WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
A) 'July Approximations 2005' van de baan
(door Rob Bleijerveld)
Op 29 juli deelde scheidend WTO-voorzitter Panitchpakdi
mee dat er geen basis is voor de vaststelling van de beoogde
'July Approximations'. Hij omschreef de stand van zaken
in de Doha Ontwikkelings Ronde als "teleurstellend
maar niet rampzalig". Een vrijhandelsakkoord in december
behoort volgens hem nog steeds tot de mogelijkheden. Hier
een verslag van de impasse waarin de WTO verkeert en van
de kritiek van maatschappelijke groepen en sociale bewegingen
op de gang van zaken bij de handelsorganisatie.
29 Juli Genève: tweede zittingsdag van de laatste
Algemene Raadsvergadering voor het zomerreces. Scheidend
WTO-voorzitter Panitchpakdi deelt de WTO-lidstaten mee dat
de handelsbesprekingen vastgelopen zijn. Er is geen basis
voor de vaststelling van de beoogde 'July Approximations'
[1]. Deze conclusie was de dag ervoor al getrokken tijdens
de evaluatiebijeenkomst van het Trade Negotiation Committee
waar de voorzitters van de verschillende onderhandelingsgroepen
rapporteerden over de laatste informele onderhandelingen.
Panitchpakdi omschrijft de stand van zaken in de Doha Ontwikkelings
Ronde als "teleurstellend maar niet rampzalig".
"We are finishing the intensive work this month without
major breakthroughs but with a much sharper sense of the
key issues for urgent decision and the links between them,"
aldus de voorzitter [2]. Het bereiken van een vrijhandelsakkoord
in december behoort volgens hem nog steeds tot de mogelijkheden,
hoewel er dan wel snel (half oktober) belangrijke politieke
spijkers-met-koppen geslagen dienen te worden [3]. Zo moeten
de lidstaten op NAMA-gebied zo spoedig mogelijk "een
balans vinden tussen ambitie en flexibiliteit door zo veel
mogelijk te gaan concretiseren met cijfers en over te gaan
tot echte onderhandelingen en tradeoffs" [1].
Sleutelpositie Landbouwdossier
Eens te meer bleek dat vooruitgang in de Doha Ronde niet
kan zonder doorbraken op het gebied van Landbouw. Zo voelde
voorzitter Johannesson van de NAMA-onderhandelingsgroep
zich eind juli genoodzaakt om de besprekingen in zijn groep
op te schorten in afwachting van vooruitgang in de Landbouw-onderhandelingen
(De NAMA-groep lag inmiddels al ruim achter op schema).
Ook bij de GATS-onderhandelingsen was sprake van ernstige
stagnatie. Een aantal lidstaten wil op beide terreinen geen
verdergaande toezeggingen doen zolang de rijke staten niet
daadwerkelijk bereid zijn bindende afspraken te maken over
afbouw/stopzetting van hun landbouwsubsidies en -kredieten.
Het belang van een 'first approximation'-deal op Landbouwgbied
wordt versterkt door de laksheid van de meeste lidstaten
om haast te maken met het daadwerkelijk tegemoetkomen aan
de aloude eisen van Minst Ontwikkelde Landen voor betere
en effectievere speciale en gediffentieerde behandeling.
Na de laatste bijeenkomst van de Landbouw-onderhandelingsgroep
moest de toenmalige voorzitter, Groser, erkennen dat de
impasse niet doorbroken werd. Een doorstart (na het reces)
lukt volgens hem alleen indien de lidstaten bereid zijn
politieke besluiten te nemen over de verschillende knelpunten
in de drie afzonderlijke landbouwpilaren: binnenlandse steun,
markttoegang en exportconcurrentie. Tijd voor het verder
bediscussiëren van die geschilpunten is er niet meer,
aldus Groser [4][5].
Tegentop
Terwijl verschillende sociale bewegingen en maatschappelijke
organisaties voorbereidingen troffen voor een tegentop in
Genève waren 100 Noorse boeren te voet onder weg
van Noorwegen naar het WTO-hoofdkwartier. Op 27 juli voegden
ze zich daar bij Zwitserse en Koreaanse collega's en overhandigden
een petitie aan Landbouw-voorzitter Groser [6]. Dezelfde
dag hielden ze met leden van arbeiders-, viswerkers-, vrouwen-groepen
en NGO's uit de hele wereld een luidruchtige protestbijeenkomst
bij het kantoor van het WTO-secretariaat. Men eiste de stopzetting
van de WTO-onderhandelingen [7].
Van 26 tot en met 29 juli werd in Genève de "General
Council of Peoples"-tegentop gehouden, een initiatief
van de Geneva Peoples Alliance. Behalve genoemde demonstratie
waren er diverse openbare debatten over de WTO en akties
gericht op de komende Algemene Raadsbijeenkomsten en Hong
Kong. Verder was er een festival en een observatorium (voor
lobby van WTO-delegaties en het bijhouden van de ontwikkelingen
in het WTO-gebouw) [8].
Protestverklaringen
Hier volgen de belangrijkste statements:
* 'Seattle to Brussels'-netwerk (S2B):
Aan de vooravond van de WTO-bijeenkomst in Genève
eisten ontwikkelings-, milieu- en mensenrechten-groepen
die deel uitmaken van het 'Seattle to Brussels'-netwerk
dat de EU zijn "aggressieve pogingen" staakt om
de markten van ontwikkelingslanden te openen ten gunste
van grote Europese ondernemingen [9][10]. De gepriviligeerde
relatie van ondernemingen met de Europese Commissie bedreigt
de positie van ontwikkelingslanden. Gegeven deze situatie
is het mislukken van een WTO-deal (de first approximations)
beter dan een slechte deal.
In een interview met IPS naar aanleiding van de S2B-verklaring
lichtte Alexandra Wandel, handelscoördinator van Friends
of the Earth Europe, toe dat de tijd gekomen is om de
Europese handelspolitiek eindelijk eens rechtvaardig, duurzaam
en demokratisch te maken. Maar, "with Peter Mandelson
as EU trade commissioner, democracy takes another blow from
spin and big business. Big corporations will be the big
winners, people and the environment the losers of the EU's
trade agenda" [11]. Olivier Hoedeman van Corporate
Europe Observatory bevestigde dat de Europese Commissie
het ook op GATS-gebied niet gelegen is aan duurzame ontwikkeling
maar aan het veiligstellen van commerciële voordelen
voor in Europa gevestigde dienstenmultinationals. Hij geeft
aan dat het zelfvertrouwen van ontwikkelingsstaten de laatste
jaren wel gegroeid is en dat ze in toenemende mate de WTO-eisen
van de EU afwijzen die - ten onrechte - worden gepresenteerd
als 'pro-poor' en 'pro-duurzame ontwikkeling'.
* Oxfam:
In haar rapport "From Development to Naked Self-Interest"
dat tegelijkertijd met de WTO-top werd gepubliceerd, beschuldigt
de hulporganisatie Oxfam de rijke staten van het veroorzaken
van de stagnatie uit 'eigen-belang'. Het rapport geeft aan
dat een aantal sluitdata in de Doha-onderhandelingen niet
gehaald zijn doordat de rijke staten hun toezeggingen voor
hervormingen niet zijn nagekomen. "Developing countries
were promised that this round of talks would be about development
and would redress the massive inequalities that exist in
the world trading system. But rich countries have doggedly
pursued their own self-interest, breaking promises every
step of the way," aldus Céline Charveriat, hoofd
van de Oxfam campagne 'Make Trade Fair' [12].
* Greenpeace International:
In een persbericht klaagt Greenpeace [13] de pogingen aan
van de VS om via de WTO de beperkingen op genetisch gemodificeerd
voedsel onderuit te halen. Ten eerste vanwege de zaak voor
het Dispute Settlemnet Body tegen de Europese beperkingen
op GMO's [14]. Maar ook door de indirekt druk die de VS
hiermee uitoefent op al die staten die overwegen het Cartagena
Protocol on Biosafety van de VN te ondertekenen. Daarin
is namelijk het recht opgenomen om GMO's te reguleren en
af te wijzen; ondertekening zou er dan toe kunnen leiden
dat de VS ook tegen hen een zaak aanspant bij de WTO.
Een aktie van 20 Greenpeace-activisten voor het WTO-gebouw
onderstreepte dit: biotech-giant Monsanto walste met een
symbolische 'WTO stoomwals' een Europese kaart van non-GMO
voedselproducten plat. Overal ter wereld wijzen consumenten
GMO's af maar hun recht om 'Nee' te zeggen wordt met voeten
getreden.
Volgens Daniel Mittler, adviseur handelsbeleid bij Greenpeace
International, zou de WTO op 5 augustus in het geheim de
partijen in het WTO-conflict hebben willen inlichten over
de voorlopige resultaten van haar onderzoek in de zaak.
Dit werd echter uitgesteld.
* Regional Conference on WTO, Development and Migration:
Building Migrant and People's Solidarity in Challenging
Neoliberal Development and WTO van 17 tm 19 juli 2005 in
Hong Kong:
70 Leden van migranten-, arbeiders-, handels-, ontwikkelings-,
vrouwengroepen en sociale aktiegroepen en netwerken uit
16 Aziatische staten verklaarden [15] de ontsporing van
de WTO tot het gezamenlijke strategisch doel en kondigden
akties aan tegen de WTO-top in Hong Kong. Ze wijzen de neoliberale
agenda af zoals die uitgevoerd door de WTO maar ook door
IMF/WB, APEC, ASEM, en in het kader van bilaterale en regionale
vrijhandelsverdragen. OOk het dienstenakkoord GATS wordt
afgewezen omdat het arbeiders, vrouwen en migranten behandelt
als verhandelbare goederen; evenzo het Landbouwakkoord van
de WTO aangezien zorgde voor de grootschalige ineenstorting
van rurale economieën, ontheemding van dorpsgemeenschappen
en toename van gedwongen binnen- en buitenlandse migratie.
* Voor verklaringen van Coalitie voor Eerlijke Handel,
XminY Solidariteitsfonds en GATS-platform:
zie elders in deze ZIP.
Noten:
[1] "What Now for the Doha Round?", ICTSD, augustus
2005 in Bridges Monthly Year 9 No 8 (http://www.ictsd.org).
[2] "Global trade talks disappointing but not disastrous:
WTO chief," 28 juli 2005 (http://news.xinhuanet.com/english/2005-07/28/content_3281173.htm).
[3] "WTO chief says trade deal possible by year end,"
Richard Waddington, 28 juli 2005 (http://in.today.reuters.com/news/newsArticle.aspx?type=businessNews&story
ID=2005-07-28T195046Z_01_NOOTR_RTRJONC_0_India-210942-1.xml).
[4] Voor meer details over knelpunten en 'perspectieven'
op gebied van Landbouw, NAMA, GATS en S&DT, zie diverse
artikelen in Bridges Monthly Year 9 No 8 (http://www.ictsd.org).
[5] Een interessante uitleg over ontstaan en gebruik van
landbouw-boxen en een voorstel voor beperking van de effecten
van binnenlandse steunmaatregelen in "An end to dumping
through Domestic Agricultural Support," van Pedro Camargo
Neto, augustus 2005, Bridges Monthly Year 9 No 8 (http://www.ictsd.org).
[6] "Norwegian, Swiss farmers march to Geneva,"
door Uta Harnischfeger, 26 juli 2005 (http://www.businessweek.com/ap/financialnews/D8BJ6QAO1.htm?
campaign_id=apn_home_down&chan=db).
