WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
A) Project 'Vóór de Verandering'
klaagt Minister Brinkhorst aan
26 oktober: Tweede zitting van Tribunaal Tegen EZ Over WTO-beleid
Blijft liberalisering van de wereldhandel het dogma
van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) of wordt handel ondergeschikt
gemaakt aan een proces van rechtvaardige en duurzame ontwikkeling?
Dat is de grote vraag die half december aan de orde is op
de WTO-top in Hong Kong. Politieke activisten en maatschappelijke
organisaties willen vooraf duidelijkheid over de opstelling
van minister van Economische Zaken Brinkhorst, die verantwoordelijk
is voor het Nederlandse handelsbeleid en dus ook voor de
schadelijke effecten van dat beleid in de afgelopen jaren.
Bij de vorige WTO-top, in 2003 in het Mexicaanse Cancún,
speelde de Nederlandse hoofdvertegenwoordiger, minister
van Economische Zaken Brinkhorst, een hoogst omstreden rol.
Als een van de voorzitters van de conferentie wilde hij
per se aan een harde neoliberale agenda vasthouden, waarbij
de WTO zelfs nog met nieuwe onderwerpen uitgebreid zou moeten
worden. Veel Derde Wereldlanden hadden daar geen trek in
en de conferentie mislukte spectaculair.
Nu er een nieuwe WTO-top nadert, dringt zich de vraag op
naar de rol die Nederland zou moeten en mogen spelen bij
het vormgeven van het WTO-beleid en de internationale economie
in het algemeen. Om het antwoord op die vraag te vinden,
zijn de medewerkers van het project 'Vóór
de Verandering' een tribunaal tegen Brinkhorst en het ministerie
van EZ gestart.
Eerste zitting
In april werd een eerste zitting georganiseerd, waarbij
medewerkers van uiteenlopende organisaties uiteen konden
zetten wat het effect is van het gevoerde beleid op hun
specifieke gebied (zoals milieu, publieke diensten, voedsel
en gezondheidszorg, ontwikkeling van Afrikaanse landen,
democratie, etcetera) [1].
Dit heeft geleid tot een uitgebreide aanklacht [2]
die in juli aan minister Brinkhorst overhandigd is [3],
met het verzoek zich op de tweede zitting te komen verdedigen.
Aanklacht en Verweer
De opstellers van de aanklachten signaleren op vele terreinen
een sterk schadelijk effect door het heersende beleid. Natuur
en milieu worden uitgeput, de publieke diensten worden uitgekleed
en arme landen worden gedwongen om handelsovereenkomsten
te sluiten die dramatische gevolgen hebben voor de eigen
bevolking, om slechts enkele conclusies te noemen.
Minister Brinkhorst heeft op 11 augustus in een brief [3]
laten weten niet te zullen komen om zich te verdedigen,
mede omdat hij bang is dat het "een ongelijk debat"
zal zijn. Uiteraard gaat de zitting op 26 oktober ook in
absentie van de verdachte gewoon door.
26 oktober
Vanaf 13.00 uur zal het Nederlandse economische beleid
en de gevolgen die dat heeft voor mens, milieu en de planeet
aarde in z'n geheel, centraal staan. De geformuleerde aanklacht
zal toegelicht en aangevuld worden. Een panel van deskundigen,
met daarin onder anderen milieudeskundige Lucas Reijnders,
de econoom Michael Kratzke en (onder voorbehoud) vrouwenactiviste
Thera van Osch en de filosoof Jaap Kruithof, zal de aanklacht
verduidelijken en becommentariëren. Medewerkers van
organisaties en actiegroepen als Milieudefensie, Wemos,
XminY Solidariteitsfonds, CEO, SOMO en Both Ends zullen
de aanklacht toelichten en aan de discussie over conclusie
deelnemen.
Alternatieven
Tevens zal ingegaan worden op de alternatieven voor het
huidige WTO-beleid, die op initiatief van het project Vóór
de Verandering geformuleerd zijn na de mislukte WTO-conferentie
in Cancún.
Uitspraak
Bijzondere aandacht zal er zijn voor het democratisch gehalte
van de invulling van het beleid van het ministerie. De middag
zal uitmonden in een discussie over de te volgen strategie
naar de komende WTO-conferentie toe, waarbij een keuze gemaakt
kan worden in de kwestie of de Nederlandse regering wel
weer aan de WTO-top zou moeten of mogen deelnemen.
Plaats: Theater Concordia, Hoge Zand
42, te Den Haag
Tijd: van 13 tot 17 uur.
Er is, tot de zaal vol zit, gelegenheid om het tribunaal
bij te wonen. Deelnemers kunnen daarbij tevens meebeslissen
over het uiteindelijke oordeel. Aanmelden via: http://www.globalternatives.nl/tribunaalaanmelding&style_i
(of een mail naar: kh@xminy.nl).
Meer informatie: http://www.globalternatives.nl/tribunaal
(of: XminY Solidariteitsfonds (Kees Hudig - tel 020-6279661;
email: kh@xminy.nl; De Wittenstraat 43, 1052 AL Amsterdam).
Noten:
[1] De integrale teksten van de Aanklagers
als ondersteunende bewijsvoering tegen het Internationale
economische beleid van de Nederlandse regering (14 april
2005) zijn te vinden op: http://www.globalternatives.nl/tribunaalaanklagers
Een verslag van het eveneens op 14 april door XminY Solidariteitsfonds
georganiseerde 'Globaliseringscafe', waar uitvoerig stil
gestaan werd bij het Tribunaal is te vinden op: http://www.globalinfo.nl/article/articleview/583/1/1/
NAAR TEKST
[2] De aanklacht is te vinden op: http://www.globalternatives.nl/tribunaalaanklacht&style_id=
NAAR TEKST
[3] http://www.globalternatives.nl/tribunaalaanklagers
NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
B) Nieuwe mislukking WTO-vergadering
Opbouw van druk vlak voor 'Hong Kong'
(commentaar van Rob Bleijerveld [1])
Op 19 en 20 oktober vonden in Genève zowel een zitting
van de Algemene Raad van de WTO als een bijeenkomst van
Five Interested Parties plaats. Wederom waren het deze FIP's
(de VS, de EU, India, Australië en Brazilië) die
hun stempel op de voortgang van de WTO-onderhandelingen
drukten en daarbij het overgrote deel van het lidmaatschap
buiten spel zetten. De spanning in de WTO loopt op...
Op woensdagavond 19 oktober verliet de Braziliaanse delegatie
kwaad de FIP's-zaal, hetgeen meteen de mislukking van de
tweedaagse Algemene Raadszitting inluidde. Reden: de VS
en de EU spelen het spel te hard. Volgens Brazilië
geven ze niet echt toe op landbouwgebied en eisen ze in
ruil voor hun inhoudsloze voorstellen zelfs meer concessies
van anderen op gebied van NAMA en GATS.
