the parameters for the new legislation but
not dictate its contents, said Senate Agriculture
Committee chairman Saxby Chambliss, Georgia
Republican." (in: "WTO talks wont
disrupt US farm bill overhaul: lawmakers,"
door Charles Abbott, Reuters, van 16 juni
2006 (http://www.washingtonpost.com/wp-dyn/content/article/2006/06/16/AR2006061601460.html).
NAAR TEKST
[12]
De "Commodity groups" produceren
landbouwgrondstoffen als maïs, suikerbieten,
en -riet en doen de eerste verwerking ervan.
Zij zijn voor handhaving van de hoge binnenlandse
subsidies, omdat ze niet op eigen kracht kunnen
concurreren met buitenlandse producenten uit
de G20-landen. Ze zijn zeer sceptisch geworden
over eventuele voordelen uit grotere markttoegang.
De verwerkers/exporteurs van landbouwproducten
("Agribusiness") hebben geen bezwaar
tegen subsidievermindering in de VS en opening
van de Amerikaanse markten. Hun belang is
goedkope grondstof (eventueel van buiten de
VS) en lagere importlasten voor hun producten
op buitenlands markten. NAAR
TEKST
[13]
Tijdens de Uruguay Ronde werd de basis gelegd
voor het Landbouwakkoord van de WTO. Zie:
http://en.wikipedia.org/wiki/Uruguay_Round
NAAR
TEKST
[14]
Volgens dit handelsmandaat heeft het Congress
geen amendementsrecht bij handelsvoorstellen
van de regering Bush. Het mag zo'n pakket
alleen volledig aannnemen of wegstemmen. NAAR
TEKST
[15]
Zie ook de opmerkingen van de voorzitter van
de Landbouw Comissie van de Senaat, in: "US
will take 'tough decisions' at trade talks,"
door Edward Alden, in Financial Times van
16 juni 2006 (http://www.ourworldisnotforsale.org/showarticle.asp?search=1590).
NAAR TEKST
[16]
Capitol Hill, waar de Congress-gebouwen gevestigd
zijn. NAAR
TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
I) Grondstoffen in de mondiale
economie: gevaarlijke rijkdom
Het allerlaatste MO*noordzuidCAHIER
Van de tinmijnen van Bolivia tot de Congolese
diamant: grondstoffen schrijven een boeiend,
maar vaak ook dramatisch verhaal. Het is doorspekt
met scherpe uitbuiting en buitenlandse bemoeienissen.
Dat verhaal wint nog aan belang door de opflakkering
van de grondstoffenprijzen in de voorbije
vijf jaar. Is het mooie liedje weer van korte
duur of gebruikt men de vernieuwde aandacht
voor de sector eindelijk voor het uittekenen
van een echt grondstoffenbeleid?
Grondstoffen waren dé kern van de
grote Noord-Zuidonderhandelingen van de jaren
zeventig. Op de VN-Conferentie over de Minst
Ontwikkelde Landen in 2001 in Brussel kwamen
ze nauwelijks nog ter sprake. Eigenaardig
toch als precies de economisch zwakste landen
zo sterk afhangen van de grondstoffensector.
Voor hen zijn grondstoffen vaak eerder vloek
dan zegen geweest. Prijspieken zorgden voor
extra middelen, maar waren doorgaans te kort
en onvoorspelbaar om voor solide planning
en duurzame resultaten te zorgen.
Dit is de samenvatting van de inhoud van het
inmiddels allerlaatste MO*noordzuidCAHIER
[*]
(onder redactie van Rudy De Meyer en Emiel
Vervliet). Het kan voor 8 euro (exclusief
verzendingskosten) besteld worden bij: Wereldmediahuis
vzw, Els De Mol, Vlasfabriekstraat 11, 1060
Brussel. Ook voor de bestelling van oudere
nummers.
Emailcontact: els.demol AT mo.be
NB!:
MO*noordzuidCAHIER wordt stopgezet. Maar we
lanceren in het najaar
MO*papers als een volwaardig, eigentijds alternatief:
een reeks digitale
dossiers die op http://www.mo.be
een prominente plek krijgen. Met de MO*papers
zullen we inspelen op actuele debatten en
doorslaggevende tendensen in de wereld van
de mondiale verhoudingen en Noord-Zuidrelaties.
Noot:
[*] Deze tekst is overgenomen
uit: http://globalinfo.nl/article/articleprint/941/-1/2/
Het MO*noordzuidCAHIER is 'hét vakblad
voor de wereldburger' met diepgaande analyses
over de achtergronden van de mondiale verhoudingen.