[7] "Daily Update #2 on the july 2005 WTO General Council
Meetings," door Geneva Peoples Alliance, 28 juli 2005
(http://www.nadir.org/nadir/initiativ/agp/free/wto/news/2005/0728update.htm).
[8] Meer info op: http://www.omc-wto.org/
[9] Verslag in "Business threatens development at talks,"
door Stefania Bianchi, IPS, 28 juli 2005.
[10] Zie ook relevante S2B-verklaring van iets latere datum:
"The EU's trade agenda: serving corporate interests
at the expense of development, environment and humand rights,"
Seattle to Brussels Network, september 2005 (http://www.s2bnetwork.org/S2B%20Statement%20September%202005.pdf).
[11] In een persbericht van Friends of the Earth van 27
juli 2005: "Geneva trade talks threaten poor people
and environment; leaked paper shows UK poised to step op
propaganda war" (http://www.foe.co.uk/resource/press_releases/geneva_trade_talks_threate_26072005.html).
Volgens FOE staat het Britse ministerie voor Internationale
Ontwikkeling (DFID) op het punt om een propaganda-oorlog
te ontketenen tegen NGO's in de UK om te verhullen dat beoogde
liberaliseringsplannen voor handel in industriële goederen
en natuurlijke hulpbronnen de beschermende wetgeving in
WTO-lidstaten op gebied van milieu, gezondheid en arbeidsomstandigheden
ongedaan zal maken.
[12] "Naked self-interest usurping development in WTO
trade talks," Oxfam, 27 juli 2005 (http://www.oxfam.org/eng/pr050727_wto.htm).
[13] "WTO to bulldoze European bans on GMOs?,"
persbericht Greenpeace International, 28 juli 2005 (http://www.yubanet.com/artman/publish/article_23254.shtml).
[14] Een meerderheid van Europese lidstaten wees in juni
een voorstel van de Europese Commissie van de hand om de
bestaande nationale GMO-bannen op te heffen.
[15] "The Hong Kong Declaration on WTO, Development
and Migration," July 2005 (http://www.focusweb.org/Article652.html).
Genoemde conferentie werd georganiseerd door het Migrant
Forum in Asia (MFA), de Coalition for Migrants Rights
(CMR), Focus on the Global South, Jubilee South/Asia-Pacific
Movement on Debt and Development (APMDD) en het Asian Migrant
Centre (AMC).
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
B) Lamy zet er na zomerreces flink de wind onder
VS en EU blijven voortgang van agenda bepalen
(door Rob Bleijerveld)
Na het zomerreces en de mislukte poging om de 'July
Approximations' vast te stellen, is het WTO-proces in volle
vaart hervat. De kersverse voorzitter Lamy dringt aan op
daadkracht van de lidstaten en vraagt een grote inspanning
van delegaties en WTO-staf. Zijn regiem zal het WTO-proces
echter niet wezenlijk veranderen: de VS en de EU geven hun
bevoorrechte positie niet op en de G20-top accepteert de
speciale status die hen verleend wordt.
Op 1 september nam Pascal Lamy het WTO-voorzitterschap over
en kondigde oriënterende besprekingen aan met leden
van het WTO Secretariaat, de voorzitters van de onderhandelingsgroepen,
met handelsafgevaardigden en regionale groepen. In een toelichting
voor de pers gaf hij aan dat zijn inzet een succesvol 'Hong
Kong' is, maar dat er door iedereen hard gewerkt zal moeten
worden. Het Secretariaat kan katalysator of makelaar zijn,
maar hij, Lamy, heeft geen toverstaf. Het zijn de lidstaten
die de besluiten nemen [1].
Op 14 september zat Lamy het Trade Negotiations Committee
(TNC) voor waarbij hij de lidstaten voorhield al hun inspanningen
te richten op het bereiken van een ambitieus en samenhangend
akkoord in december. Dat akkoord zou twee-derde van het
werk moeten omvatten dat nodig is om de Doha Ronde voor
eind 2006 te beëindigen. Hij waarschuwde dat de Ronde
alleen dàn kan slagen indien de "ontwikkelingsdimensie
centraal staat bij de onderhandelingen" [2].
Verder gaf hij aan welke de procesmatige stappen en strategische
doeleinden zijn die hij nodig acht. Een "nieuwe onderhandelingsfase"
is begonnen en de delegaties worden opgeroepen "kort
van stof, pragmatisch, practisch en aktiegeörienteerd"
te zijn. Lamy vergelijkt de komende periode van "permanente
onderhandelingen" als een trainingskamp vlak voor een
belangrijke wedstrijd [3].
Lamy's strategische doeleinden
Vervolgens schetste hij de strategische doeleinden die
de WTO uit een welhaast vicieuze circel moeten leiden. Op
landbouwgebied gaat het om een besluit in Hong Kong over
een einddatum voor exportsubsidies, een "duidelijk
begrip" van vermindering van binnenlandse steun, en
een tariefreductieformule voor marktoegang die ruimte laat
voor flexibiliteiten voor bepaalde goederen.
Op gebied van NAMA moet een "goede balans gevonden
worden tussen de tariefreductieformula en flexibiliteiten."
Voor diensten zouden de lidstaten andere benaderingen moeten
hanteren die leiden tot meer en een betere kwaliteit van
het aanbod. En de onderhandelingsgroep voor Regels zou al
voor de Hong Kong-top voorstellen voor een onderhandelingstekst
moeten produceren op gebied van anti-dumping, subsidies
and countervailing measures, en visserijsubsidies.
Hij ziet het verder als een "uitdaging om de ontwikkelingswaarde
in elke sector en in de ronde als geheel te maximaliseren.
Daarbij zou het mechanisme van 'aid-for-trade' kunnen helpen
om het ontwikkelingspakket van deze ronde in de werkelijkheid
te vertalen."
Noodzakelijk is tevens dat er voor Hong Kong een overeenkomst
tot stand komt over het TRIPs-amendement voor volksgezondheid.
Procesmatige veranderingen
Het Trade Negotiations Committee dat als doel heeft om
de vooruitgang te evalueren op de verschillende onderhandelingsgebieden
zal anders gaan fungeren. Zo zal de agendering van de zittingen
afhankelijk worden van de ontwikkelingen in de onderhandelingsgroepen.
Verder zal Genève tot aan de Hong Kong-top het centrum
van de WTO-activiteiten zijn. Andere initiatieven (zoals
minitoppen) om de onderhandelingen verder te helpen, zullen
het 'Genève-proces' wel moeten ondersteunen. Lamy
gaf aan zijn eigen funktie zo transparant mogelijk in te
willen vullen en beloofde alle lidstaten te betrekken bij
en te informeren over de resultaten van zijn informele beraadslagingen
[4].
Er komen tot aan 'Hong Kong' twee ijkpunten om de vooruitgang
te meten. Een Algemene Raadszitting midden oktober [5] voor
evaluatie en om duidelijk te krijgen wat de lidstaten hopen
te bereiken in Hong Kong. En een zitting midden november
waarbij de onderhandelingsgroepen specifieke en uitgebreide
resultaten moeten kunnen laten zien. Als het mee zit, kan
midden november tevens een concept ministerstekst geproduceerd
worden. Tot aan Hong Kong kan men zich dan buigen over de
overblijvende verschillen zodat de kansen op een deal midden
december maximaal zijn [2][3].
Lobby van multinationals
Na de bijeenkomst van het TNC riep Lamy de VS en de EU
op de impasse in de WTO te doorbreken door concessies te
doen op landbouwgebied. Ook Brazilië moet zijn steentje
bijdragen door zijn tarieven te verlagen voor machines en
beperkingen te verminderen voor buitenlandse investeerders.
In het algemeen zouden de exporttarieven voor industriële
goederen en commodities verlaagd moeten worden en de mogelijkheden
voor buitenlandse investeringen in bankwezen en telecommunicatie
verruimd [6].
Lamy krijgt steun uit de ondernemerswereld voor zijn eisen.
Op 6 september brachten een zestal belangrijke ondernemersorganisaties
, verenigd onder de naam 'World Business Leaders for Growth'
[7][8] een rapport uit getiteld "'Advancing the Promise
of Doha" [9], waarin vier onderhandelingsterreinen
genoemd worden die de multinationals van belang achten voor
een succesvolle Doha Ronde: landbouw, industriële goederen,
diensten [10] en handelsfacilitatie.
De Doha Ronde-besprekingen bevinden zich op het "randje
van de afgrond" en Hong Kong mag niet mislukken. De
Ronde moet namelijk een bijdrage leveren aan de uitbreiding
van de "nog fragiele" wereldeconomie en er moeten
weer groeipercentages behaald worden zoals in de 90-er jaren.
Dit rapport was de eerste in een reeks gecoördineerde
activiteiten van de zes met betrekking tot Hong Kong [11].
Op 21 september werd tijdens de (eerste) 'Business Roundtable
International CEO Economic Summit' (Washington D.C.) een
videoconferentie belegd met Lamy (in Genève) waarbij
de CEO's een soortgelijke boodschap ten beste gaven [12][8].
In antwoord op de noodroep van 6 september besloot landbouwvoorzitter
Falconer de eerste bijeenkomst sessie van de 'speciale onderhandelingssessie'
van het Landbouw Committee met twee weken te vervroegen
(naar 13 tot 16 september).... [1]
Aid-for-trade
Op initiatief van het Britse ministerie voor Internationale
Ontwikkeling (DFID) onderzochten 20 bekende handels- en
ontwikkelingsexperts onder leiding van de voormalige Mexicaanse
president Zedillo de mogelijkheden om de 'ontwikkelingsdimensie'
van de WTO te verbeteren. Het rapport van deze Global Trade
and Financial Architecture projectgroep [13] werd op 6 september
toegestuurd aan alle ministers en Genève-delegaties
van de WTO-lidstaten. In het rapport wordt gewaarschuwd
voor een impasse in de Doha Ronde. Regeringen moeten nagaan
wat dat voor kosten met zich mee brengt en moeten zich realiseren
dat de opbrengsten van omvangrijke multinationale liberalisering
hoger zijn dan eventuele kosten. In de WTO en bij andere
fora zouden steunmaatregelen genomen moeten worden om de
'verliezende' partijen in staat te stellen mee te doen en
uiteindelijk mee te delen in de winst die liberalisering
wereldwijd zal brengen.
Bilaterale financiële steun van 'voorkeurverleners'
aan 'voorkeurontvangers' moet volgens Zedillo c.s. in de
plaats komen van de bestaande voorkeursregelingen (zoals
het Cotonou-verdrag tussen EU en ACP-staten waarvoor een
WTO-uitzonderingsbepaling geldt). Voor lidstaten die niet
onder zo'n voorkeursregeling vallen. moet meer geld worden
uitgetrokken via 'aid-for-trade'-regelingen. Zedillo ziet
een oplossing voor 'voorkeurs-erosie' als een van de sleutelelementen
om de impasse in de WTO-onderhandelingen te doorbreken [14].
In haar 12-punten programma van eind augustus wijst de Britse
World Development Movement echter integratie in de WTO-onderhandelingen
van niet-WTO kwesties als voorkeursregelingen, hulp- en
schuldenregelingen af. Het zou de voorbereidingen voor de
ministerstop in Hong Kong kunnen gijzelen [4][15].