Gevaarlijk spel
Ofwel de VS en EU spelen gevaarlijk spel door vlak voor
het moment waarop met klinkende munt betaald moet worden
(Hong Kong) te blijven bluffen. Beide hebben op landbouwgebied
een aanbod gedaan waarbij ze naar eigen zeggen veel inleveren.
Vlak voor de 19e vielen Amerikaanse agroindustriële
belangengroepen die de Amerikaanse landbouwvoorstellen te
duur vinden de VS-regering aan. En kwam EU-onderhandelaar
Mandelson onder vuur te liggen van Frankrijk en een twaalftal
andere EU-lidstaten wegens beweerde overschrijding van zijn
mandaat. De boodschap: "Zie, onze manoeuvreerruimte
is heel beperkt."
Maar waarnemers zeggen dat het bij de voorstellen gaat
om 'creatief boekhouden' en dat ze zelfs ruimte laten voor
verhoging van subsidies via nieuwe sluipwegen... Daarbij
koerst de VS af op een nieuwe 'Peace Clause' in de WTO.
Tijdens de FIP's-zitting bleek dat de EU en de VS zelfs
zwaarder inzetten op meer marktopening in NAMA en op benchmarking
in GATS dan eerder al het geval was. Zo stelde de Unie voor
dat het buitenlandse investeerders toegestaan wordt een
meerderheidsbelang (51%) te verkrijgen in nationale dienstenbedrijven.
De VS van zijn kant wil meer concessies op landbouw- en
NAMA-gebied van zowel rijke als arme landen. Brazilië
wordt door de VS gevraagd om het voorbeeld te geven en zo
andere staten 'mee te trekken'.
Voorzittersteksten
Op korte termijn komen door het mislukken van deze Algemene
Raad de sluitdata ook steeds meer onder druk te staan en
is de kans groot (zoals in Doha en Cancun) dat de voorzitters
uiteindelijk op de proppen komen met zogenaamde 'voorzittersteksten'
met daarin controversiële uitgangspunten.
Voor GATS is er een sluitdatum op 3 november voor het inleveren
door lidstaten van conceptteksten en op 15 november voor
de vaststelling an een definitieve onderhandelingstekst.
De GATS-voorzitter heeft nu al - zonder enige vorm van consensus
- het sterk bekritiseerde 'benchmark'-principe opgenomen
in een soort concepttekst [2]
voor de GATS-onderhandelingen. Indien die 'benchmarking'
er tijdens de volgende zitting van de Algemene Raad niet
uit gaat, dreigt het opgenomen te worden in de definitieve
voorzitterstext voor GATS!
Ondertussen zetten de ontwikkelingslanden als een soort
noodremmechanisme in op zogenaamde ontwikkelingsparameters,
instrumenten voor het meten van daadwerkelijke ontwikkelingskansen
in ingediende voorstellen.
Hong Kong
Het lijkt er dus verdacht veel op dat de twee tot aan Hong
Kong geen belangrijke toezeggingen zullen doen en daarbij
de steun hebben van het WTO-secretariaat. De druk wordt
zo nog opgevoerd. Om vervolgens in Hong Kong zoveel mogelijk
lidstaten in een positie te brengen waarin die niet anders
kunnen doen dan een ongunstig liberaliseringspakket accepteren.
Daarbij zullen de EU en de VS gebruik maken van de technische
onbekendheid van de ministers van de overige lidstaten om
hun offensieve belangen er door te drukken.
Noten:
[1] met dank aan Roelien Knottnerus.
NAAR TEKST
[2]"Possible elements for a draft
ministerial text on services , Revision 1 - Note by the
Chairman," Council for Trade in Services, Special Session
(JOB(05)/234/Rev.1), 20 October 2005. Zie onder "Approaches".
Het document is te vinden op:
http://intranet.bothends.org/tiki-download_file.php?fileId=117
NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
C) Drastische koerswijziging WTO-onderhandelingen
noodzakelijk
(door Rian Fokker [1])
Vandaag [2]
begint de vergadering van de Algemene Raad van de WTO, de
Wereldhandelsorganisatie. De vergadering van deze week is
één van de laatste vóór de ministeriële
top in december in Hong Kong, waar de leden van de WTO tot
een akkoord willen komen over liberalisering van de handel.
Pas sinds vorige week lijkt er beweging te komen in de onderhandelingen.
Maar de grote groep armere ontwikkelingslanden voelt zich
buitengesloten en is zwaar teleurgesteld over de voortgang
in wat ooit de 'Doha ontwikkelingsronde' genoemd werd.
Vorige week vergaderde een kleine groep WTO-leden, waaronder
de EU, de VS en ook Brazilië, in Zürich. Met veel
tromgeroffel brachten zowel de EU als de VS voorstellen
uit om de landbouwonderhandelingen vlot te trekken.
Juist van die landbouwonderhandelingen verwachten ontwikkelingslanden
veel: zij hopen dat er een eind komt aan het uitbundige
gebruik van subsidies dat rijke landen een grote voorsprong
geeft op de wereldmarkt. Zij wijzen dan bijvoorbeeld op
katoen. De VS steunen hun 25.000 katoenboeren jaarlijks
met zo'n 3 miljard dollar. De overproductie die daarvan
het gevolg is, wordt goedkoop op de wereldmarkt gedumpt
waardoor wereldmarktprijzen sterk daalden. Afrikaanse katoenexporteurs
zagen hun exportinkomsten met honderden miljoenen dollar
per jaar verminderen - en steeds meer boeren onder de armoedegrens
verdwijnen. Om die reden is katoen apart op de WTO-agenda
gezet.
Maar juist over katoen zwijgen de onderhandelaars in alle
talen. En ook de voorstellen over vermindering van de landbouwsubsidies
die de VS en de EU de afgelopen week met veel bombarie deden,
stellen in de praktijk bijzonder weinig voor. Als deze twee
blokken hun zin krijgen wordt er weliswaar beknibbeld op
de hoeveelheden geld die landen mógen uitgeven, maar
nauwelijks op de daadwerkelijke bestedingen.
Tegelijkertijd wordt van ontwikkelingslanden wel verwacht
dat zij hun markten wijd open gooien. In het Amerikaanse
voorstel moeten zij hun tarieven gemiddeld zelfs meer verlagen
dan de rijke landen. Grofweg gezegd betekent dat dat rijke
landen landbouwproducten kunnen blijven dumpen, terwijl
ontwikkelingslanden zich daar steeds slechter tegen kunnen
beschermen.