Met een evenwichtig aanbod van economische,
politieke, sociale en culturele thema's, gebaseerd
op wetenschappelijk gefundeerde informatie;
met een stijl die aangepast is aan een geschoold
maar niet-gespecialiseerd publiek. Motto:
Leren uit het verleden en nieuwe denkpistes
voor de toekomst openen.
Meer over het Mo*noordzuidCAHIER op: http://www.mo.be/content.aspx?ref=AD&amp;lang=NL
NAAR TEKST
NAAR
INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
J) Financiële crisis
dreigt door ernstige belastingontduiking door
bedrijven [1]
De ICFTU bracht afgelopen week een rapport
[2]
uit over de verontrustende omvang van belastingontduiking
door ondernemingen. Regeringen laten dit toe
omdat ze met elkaar concurreren bij het 'binnenhalen'
van investeringen. De vabondsfederatie waarschuwt
echter dat dit zal leiden tot grote begrotingstekorten
in zowel de industrie- als de ontwikkelingsstaten.
In het rapport wordt met tabellen aangetoond
dat:
- het gemiddelde belastingtarief voor ondernemingen
in industriestaten in 20 jaar van 45 naar
30 procent daalde ten gevolge van belastingconcurrentie;
- het tarief halverwege deze eeuw tot bijna
0 procent zal afnemen indien de vermindering
doorzet met dezelfde snelheid;
- (volgens behoudende schattingen) ontwikkelingsstaten
jaarlijks 50 miljard dollar aan inkomsten
derven door de belastingparadijzen ("tax
havens");
- van de 275 grootste Amerikaanse ondernemingen
er 82 geen belasting betaalden of zelfs belasting
terugkregen in tenminste een van de jaren
in de periode 2001-2003 (of zelfs in elk van
die jaren);
- het aantal Export Processing Zones (gedereguleerde
gebieden, maquiladoras (red.)) steeg van 850
in 1998 tot ruim 5000 in 2004 ondanks hun
algemeen slechte reputatie op arbeidsgebied;
- in 2001 de Amerikaanse overheid 53,1 miljard
dollar aan inkomsten mis liep door misbruik
van 'transfer pricing' [3];
- het aandeel van bedrijfsbelastingen ten
opzichte van het geheel aan belastinginkomsten
is in het Verenigd Koningkrijk daalde met
15 procent en in Italië met 22 procent
(beide sinds de jaren '80), in Duitsland met
41 procent en in Japan met 43 procent (beide
sinds de jaren '70) en in de VS met 53 procent
(sinds het eind van de jaren '60).
Het rapport toont de vele manieren van creatief
boekhouden waarmee bedrijven aan hun belastingverplichtingen
ontsnappen, hetzij via legale achterdeurtjes
danwel door illegaal gedrag. Deze praktijken
- die de exponentiele groei van multinationale
ondernemingen mogelijk maakte - omvatten ondermeer
'transfer pricing', 'income stripping' [4]
en het parkeren van intellectueel eigendom.
Belastingconcurrentie stopzetten
Volgens secretaris-generaal van de ICFTU,
Guy Ryder, moeten regeringen - indien ze een
duurzame maatschappelijke toekomst serieus
nemen - stoppen met de maniakale belastingconcurrentie
die dit gedrag in de hand werkt. "They
must also start cooperating with each other
and the OECD in closing the legal loopholes
that have allowed companies to get away with
the kind of behavior that would land an ordinary
citizen in jail for many years, aldus
Ryder.
Door de 'tax havens' kunnen bedrijven als
Boeing, Halliburton, Morgan Stanley, Pepsi,
Citigroup en Xerox een te laag winstbedrag
opgeven en tegelijkertijd gebruik maken van
belastinggeld bij de verdeling van overheidscontracten.
"De hoeveelheid geld die ontwikkelingslanden
elk jaar verliezen via die 'tax havens' is
6 keer zo veel als dat wat nodig is voor de
wereldwijde bekostiging van primair onderwijs.
Is het in deze tijd, waarin bedrijven meer
dan ooit verdienen aan de productiviteitstoename,
waarin de gerapporteerde winsten van bedrijven
hoger zijn dan ooit tevoren en waarin de (door
bedrijven gesponsorde) sociale vangnetten
steeds meer gaten vertonen, niet meer dan
fair om ondernemingen te vragen om iets terug
te leggen in de publieke portomonee? Tenslotte
kunen deze ondernemingen alleen maar concurreren
doordat ze gebruik maken en maakten van overheidsinvesteringen
in infrastructuur en onderwijs. En op de lange
duur kan het eetgedrag van bedrijven niet
zo doorgaan,' zo concludeert Ryder.