Landbouw
Op 13 september hielden de EU en de VS in Washinton D.C.
een topontmoeting over 'landbouw'. De betrokken ministers
zijn tevreden over de resultaten en zien dit als een goede
opstap voor een informeel topoverleg in Parijs op 22 en
23 september met Brazilië en India bedoeld om een doorbraak
te forceren in de Doha Onderhandelingen [16]. De samenwerking
tussen de VS en de EU is gebaseerd op onderlinge overeenstemming
over vermindering van de binnenlandse steun (VS) en verdere
marktopening (EU). Voor de vaststelling van omvang en tijdschalen
zullen "draaiboeken" ontwikkeld worden. En er
komt een EU-draaiboek voor "gevoelige producten. Bij
de discussies zullen ze uitgaan van het G20-voorstel voor
een "Swiss-like" tariefreductiemodel.
In de media werd - welhaast traditioneel - een voorschot
gegeven op de besprekingen doordat de EU en VS van elkaar
eisten dat de ander de eerste stap zet. Blair wierp zich
daarbij op als 'vredesrechter' [17]. Eerder gooide hij al
de knuppel in het EU-hoenderhok door te eisen dat de Unie
eerder dan afgesproken de exportsubsidies in de Europese
landbouw moet afschaffen, namelijk in 2010 in plaats van
in 2013 [18]. De ontwikkelingen in de WTO vormen daarvoor
een geschikt moment, volgens Blair, en het geld dat vrijkomt
kan beter besteed worden. Blair kwam met zijn eis toen voor
de zomer bleek dat het lidmaatschap van de EU het Koninkrijk
meer geld zou kosten dan voorheen.
Ook vanuit andere hoek kwam de status quo van het Gemeenschappelijke
Europese Landbouwbeleid onder druk te staan. Volgens onderzoek
van de universiteiten van Newcastle-upon-Tyne en Aberdeen
("CAP and the Regions: The Territorial Impact of the
Common Agricultural Policy") gaat 80% van de landbouwsubsidie
naar de rijkere streken in Europa en dan vooral naar grote
agro-industriële ondernemingen [19].
Na de eerste onderhandelingssessie van landbouw constateerde
voorzitter Crawford Falconer dat de lidstaten het eens zijn
over een 'brede benadering' van de onderhandelingen door
een serie van thema's tegelijkertijd af te handelen [20].
Dat komt neer op een soort 'single-undertaking' [21] die
breekt met de 'bouwstenen'-methode die tot nu toe gehanteerd
werd. De onderhandelingen zullen nu vooral gaan over de
invulling van landbouwmodaliteiten (percentages voor tarief-
en subsidiereducties; reductieformules; criteria voor binnelandse
steun; sluitdata; en overgangsperiodes) en niet zo zeer
over het inkaderen daarvan. Volgens Falconer kan de bijeenkomst
in Parijs de benodigde politieke impact geven.
Diensten
Vooruitlopend op de Parijs-top gebruiken de VS en EU de
pers om aan te geven dat landbouwconcessies van hun kant
wel wat moet opleveren... Zowel de Amerikaanse handelsminister
Portman als de Europese handelscommissaris Mandelson willen
daarvoor in ruil meer liberalisering van andere lidstaten
op gebied van bankwezen, verzekeringen en andere diensten
[22]. Dat is in lijn met de wens van de World Business Leaders
for Growth.
Op 14 september stelden een aantal rijke staten tijdens
de eerste dienstenbijeenkomst na het WTO-reces voor om een
nieuw element in te voeren in de GATS-besprekingen, namelijk
'benchmarking' (ook wel: 'common baselines of commitments')
[23]. Het zou aanvullend moeten zijn op de aanbod-vraag
methode die de basis vormt van de GATS-onderhandelingen.
Daarin kunnen lidstaten aanbieden de markttoegang tot een
deel van de 160 sub-dienstensectoren [24] te liberaliseren,
maar worden er geen minimum-eisen gesteld zoals in het benchmark-voorstel.
In juni deed de EU een eerste (informele) poging om dit
onderwerp geagendeerd te krijgen, hetgeen stuitte op weerstand
van met name Brazilië [25]. Maar ook nu was er veel
weerstand tegen de (wederom informele) voorstellen. De voorstellen
zouden volgens een van de gedelegeerden zelfs kunnen leiden
tot een "round for free for developed countries"
voor diensten [23].
Noten:
[1] "Trade community searches for way forward in Doha
Talks as Lamy takes helm," Bridges Weekly Trade News
Digest, vol 9, nr 29 van 7 september 2005 (http://www.ictsd.org).
[2] "In first TNC address, Lamy announces 'new phase'
in talks," ICTSD, Bridges Weekly Trade News Digest,
vol 9, nr 30 van 14 september 2005 (http://www.ictsd.org).
[3] Pascal Lamy's volledige verklaring is te vinden op:
http://www.wto.org/english/news_e/news05_e/tnc_stat_lamy_14sep05_e.htm.
[4] Op 31 augustus riep De World Development Movement Lamy
op zich om zich als WTO-voorzitter te houden aan minimale
normen voor transparantie en demokratie. Daartoe stelde
WDM een 12-punten programma op. Lamy blijkt echter een andere
opvatting te hebben over transparantie. Zie: "Campaigners
call on WTO to make trade negotiations fair," persverklaring
WDM, 31 augustus 2005 (http://www.wdm.org.uk/news/presrel/current/lamy.htm).
[5] Hij noemde geen data, maar NGO's gaan uit van 19 en
20 oktober voor de eerste zitting, overeenkomstig wat de
WTO-website meldt (http://www.wto.org/english/thewto_e/gcounc_e/
gcounc_e.htm). De WTO-website hanteert echter verouderde
data wat de tweede zitting betreft, namelijk 1 en 2 december
(inzage 19 september).
[6] "'WTO must wrap up bulk of trade accord by end
of year'", Financial Express van 15 september 2005
(http://www.financialexpress.com/fe_full_story.php?content_id=102543).
[7] De Nippon Keidanren, de European Round Table of Industrialists,
de US Business Roundtable en soortgelijke organisaties uit
Australië, Mexico en Canada.
[8] Later deze herfst zal een delegatie van Corporate Executive
Officials Genève bezoeken voor een serie topontmoetingen
met de voorzitters van de belangrijkste WTO-onderhandelingsgroepen
en met diverse vooraanstaande ambassadeurs. Ook zal er een
sterke CEO-afvaardiging de Hong Kong-top bijwonen. Op nationaal
niveau zijn er direkte contacten zijn met de delegaties.
Zie: "International CEOs Urge Progress on Doha Negotiations
at Washington Summit," World Business Leaders for Growth,
21 september 2005 (http://biz.yahoo.com/prnews/050921/dcw012.html?.v=26).
[9] De verklaring van de ondernemersorganisaties is te vinden
op:
http://www.businessroundtable.org/pdf/20050905003WBLGJointStatement.pdf
[10] Met name vergaande liberalisering bij NAMA en GATS
is in hun ogen economisch veel belangrijker dan die bij
Landbouw.
[11] "Business chiefs give blunt warning on Doha talks,"
door Alan Beattie, Financial Times van 5 september 2005
(http://news.ft.com/cms/s/4b3584ae-1e2a-11da-a470-00000e2511c8.html).
"Alarm bells raised over WTO talks," door Steven
Chase, Global&Mail van 6 september 2005 (http://www.theglobeandmail.com/servlet/ArticleNews/TPStory/LAC/20050906/RWTO06/TPBusiness/
TopStories). "Business organisations worried over success
of WTO Round," PTI, 6 september 2005 (http://www.ptinews.com/pti%5Cptisite.nsf/0/391CC9EEB899E399652570750019204D?OpenDocument).
[12] "International CEOs Urge Progress on Doha Negotiations
at Washington Summit," persbericht World Business Leaders
for Growth van 21 september 2005 (http://biz.yahoo.com/prnews/050921/dcw012.html?.v=26).
[13] Het rapport van het Project on Development and the
Global Trade Architecture is te vinden op: http://www.ycsg.yale.edu/core/global_trade_architecture.html
[14] "What Now for the Doha Round?", ICTSD, Bridges
Monthly Year 9 No 8, augustus 2005 (http://www.ictsd.org).
[15] Voor een reactie van het GATS-platform op aid-for-trade,
zie elders in deze ZIP: "EU laat ontwikkelingsperspectief
varen in GATS."
[16] Deze vier lidstaten worden door het ICTSD aangeduid
als de 'new Quad'. Ne de eerste besprekingen sluit Australië
aan, en daarna een beperkte groep van andere staten (samen
de FIPs+). Zie: "EU-US bilateral talks pave way for
progress in Geneva?" en "Agriculture: WTO members
to pursue 'comprehensive' approach," ICTSD, Bridges
Weekly Trade News Digest Vol 9, Nr 31 van 21 september 2005
(http://www.ictsd.org). Voor meer achtergrondinformatie
over FIP's: "Opzet van 'July Approximations' dreigt
te mislukken; WTO-voorzitter slaat alarm - gaan onderhandelingen
door?," door Rob Bleijerveld, in WTO.ZIP nieuwsbrief
nr 57 van 27 juli 2005 (http://www.stelling.nl/trouble/050727--00(57).htm).
[17] "Blair to press hard for trade deal by year-end,"
door Mike Peacock, 21 september 2005 (http://today.reuters.co.uk/news/newsArticle.aspx?type=topNews&storyID=2005-09-21T104204Z_01_HO138472_RTRUKOC_0_UK-TRADE-AFRICA-BLAIR.xml).
[18] "London keeps up pressure on EU farm reforms,"
door Honor Mahony, EUObserver van 15 september (http://euobserver.com/?aid=19871).
[19] Deze kritiek geldt trouwens ook voor de toekenning
van landbouwsubsidies in de VS. "CAP reforms fail to
diminish gap between rich, poor farmers", Bridges Weekly
Trade News Digest, vol 9, nr 29 van 7 september 2005 (http://www.ictsd.org).
[20] "Agriculture: WTO members to pursue 'comprehensive'
approach," ICTSD, Bridges Weekly Trade News Digest
Vol 9, Nr 31 van 21 september 2005 (http://www.ictsd.org).
[21] Hierbij besluiten de lidstaten, na de benodigde voorbesprekingen,
over een pakket maatregelen zonder dat dit weer opengebroken
kan worden.
[22] Zie resp.: "US presses for services market openings
in WTO deal," door Doug Palmer, 20 september 2005 (http://today.reuters.com/news/newsArticle.aspx?type=politicsNews&storyID=2005-09-21T032134Z_
01_KWA112049_RTRUKOC_0_US-TRADE-WTO-USA.xml&archived=False)
en "EU trade chief trying to rally support for global
talks," 21 september 2005 (http://www.financialexpress-bd.com/index3.asp
?cnd=9/21/2005§ion_id=8&newsid=1277&spcl=no).
[23] "'Benchmarking proposals
create controversy in services talks," ICTSD, Bridges
Weekly Trade News Digest Vol 9, Nr 31 van 21 september 2005
(http://www.ictsd.org). Zie ook de reactie op benchmarking
van het GATS Platform elders in deze ZIP: "EU laat
ontwikkelingsperspectief varen in GATS".
[24] Voor de lijst, zie: document MTN.GNS/W/120 op http://www.wto.org/english/tratop_e/serv_e/mtn_gns_w_120_e.doc
[25] Zie onder meer: "Services negotiations resume,
with corridor talk on 'benchmarking'," door Martin
Khor, Third World Network, 27 juni 2005 (http://www.twnside.org.sg).