Wat de zaak nog erger maakt, is dat voortgang in de landbouw
als ruilmiddel wordt gezien. EU en VS willen vooral winst
zien op twee andere terreinen: diensten (bijvoorbeeld banken,
maar ook basisvoorzieningen als water en gezondheidszorg)
en niet-landbouwproducten. En dat betekent dat ontwikkelingslanden
in ruil voor minimale voortgang op het gebied van landbouw,
grote concessie moeten doen in deze twee andere sectoren.
Op het gebied van diensten wil de EU bijvoorbeeld nu de
spelregels aanpassen, om zo de WTO-leden te dwingen tot
meer en snellere liberalisering, ook als dat niet bijdraagt
aan ontwikkeling. Voor niet-landbouwproducten is de druk
groot om tarieven heel sterk te verlagen. Ontwikkelingslanden
vrezen dat hun industrieën -nog - niet tegen de concurrentie
van buitenaf zijn opgewassen - en dat ze teruggeworpen zullen
worden op de landbouw.
Of het nu om de landbouw, de diensten of de niet-landbouwproducten
gaat: ontwikkelingslanden hebben behoefte aan flexibiliteit.
Zij willen hun markten kunnen beschermen om voedselzekerheid
en rurale ontwikkeling veilig te stellen, of hun jonge,
beginnende industrieën de kans te geven zich te ontwikkelen
- precies zoals vrijwel alle rijke landen dat in het verleden
gedaan hebben.
Helaas lijken de onderhandelingen vooral voortgang te boeken
buiten de invloedssfeer van de armere ontwikkelingslanden.
Dat is buitengewoon teleurstellend in een jaar waarin met
de G8 in juli, de VN millenniumtop in september en de WTO
top in december een belangrijke slag geslagen had kunnen
worden in de trits hulp, schuldverlichting en handel. De
uitkomsten op het gebied van schuldverlichting en hulp vielen
zwaar tegen. Alle zeilen zullen bijgesteld moeten worden
om in Hongkong op het gebied van handel nog resultaat te
boeken voor ontwikkelingslanden. De Algemene Raad van deze
week is daarbij cruciaal: het is dè kans om de armere
landen meer bij de onderhandelingen te betrekken.
Noten:
[1] Rianne is werkzaam voor NOVIB.
Ze schreef deze ingezonden brief vorige week namens de Coalitie
voor Eerlijke handel (een samenwerkingsverband van 20 landbouw-,
milieu- en ontwikkelingsorganisaties). Ze is NGO-vertegenwoordigster
in de Nederlandse regeringsdelegatie die in december naar
de Hong Kong-top afreist. NAAR TEKST
[2] De zitting vond plaats op 19 en
20 oktober 2005. NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
D) Ontwikkelingslanden dupe van EU in
de WTO
(door Myriam Vander Stichele [1])
Deze week [2]
gaat veel aandacht naar de landbouwonderhandelingen in de
WTO en de bereidheid van de EU om landbouwsubsidies verder
af te bouwen en haar grenzen meer open te stellen. Intussen
wordt onderbelicht dat de Europese onderhandelaars deze
toegevingen compenseren door agressief in te zetten voor
veel meer markttoegang in ontwikkelingslanden voor industriële
goederen en diensten (bv. vestiging van buitenlandse banken).
In de dienstenonderhandelingen wil de EU, met steun van
Nederland, alle WTO-lidstaten verplichten tot een bepaald
kwantitief en kwalitatief niveau van marktopening. Dit ontneemt
ontwikkelingslanden hun huidige recht in het dienstenverdrag
(GATS) om te kiezen of, en hoeveel, marktopening ze willen.
Bovendien beperken GATS-regels de mogelijkheid van die landen
om overheidsmaatregelen te nemen tegen de negatieve gevolgen
van marktopening.
Sectorspecifieke studies wijzen uit dat er eerst goede
regelgeving moet zijn om te genieten van de voordelen van
dienstenliberalisering. Veel ontwikkelingslanden (bv. Brazilië)
hebben sterk geprotesteerd tegen het Europese voorstel terwijl
sommigen (bv. India) er meer positief tegenover staan om
zo zelf iets te kunnen binnenhalen. De VS steunt het EU
voorstel niet, biedt zelf weinig marktopening aan maar zoekt
agressief naar marktopening bij andere landen.
Dit is een gevaarlijke cocktail die veel aspecten voor
een sociale, economische en milieuvriendelijke ontwikkeling
buiten de onderhandelingen houdt. De EU moet daarom haar
voorstel intrekken en geen gestandaardiseerde dienstenliberalisering
van buitenaf opleggen. De EU moet een ontwikkelingsagenda
nastreven, niet de agenda van de Europese bedrijven.
Noten:
[1] Myriam is Senior Researcher bij
SOMO (Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen).
NAAR TEKST
[2] Deze ingezonden brief werd vorige
week geschreven ter gelegenheid van de zitting van de Algemene
Raad van de WTO op 19 en 20 oktober en aangeboden aan het
Financieele Dagblad. NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
E) Uitkomst ontmoeting met EU-ambassadeur
Trojan over GATS
(door Roelien Knottnerus [1]
[2])
De EU heeft een groot belang bij diensten. Maar de Unie
is ontevreden over het vraag-en-aanbodproces in GATS, omdat
dat te langzaam zou gaan en te omslachtig zou zijn. De EU
oefent veel druk uit om aanvullende methoden te introduceren
die uitgaan van verplichte kwalitative en kwantitatieve
richtlijnen ('benchmarks') om het proces te versnellen.
Tegelijkertijd geven de ontwikkelingslanden aan dat ze
in deze ronde te maken hebben met erosie van voorkeursregelingen
en met inbreuk op hun reguleringsrecht. De ontwikkelde landen
voeren ondertussen oppositie tegen de noodgarantiemaatregelen
('emergency safeguard measures') die het de ontwikkelingslanden
mogelijk moeten maken om hun nationale beleid te kunnen
blijven uitvoeren en om mogelijke negatieve sociale gevolgen
van liberaliseringen te kunnen tegengaan.
Ze ervaren de introductie van benchmarks als iets dat hen
wordt opgedrongen en als iets dat deze tekortkomingen alleen
maar zal versterken. Het ontneemt hen de flexibiliteit om
te kiezen welke sectoren (of misschien wel geen enkele)
ze willen openen voor de dienstenliberalisering.
Niet alleen gaf Europees ambassadeur bij de WTO, dhr. Trojan,
aan niet erg onder de indruk te zijn van deze gevoeligheden
van ontwikkelingslanden. Hij probeerde zelfs alle geuite
bezorgdheden weg te wuiven door nadrukkelijk te stellen
dat er geen echt probleem is. Het staat landen namelijk
op elk moment geheel vrij om al dan niet benchmarking te
introduceren in het kader van de GATS-onderhandelingen.