Investeringsretoriek
De retoriek die regeringen gebruiken om de
uitputtingsoorlog te rechtvaardigen is dat
ze buitenlandse direkte investeringen moeten
aantrekken. Volgens het ICFTU-rapport is er
echter geen direkt verband tussen de genereuze
belastingdeals voor ondernemingen en toename
van hun investeringen. Integendeel, studies
tonen aan dat bedrijven die zulke 'overvloedigheid'
ten deel vielen hun investeringen juist verminderden
en 'off-shore' gingen [5].
Noten:
[1] Bron: "Having
their cake and eating it too - the great corporate
tax break", door ICFTU, 6 juli 2006 (http://www.icftu.org/displaydocument.asp?Index=991224797&Language=EN).
Vertaling/bewerking: Rob Bleijerveld. NAAR
TEKST
[2] http://www.icftu.org/www/pdf/taxbreak/tax_break_EN.pdf
Rapporttitel: zie noot 1. NAAR
TEKST
[3] Dit heeft betrekking
op prijsvorming en belastingontduiking middels
handel binnen het eigen concern. Een dochterbedrijf,
gevestigd in een 'tax haven', koopt producten
op van het moederbedrijf, gevestigd in een
staat waar een 'hoge' winstbelasting wordt
geheven. Het moederbedrijf maakt dan formeel
geen winst en het dochterbedrijf betaalt slechts
weinig belasting. Evenzo koopt dat dochterbedrijf
producten op de wereldmarkt en verkoopt die
voor meer geld door aan het moederbedrijf.
De laatste kan onder bepaalde voorwaarden
de kosten aftrekken of dit zelfs als verliespost
opgeven. NAAR TEKST
[4] Een dochterbedrijf
in een 'tax haven' leent geld aan het moederbedrijf
en krijgt dat daarna terug samen met een enorm
hoog bedrag aan rente. De 'gemaakte kosten'
- in feite de onbelaste overdracht van winsten
naar een belastingparadijs - kan het moederbedrijf
in eigen staat opvoeren als aftrekpost. NAAR
TEKST
[5] Ofwel: zich vestigden
in belastingparadijzen. NAAR
TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
K) ICFTU evalueerde NAMA-voorstellen:
Ontwikkeling en werkgelegenheid in ontwikkelingslanden
loopt gevaar [1]
Na het mislukken van de WTO-besprekingen op
zaterdag 1 juli moet volgens de wereldwijde
vakbondsfederatie ICFTU [2]
ingezet worden op ontwikkeling en werkgelegenheid
in arme landen. Het mislukken is te wijten
aan de geïndustrialiseerde landen die
bij ontwikkelingslanden bleven aandringen
op vergaande markttoegang voor industriegoederen
terwijl ze geen landbouwconcessies wilden
doen. Secretaris-generaal van de ICFTU, Guy
Ryder, stelt dat omvangrijke tariefreductie
voor industriegoederen tot verlies van werkgelegenheid
in ontwikkelingslanden en tot hoge aanpassingskosten
zal leiden. Het verhindert ook de uitvoering
van een handelsbeleid ten behoeve van de ontwikkeling
van hun economieën en de behoeftevoorziening
van de bevolking.
No sustainable solution can involve
the worsening of poverty and unemployment
in countries that already face a major challenge
in creating decent jobs for the unemployed
and underemployed. Moreover, it remains absolutely
true that as the ILO Constitution states,
poverty anywhere is a danger to prosperity
everywhere - in other words, an agreement
that undermines development in developing
countries would undermine the situation of
working people in the industrialised countries
as well, aldus Ryder.
In het rapport, getiteld "NAMA simulations
for labour intensive sectors in developing
countries" [3],
doet de ICFTU aanbevelingen om te komen tot
een proces van onderop dat gebaseerd is op
deelname van alle belanghebbenden en dat uiteindelijk
voorziet in een evenwichtig en ontwikkelingsvriendelijk
akkoord.
Een paar aanbevelingen:
- de WTO moet geen druk uitoefenen op ontwikkelingslanden
door het stellen van onrealistische deadlines
wanneer de posities van de lidstaten ver uiteen
liggen;
- voorstellen die de ontwikkelingsimpact van
de ronde ondermijnen, moeten worden afgewezen;
overeenkomst kan alleen worden bereikt op
basis van brede en open consultaties en discussies.