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
C) Europese Unie mede schuldig aan mislukken WTO onderhandelingen
Genève
(Persbericht Coalitie voor Eerlijke Handel [1] [2] van
29 juli 2005)
De WTO onderhandelingen deze week lopen vrijwel zeker op
niets uit. In plaats van een voortrekkersrol te vervullen,
stelde de Europese Unie de eigen handelsbelangen consequent
voorop. De EU zet onverminderd zwaar in op offensieve belangen
in industriële goederen en diensten. En alleen in ruil
voor concessies op deze ambitieuze agenda is de EU bereid
op het terrein van de landbouw concrete stappen te zetten.
Ook de Verenigde Staten eisen brede markttoegang in ontwikkelingslanden
in ruil voor concessies op het gebied van landbouwsubsidies.
Maar het forceren van omvangrijke markttoegang op het gebied
van landbouw, industriële producten en diensten gaat
ten koste van de opkomende economieën van ontwikkelingslanden.
De houding van beide machtsblokken draagt bij aan de moeizame
voortgang van de WTO-onderhandelingen.
De voorstellen van belang voor ontwikkelingslanden worden
amper besproken, laat staan dat er al een akkoord over is
bereikt. Met het uitblijven van voortgang en gezien de overvolle
onderhandelingsagenda ontstaat een onverantwoord hoge druk
op de WTO ministeriële conferentie in Hong Kong in
december. De Doha ronde, die in 2001 juist in het leven
was geroepen om ontwikkeling in de arme landen te stimuleren,
raakt zo ondergesneeuwd door de offensieve belangen van
de rijke landen.
Door het hoge ambitieniveau van de Europese Unie en de
andere rijke landen dreigt in december in Hong Kong eenzelfde
scenario als in Cancún, waarin ontwikkelingslanden
niet anders kunnen doen dan een overeenkomst die tegen hun
belangen ingaat af te wijzen.
De bestaande internationale handelsregels zijn schadelijk
voor boeren en producenten in ontwikkelingslanden, die niet
sterk genoeg staan tegenover goedkope en vaak gesubsidieerde
producten uit rijke landen. Tegelijkertijd bieden de nieuwe
voorstelen ontwikkelingslanden te weinig mogelijkheden om
zich te beschermen tegen handelsverstorende subsidies en
te weinig ruimte om hun eigen economische en industriële
ontwikkeling vorm te geven. Ook de Europese boeren zijn
de dupe van de huidige plannen. Vooral multinationals hebben
hier profijt van.
De Nederlandse NGO's, verenigd in de Coalitie voor Eerlijke
Handel, houden de rijke landen verantwoordelijk voor de
impasse in de WTO-onderhandelingen. De rijke landen stellen
voortdurend dat de Doha-ronde ten dienste staat van de ontwikkeling
van arme landen. Maar feitelijk zetten zij hun eigen belang
voorop. Zolang de harde eisen van rijke landen niet van
tafel gaan, en de dynamiek van de WTO fundamenteel wordt
gewijzigd, zal de Doha ronde nooit de beloofde ontwikkelingsronde
worden.
Noten:
[1] De Coalitie voor Eerlijke Handel is een platform waarin
18 ontwikkelings-, boeren-, consumenten- en natuur en milieuorganisaties
zich hebben verenigd vanuit hun gezamenlijke bezorgdheid
over de gevolgen van de huidige en nog te formuleren WTO-regels
voor duurzame ontwikkeling. De Coalitie heeft een tienpuntenplan
opgesteld dat wordt onderschreven door: Abvakabo FNV, Both
Ends, Hivos, ICCO, Institute for Environmental Security
(IES), IUCN-NL, Kerkinactie, Landelijke Vereniging van Wereldwinkels,
Milieudefensie, Stichting Natuur en Milieu, Platform Aarde
Boer Consument, Novib/Oxfam Nederland, Stichting Onderzoek
Multinationale Ondernemingen (SOMO), Oikos, Transnational
Institute (TNI), XminY Solidariteitsfonds, Wemos, en de
Zuid-Noord Federatie.
[2] Meer informatie: http://www.coalitievooreerlijkehandel.nl
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
D) WTO-deadlock niet slecht voor ontwikkeling
(persbericht GATS-Platform en XminY Solidariteitsfonds,
28 juli 2005 [1])
De WTO is bijeen in Genève om voortgang te boeken
in de Doha Ontwikkelingsronde richting de afsluitende Ministeriele
Conferentie in Hong Kong. Meer dan 50 maatschappelijke organisaties
uit arme en rijke landen, bijeen in de General Council of
Peoples in Genève, wijzen gezamenlijk de liberaliseringvoorstellen
van de WTO die nu op tafel liggen af. Nederlandse NGOs,
die in Genève de General Council van de WTO kritisch
volgen, roepen de EU en VS op eindelijk werkelijk ontwikkeling
boven handel te stellen.
De NGO's hekelen het feit dat de EU onverminderd zwaar inzet
op zijn offensieve belangen in industriële producten
(NAMA) en diensten (GATS), en alle eisen van ontwikkelingslanden
op deze terreinen categorisch afwijst. Tegelijkertijd weigert
de EU tegemoet te komen aan de eisen van ontwikkelingslanden
op het gebied van landbouw.
Deze houding draagt bij aan de moeizame voortgang van de
WTO-onderhandelingen. Zolang de harde eisen van de rijke
landen op NAMA en GATS niet van tafel gaan, en de dynamiek
van de WTO fudamenteel wordt gewijzigd, zal de Doha-ronde
nooit de beloofde ontwikkelingsronde worden. De huidige
impasse zou moeten leiden tot herziening van de WTO-agenda.
De Nederlandse NGOs houden de rijke landen verantwoordelijk
voor de impasse in de WTO-onderhandelingen. De rijke landen
belijden voortdurend dat de Doha-ronde ten dienste staat
van de ontwikkeling van arme landen. Maar feitelijk zetten
zij vrijhandel en markttoegang van hun grote transnationale
bedrijven voorop.
De rijke landen pushen agressief de belangen van grootschalige
agrobusiness, en vergaande markttoegang voor hun industriële
producten en diensten in ontwikkelingslanden.
Het forceren van markttoegang voor grote transnationale
bedrijven op het gebied van landbouw, industriële producten
en diensten gaat ten koste van de opkomende economieën
van ontwikkelingslanden. Zij zullen niet overeind blijven
tegen deze concurrentie. Met alle sociale gevolgen van dien.
Ontwikkelingslanden moeten zelf kunnen bepalen of beschermende
maatregelen nodig zijn om hun economieën te beschermen
in het belang van een evenwichtige sociale ontwikkeling
en de opbouw van een goede publieke dienstverlening. Het
bindend vastleggen van liberalisering in de WTO biedt die
ruimte niet.
De huidige WTO-agenda versterkt de tegenstellingen mondiaal:
tussen Noord en Zuid, maar ook tussen mondiaal opererende
bedrijven en kleinschalige, nationaal georiënteerde
bedrijvigheid. Want ook kleine Europese boeren zijn niet
gebaat bij deze concurrentie op de geliberaliseerde wereldmarkt.
Ook zij pleiten voor bescherming en productiebeheersing
in het belang van duurzame landbouw in Noord en Zuid.
Noot:
[1] http://globalinfo.nl/article/articleprint/670/-1/2/
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
E) EU laat ontwikkelingsperspectief varen in GATS
(update van GATS-platform van 29 juli 2005 [1])
De WTO is bijeen in Genève om voortgang te boeken
in de Doha Ontwikkelingsronde, die in december tijdens de
Ministeriële Conferentie in Hong Kong afgesloten zou
moeten worden. De EU stelt in deze onderhandelingen haar
eigen economische belangen onverhuld voorop. De ontwikkelingsagenda
van de onderhandelingen lijken naar de achtergrond gedrongen.
De EU zet niet alleen hard in op markttoegang voor industriële
producten, maar ook op diensten.
In diensten eist de EU met de introductie van benchmarks
een nieuwe aanpak, die het ontwikkelingsperspectief van
de arme landen volledig uit het oog verliest, doordat het
de bestaande flexibiliteit in het GATS-akkoord vergaand
ondermijnt. WTO-leden hebben nu nog de vrijheid om in de
dienstenonderhandelingen zelf te bepalen of en welke sectoren
ze willen liberaliseren en onder GATS willen brengen. [Het
onder GATS brengen betekent dat de liberalisering onomkeerbaar
wordt.]
De EU is van mening dat de dienstenonderhandelingen niet
snel genoeg verlopen. Om deze 'crisis' te bezweren, heeft
de EU een voorstel gelanceerd om de voortgang op het terrein
van de dienstenonderhandelingen te versnellen. De EU wil
dat landen zich vastleggen op een liberaliseringquotum uit
een vooraf opgestelde lijst van (sub)sectoren in diensten.
In dit quotum zou dan een vastgesteld minimumniveau van
liberalisering gehaald moeten worden. Dit systeem van benchmarking
zou ontwikkelingslanden dwingen tot liberalisering, ongeacht
of hun ontwikkelingsniveau dit toelaat. De enige 'ontwikkelingsconcessie'
is dat rijke landen op een groter aantal sectoren zouden
moeten liberaliseren dan ontwikkelingslanden.
De EU wil dus dat er in Hong Kong op GATS wordt onderhandeld
aan de hand van vergelijkbare modaliteiten als in landbouw
en NAMA (Non-Agricultural Market Access). Eerste doel daarbij
is het versneld creëren van 'nieuwe business opportunities'
voor de grote westerse, transnationale ondernemingen. Onder
het motto 'aid for trade' gaan er in Nederland ook steeds
meer stemmen op om de ontwikkelingsbudgetten in te zetten
voor het versterken van de zakelijke infrastructuur. Deze
middelen zijn dan niet meer beschikbaar voor sociale doelstellingen
op bijvoorbeeld het gebied van gezondheidszorg of de drinkwatervoorziening.
Deze door zakelijk belangen gedomineerde agenda bedreigt
zo de beleidsruimte van landen om sociale en ontwikkelingsdoelstellingen
vorm te geven.
Het beleid van de EU, zo blijkt in Genève, is steeds
openlijker gericht op het offensieve eigenbelang. De ontwikkelingsdoelstelling,
die de Unie tot op heden zo hoog in het vaandel zegt te
hebben, wordt steeds verder naar de achtergrond gedrongen.
Noot:
[1] http://www.gats.nl/nieuws.shtml
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
F) Petitie en oproep voor internationale akties tegen
dienstenakkoord GATS
en tegen de privatisering van basisvoorzieningen (19 oktober
en 14
december)[1]
"Diensten uit de WTO - de WTO uit de dienstensectoren!"
"Geen GATS! Geen New Deal in Hong Kong!"
In de aanloop naar de Ministeriële Conferentie van
de Wereldhandelsorganisatie in december 2005 (Hong Kong)
staan de handelsdelegaties onder grote druk van hun regeringen
om een goede resultaten te boeken. De huidige besprekingen
in het kader van de Doha Ontwikkelings Ronde omvatten ook
onderhandelingen over uitbreiding van het Algemeen Akkoord
inzake Handel en Diensten (GATS). Met name de machtigste
WTO-lidstaten zetten in op het versnellen van de dienstenliberalisering
en het verder flexibiliseren van het nationale beleid van
elke WTO-lidstaat. Ze willen dat nog meer dienstenmarkten
worden opengebroken ten behoeve van internationale handel.
In werkelijkheid gaat het om veel meer dan het versnellen
van de dienstenliberalisering. GATS is geen neutraal handelsakkoord
zoals wordt voorgesteld, maar een eenzijdig investeringsgereedschap
voor wereldwijd opererende ondernemingen. Bedrijven verkrijgen
op basis van het GATS namelijk in toenemende mate ongehinderde
toegang tot markten en tot basisvoorzieningen. Publieke
diensten zijn in feite al veel toegankelijker voor bedrijven
dan voor veel burgers. De WTO-leiding en de Europese Commissie
gaan er prat op dat het GATS wat hen betreft het eerste
multilaterale investeringsakkoord is.
