WTO.ZIP
nummer 42 van 10 januari 2004
INHOUD:
A) Rectificatie
B) Pas verschenen ...
- WTO gids
- Scriptie over invloed van sociale bewegingen op de WTO
- Verslag Conferentie "Na Cancún: Alternatieven
voor het WTO-beleid"
C) Geen doorbraak tijdens Algemene Raad in december
Vervolg Doha Ronde vooruitgeschoven naar voorjaar van
2004
D) Gentech bomen in het Kyoto "klimaathandel"-Protocol
De VN heeft besloten de aanplant van genetisch gemanipuleerde
bomen toe te staan als middel "in de strijd tegen
klimaatverandering". De beperkingen die de VN hierbij
oplegt, vormen een potentieel conflict met WTO-regels.
E) EU-ministers eisen meer vrijheid in nieuwe CO2-markt
Het recht op vervuiling is een product en per 2005 moet
er een Europese markt voor broeikasgassen zijn. Indien
EU-ministers hun zin krijgen zal de prijs van vervuiling
laag zijn.
F) Bolkestein wil drinkwater privatiseren
Protesteer bij Europarlementariërs
Op 21 januari 2004 bespreekt de EU-Commissie voor Juridische
Zaken en Interne Markt een ontwerp-resolutie over de mogelijke
privatisering van drinkwater, ter voorbereiding op een
(euro)parlementair debat, waarschijnlijk in de tweede
week van maart.
G) Wereldraad van Kerken: "geef de Peace Clause
geen kans"
Aprodev (het verband van europese ontwikkelingsorganisaties
gerelateerd aan de Wereldraad van Kerken) roept de ontwikkelingslanden
op de Peace Clause niet te verlengen, als signaal dat
het EU-standpunt over het vervolg van de WTO-onderhandelingen
strijdig is met de Doha-ontwikkelingsafspraak.
H) Aanbesteding wederopbouwprojecten Irak strijdig
met WTO-regels?
De Europese Commissie protesteerde op 11 december 2003
tegen een maatregel van de VS ten aanzien van de wederopbouw
van Irak. De VS wil namelijk de aanbesteding van de wederopbouwprojecten
beperken tot bedrijven uit staten die deel uitmaken van
de 'Coalition of the Willing'. De EC onderzoekt of de
VS hiermee de WTO-regels overtreedt.
I) UNCTAD: Cancún 1981 vs Cancún 2003
UNCTAD, de VN-conferentie voor Handel en Ontwikkeling,
biedt een perspectief voor zuidelijke staten en treedt
steeds meer uit de schaduw van de neoliberale drievuldigheid
van de WTO, het IMF en de Wereldbank.
J) FTAA uit Braziliaans oogpunt
K) CAFTA: Protesten in El Salvador, Costa Rica trekt
zich terug
L) Europese havenliberalisering voorlopig van de baan
Met een uiterst krappe meerderheid heeft het Europees
Parlement in november 2003 de Europese richtlijn voor
verdere liberalisering van havendiensten verworpen. "Dit
is de eerste keer in de geschiedenis dat werknemers het
winnen van werkgevers, de EU en het grootkapitaal",
stelt een FNV bestuurder verheugd.
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
A) Rectificatie
In het artikel "Genève 2003 of 2004? Weinig
vooruitgang in Doha Ronde-consultaties" in WTO.ZIP
nr 41 staan twee hinderlijke fouten,
In verband met een bijeenkomst in Brazilië op 12
december is de daarbij aangehaalde 'G20' ten onrechte
beschreven als "een groep van geïndustrialiseerde
staten en opkomende markten". Het gaat echter om
de groep van ontwikkelingsstaten die zich in Cancún
verzette tegen de opstelling van EU en VS inzake landbouwonderhandelingen.
Verder wordt vermeld dat het 'katoenvoorstel' afkomstig
is van Oost- en Centraalafrikaanse staten. De indieners
- Benin, Burkina Faso, Tjaad en Mali - zijn echter West-
en Centraalafrikaanse staten.
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
B) Pas verschenen ...
1. WTO gids
De WTO heeft een uitgebreide gids uitgebracht over de
organisatie onder de naam "Understanding the WTO".