- het huidige NAMA-pakketvoorstel moet worden
afgewezen omdat het niet uitgaat van het principe
van "minder dan volledige wederzijdsheid"
en omdat de gevraagde tariefniveaus niet afgestemd
zijn op de ontwikkelingsstadia van de arme
landen;
- de EU en de VS moeten echte landbouwconcessies
doen;
- over essentiële openbare diensten (onderwijs,
gezondheidszorg, watervoorziening etc) mag
niet onderhandeld worden. Elke dienstenovereenkomst
moet uitdrukkelijk uitgaan van het recht van
overheden om maatregelen en voorzieningen
te treffen nodig om de toegang van werknemers
en armen tot die diensten te verbeteren.
Noten:
[1]
Bron: "WTO talks breakdown: Governments
must not fail on development and jobs,"
door ICFTU, 3 juli 2006 (http://www.icftu.org/displaydocument.asp?Index=991224749&Language=EN).
Ingekort en vertaald: Rob Bleijerveld. NAAR
TEKST
[2]
De ICFTU (http://www.icftu.org)
vertegenwoordigt 155 miljoen werknemers in
241 aangesloten organisaties in 156 landen
en territoria. De ICFTU is lid van Global
Unions (http://www.global-unions.org).
NAAR TEKST
[3]
http://www.icftu.org/www/PDF/ICFTUNAMAtariffsimulations.pdf
NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
L) NGO eist stopzetting
van Britse steun aan IMF en Wereldbank
De Britse maatschappelijke organisatie
Christian Aid bracht begin juli een rapport
uit waarin het Britse beleid voor ontwikkelingshulp
scherp wordt bekritiseerd. Christian Aid roept
in een campagne op tot een financieringsstop
van IMF en Wereldbank en eist de hervorming
van beide instellingen.
In het rapport ("Challenging conditions:
A new strategy for reform at the World Bank
and IMF" [1]
[2])
stelt de NGO: "Vorig jaar kondigde de
Britse regering aan te zullen stoppen met
het stellen van schadelijke economische voorwaarden
aan hulp. Maar IMF en Wereldbank gaan door
met het opleggen van dit soort voorwaarden
aan arme staten. Jarenlang beloofden deze
instellingen minder voorwaarden te zullen
stellen, maar ze hebben dat nooit gedaan.
Het is nu tijd dat de Britse regering doet
wat ze altijd beloofde te doen. Er dient een
moratorium te worden ingesteld op vrijwillige
bijdragen aan IMF en Wereldbank, totdat die
instellingen hun beleid hervormen en stoppen
met het opleggen van economische eisen. Ondertussen
moet het Verenigd Koninkrijk de uitgetrokken
hulpfondsen overdragen aan multilaterale instellingen
die geen eisen stellen."
Twintig jaar van IMF- en Wereldbankbeleid
leidde tot de gedwongen snelle en willekeurige
liberalisering van de economieën van
arme staten en de privatisering van hun belangrijkste
industrieën. Dat had een rampzalige uitwerking
op de bestaansvoorwaarden van arme mensen,
en het neutraliseerde de voordelen van hulp
en schuldkwijtschelding.
Voorwaarden die gesteld worden aan hulp en
schuldkwijtschelding ondermijnen daarnaast
het democratisch functioneren van arme staten
en van andere internationale instellingen.
Vaak werden arme staten gedwongen liberaliseringen
toe te staan die verder gaan dan wat de WTO
verlangt. Dat ondermijnt de handelsbesprekingen
en verzwakt hun onderhandelingspositie.
De eisen van Christian Aid zijn:
1. een moratorium door de Britse regering
op zijn vrijwillige betalingen aan IMF en
Wereldbank. Het geld moet naar multilaterale
instellingen gaan die daarmee een effectieve
ontwikkeling bewerkstelligen zonder economische
eisen. Ook moet het worden gebruikt voor aflossing
van de multilaterale schuld aan het Verenigd
Koninkrijk.
2. De Britse regering moet ervoor te zorgen
dat zijn hulp geheel ontdaan is van door IMF
en Wereldbank gestelde eisen, en moet andere
progressieve donors aanmoedigen dit voorbeeld
te volgen.
3. De Britse regering moet aandringen op grondige
hervorming van IMF en Wereldbank die een eind
maakt aan het stellen van voorwaarden en die
het tot meer legitieme en effectieve, multilaterale
organisaties maakt.
Noten:
[1] http://www.christian-aid.org.uk/indepth/607ifis/challengingconditions.pdf
(juni 2006). NAAR TEKST
[2] Zie ook de bijbehorende
briefing aan Britse parlementariërs: "Stop
paying for poverty - The IMF and World Bank
should end the damaging economic conditions
attached to aid and debt cancellation"
van juni 2006 (http://www.christianaid.org.uk/campaign/beat/MPbriefing.pdf).
NAAR TEKST
NAAR
INHOUD