Bijna alle vormen van dienstverlening, ook drinkwatervoorziening,
openbaar vervoer, gezondheidszorg en onderwijs, worden beschouwd
als diensten onder GATS. Elke hindernis voor instroom van
buitenlands kapitaal in deze sectoren, bijvoorbeeld door
nationale waarborgen tegen onmenselijke werkomstandigheden
of tegen aantasting van het milieu, zal grondig uit de weg
geruimd worden. In feite heeft het souvereine recht van
naties om de belangen van hun burgers te verdedigen en om
hun welzijn te handhaven of te verbeteren geen enkel bestaansrecht
in het GATS.
Andere voorvechters van een wereldwijde overheersing door
ondernemingen - zoals de Wereldbank en het Internationale
Monetaire Fonds - hebben lange tijd de zuidelijke landen
beleidseisen opgelegd op gebied van liberalisering, deregulering
en privatisering. Dit had rampzalige en fatale gevolgen
voor de betreffende bevolkingen en economieën. Zuidelijke
regeringen werden gedwongen om publieke diensten als zorg,
water- en energievoorziening te dereguleren en te privatiseren,
waardoor miljoenen mensen verstoken raakten van de voorzieningen
die nodig zijn om redelijk te kunnen leven. Arme boeren,
arbeiders, vrouwen en kinderen lijden nog dagelijks zwaar
onder de negatieve gevolgen van de overdracht van het beheer
over publieke diensten aan particuliere ondernemingen.
Met het GATS van de WTO worden nu de mogelijkheden op ontwikkeling
en overleving van ontwikkelingslanden verder ingeperkt.
Vooral waterbronnen en basisvoorzieningen - algemeen erkend
als zijnde cruciaal voor ontwikkeling - worden bedreigd
door commodificate en privatisering. Grote Europese leveranciers
van drinkwater hebben al enorme investeringen gedaan in
veel landen in Azië, Afrika en Latijnsamerika. De belangen
van bedrijven als Suez, Vivendi en Thames Water spelen zonder
twijfel een rol bij de druk die de Europese Unie in de WTO
uitoefent om waterdiensten in het GATS-raamwerk onder te
brengen.
Ervaringen in de zuidelijke landen tonen aan dat de basisrechten
van de mensen, vooral die van de armen en gemarginaliseerden,
in toenemende mate aangetast worden doordat regeringen basisvoorzieningen
als zorg, water, energie, huisvesting en onderwijs overleveren
aan 'big business'. In veel van die landen braken al epidemieën
van cholera en andere spijsverteringsziekten uit omdat er
steeds minder mensen zijn die kunnen betalen voor veilig
drinkwater en basisgezondheidszorg.
De uitleg van voorstanders van GATS als zouden regeringen
er voor kunnen kiezen om bepaalde sectoren uit te sluiten
van liberalisering en als zou de privatisering van publieke
diensten geen GATS-eis zijn, is misleidend. GATS bevooroordeelt
overduidelijk particuliere bedrijven en de niet transparente
WTO-mechanismes begunstigen de ontwikkelde landen. De ontwikkelde
landen kunnen via het WTO-onderhandelingsproces zware druk
uitoefenen op de ontwikkelingslanden.
We moeten op korte termijn onze stemmen verheffen en de
internationale oppositie tegen GATS en WTO op krachtige
wijze naar voren brengen. Vanaf nu tot midden december is
er tijd om te mobiliseren in onze eigen landen en om ons
protest op diverse manieren te uiten.
We roepen sociale bewegingen, volksorganisaties en NGO's
op [2] om op 19 oktober, rond de start van de Algemene Raadsvergadering
van de WTO (Genève), regionaal gecoördineerde
akties te houden uit protest tegen GATS en privatisering.
Tevens roepen we op om tijdens de 6e Ministeriële Conferentie
(Hong Kong) onze stemmen te verheffen en krachten te bundelen
in een gezamenlijke mobilisatie tegen GATS. De 14e december
is daartoe uitgeroepen tot Internationale Protestdag tegen
GATS en privatisering!
Noten:
[1] Vertaling: Rob Bleijerveld. De oproep heeft als originele
titel "Call for International Actions Against GATS-WTO"
en is opgesteld door een groot aantal Aziatische organisaties
en sociale bewegingen.
Organisaties elders in de wereld wordt gevraagd de oproep
mede te ondertekenen en deze verder te verspreiden. Stuur
ondertekening op aan de organisator, Jubilee South: secretariat@jubileesouth.org
Jubilee South zou tevens graag op de hoogte gesteld worden
van de eventuele aktieplannen van jullie/uw organisatie
met betrekking tot 19 oktober, 14 december of andere data.
Al deze informatie zal gebundeld worden aangeboden aan de
internationale pers, aan de verschillende list-servers en
e-groups, als ook geplaatst worden op de website van Jubilee
South: http://www.jubileesouth.org
[2] Er zijn inmiddels al zo'n 70 ondertekenende organisaties
en de bijgewerkte ondertekenaarslijst zal binnenkort te
vinden zijn op http://www.jubileesouth.org
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
G) Petitie van parlementariërs met betrekking tot
de landbouwvoorstellen
in de WTO [1]
Onderstaande petitie is een van de middelen om zoveel
mogelijk aandacht te vragen voor de ministeriële top
van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) op 13 december in
Hong Kong. De petitie, met lijst van ondertekenaars, zal
op 17 oktober overhandigd worden aan de voorzitter van het
WTO-landbouwcommittee voor de zitting van de Algemene Vergadering
van de WTO.
Op 1 augustus 2005 was deze petitie al ondertekend door
111 parlementariërs uit diverse landen (India (47),
Noorwegen (23), Pakistan (15), UK (10), en Mexico (6)) [2].
Ons doel is om wereldwijd tenminste 500 onderschriften te
verzamelen van parlementariërs. Het in de petitie gepresenteerde
"positieve alternatief" voor de landbouwvoorstellen
die op tafel liggen bij de WTO kan dan niet meer genegeerd
worden! U wordt verzocht te helpen bij de verspreiding van
de petitie en om de parlementariërs in uw land te vragen
het te ondertekenen.
Stuur een kopie van de handtekeningen naar:
- Devinder Sharma (India), email: dsharma@del6.vsnl.net.in
of naar:
- Helge Christie (Noorwegen), email: happycow@online.no
Noten:
[1] De petitie is opgesteld door een groot aantal parlementariërs,
boerenorganisaties en maatschappelijke organisaties wereldwijd.
Vertaling: Guus Geurts en Rob Bleijerveld.
[2] Behalve de genoemde 111 parlementariërs was de
petitie op 1 augustus ook ondertekend door 1 voormalige
premier; 48 burgemeesters; 115 diverse organisaties; 15
organisaties van boeren en vissers; en 97 individuele personen.
De lijst van ondertekenaars zal worden bijgewerkt via de
volgende websites: http://www.worldfoodpolicy.org/ (Engels,
Frans en Spaans; is helaas op dit moment tijdelijk uit de
'lucht'). De 1 augustus-lijst is te vinden op: http://www.fjellregionen.no/wto/Default.asp?WCI=ViewNews&WCE=820&DGI=68
(op die pagina, onder de Noorse tekst).
...............................................................................................................................................
Brief aan Crawford Falconer, voorzitter van het Landbouw
Committee van de WTO, in Genève
"ELKE NATIE ZOU HET RECHT MOETEN HEBBEN HAAR LANDBOUW
TE BESCHERMEN
Voedsel is een fundamenteel mensenrecht en dient daarom
anders behandeld te worden dan andere verhandelbare goederen
('commodities'). Ongeveer 90 procent van de landbouwproducten
in de wereld wordt in eigen land geconsumeerd en maakt in
feite geen deel uit van de internationale handelsstromen.
Slechts 10 procent van de wereldwijd geproduceerde landbouwproducten
wordt internationaal verhandeld. Regels voor internationale
handel in landbouwproducten moeten daarom slechts betrekking
hebben op de 10 procent die internationaal verhandeld wordt
en niet op de overige 90 percent.
We stellen voor dat handelsovereenkomsten met betrekking
tot landbouw uitgaan van de onderstaande punten:
Principe:
Elke natie moet het recht en de verplichting hebben om basisvoedsel
te produceren voor de eigen bevolking en om voedselveiligheid
te verzekeren. Er moet alles aan gedaan worden om armoede
te verminderen en honger uit te bannen.
Maatregelen:
1. Herstel van import-bescherming door kwantitatieve importbeperkingen
en tarieven. Zodat elke natie of groep van landen (zoals
de EU) op effectieve wijze haar speciale, strategische producten
kan beschermen en een speciaal garantie-mechanisme kan installeren
waarmee het levensonderhoud in rurale gebieden veilig wordt
gesteld.
2. Bescherming van het boereninkomen door (eventuele) staatssteun
voor producten die bedoeld zijn voor consumptie in eigen
land, maar niet voor exportproducten of producten die op
de wereldmarkt terecht komen (en dan zorgen voor verborgen
of indirekte dumping op andere markten).
3. Exportsubsidies, exportkredieten en kredietverzekering
moeten worden verwijderd. Er is behoefte aan een effectief
systeem voor marktregulering en productiebeheersing om het
dumpen te stoppen."
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
H) Oproep voor internationale demonstratie en aktiedagen
tegen de WTO
(van 17 tot en met 21 oktober)
"Vóór 'Hong Kong': de WTO-ondernemersagenda
van tafel!" [1]
Met de Ministeriële Conferentie van december in Hong
Kong in zicht versnellen de WTO-lidstaten de handelsbesprekingen
gericht op een succesvolle uitkomst. Om een nieuwe mislukking
van de onderhandelingen zoals in Cancún te voorkomen,
heeft de WTO haar onderhandelingsstrategie veranderd. De
onderhandelaars zullen proberen om de belangrijkste conflictpunten
van te voren op te lossen in Genève tijdens bijeenkomsten
van de Algemene Raad. Het is een poging om te voorkomen
dat kritisch onderzoek en pressie vanuit de maatschappij
bijdraagt aan het vastlopen van de besprekingen zoals eerder
is gebeurd. Dat betekent een wijze van besluitvorming die
nog minder doorzichtig en demokratisch is dan gebruikelijk.
Maatschappelijke organisaties en sociale bewegingen moeten
zich hiertegen verzetten.
In het July Framework waartoe de WTO in 2004 besloot, is
genoemde strategie-wijziging al opgenomen en tijdens de
zitting van de Algemene Raad van juli dit jaar - die eindigde
zonder concrete overeenkomst - kwam het werkelijke karakter
van de handelsbesprekingen weer duidelijk naar voren. De
huidige onderhandelingsronde is een ronde voor grote ondernemingen;
er wordt geen rekening gehouden met de belangen van kleine
boer(inn)en, van arbeid(st)ers, armen en milieu. Uitgaande
van wat er op het 'spel' staat bij landbouw, diensten en
industriële goederen en van de bestaande machtsverhoudingen
in de WTO geven deze ontwikkelingen aanleiding tot grote
bezorgdheid. Daarom is het van het groootste belang dat
we zorgen voor maatschappelijke druk en internationale aandacht
bij de komende bijeenkomsten van de Algemene Raad in Genève.