Daarin onder meer een uitleg over de voorgeschiedenis
en oprichting, over de organisatie en de verdragen die
ze beheert, over de geschillenbeslechting, dwarsverbanden
en nieuwe discussiethema's, over de agenda van de Doha
Ronde en positie van ontwikkelingsstaten.
Inhoudsopgave: http://www.wto.org/english/thewto_e/whatis_e/whatis_e.htm
De gids is te vinden onder: http://www.wto.org/english/thewto_e/whatis_e/tif_e/understanding_e.pdf
2. Scriptie over invloed van sociale bewegingen op de
WTO
Onlangs studeerde Robin van Stokrom aan de Universiteit
van Amsterdam (politicologie) af op het onderwerp "Sociale
Bewegingen en Wereldhandelspolitiek". In zijn scriptie
staan twee vragen centraal: Wat is de invloed van sociale
bewegingen op de politiek van de Wereldhandelsorganisatie
WTO? En hoe gaat de WTO om met de alternatieve globaliseringsbewegingen
en organisaties? Hij komt tot de conclusie dat veel mogelijkheden
tot beïnvloeding van de wereldhandelspolitiek onbenut
blijven.
Voor inleiding over en link naar de scriptie:
http://www.globalinfo.nl/article/articleview/290/1/1/
3. Verslag Conferentie "Na Cancún: Alternatieven
voor het WTO-beleid"
Pas verschenen is ook het verslag van de Conferentie
"Na Cancún: Alternatieven voor het WTO-beleid"
die op 12 december in Utrecht plaatsvond. Tijdens de bijeenkomst
- georganiseerd door het project 'Vóór de
Verandering' - werd de balans opgemaakt van de inhoudelijke
kritiek die Nederlandse maatschappelijke organisaties
op de WTO hebben geuit ten tijde van de top in Cancún.
Vertegenwoordigers van NOVIB, Platform ABC, CEO, Milieudefensie,
XminY, FNV-Mondiaal, LSVB, Universiteit van Wageningen
en Universiteit van Tilburg presenteerden hun kritiek
en bediscussieerden ingediende voorstellen voor alternatief
beleid. Daarna was er ruimte voor het publiek om vragen
te stellen en aanzetten te geven voor discussie.
(De eerste vervolgbijeenkomst zal worden gehouden op
20 februari 2004. Naar verwachting zal hierbij ruimte
zijn voor het bespreken van de thema's die op 12 december
niet aan de orde zijn geweest. "Voor de Verandering"
zal mensen/organisaties benaderen voor inleveren van discussiebijdragen.)
Het verslag heeft als titel "Na Cancún: hoe
nu verder? Waar zijn wij vóór?" en
is geschreven door Jo Versteijnen. Meer achtergrondinformatie
en link op: http://www.globalternatives.nl/
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
C) Geen doorbraak tijdens Algemene Raad in december
Vervolg Doha Ronde vooruitgeschoven naar voorjaar van
2004
(door Rob Bleijerveld)
Op 15 en 16 december kwamen de ambassadeurs van de WTO-lidstaten
bijeen in Genève voor een vergadering van de Algemene
Raad. De bijeenkomst duurde een dag korter dan oorspronkelijk
gepland omdat er geen onderhandelingen plaatsvonden. Voorzitter
Del Castillo deed verslag van de uitkomst van de serie
gesprekken die sinds de top in Cancún gevoerd zijn
en gaf zijn mening over hoe verder te gaan. Hij herhaalde
- zoals tijdens de Heads of Delegation bijeenkomst van
9 december - dat de lidstaten niet klaar zijn om te beginnen
met onderhandelingen. Ondanks de uitvoerige diskussies
bleven de onderlinge meningsverschillen onoverbrugbaar
en werden de politieke uitspraken om te beginnen met echte
onderhandelingen niet omgezet in daden.
Del Castillo stelde voor om tot februari 2004 nieuwe voorzitters
te zoeken voor de verschillende raden en werkgroepen en
om daarna daadwerkelijk te gaan onderhandelen [1]. Die
onderhandelingen zullen ondertussen in Genève voorbereid
worden.
In hun reacties onderstreepten de lidstaten hun bereidheid
tot flexibiliteit en 'echt' onderhandelen, maar ze weken
niet af van hun eerder ingenomen posities.