En vanwege deze vrijheid om te accepteren of om af te wijzen,
kan volgens Trojan van benchmarking niet gezegd worden dat
het inbreuk maakt op de keuzevrijheid van landen. Aldus
was er nog steeds sprake van flexibiliteit in GATS.
Hij ging verder door de noodzaak te benadrukken voor aanvullende
methodes ('complementary approaches') omdat het vraag-en-aanbodproces
te weinig resultaten oplevert en omdat de huidige GATS-toezeggingen
nog ver beneden de liberaliseringsniveau's van de landen
zelf liggen. Trojan was het niet eens met de stelling dat
dit mogelijk ingegeven is door het karakter van onomkeerbaarheid
van GATS-toezeggingen, door het gebrek aan duidelijkheid
over regels voor binnenlandse regulering ('domestic regulation')
en het ontbreken van noodgarantiemaatregelen ('emergency
safeguard measures').
Trojan suggereerde verder dat de oppositie tegen de Europese
benchmark-voorstellen niet erg diep gaat omdat alle landen
een zeker offensief belang zouden hebben bij diensten en
daarom wat te winnen hebben bij versnelde dienstenliberalisering.
Een van zijn ambtenaren voegde later toe dat de NGO's te
veel gericht zijn op de huidige defensieve belangen van
ontwikkelingslanden, terwijl ze zich - in het belang van
ontwikkeling - beter kunnen richten op het productiepotentieel
van landen dat vrijhandel zal helpen vergroten.
Als laatste bracht de EU-vertegenwoordiger het ontwikkelingsperspectief
van de Doha Ronde nog in lijn met het benchmark-voorstel
door de noodzaak te benadrukken om onderscheid te maken
tussen ontwikkelingslanden wat betreft hun ontwikkelingsniveau
en individual behoeften. Trojan betoogde dat Minst Ontwikkelde
Landen (MOL's) in dit stadium uitgezonderd zijn van het
doen van elke toezegging en dat de EU deze groep landen
aanzienlijke technische assistentie aanbiedt om hun capaciteit
te vergroten om baat te hebben bij een grotere toegang tot
de markten van de ontwikkelde landen.
NB. Er zijn duidelijke aanwijzingen dat het feit dat de
MOL's uitgesloten zijn van het doen van toezeggingen, gebruikt
wordt om hun stem in de onderhandelingen te marginaliseren.
De MOL's benadrukken echter dat ze het volste recht willen
behouden om mee te diskussiëren over de handelsregels
waar ze in de toekomst mee te maken krijgen.
Noten:
[1] Roelien is werkzaam voor het secretariaat
van het GATSPlatform. NAAR TEKST
[2] Vertaling: Rob Bleijerveld NAAR
TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
F) Oproep aan Nederlandse gemeenten:
Sluit aan bij de honderden GATS-vrij verklaarde Europese
gemeenten!
(door Roelien Knottnerus [1])
Eind augustus stuurde het GATSPlatform brieven aan alle
Nederlandse gemeenten met het verzoek een motie aan te nemen
waarin hun gemeenten symbolisch GATS-vrij verklaard worden.
In de brieven werd uitgebreid stilgestaan bij de GATS-onderhandelingen
[2] en de mogelijke
gevolgen voor het lokaal bestuur. Tevens worden burgemeesters,
wethouders, raadsleden en fractiemedewerkers uitgenodigd
om deel te nemen aan een conferentie in Luik [3]
over dit thema. Op 22 en 23 oktober zullen - op uitnodiging
van de burgemeester van Luik - vertegenwoordigers van een
aantal grote steden uit Europa en daarbuiten daar aangeven
welke overwegingen ten grondslag lagen aan het GATS-vrij
verklaren van hun gemeenten. Tevens zal men praten over
de dreigende ondermijning van lokale demokratie door de
WTO en wat er tegen te doen.
Overal ter wereld luiden gemeenten de alarmbel over de verdere
liberalisering van de handel in diensten waarover momenteel
in de Wereldhandelsorganisatie (WTO) wordt onderhandeld.
Het General Agreement on Trade in Services (GATS) vormt
een bedreiging voor de zeggenschap en beleidsvrijheid van
nationale, regionale en lokale overheden ten aanzien van
de (publieke) dienstverlening. Dit kan grote consequenties
hebben voor mens en maatschappij.
GATS-afspraken hebben rechtstreeks weerslag op lokaal beleid.
Veel van de 160 in GATS onderscheiden dienstensectoren vallen,
direct of indirect, onder de verantwoordelijkheid van gemeenten
en provincies. Zo heeft GATS direct betrekking op beleidsterreinen
als landschapsinrichting, afvalwaterzuivering en openbaar
vervoer: publieke diensten die onder de bevoegdheid van
de decentrale overheid vallen. Indirect reikt de invloed
van GATS nog veel verder, bijvoorbeeld via ruimtelijk ordeningsbeleid,
vergunningenbeleid (vestigingsvergunningen, milieu- vergunningen),
subsidies en economische stimuleringsmaatregelen.
Op de WTO-top van december 2005 in Hong Kong zal het proces
van wereldwijde handelsliberalisering een beslissende fase
in gaan. Dat betekent dat de onderhandelingen - ook over
de liberalisering van diensten - deze herfst worden geïntensiveerd.
Daarom is het juist nu van belang dat lokale overheden alert
blijven, openheid van zaken eisen en hun bevoegdheden niet
verder laten uithollen.
Talloze gemeenten hebben inmiddels kritische GATS-resoluties
aangenomen. Hun aantal groeit nog steeds. Zij eisen:
* Een moratorium op verdere onderhandelingen.
* Een uitgebreide, onafhankelijke evaluatie van de effecten
van onder GATS reeds ingevoerde en voorgestelde liberaliserings-
en/of privatiseringmaatregelen op (publieke) dienstverlening.
* De verzekering dat bij toekomstige onderhandelingen alle
sectoren van de samenleving op elk niveau - dus ook lokale
overheden - worden geconsulteerd en bij het onderhandelingsproces
betrokken.
GATS & lokaal bestuur
GATS heeft betrekking op 160 verschillende dienstensectoren:
van afvalverwerking tot toeristische dienstverlening en
vervoer, van detailhandel tot gezondheidszorg. Het doel
van GATS is verdere liberalisering van dienstverlening.
Dat betekent verdere terugtrekking van de overheid uit de
dienstensector, zowel op nationaal, regionaal als lokaal
niveau. Dat kan leiden tot privatisering van publieke diensten
of verdergaande deregulering in de commerciële dienstverlening.
GATS holt de democratische bevoegdheden van (lokale) overheden
uit. Wanneer een dienstensector eenmaal onder GATS is gebracht,
is het voor overheden moeilijker om die sector te reguleren.