Sociale bewegingen en maatschappelijke organisaties moeten
aanwezig zijn om de WTO-lidstaten aan te spreken op hun
verantwoordelijkheden en om te zorgen dat de belangen van
ontwikkelingslanden, van de bevolking wereldwijd en van
het milieu niet nog verder vertrapt worden in de stormloop
op handelsliberalisering.
Alle aandacht is nu gericht op de zitting van de Algemene
Raad in oktober waar - met betrekking tot de voorbereiding
van 'Hong Kong' - op elk onderhandelingsterrein belangrijke
beslissingen verwacht worden. De Ministeriële Conferentie
in Hong Kong zal in die opzet slechts een bijeenkomst zijn
voor het opmaken van de stand van zaken.
We roepen vakbonden, NGO's en sociale bewegingen daarom
op mee te doen aan een aktieweek tegen de ondernemersagenda
van de WTO [2]. Tijdens deze week wordt het volgende georganiseerd:
* Een internationale demonstratie in Genève op
15 oktober (start 14 uur voor het WTO-kantoor aan de Avenue
de la Paix);
* en een 'observatorium' van 17 tot en met 21 oktober van
waaruit de onderhandelingen gevolgd worden, gelobbyd wordt
en symbolische akties gehouden zullen worden.
Noten:
[1] Vertaling: Rob Bleijerveld. Deze oproep als originele
titel: "Call for international mobilizations in 'Geneva':
STOP the WTO corporate agenda before 'Hong Kong'!"
en is afkomstig van de Geneva People's Alliance (zie: http://www.omc-wto.org)
Contact-email: info@omc-wto.org
[2]Inmiddels hebben zich ruim 65 nationale en internationale
organisaties aangesloten bij dit inititief. Voor de lijst
van ondertekenaars: http://www.omc-wto.org/index.php?option=com_content&task=view&
id=6&Itemid=1&lang=en
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
I) Nederlandse anders-globalisten doorbreken laatste
taboe
1 oktober: 3e Dag der Alternatieven (over de machtsvraag)
Op 1 oktober 2005 komt in Utrecht een bont gezelschap
bijeen van Nederlandse organisaties op het gebied van alternatieve
economie, milieubescherming en emancipatie: voor de derde
maal organiseren XminY Solidariteitsfonds en Voor de Verandering
de Dag van Alternatieven. Dit maal echter geen utopisme,
maar spijkers met koppen. Het laatste taboe in de wereld
van de anders-globalisten, de machtsvraag, staat centraal.
Te gast is bovendien dhr. Yash Tandon uit Oeganda, directeur
van het South Centre (een intergouvernementele organisatie
van 49 ontwikkelingslanden) en voormalig vertegenwoordiger
van Zimbabwe en Uganda bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO).
Dhr. Tandon zal de bijeenkomst inleiden.
Macht, een vies woord?
Tijdens deze derde Dag van Alternatieven wordt in het Utrechtse
Dr. F.H. de Bruijnelyceum gebroken met de trend van probleemanalyses
en utopisme. Anders dan bij de vorige twee edities, alsmede
het eerste Nederlands Sociaal Forum van vorig jaar, staat
hier de machtsvraag centraal. Waarom hebben de vele solidaire
initiatieven, die op kleine schaal vaak succesvol zijn,
het heersende neoliberale economische systeem nog altijd
niet fundamenteel kunnen veranderen? Oftewel: hoe krijgt
de alternatieve beweging werkelijk iets in de melk te brokkelen?
De voorgaande edities van de Dag van Alternatieven leverden
bij de ongeveer 150 deelnemers vooral een gevoel van gezamenlijkheid
op. De problemen van de neoliberale economie werden alom
erkend en er was grote overeenstemming over welke kant het
op zou moeten met Nederland en de wereld. Hoe stimulerend
dit soort bijeenkomsten ook is voor lokale initiatieven,
en hoezeer het de samenwerking tussen de vele ideële
organisaties in Nederland bevordert, het zet de fundamenten
van de huidige samenleving bepaald niet aan het schudden.
De vraag die telkens ongesteld blijft is hoe de huidige
machtsverhoudingen veranderd kunnen worden. Wellicht is
men bang voor associaties met de geflopte communistische
revolutie? Of voor een tweesplitsing van de beweging over
het dilemma revolutie vs. hervorming? Hoe dan ook, solidair-economische
alternatieven kunnen hun waarde het beste bewijzen in de
praktijk van alledag, dus: in een ander beleid.
Om dit beleid vorm te geven moet bij fundamentele debatten
over - bijvoorbeeld - de waarde van onbetaald werk, de (on)logica
van economische groei of de milieukosten van de internationale
handel ook de vraag hoe het solidair-economische alternatief
in de praktijk te brengen nadrukkelijk betrokken worden.
De workshops en discussies tijdens de Dag van Alternatieven
moeten de alternatieve beweging krachtiger maken. De deelnemende
organisaties, waaronder Milieudefensie, SOMO, Platform Aarde
Boer Consument en Stichting LOS, zullen samen met de individuele
deelnemers op zoek gaan naar methoden die niet langer de
gaten in de samenleving stoppen, maar op vreedzame doch
effectieve wijze verandering afdwingen.
Vanuit het Zuiden bekeken
Een bijzondere bijdrage komt tijdens deze Dag van Alternatieven
van de Ugandese econoom, oud-politicus en activist Yash
Tandon. Als directeur van het South Centre, gevestigd in
Genève, en tevens bestuurslid van ANSA (alternatieven
voor het neoliberalisme in Zuid Afrika), maakt hij zich
vandaag de dag sterk voor een intensievere samenwerking
tussen ontwikkelingslanden op het gebied van politiek en
internationale handel. De 49 lidstaten van het South Centre
proberen onder meer de Westerse agenda in de Wereldhandelsorganisatie
te beïnvloeden om zo een meer gelijkwaardige en sociaal
rechtvaardige economische ontwikkeling te bewerkstelligen.
Volgens Tandon is een blik op het Afrika van nu een blik
op de toekomst van Europa, als men de afbraak van de verzorgingsstaat
op de huidige voet voortzet. De ellende die ontstaat als
sociale vangnetten ontbreken, waarvan men nu in vele ontwikkelingslanden
getuige is, zou ons aan het denken moeten zetten. In zijn
artikel 'The violence of globalisation' schrijft Tandon:
"Armoede mag dan een van de oorzaken van geweld zijn,
het is niet iets dat zomaar uit het niets ontstaat. Het
wordt gecreëerd door de wijze waarop een gebied wordt
opgenomen in de mondiale economie." Op 1 oktober zal
Tandon spreken over alternatieven voor het huidige globaliseringsproces
en zal hij de deelnemers een Afrikaanse spiegel voorhouden.
Aanmelden als deelnemer kan via http://www.globalternatives.nl/dva2005
Meer info:
- Voor de Verandering: http//www.globalternatives.nl
- XminY Solidariteitsfonds: http://www.xminy.nl
- South Centre: http://www.southcentre.org
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
J) Publiek debat: 'Afrika en globalisering - de groeiende
controverse
rond Economic Partnership Agreements (EPA's)'
Op 30 september wordt in Felix Meritis in Amsterdam
een forum-discussie gehouden over Afrika en globalisering,
en met name over de gevolgen van Europees handelsbeleid
voor het continent.
Afrika heeft van alle continenten veruit het meest te lijden
onder het globaliseringsbeleid dat door internationale financiële
instellingen, door de WTO, en ook door de Europese Unie
wordt gevoerd. Maar Afrika verzet zich steeds krachtiger
tegen dit vanuit het Noorden opgelegd beleid, getuige de
actieve rol die Afrikaanse boerenorganisaties, niet-gouvernementele
organisaties en regeringen met name sinds de gestrande WTO-top
in Cancún spelen in het debat rond 'vrijhandel'.
Ook het beleid van de Europese Unie is onderhevig aan toenemende
kritiek. Momenteel onderhandelt de EU met groepen van landen
in Afrika, de Caraïbische zee en de Stille Zuidzee
over het sluiten van Economic Partnership Agreements (EPA's).
Inzet is ervoor te zorgen dat uiteindelijk 90 procent van
alle handel wordt geliberaliseerd, en dat zuidelijke landen
waaraan de EU in het verleden handelsvoorrechten verleende
uiteindelijk al hun tariefmuren slopen. Vanuit Afrika worden
grote vraagtekens gesteld bij dit vrijhandelsbeleid.
In Nederland is de kritiek op EPA's ondermeer verwoord
door de Coalitie voor Eerlijke Handel, en ook door het Platform
VN-Millennium Doelen. Beide maatschappelijke coalities hebben
de gevaren van het huidige EU-beleid aan de orde gesteld
bij de Nederlandse regering en bij de Tweede Kamer. Maar
er moet meer gebeuren. Ook het Nederlandse publiek heeft
recht te weten wat er aan de hand is.
Op 30 september gaan Yash Tandon en Kris Douma in Felix
Meritis in debat over Globalisering, Afrika en EPA's.
De van oorsprong Oegandese wetenschapper Yash Tandon is
een van de meest vooraanstaande handelsdeskundige uit Afrika.
Hij is momenteel directeur van het in Geneve gevestigde
South Centre. Yash Tandon is criticus van het EU-vrijhandelsbeleid.
Kris Douma is lid van de Tweede Kamer voor de PvdA, en heeft
globaliserings- en handelsvraagstukken in zijn portefeuille.
Hij zal de visie van zijn partij op EPA's vertolken.
Andersglobalisten, Afrikakenners, WTO-Conferentie-gangers
en -niet-gangers, ontwikkelings-deskundigen, journalisten
- iedereen wordt van harte uitgenodigd deel te nemen aan
het debat.
De avond wordt voorgezeten door Evelijne
Bruning, hoofdredactrice van Vice Versa, en wordt ingeleid
door Peter Custers, XminY Solidariteitsfonds.
Plaats: Felix Meritis, Keizersgracht 324, Amsterdam (tel:
020-6262321); zaal-open: 19.45 uur. Het debat duurt van
20 tot uiterlijk 22.30 uur.
Organisatie: XminY Solidariteitfonds, Transnational Institute
(TNI)
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
K) Mag het licht uit?
Of waarom vakbonden, milieubeweging en hulporganisaties
zich beter
moeten verdiepen in de olie- en gasmarkt.
(door Peter Polder en Pieter Cornelissen [1])
De energierekening van het gemiddelde Nederlandse huishouden
stijgt drastisch het komende jaar. De achterblijvende economische
groei begint banen te kosten en politieke partijen roepen
om meer kernenergie en steenkolencentrales. De geopolitieke
spanningen rond olie- en gasreserves in onder andere Bolivia,
Iran, Soedan, en rond de Kaspische Zee beginnen op te lopen.
In Brazilië en Maleisië worden kleine boeren van
hun land gejaagd en wordt regenwoud gekapt ten behoeve van
'groene' energieproductie uit sojaschroot en palmolie.
Deze ontwikkelingen lijken los van elkaar te staan. Vakbonden,
milieuorganisaties en hulporganisaties blijken deze problemen
ook als losstaand te benaderen. Er is echter een gemeenschappelijke
oorzaak: de wereldwijde productie van olie en gas blijft
steeds meer achter bij de vraag. Het wordt hoog tijd dat
sociale bewegingen en maatschappelijke organisaties een
antwoord formuleren op deze problemen en de bijbehorende
dilemma's aankaarten.
Oliecrisis?
Oliebedrijven en het IEA (International Energy Agency)
beweerden tot begin van dit jaar dat we nog genoeg olie
hebben voor de komende decennia en dat er voor afloop van
die periode wel nieuwe voorraden gevonden zouden worden.