Singapore Issues
Net als in de aanloop naar 'Genève' deed Del Castillo
ook nu een voorstel over de Singapore Issues dat niet
overenkomt met de mening van een meerderheid van WTO-lidstaten.
Hij zei dat het "werk gericht op het vaststellen
van de randvoorwaarden voor Handelsfacilitatie en Transparantie
in Overheidsaanbestedingen voort moet gaan". Over
de andere twee Singapore Issues liet hij zich niet uit,
maar zei ook niet dat ze afgedaan hebben als onderwerp
voor WTO-onderhandelingen. Veel lidstaten daarentegen
hebben eerder al aangegeven dat Mededinging, Investeringen
en Overheidsaanbestedingen wel afgedaan hebben en verwezen
Handelsfacilitatie terug naar de betreffende werkgroep
voor verdere 'verduidelijking'.
Dringende oproep aan Europese organisaties
Europese organisaties worden door het Third World Network
opgeroepen om parlementen, ministers, media en publiek
duidelijk te maken dat de Europese Commissie nu (tenminste
drie van) de Singapore Issues moet schrappen van hun wensenlijst.
Zie voor meer informatie: "Group of 90 developing
countries say ideally Singapore Issues should be dropped
completely from the WTO", Martin Khor en Goh Chien
Yen, TWN Info on WTO Issues (Dec03/12), 19 december 2003
(http://www.twnside.org.sg/).
Speciale Producten en Afschermingsmechanisme
Andere punten waar Del Castillo afweek van de standpunten
van een grote groep lidstaten zijn "Speciale Producten"
(SP) en "Afschermingsmechanisme" (SSM). 33 Arme
lidstaten willen de mogelijkheid om hun (agrarische) markten
te beschermen tegen dumping van goedkope landbouwgoederen
en de gevolgen van plotselinge prijsval op de wereldmarkt.
'Mini-ministerial'
Het World Economic Forum organiseert samen met de Zwitserse
autoriteiten op 23 januari een mini-top tijdens het jaarlijkse
congres van de WEF in Davos. Daarmee wil ze besprekingen
in het kader van de Doha Development Agenda reactiveren.
Het lijkt een onderonsje te worden tussen afgevaardigden
van rijke staten en lidstaten van de G20. Mogelijk worden
de eerdere 'positieve gesprekken" tussen EU en G20
(12 december 2003, Brazilië) daar omgezet in een
meer concrete onderlinge afstemming. De vraag is of arm(st)e
staten daarmee verder geïsoleerd zullen worden.
Noot:
[1] De Britse regering wil juist de Doha Ronde opschorten...
Zie daarvoor: "WTO Ministerial unlikely this year:
UK", Rediff, 8 januari 2004 (http://www.rediff.com/money/2004/jan/08wto.htm)
Bronnen:
- "General Council meeting convenes, Chairman reports
little Progress", Martin Khor, TWN Info Service on
WTO Issues (Dec03/9), 16 december 2003 (http://www.twnside.org.sg/)
- "WTO: Members decide on way forward in Doha Round",
Bridges Weekly
Trade News Digest vol 7, nr 43, 17 december 2003 (http://www.ictsd.org/)
- "SP/SSM Alliance complain about neglect of their
concept in agricultural negotiations", Martin Khor,
TWN Info Service on WTO Issues (Dec03/4), 9 december 2003
(http://www.twnside.org.sg/).
- "Mini-ministerial in Davos on 23 January to reactivate
Doha Agenda", Agence Europe, 8 januari 2004
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
D) Gentech bomen in het Kyoto "klimaathandel"-Protocol
(door Robin van Stokrom)
De VN heeft besloten de aanplant van genetisch gemanipuleerde
bomen toe te staan als middel "in de strijd tegen
klimaatverandering". De beperkingen die de VN hierbij
oplegt, vormen een potentieel conflict met WTO-regels.