Het GATS-verdrag bepaalt dat overheidsregulering niet 'onnodig
handelsbeperkend' mag zijn, zelfs waar het gaat om sociale
doelstellingen of milieuregels. Als deze regels niet van
tevoren zijn aangemeld bij de WTO kunnen ze door een WTO-geschillenpanel
als 'niet GATS-conform' worden verboden, op straffe van
zware handelssancties.
Dit vervult veel lokale beleidmakers met zorg. Zo is het
niet denkbeeldig dat streekplannen of gemeentelijke bestemmingsplannen
tot 'onnodig handelsbelemmerend' kunnen worden bestempeld.
Ook kan bijvoorbeeld de sociale woningbouw onder druk komen
te staan als onder GATS projectontwikkeling en -beheer in
deze sector verplicht moet worden opengesteld voor commerciële
bedrijven met een winstoogmerk. Lokale overheden zullen
al hun beleidsmaatregelen langs de strikte GATS-meetlat
moeten leggen en alleen de 'minst handelsbeperkende' mogen
aanwenden om hun doelstellingen te bereiken.
Publieke diensten buiten schot?
Nationale overheden proberen overal in Europa de gemoederen
te bedaren door te stellen dat 'publieke diensten' uitgezonderd
zullen zijn en blijven van de GATS-bepalingen. Zij verwijzen
daarbij naar artikel 1.3b van het GATS-akkoord. Daarin staat
dat alle diensten onder GATS vallen, behalve 'diensten die
niet op commerciële basis, noch in concurrentie met
een of meer dienstenleveranciers worden aangeboden'. Maar
veel landen laten, bijvoorbeeld op het gebied van onderwijs
en gezondheidszorg, delen van de publieke dienstverlening
uitvoeren door commerciële bedrijven. Juridisch kan
dat betekenen dat deze sectoren toch onder de GATS-bepalingen
vallen [4].
Onder grote publieke druk heeft de Europese Commissie toegezegd
dat er binnen de huidige GATS-onderhandelingen door de EU
geen verdere concessies zullen worden gedaan op deze terreinen.
Maar er is geen enkele harde garantie dat zorg en onderwijs
in de toekomst niet toch onderwerp van onderhandeling zullen
worden. Vooral niet omdat het GATS-akkoord streeft naar
steeds verdergaande liberalisering.
Bovendien moeten overheden zich er rekenschap van geven
dat dienstverlenende bedrijven in hun drang naar expansie
alle juridische wegen zullen bewandelen om via de WTO markttoegang
af te dwingen.
Europa werkt niet alleen binnen de WTO aan vergaande liberalisering
van de dienstensector. Ook binnen de EU bestaan er plannen
in die richting. De EU-richtlijn diensten, ook wel bekend
als de Bolkestein-richtlijn, is in alle opzichten 'het kleine
broertje' van GATS. Deze richtlijn zal begin volgend jaar
[5] in eerste
lezing aan het Europees Parlement worden voorgelegd. Als
deze richtlijn in de huidige vorm wordt aangenomen, zal
het - ook voor lokale overheden - veel moeilijker worden
om eisen te stellen aan buitenlandse dienstverleners die
zich op de Nederlandse markt willen begeven, bijvoorbeeld
op het gebied van kwalificaties, vestigingsvereisten, vergunningen,
arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden.
GATS-vrije gemeenten
In Oostenrijk hebben meer dan 280 gemeenten - waaronder
Wenen en diverse provinciehoofdsteden als Linz en Graz -
een resolutie getekend waarin een moratorium op verdergaande
GATS-onderhandelingen wordt geëist. In Frankrijk hebben
inmiddels 717 'collectivités' - gemeenten, steden,
departementen en regio's - zichzelf 'GATS-vrij' verklaard.
Ook zij roepen op tot een moratorium. Onder hen grote steden
als Parijs, Montpellier en Grenoble. In Groot-Brittannië
zijn door meer dan 26 lokale overheden en regio's GATS-moties
aangenomen die oproepen tot het opschorten van de onderhandelingen.
Edinburgh, Oxford, Bristol en Manchester behoren tot de
gemeenten die hun bezorgdheid hebben uitgesproken. In België
hebben onder meer Luik en Namen zich 'GATS-vrij' verklaard
en in Italië hebben steden als Turijn en Genua zich
achter de kritiek op GATS geschaard. De oproep tot waakzaamheid
ten aanzien van GATS krijgt niet alleen in Europa gehoor.
Steden als Christchurch (Nieuw-Zeeland) en Vancouver (Canada)
hebben zich eveneens uitgesproken tegen GATS.
Meer informatie:
* Over GATS, lokaal bestuur en de campagnes voor GATS-vrije
gemeenten: http://www.gatswatch.org/locgov.html
* Over GATS & Bolkestein (door de Wetenschappelijke
Raad van Attac Vlaanderen): http://vl.attac.be/article423.html
* Wat is er van uw dienst? Gevolgen van WTO-dienstenonderhandelingen
voor gemeenten en provincies: http://www.milieudefensie.nl/globalisering/publicaties/index.htm
* en op de website van het GATS-platform: http://www.gats.nl
* Het "Gats-vrije zone"-logo is te vinden op:
http://horsagcslogo.chez.tiscali.fr/download.html#nederlands
Noten:
[1] Werkzaam bij het secretariaat van
het GATS-platform. Het Platform bestaat uit: Abvakabo-FNV,
Attac-NL, Corporate Europe Observatory, Landelijke Studenten
Vakbond, Ver. Milieudefensie, Stichting Onderzoek Multinationale
Ondernemingen, TransNational Institute, St. Wemos, World
Information Service on Energy en XminY Solidariteitsfonds.
NAAR TEKST
[2] GATS: General Agreement on Trade
in Services, onderdeel van de Doha Ronde van WTO-onderhandelingen.
NAAR TEKST
[3] Meer hierover op: http://agcs-gats-liege2005.net/EN/welcome.htm
NAAR TEKST
[4] Zo gelden ook not-for-profit instellingen
die draaien op door de overheid verstrekte subsidies als
'privaat'. NAAR TEKST
[5] Oorspronkelijk zou de behandeling
deze herfst zijn, maar mede door de ruim duizend door Europarlementariërs
ingediende amendementen is dit uitgesteld tot januari (of
later). Een voorbereidende behandeling in de EP Commmissie
voor de Interne Markt is in november. NAAR
TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
G) "Dienstenrichtlijn: begin van
het einde van sociaal Europa?"
Debat: 9 november in Den Haag
Het voorstel van de Europese Commissie om de Europese markt
in diensten te liberaliseren heeft geleid tot verdeelde
meningen. Enerzijds zou liberalisering handel en economische
groei in Europa met wel 60 % kunnen doen toenemen. Tegenstanders
noemen de dienstenrichtlijn echter een aanval op de kwaliteit
en toegankelijkheid van de publieke dienstverlening in Europa
en op het Europese sociale model.