Bovendien gaan de ontwikkelingen op het vlak van alternatieve
energiebronnen en energiebesparing razendsnel. Niets om
wakker van te liggen. Of toch?
De groep mensen die vraagtekens zet bij deze toekomstscenario's
wordt elke dag groter. Deskundigen uit de olie-industrie
zoals geoloog Collin Campbell (voormalig topman bij Fina,
Amoco en energieadviesbureau IHS) en bankier Matthew Simmons
('s werelds grootste private bankier in de energiesector
en vertrouweling van de regering Bush) namen het voortouw.
Peak Oil
Hun kritiek is moeilijk samen te vatten [2], maar komt
in het kort hier op neer: de IEA en anderen werken met cijfers
over oliereserves die aanvechtbaar zijn.
De IEA (en met haar tal van adviesorganen) baseert zich
bij haar toekomstscenario's vooral op cijfers van de OPEC-landen
(ruim 40% van de wereld-olieproductie), die echter uitgaan
van onzekere aannames. Bovendien gaan beleidsmakers en economen
vaak uit van een stijgende lijn in de olieproductie. Geologisch
gezien is dat echter onzin. De wereldproductie van de olievelden
laat een Gausskromme zien: de productie stijgt eerst sterk,
vlakt daarna af en gaat weer dalen. Dit geldt ook voor het
vinden van oliebronnen.
Alle grote en makkelijk te vinden olie,- en gasvelden zijn
al gevonden. Aangezien er overal in de wereld gezocht is,
is het vinden van nieuwe grote velden onwaarschijnlijk.
Sinds 1980 verbruiken we meer olie dan dat er aan nieuwe
reserves gevonden wordt. Op dit moment is de verhouding
1 vat nieuwe olie tegenover 4 vaten olie die worden verbruikt.
De vraag is dus wanneer de olieproductie wereldwijd gaat
pieken, en hoe snel de productie daarna zal afnemen. Die
vraag is echter lastig te beantwoorden aangezien de bepaling
van de cijfers nodig voor zo'n schatting omgeven is met
onduidelijkheden en geheimzinnigheid. ODAC (Oil Depletion
Analyse Centre [3]) waagt zich niettemin aan een voorspelling.
Zij gaat er vanuit dat de olieproductie voor 2010 gaat dalen.
Na 2008 ontstaat er een steeds groter gat tussen wat er
opgepompt kan worden en wat er nodig is. Daarbij tekenen
we aan dat deze voorspelling uitging van de erg gematigde
vraagverwachting van het IEA [4] en de optimistische cijfers
van oliebedrijven over de verwachte opbrengsten van hun
nieuwe projecten. Ondertussen nemen de investeringen in
raffinagecapaciteit en in de bouw van olietankers af, een
teken dat bedrijven niet langer willen investeren in zaken
die zij bij een dalende olieproductie minder denken nodig
te hebben. (En het is niet de hoofdoorzaak voor het huidige
niveau van olieprijzen, zoals onterecht aangevoerd door
media en industrie.)
Steeds meer steun voor waarschuwingen
De boodschap van mensen als Simmons en Campbell begint
nu de olieprijs al meer dan een jaar sterk stijgt steeds
meer weerklank te krijgen. Zakenbanken als JP Morgan en
Deutsche Bank nemen hun analyse (deels) over en waarschuwen
voor extreem hoge olieprijzen. Instituten als het Nederlandse
ECN maar ook het IEA betrekken de kritiek nu in hun toekomstscenario's
en 'vervroegen' hun eigen piekdatum van 2035 naar de periode
2015-2020. Uit onderzoek van het Amerikaanse Department
of Energy naar de effecten van een mogelijke productiepiek
binnen 20, 10 en 0 jaar blijkt dat er tenminste 20 jaar
nodig is om drastische maatregelen te kunnen nemen om een
ernstige energietekorten en een desastreuze aanslag op de
Amerikaanse economie te voorkomen. Opvallend is ook de PR-campagne
van het Amerikaanse oliebedrijf Chevron: "The era of
cheap fossil fuel is over", stelt ze op haar website,
en in advertenties in internationale zakenbladen...
Het wordt dus hoog tijd dat vakbeweging, milieubeweging
en hulporganisaties zich in energie gaan verdiepen en de
waarschuwingen serieus gaan nemen. Als we inderdaad te maken
krijgen met een energietekort binnen vijf à tien
jaar dan zal dat vergaande gevolgen hebben voor de campagnes
die we voeren, voor de eisen die we stellen en het toekomstbeeld
dat we hebben. Op dit moment wordt het belang van olie en
gas door deze organisaties onderschat.
Belang olie en gas voor de mensheid onderschat
Velen hebben de neiging het belang van olie- en gasproductie
voor deze maatschappij te onderschatten en de mogelijkheden
van de nu bestaande alternatieven te overschatten. Verbranding
van fossiele brandstoffen zorgt voor grofweg 80% van de
wereldwijde energieproductie, hout [5], kernenergie en waterkracht
leveren nog eens zo'n 19% en slechts 1% wordt gewonnen uit
duurzame energiebronnen.
Voor het veranderen van deze verhoudingen zijn drie dingen
nodig: tijd, geld en energie. Zo wordt verwacht dat het
ombouwen van het Nederlandse wagenpark op verbruik van niet-fossiele
brandstoffen 15 jaar duurt en zeer veel geld, materiaal
en menskracht - en dus ook weer energie - kost. Vergelijkbare
verwachtingen zijn er ten aanzien wijzigingen in productieprocessen,
voor verbranding in elektriciteitscentrales en gasgestookte
CV-ketels bij mensen thuis en voor de manier waarop wij
gewoon zijn voedsel te verbouwen, transporteren, koelen,
verwerken en te verpakken.
Energie opwekken kost energie. Elke andere energiebron
dan olie en gas is minder efficiënt in het leveren
van de benodigde energie in de juiste vorm en op de juiste
tijd. Daarbij leveren olie en gas naast electriciteit ook
benzine en grondstoffen voor kunstmest, bestrijdingsmiddelen,
medicijnen, speelgoed, kleding, verpakkingsmateriaal en
veel meer. Overstappen op alternatieven (zelfs als het gaat
om teerzanden, zware olie, steenkool en kernenergie) kost
dus meer energie en zorgt voor duurdere grondstoffen. Omschakeling
naar "olie- en gasloze maatschappij" zou vijftig
jaar duren en noodzaakt tot instelling van een oorlogseconomie
(...). We hebben een groot probleem, want er is veel minder
tijd beschikbaar, veel regeringen erkennen niet de ernst
van de zaak en handhaving van de vrije markt is zeker geen
oplossing.
Het antwoord ontbreekt
Wat het snel 'pieken' van de olieproductie voor de toekomst
betekent, is lastig te voorspellen. Wel dienen zich een
paar vraagstukken aan waarvoor sociale bewegingen en maatschappelijke
groepen snel een antwoord moeten zoeken.
De olieprijs dreigt binnen niet al te lange tijd uit te
komen boven de 75 dollar per vat, waarbij volgens economen
de kansen op economische krimp, sterke inflatie en kelderende
beurskoersen drastisch zullen toenemen. Hoe zal de vakbeweging
reageren op een mogelijke sterke stijging van de werkloosheid
en een verhoogde druk op sociale wetgeving, pensioenregelingen
en loonontwikkeling die dat met zich meebrengt? En op een
sterke stijging van de kosten van levensonderhoud door schaarse
en dus duuurdere olie? Onze inschatting is dat de huidige
vakbondsstrategie die gebaseerd is op het eerlijk verdelen
van de economische groei, niet meer te handhaven is.
In veel zuidelijke landen is de oliecrisis al realiteit
en heeft dit geleid tot benzinetekorten en distributie per
bonsysteem. Elders leidde de dreigende afschaffing van subsidies
op benzine tot devaluatie van de munteenheid (Indonesië)
en zelfs tot rellen waarbij doden vielen (Jemen).
Ook zijn er vraagtekens te zetten bij de productie van
biomassa (palmolie, sojaschroot, suikerriet) in ontwikkelingslanden
als energiebron voor consument en industrie in het westen.
Is dit een ontwikkelingskans of zien we hier weer een aanslag
op voedselareaal, bodemgesteldheid en economische positie
van die landen?
Ondertussen is de toenemende schaarste van olie een belangrijke
factor bij de strategische energiebelangen van China, India,
de EU en de VS. Hun onderlinge belangenstrijd is bijvoorbeeld
voelbaar in Afrika en Centraal Azië. Zo zetten de VS
en de EU Iran onder druk om zijn kernenergieprogramma te
stoppen, het Iraanse alternatief voor zijn dalende olieproductiecapaciteit.
Tegelijkertijd stellen China en India hun belangen in Iran
veilig door forse investeringen (aanleg pijpleidingen en
gezamenlijke ontwikkeling olievelden). China steunt Iran
ook op het gebied van wapens, technologie, en in de Veiligheidsraad.
De VS en de EU weten ook dat een openlijke aanval op Iran
een catastrofe is voor de olievoorziening van beide machtsblokken,
want het land is in staat om de olietoevoer van heel de
Golfregio te verstoren door het afsluiten van de Straat
van Hormoez. Dat zou een acute oliecrisis betekenen.
Het meest te vrezen heeft echter ons klimaat of ons milieu
in bredere zin. Dat klinkt paradoxaal. Je zou verwachten
dat minder olie en gas goed is voor het milieu en enorme
kansen biedt voor bijvoorbeeld duurzame energie. Deels is
dit zeker het geval, maar de korte termijnoplossing wordt
door regeringen en energiebedrijven niet gezocht in windmolens
en zonnecellen alleen, maar vooral in kernenergie, steenkool
en moeilijk winbare oliesoorten als teerzand, zware olie
en diepzee olie. Op kernenergie na betekent dit een extra
aanslag op ons klimaat. Bovendien kan een energiecrisis
het draagvlak voor klimaatbeleid zwaar onder druk gaan zetten.
Ook zet schaarste van olie en gas een enorme druk op het
winnen van voorraden onder natuurgebieden als de noord,-
en zuidpool, en de waddenzee.
Los daarvan betekent investeren in kernenergie en andere
fossiele brandstoffen dat er weer geïnvesteerd wordt
in tijdelijke oplossingen. Ook de voorraden aan uranium
en steenkool zijn namelijk eindig. Voor uranium ligt de
piekdatum (bij huidig verbruiksniveau) in 2020; investeren
in kernenergie is daarom onverstandig, zeker wanneer het
de bouw van nieuwe centrales betreft.
De noodzaak van een gezamenlijk antwoord
De oplossingen voor het dreigende energietekort zijn niet
eenvoudig. Oplossingen die niet ingrijpen op de manier waarop
mensen hun dagelijks leven inrichten, bestaan volgens ons
niet. En juist nu durven politieke partijen hun kiezers
niet aan te spreken op hun levensstijl. Daarbij lijken politieke
partijen te veel bevangen door het marktdogma. Juist een
energietekort veroorzaakt een reactie van de vrije markt
die contraproductief werkt [6] en kan voorkomen dat er verantwoorde
keuzes worden gemaakt over hoe we omgaan met de energie
die we nog over hebben. Het is van belang dat er gewerkt
wordt aan een gezamenlijke strategie van vakbonden, milieubeweging
en hulporganisaties die de bron van het probleem aanpakt.
Die bron is onze verslaving aan olie en gas.
Onze manier van leven is afhankelijk geworden van een steeds
groeiende hoeveelheid goedkope energie. Wie dat wil veranderen,
moet een van de fundamenten van deze maatschappij veranderen.