Tijdens de negende Verenigde Naties Klimaatconferentie
in Milaan begin december 2003 hebben de VN-lidstaten definitief
besloten boomaanplantingen toe te staan om emissierechten
te produceren. De eigenaar van die uitstootrechten, bijvoorbeeld
een onderneming, mag meer CO2 (koolstofdioxide) uitstoten
of deze rechten verhandelen [1]. CO2 is een van de zes
broeikasgassen die het klimaat beïnvloeden als zij
in de lucht komen door de verbranding van fossiele brandstoffen
zoals olie. Volgens de VN absorberen bomen CO2 uit de
lucht, hoewel er ook wetenschappelijk onderzoek is dat
deze conclusie bestrijdt. Lidstaten en bedrijven mogen
bomen aanplanten, ook genetisch gemanipuleerde, om aan
de verplichtingen te voldoen van het Kyoto Klimaatverdrag
uit 1997. Ook bestaand bos en ander groen mag meegerekend
worden.
Boomaanplantingen als middel tegen klimaatverandering
zijn omstreden. In landen zoals Brazilië vormen grote
plantages van Eucalyptus-bomen een directe bedreiging
voor de flora en fauna en ook voor de lokale economie.
Toch zijn er al enkele grote financieringsprojecten voor
boomaanplantingen in het kader van het Kyoto-Protocol,
waaronder projecten van een Wereldbank-klimaatfonds, waaraan
de Nederlandse regering en de Rabobank deelnemen.
Een zeer omstreden voorstel is een project in Brazilië
waarbij een staalfabriek Eucalyptus-bomen als brandstof
gebruikt. Enerzijds verdient het bedrijf nieuwe emissierechten
omdat de uitstoot van CO2 door verbranding van de bomen
lager is dan de uitstoot door verbranding van kolen. Anderzijds
worden de uitstootrechten verdiend omdat de bomen, terwijl
ze groeien, CO2 absorberen. De mate van absorbtie van
deze en andere zogenaamde 'sinks' is echter onderwerp
van wetenschappelijk conflict [2]. Daarnaast leiden boomaanplantingen
tot probleemverschuiving en uitstel van directe oplossingen,
stellen critici. Maar de VN heeft jarenlang onder druk
gestaan door wetenschappers die onder meer afkomstig zijn
uit het bedrijfsleven dat belang heeft bij boomprojecten
[3] en door VN-lidstaten uit Zuid-Amerika die emissierechten
willen leveren aan de Europese Unie.
Een mogelijk grotere aantasting van de natuur vormt de
aanplant van genetisch gemanipuleerde bomen. Volgens de
internationale milieuwetten van het Kyoto Protocol - dat
nog wel geratificeerd moet worden - mogen nu ook genetisch
gemanipuleerde bomen ("Monsanto-bomen") gebruikt
worden voor de productie van emissierechten. De bomen
zouden meer CO2 absorberen omdat zij sneller groeien en
hoger worden. Het in Milaan geamendeerde Kyoto Protocol
zegt hierover alleen dat de lidstaten die besluiten dit
soort projecten op het eigen grondgebied toe te staan,
onderzoek moeten verrichten naar de milieugevolgen.
Verhouding 'Kyoto' met WTO
Bedrijven en lidstaten willen 'sinks' aangrijpen om emissierechten
te produceren en in bijvoorbeeld de EU te verhandelen.
Volgens het Kyoto Protocol behouden de VN-lidstaten het
recht om de in het buitenland geproduceerde emissierechten
niet te accepteren. De EU is nog in discussie of zij bedrijven
wil toestaan de emissierechten die buiten de EU geproduceerd
zijn, te laten verhandelen op de EU-emissiemarkt en welke
productiewijzen, zoals de aanplant van bomen, toegestaan
worden (Zie het bericht "EU-ministers eisen meer
vrijheid in nieuwe CO2-markt" elders in deze ZIP).
De verhouding tussen het Kyoto Protocol en de WTO is
nog een onontgonnen terrein, maar hier ligt een potentieel
conflict met WTO-regels als de EU boomaanplantingen niet
toe wil staan. Stel Argentinië wil via de WTO toegang
eisen tot de EU-markt van CO2-emissierechten voor de bedrijven
die op Argentijns grondgebied gentech-bomen planten en
de geproduceerde rechten in de EU willen verhandelen.
Dan is de kans klein dat de EU hierbij een beroep kan
doen op de uitzonderingsregels ter rechtvaardiging van
een handelsbelemmering, zoals bepaald in artikel XX van
het GATT-verdrag [4]. Het is vervolgens de vraag of de
WTO-geschillencommissie het recht van lidstaten accepteert
om (op basis van het Kyoto Protocol) emissierechten niet
te accepteren op haar binnenlandse markt, vanwege de productiewijze
ervan.