Kortom, de dienstenrichtlijn: het begin van het einde van
sociaal Europa ?
Studenten, jonge ambtenaren en andere 'young professionals'
uit de Haagse regio worden hierbij door Instituut Clingendael,
Europese Beweging Nederland, Europese Commissie, Europees
Parlement, Haagse Hogeschool, Nederlands Debat Instituut
en Campus Den Haag van de Universiteit Leiden uitgenodigd
om te komen debatteren over de dienstenrichtlijn en sociaal
Europa op:
woensdag 9 november
van 17.00 uur tot 19.00 uur
in café de Haagsche Kluisch
Plein 20, Den Haag
Marko Bos, plv. directeur Economische Zaken van de Sociaal-economische
Raad, zal kort de problemen van sociaal Europa in het kader
van de dienstenrichtlijn schetsen. Daarna gaan Eske van
Egerschot, Tweede Kamerlid voor de VVD, en Rutger Groot
Wassink, beleidsmedewerker FNV Jongeren, met elkaar en met
het publiek debatteren. Maarten Bouwhuis van het Nederlands
Debat Instituut zal het debat leiden.
Aanmelden: e-mail naar ebn@xs4all.nl
onder vermelding van 'debat Haagsche Kluisch'.
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
H) Wemoscampagne 'Toegang tot zorg voor
iedereen!'
(door Mare Bergsma [1])
Op 7 november gaat in het kader van de Wemoscampagne
'Toegang tot zorg voor iedereen!' de tweede 'Week van internationale
gezondheid' van start. Wemos organiseert deze week in samenwerking
met vijftien centra voor internationale samenwerking. Maakt
u zich ook ongerust over de slechte gezondheidszorg in ontwikkelingslanden?
SMS dan "SOS" naar 4777 of zet een digitale handtekening
op http://www.wemos.nl
Steun de oproep van Wemos: Toegang tot zorg voor iedereen!
Optimale gezondheid is een mensenrecht. Dat betekent dat
iedereen een beroep moet kunnen doen op goede, betaalbare
zorg en dat overal ter wereld de voorwaarden aanwezig moeten
zijn voor een gezond leven, zoals schoon drinkwater, goede
voeding en veilige arbeidsomstandigheden. Dat lijkt zo vanzelfsprekend.
De realiteit is helaas anders. In veel ontwikkelingslanden
is goede gezondheidszorg lang niet voor iedereen beschikbaar.
Daarom voert Wemos campagne en verzamelt zoveel mogelijk
steunbetuigingen om voor iedereen, overal ter wereld, toegang
tot zorg te eisen.
Steun zorginstellingen
Zorginstellingen in heel Nederland delen de zorgen van
Wemos over de wereldwijd toenemende ongelijkheid in de gezondheidszorg,
en steunen de campagne. De instellingen organiseren van
7 tot en met 14 november lezingen, fototentoonstellingen
en debatten. Ook verspreiden ze actiemateriaal. In sommige
ziekenhuizen komen zorgverleners uit het Zuiden over hun
werk vertellen. In andere instellingen houden artsen die
in de tropen hebben gewerkt een lezing.
WTO-conferentie Hong Kong
Inmiddels hebben bijna 7000 zorgverleners de campagne ondertekend.
Op 14 november, aan het eind van de 'Week van internationale
gezondheid', wordt de campagne afgesloten en zullen alle
steunbetuigingen worden overhandigd aan Van Ardenne, minister
voor Ontwikkelingssamenwerking. Wemos zal haar, ondersteund
door alle handtekeningen, oproepen om zich tijdens de WTO-conferentie
in Hongkong in te zetten voor het recht op gezondheid van
mensen in ontwikkelingslanden. Wemos vindt dat daar bij
de onderhandelingen over het liberaliseren van de wereldhandel,
gezondheidsbelangen niet ondergeschikt mogen worden gemaakt
aan handelsbelangen.
GATS
Tijdens de Wereldhandelsconferentie in Hong Kong staat
het General Agreement on Trade in Services (GATS) op de
agenda. Dit GATS-akkoord regelt de liberalisering van de
handel in diensten wereldwijd. GATS zet de deur wagenwijd
open voor commerciële partijen die als doel hebben
winst te maken, en beperkt tegelijkertijd de ruimte voor
overheden om (sociale) randvoorwaarden te stellen. Ook publieke
diensten als gezondheidszorg moeten aan dit recept geloven.
Marktwerking in ontwikkelingslanden ondermijnt de toegang
tot gezondheidszorg. Het maakt zorg voor kwetsbare groepen
in de samenleving moeilijker toegankelijk. Als geen ander
weten mensen die in de zorg werken wat de gevolgen daarvan
zijn. Door commercialisering van de zorg dreigt een tweedeling
te ontstaan, die het schrijnendst is in ontwikkelingslanden.
Maar het is geen ver-van-ons-bed-show. Met het nieuwe zorgstelsel
in Nederland wordt ook hier de zorg commerciëler.
Afkalving gezondheidszorg
In de GATS-onderhandelingen worden landen onder druk gezet
om hun dienstensectoren, waaronder ook zorgdiensten en gezondheidszorg,
te liberaliseren en open te stellen voor (buitenlandse)
investeerders. Dit gaat slecht samen met het garanderen
van toegang tot basisvoorzieningen voor iedereen. In ontwikkelingslanden
begeven zich steeds meer (buitenlandse) private investeerders
op de markt. Zij richten zich op zorgdiensten die alleen
de rijkere bevolking en buitenlanders zich kunnen veroorloven.
Zo halen ze de krenten uit de pap. In de armen zijn ze vaak
niet geïnteresseerd: aan hen valt niet genoeg te verdienen.
Het hoofddoel van particuliere zorgaanbieders is immers
het maken van winst. Winst die vooral ten goede komt aan
hun aandeelhouders en die niet wordt besteed aan investeringen
in het nationale publieke gezondheidsstelsel.
De publieke zorg verschraalt nog verder, doordat privé-klinieken
personeel uit de publieke sector naar zich toe trekken.
Dat gaat ten koste van de kwaliteit.
Politieke druk
Wemos vindt dat de Nederlandse regering en de EU zich sterk
dienen te maken voor goede, betaalbare en toegankelijke
gezondheidszorg wereldwijd. Daarom moeten ze onmiddellijk
stoppen met het uitoefenen van druk op ontwikkelingslanden
om publieke diensten te liberaliseren. Bovendien moeten
zij ervoor ijveren dat (ontwikkelings)landen liberaliseringen
terug kunnen draaien als er ongewenste neveneffecten voor
de volksgezondheid optreden. Het GATS-akkoord kijkt alleen
naar de commerciële belangen en wil dit juist onmogelijk
maken.