De dreigende energiecrisis dwingt ons dat te doen. Wat doen
we met de olie en gas die nog beschikbaar zijn? Besteden
we die aan vakantietripjes naar Lorret de Mar, een SUV en
een kerncentrale, of zetten we die in om een omschakeling
te maken naar een andere en duurzamere manier van leven?
Energie wordt het belangrijkste vraagstuk voor de komende
10 jaar. Sociale bewegingen die dat negeren kunnen hun bestaansrecht
verliezen en baseren hun strategie op de verkeerde veronderstellingen.
Noten:
[1] Ingekort en bewerkt door Rob Bleijerveld
[2] Een en ander wordt helder uit de doeken gedaan op tal
van websites. Voor overzicht en verwijzingen, zie: http://www.peakoil.nl
[3] Een groep olieexperts (journalisten en wetenschappers)
die op non-profit basis onderzoek doen en publiceren, zie:
http://www.odac-info.org
[4] De afgelopen maanden stelde de IEA haar verwachting
meerdere keren omhoog bij.
[5] Hout is in een groot deel van de wereld de enige energiebron
(kookvuurtjes).
[6] a/ Sinds rond 1980 werd duidelijk dat er meer olie wordt
verbruikt dan gevonden. Deze (relatieve) schaarste leidde
sindsdien tot hevige, speculatieve, prijsschommelingen,
waardoor investeren in alternatieven erg moeilijk was. Daarvoor
is namelijk langere tijd een stabiel prijsniveau nodig.
b/ Verder is het op dit moment zeer de vraag of er bij een
dalende olieproductie wel voldoende energie (en geld) kan
worden vrijgemaakt voor het investeren in alternatieven,
en dus voor het ombouwen van de energieinfrastruktuur. De
markt zal eerder kiezen olie voor directe consumptie aan
te wenden omdat dit op korte termijn meer geld oplevert.
c/ Tenslotte is de waarde van de dollar in hoge mate afhankelijk
van de beschikbaarheid van goekope olie. En kan een olieprijs
van rond de 80 dollar per vat een acute en grote neergang
van de beurzen op gang brengen, zodat de mogelijkheid tot
investeren verdwijnt.
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
L) Onderhandelingen vrijhandelsverdrag tussen EU-Mercosur
weer op gang
(door Kees Hudig)
Volgens een klein berichtje in dagblad NRC (3 september
2005) "praten de EU en Mercosur verder". Mercosur
is een handelsblok van landen in Zuid-Amerika (waaronder
Brazilië en Argentinië). Volgens het krantenbericht
zijn beide partijen begin september overeengekomen om "hun
besprekingen over een groot gezamenlijk handelsblok voort
te zetten tot in 2006". "Als het blok er komt
is het het grootste in de wereld, met een markt van 680
miljoen mensen". Eurocommissaris Ferrero-Waldner (Externe
Relaties) sprak van "substantiële vooruitgang".
Dit is verontrustend nieuws. "De besprekingen zijn
in 2004 al eens afgeketst" schrijft de krant droog.
Het duitse tijdschrift Lateinamerika Nachrichten (nr 373/374,
juli/augustus 2005) [1] heeft een artikel gepubliceerd van
Sandra Schuster ("Stop and Go - Wirtschaftsverhandlungen
zwischen der EU und dem MERCOSUR" [2]) dat beschrijft
waarom het goed was dat de besprekingen in oktober 2004
in het slop raakten [3].
Na twaalf ronden van taaie onderhandelingen, mislukten
in oktober 2004 de vrijhandelsbesprekingen tussen de EU
en MERCOSUR - in ieder geval voorlopig. Officieel werd de
voortzetting van de onderhandelingen om het begeerde "strategische
partnerschap" alleen uitgesteld en wel tot voorjaar
2005. Maar die planning leek meteen al erg optimistisch,
en is ondertussen door de werkelijkheid ingehaald. Enerzijds
liep op 31 oktober jongstleden het handelsmandaat van de
Europese commissie af, waarmee ook de legitimiteitsbasis
van het uiteindelijk beslissende Comité 133 van de
EU verdween. Anderzijds kwam er harde kritiek van een aantal
EU-lidstaten op het voorstel om de blokkering in de onderhandelingen
van tafel te krijgen door een "4+4-bijeenkomst"
tussen Frankrijk, Spanje, Duitsland en Groot-Brittannië
aan Europese kant en de vier lidstaten van MERCOSUR te organiseren.
"Het voorlopig mislukken van de onderhandelingen schept
vooral een welkome adempauze voor de sociale bewegingen
in de MERCOSUR-regio", verklaarde Thomas Fritz, handelsexpert
van de Berliner Landesarbeitsgemeinschaft Umwelt und Entwicklung
(BLUE 21) al afgelopen november. Door middel van talloze
protestakties in de MERCOSUR-staten hadden vooral sociale
bewegingen, vakbonden, boerenorganisaties en de landlozenbeweging
geprobeerd de regeringen te bewegen om het verdrag niet
te ondertekenen. Ze benadrukten daarbij vooral de rampzalige
economische, sociale en ekologische gevolgen van het vrijhandelsverdrag.
Overal ALCA
Nadat de MERCOSUR en de Europese Unie in mei 1992 een verdrag
over "interinstitutionele samenwerking" hadden
afgesloten, werd in 1995 een raamakkoord voor de vorming
van een "interregionale associatie" ondertekend.
Naast "samenwerking" en "politieke dialoog"
richt dit akkoord zich nadrukkelijk op de vorming van een
vrijhandelszone. Vergelijkbare verdragen sloot de EU in
1997 met Mexico en in 2002 met Chili.
Kort gezegd zijn ze de tastbare bewijzen van een nieuwe
strategie voor Latijns Amerika, waarmee de EU probeert te
reageren op de initiatieven van de VS gericht op de vorming
van een continentale Amerikaanse vrijhandelszone. Bij de
wedloop met de VS kan klaarblijkelijk af en toe niet voorkomen
worden dat de agenda's en de conferenties precies parallel
lopen. Zo werd bijna tegelijkertijd met de "Top van
de Americas" in 1994 in Miami, waar besloten werd tot
het ALCA-verdrag (Continentale Amerikaanse vrijhandelszone),
door de Europese raad op haar vergadering in Essen besloten
om de banden met dezelfde landen en met de MERCOSUR-landen
aan te halen. Doorslaggevend was bij de EU de angst dat
een vrijhandelsakkoord met de VS de Europese economische
spelers naar de zijkant zou dringen, zoals het toentertijd
aan het Europese Parlement werd medegedeeld. Daarom zouden
de onderhandelingen dan ook "snel" en "voortvarend"
uitgevoerd moeten worden.
Eisen en conflicten
De MERCOSUR zelf is de grootste handelspartner van de EU
en de belangrijkste markt voor direkte investeringen in
Latijns Amerika. Een mislukking van het project zou dan
ook om dezelfde reden pijnlijk uit kunnen vallen voor de
Europese economische leiders. De Duitse belangstelling gaat
daarbij traditioneel uit naar de auto- en chemiesector,
alsook de export van machines en langhoudbare consumptiegoederen.
Spaanse bedrijven zijn sterk vertegenwoordigd in de sector
banken, en verzekeringen en telecommunicatie, terwijl de
stroom- en watermarkt door Franse bedrijven gedomineerd
wordt, gedeeltelijk in consortia met Spaanse en Britse ondernemningen.
Terwijl er bij de onderhandelingen relatief makkelijk overeenstemming
was bij de 'zachte' punten 'samenwerking' en 'politieke
dialoog', was dat bij het thema 'handel' allerminst het
geval: de MERCOSUR eist nadrukkelijk een verdergaande toegang
tot de Europese landbouwmarkt, terwijl de EU staat op vergaande
opening van de dienstenmarkt op het gebied van telecommunicatie,
financiën en maritieme handel. Ver bovenaan het Europese
verlanglijstje staan bovendien regelingen op het gebied
van bescherming van investeringen en de wettelijke gelijke
behandeling van buitenlandse investeerders. Verder streeft
de EU naar wettelijk vastgelegd recht op gelijke toegang
bij overheidsaanbestedingen en de uitbreiding van patentrecht.
"Strategische partnerschap" of gewoon een
slechte deal?
Van de kant van de Europese Unie wordt het beoogde verdrag
geprezen als de grondsteen van een "strategische partnerschap"
in het kader van de uitdagingen die de globalisering stelt.
Zoals het doel in het raamverdrag van 1995 benoemd werd,
gaat het om "het scheppen van een klimaat zodat de
economie in beider belang ontwikkeld kan worden". Als
kernconcept wordt daarbij gemikt op de vorming en versterking
van netwerken tussen vooral kleine en middelgrote ondernemingen
van beide regio's, om de overdracht van kennis mogelijk
te maken. Critici wijzen erop, dat van dit principe in de
praktijk weinig terecht zal kunnen komen door de strenge
patentregelingen. Ook wijzen ze erop dat de vergaande eisen
op het gebied van deregulering van de kant van de Europeanen,
vooral goed uit zullen werken voor de grote transnationale
concerns. Voor de Zuidelijke landen zijn de gevolgen groot,
aangezien niet alleen de markten geopend moeten worden,
maar ook op wettelijk gebied veel zal veranderen.
Vooral de door Brazilië vurig verdedigde opvatting
om het industriebeleid en de economische ontwikkeling zelf
te kunnen blijven bepalen, zou wel eens verleden tijd kunnen
worden. De politiek zal immers beduidend minder te zeggen
krijgen, als afgesproken wordt dat er niet in de markt ingegrepen
mag worden en dat buitenlandse investeerders gelijkgesteld
moeten worden met binnenlandse. Daardoor dringt zich ook
de vraag op naar wat er overblijft van de democratie. Als
de MERCOSUR de Europese wensen zou navolgen, dan zou het
niet meer mogelijk zijn om een souverein industriebeleid
te voeren, met alle bijbehorende componenten zoals de bescherming
van minder concurrentiekracht bezittende industriesectoren,
lokale en regionale ontwikkeling, of de mogelijkheid om
in geval van een financiële crisis in te grijpen in
het vrije kapitaalverkeer.
Ook door machtige landbouwbedrijven uit de MERCOSUR-staten
- die wel ogen hadden voor toegang tot de Europese markt
- werd druk uitgeoefend om toe te geven aan de Europese
eisen op het gebied van diensten, investeringen en openbare
aanbestedingen. Daar staat tegenover dat in Brazilië
zelfs het Nationaal Verbond van de Industrie zich al in
mei vorig jaar uitsprak tegen zo een slechte ruil.
Het laatste woord is hierover nog niet gesproken en de sociale
bewegingen in de zuidkegel hebben aangetoond dat het mogelijk
is om alternatieven te eisen. Zoals het continentale netwerk
van de 'Alianza Social' in zijn verklaring vorig jaar oktober
aangeeft, biedt het vastlopen van de onderhandelingen de
sociale bewegingen aan beide kanten van de Atlantische Oceaan
een nieuwe kans. Deze moet benut worden om in het verdere
proces van de onderhandelingen naast het afdwingen van transparantie
ook consekwent de eis van ontwikkeling en mensenrechten
in het project te vervlechten.
Noten:
[1] http://www.lateinamerikanachrichten.de
[2] vertaling: "Stop and Go, handelsbesprekingen tussen
de EU en MERCOSUR".
[3] Zie ook: "Dreigend vrijhandelsakkoord tussen EU
en Mercosur" (http://www.globalinfo.nl/article/articleview/440/).