Gezondheidszorg is te kostbaar om over te laten aan de
markt!
Steun daarom de campagne en SMS "SOS" naar 4777
of zet een digitale handtekening op http://www.wemos.nl
Noot:
[1] Mare is Communication Officer bij
Stichting Wemos. NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
I) Verschrompelende handelsvoordelen:
een kritische evaluatie van Doha Ronde Prognoses
(door Alexandra Strickner [1])
Recent publiceerde de Wereldbank haar nieuwe vooruitzichten
over de mogelijke voordelen van verdere handelsliberalisering.
De resultaten zullen verontrustend zijn voor hen die hopen
dat de komende onderhandelingsronde van de Wereldhandelsorganisatie
de gedane ontwikkelingsbeloften gestand zal doen.
Terwijl de Bank twee jaar geleden nog een handelswinst
voor ontwikkelingslanden voorspelde van ruim 500 miljard
US dollar is de winstverwachting nu met 80% (!) gedaald.
Frank Ackerman, Research Director van het Global Development
and Environment Institute (GDAE) van de Tufts University,
onderzocht de resultaten van dit nieuwe economische model
op kritische wijze. Hij beschouwde de context, analyseerde
de betrouwbaarheid van de Wereldbank-modellen en verklaart
op grond daarvan waarom de verwachte winst zo laag uitvalt.
De nieuwe Wereldbank prognoses laten zien, dat:
- 70% van de winsten naar de ontwikkelde landen zullen
gaan (was 40% in 2003);
- een klein aantal van de grootste ontwikkelingslanden het
gros van de winst voor ontwikkelingslanden zal opstrijken;
- in een "aannemelijk Doha scenario" van hervormingen
komt de winst voor ontwikkelingslanden neer op minder dan
een cent (penny) per dag per hoofd van de bevolking; en
- de mate van armoedevermindering erg gering is: de voorspelde
vermindering van het aantal mensen dat in armoede leeft,
is minder dan een procent.
De analyse is getiteld "The Shrinking
Gains from Trade: A Critical Assessment of Doha Round Projections"
(GDAE Working Paper) en is te vinden op:
http://ase.tufts.edu/gdae/pubs/wp/05-01ShrinkingGains.pdf
Aanvullende publicaties van GDAE's Globalization and Sustainable
Development Program zijn te vinden op: http://www.ase.tufts.edu/gdae/policy_research/globalization.html
Verder is het nieuwe boek "Putting Development First"
van Kevin P. Gallagher (uitgeverij Zed Press) te vinden
op: http://www.ase.tufts.edu/gdae/policy_research/PuttingDevelopmentFirst.htm
Noot:
[1] Alexandra werkt in Geneve voor
het Institute for Agriculture and Trade Policy (IATP). NAAR
TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
J) "Food Sovereignty: towards democracy
in localized food systems"
Beschouwing van een paper van FIAN-International
(door Rob Bleijerveld [1])
Eind september werd een paper van het FIAN [2]
gepubliceerd, getiteld: "Food Sovereignty: towards
democracy in localized food systems" [3].
Hierin vind men voorgeschiedenis, overzicht en analyse van
het beleidsterrein van de voedselsouvereiniteit, met veel
verwijzingen naar belangrijke relevante verklaringen en
documenten van de afgelopen tien jaar. Volgens uitgever
ITDG draagt deze publicatie bij aan de zich snel ontwikkelende
discussie over voedsel en landbouw. Het huidige beleid is
niet afgestemd op een duurzame manier van voedselproductie,
-bewerking en -handel, en zorgt niet voor een eerlijke verdeling
van de opbrengsten van 's werelds voedelsystemen.
Het zijn de ruim een miljard kleine boer(inn)en, veehouders
en vissers die zorgen voor het gros van de wereldvoedselproductie.
Het meeste van dit voedsel wordt lokaal verkocht, bewerkt,
doorverkocht en geconsumeerd, en dit vormt wereldwijd de
basis voor voeding, inkomens en economieën. Nu het
halveren van armoede en de verdrijving van honger bovenaan
op de internationale ontwikkelingsagenda staan, zou het
versterken van de verscheidenheid en de levendigheid van
lokale voedselsystemen ook prioriteit moeten zijn. Toch
zijn de regels die voedsel en landbouw beheersen op alle
niveau's - lokaal, nationaal en internationaal - allereerst
ontworpen om de internationale handel te bevorderen, en
niet de plaatselijke. Dit leidt tot het achteruitgaan van
diversiteit en concentreert de rijkdom van 's wereldvoedselsystemen
in de handen van steeds minder multinationale ondernemingen.
Onderwijl wordt de meerderheid van kleinschalige voedselproducenten,
verwerkers, lokale handelaren, consumenten, en - dat is
wezenlijk - de armen en de ondervoeden gemarginaliseerd.
Michael Windfuhr laat zien hoe het beleidskader voor de
Voedsel Souvereiniteit dit dilemma behandelt. Ten eerste
worden perspectief en belangen van de meerderheid centraal
gesteld van de wereldvoedsel-beleidsagenda. Die omvat niet
alleen productie- en marktbeheer, maar ook het Recht op
Voedsel, de toegang van gemeenschappen tot en de zeggenschap
over land, water en genetische bronnen, en het gebruik van
duurzame productiewijzen. Dat levert een sterk politiek
argument voor de hervestiging van het beheer over voedselproductie
en consumptie binnen democratische processen die hun basis
vinden in plaatselijke voedselsystemen.
Met het vigerende en intensieve debat over de halvering
van armoede en verdrijving van honger moeten de regels die
de voedselketen beheersen grondig herzien worden. Dit actuele
paper biedt een alternatief en nodigt uit tot kennismaking
met de principes achter de zich snel aftekende belangrijkste
voedsel- en landbouwconsensus van de 21e eeuw.
Noten:
[1] Ingekorte vertaling van een bijdrage
van Patrick Mulvany
(Senior Policy Adviser, ITDG) op 27 deptember aan de Comms-l
mailinglist. NAAR TEKST
[2] FIAN-International is een mensenrechtenvereniging
die zich richt op economische, sociale en culturele rechten,
met nadruk op het recht op voldoende voedsel (http://www.fian.org).
NAAR TEKST
[3] De auteurs zijn Michael Windfuhr
en Jennie Jonsén en het is te vinden op: http://www.ukabc.org/foodsovereignty_itdg_fian_print.pdf
NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
K) Inzage Nederlandse ontvangers van
Europese landbouwsubsidies
EVS: subsidies niet naar armste boeren en armste regio's
(door Rob Bleijerveld)
Eind september maakte 2005 Evert Vermeer Stichting (EVS)
bekend [1] dat
op haar website [2]
bekeken kan worden wie in Nederland Europese landbouwsubsidies
ontvangen heeft en om hoeveel euro het gaat. Het EVS deed
een verzoek om inzage bij het ministerie van Landbouw om
de discussie over het Europese landbouwbeleid aan te zwengelen
en duidelijk te maken dat dit beleid desastreuze gevolgen
heeft voor boeren in ontwikkelingslanden.
Op de EVS-database [3]
kan gezocht worden naar ontvangers op naam, postcode of
woonplaats, en naar welke organisatie het meeste subsidie
ontvangt voor bepaalde regelingen. In 5 jaar wordt er totaal
7 miljard euro subsidie uitgekeerd.
Het EVS prikt ook de mythe door dat het gemeenschappelijke
landbouwbeleid de armste gebieden van de EU zou helpen.
Volgens haar zijn de Europese burgers te lang misleid over
het Europese Landbouwbeleid. Het geld komt niet terecht
bij de kleine Europese boeren, maar vooral bij kapitaalkrachtige
boeren en de agro-industrie [4].
Door heel Europa komt 80% van het geld bij een toplaag van
20% terecht [5].
Na bestudering van de Nederlandse gegevens blijkt dat de
mogelijkheid bestaat dat de verdeling in Nederland nog ongelijker
is. Het EVS zoekt dat uit, samen met partnerorganisaties.
In tegenstelling tot eerdere berichten werden de Nederlandse
suikerproducenten zeer ruim bedeeld: CSM kreeg zo'n 112
miljoen euro en Cosun 36 miljoen euro.
Verder bleken ook een aantal andere grote bedrijven, waaronder
de suikerverwerkende industrie maar ook bedrijven/instellingen
waarvan je het niet zou verwachten, veel subsidiegeld te
hebben ontvangen. Een greep uit de lijst (ontvangsten tussen
1999 en 2003): Mars BV (ruim 16 miljoen euro), Heineken
Brouwerijen BV (ruim 9 miljoen euro), DSM (bijna 8 miljoen
euro), Shell Nederland Chemie BV (ruim 3 miljoen euro),
KLM (bijna 7 euroton), Schiphol NV (bijna 3 euroton), en
het Ministerie van Defensie (ruim anderhalve euroton).
Volgens de EVS [6]
zijn de suikerverwerkers door Europese regels echter verplicht
om (extra dure [7])
suiker en granen in te kopen op de Europese markt en worden
ze daarvoor gecompenseerd via de subsidieregeling. Daardoor
komt het subsidiegeld uiteindelijk ten goede aan de Nederlandse
graan- en suikerbietenboeren [8].
"In een reactie laat suikerverwerkende industrie weten
dat ook zij liever zonder deze Europese landbouwsubsidies
werken: "De betreffende bedrijven zouden veel liever
in een echte markt opereren dan dat zij worden gecompenseerd
voor het feit dat er nu eenmaal in de EU de keuze is gemaakt
om de landbouw deels via de verwerkers en de consumenten
te laten ondersteunen." (Committee of Industrial Users
of Sugar - Nederland). Kind van de rekening zijn de suiker-
en graanboeren buiten de EU, die tegen veel lagere kosten
een kwalitatief gelijkwaardig product kunnen leveren."
[6]
De Stichting benaderde in september het Ministerie van
LNV over de kwaliteit van de geleverde gegevens. In een
aantal bestanden ontbreken mogelijk ontvangersinformatie
of betaalinformatie en er zijn andere problemen geconstateerd...
Wegens vervuiling van de bestanden en principiële redenen
overweegt de EVS in bezwaar te gaan tegen de verstrekking.
Het EVS is voornemens om het systeem zodanig toegankelijk
te maken dat gebruikers een database kunnen ophalen om zelf
snel analyses uit te voeren.
Noten:
[1] EVS-persbericht van 28 september
2005: "Landbouwsubsidies op internet snel te doorzoeken."
NAAR TEKST
[2] http://www.evertvermeer.nl
NAAR TEKST
[3] http://www.ewg.org/sites/netherlandsfarmsubsidies/index.php
NAAR TEKST
[4] In een tekst van 12 oktober ("Landbouwsubsidies
op internet snel te doorzoeken") is de EVS wat voorzichtiger
in haar analyse en conclusies. Zie: http://www.evertvermeer.nl/renderer.do/menuId/237887/clearState/
true/sf/237887/returnPage/237887/itemId/72678/realItemId/72678/pageId/
237965/instanceId/238046/ NAAR
TEKST
[5] Onderzoek van de Universiteit van
Aberdeen, in opdracht van de Europese Commissie, toont aan
dat het vooral de rijkste EU staten en daarbinnen in de
rijkste regios zijn die ervan profiteren. Opvraagbaar
via: http://www.abdn.ac.uk/mediareleases/release.php?id=90
NAAR TEKST
[6] Zie bron bij noot 4. NAAR
TEKST
[7] De prijzen zijn door de Europese
regelgeving drie keer zo hoog dan de wereldmarktprijs. NAAR
TEKST
[8] Op vergelijkbare wijze zijn er
export-restitutieregelingen ten aanzien van zetmeel, groenten
en fruit, zuivelproducten, rundvlees, runderen, varkensvlees,
eieren en slachtpluimvee. NAAR TEKST
NAAR INHOUD
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
L) 'After G8': Nakaarten over de protesten
tegen de G8-top
Met vertoning G8-compilatie European Newsreal
In juli voltrok zich in de Schotse heuvelen bij Gleneagles
de jaarlijkse conferentie van de 8 zelfbenoemde wereldleiders.
Allerlei groepen organiseerden daar protest en verzet tegen.
Het resultaat was een bont programma van acties, demonstraties
en blokkades. Onder de naam Dissent-Nl sloten activisten
uit Nederland zich aan bij het Britse netwerk Dissent! en
het aktiekamp bij Stirling, waarvandaan onder meer een geslaagde
poging deed om de eerste dag van de conferentie te verstoren.
Maar tegelijkertijd werd zichtbaar dat de globaliseringsnetwerken
van weleer duidelijk in verschillende stromingen uiteengevallen
zijn, die lang niet altijd met elkaar meer samen (willen)
werken. (zie voor een verslag bijvoorbeeld: http://www.globalinfo.nl/article/articleview/661/).
Op vrijdagavond 4 november wordt de video vertoond van
ENR (European Newsreal), bestaande uit een compilatie van
beelden van acties (http://www.globalinfo.nl/article/articleview/685/).
Deze duurt 60 min.
Daarna kunnen de aanwezigen nakaarten over wat er nu bereikt
is met deze protesten en hoe dat misschien nog beter aangepakt
zou kunnen worden.
Tijd: vrijdagavond 4 november vanaf 20
uur
Plaats: lokaal XminY Solidariteitsfonds, De Wittenstraat
43, Amsterdam
Toegang: gratis
NAAR INHOUD