Het opnemen van aanplant van gentech-bomen in het Kyoto-Protocol
kan verstrekkende gevolgen hebben. Het zal economisch
rationeler zijn om bomen in een lokaal park te vervangen
door gentech-bomen, omdat de lokale overheid daar geld
mee kan verdienen en eenvoudig aan de reductie-verplichtingen
kan voldoen. Het betreft hier een hypothetisch geval,
maar bewijst dat milieuorganisaties uit te leggen hebben
waarom het Kyoto Protocol als 'totaalpakket' volgens hen
nog altijd een "eerste stap in de goede richting"
is.
Noten:
[1] VN-lidstaten (met uitzondering van de ontwikkelingslanden)
verplichten zich met het Kyoto Protocol tot het hanteren
van een maximale hoogte van CO2-uitstoot. De huidige strategie
van bijvoorbeeld de EU is om haar ondernemingen te verplichten
een
Europees-wijd maximum te hanteren voor de hoeveelheid
uit te stoten broeikasgassen (dat uitgedrukt wordt in
hoeveelheden CO2).
Momenteel zijn er voorbereidingen voor een CO2-markt in
de EU, waardoor die bedrijven kunnen handelen in CO2-uitstootrechten.
Volgens de huidige voorstellen kunnen bedrijven deze rechten
ook 'produceren' via klimaatprojecten buiten de EU.
[2] Zie bijvoorbeeld "Study warns against carbon
storage through extra forest planting"
(http://www.edie.net/news/Archive/7829.cfm) en het uitvoerige
overzicht "Sinks that stink" (http://www.wrm.org.uy/actors/CCC/sinks1.html)
[3] Zie bijvoorbeeld pagina 22 van "Democracy or
Carbocracy?"
(http://cornerhouse.icaap.org/briefings/24.pdf)
[4] De EU kan waarschijnlijk geen beroep doen op het uitzonderingsartikel
XX van het GATT-verdrag. Dit artikel stelt dat handelsbeperkingen
alleen zijn toegestaan ter bescherming van de gezondheid
van de burgers of de natuur op het grondgebied van
de lidstaat. Eventuele gevolgen van toegepaste genetische
manipulatie zijn er echter alleen op de plaats waar de
bomen geplant zijn, bijvoorbeeld in Argentinië.
Ook een andere belangrijke uitzonderingsregel lijkt in
dit geval niet op te gaan. Die regel stelt dat beperkingen
ter bescherming van de natuur buiten de juridische grenzen
van de lidstaat alleen toegestaan zijn, indien er sprake
is van een uitputtelijke grondstof of een internationaal
bedreigde diersoort.
[relevante links]
* Carbon Trade Watch: http://www.tni.org/ctw/index.htm
* CDM Watch: http://www.cdmwatch.org/
* Sinks Watch: http://www.sinkswatch.org/
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
E) EU-ministers eisen meer vrijheid in nieuwe CO2-markt
(door Robin van Stokrom)
Het recht op vervuiling is een product en per 2005 moet
er een Europese markt voor broeikasgassen zijn. Indien
EU-ministers hun zin krijgen zal de prijs van vervuiling
laag zijn.
Een meerderheid van de EU-ministers zegt zich te verzetten
tegen de plannen van de Europese Commissie om een plafond
in te stellen voor het aantal te produceren emissierechten
via klimaatprojecten buiten de EU, in het kader van de
Europese CO2-emissiemarkt voor bedrijven. Via deze projecten
kunnen bedrijven goedkoop aan hun EU-verplichtingen voldoen.
Vermindering van de uitstoot van broeikasgassen in de
EU is dan niet verplicht voor bedrijven, omdat zij vervuilingsrechten
kunnen kopen die 'geproduceerd' zijn via 'klimaatprojecten'
buiten de EU.
Eerder stelde de Europese Commissie onder leiding van
Wallström een limiet van 8 procent voor aan het aantal
te verhandelen "buitenlandse emissierechten".
Een meerderheid van de EU-ministers wijst instelling van
een plafond van de hand. Zij stelt bovendien dat verhandeling
in de EU van emissierechten van buiten de EU al in 2005
mogelijk zou moeten zijn, in plaats van per 2008 zoals
het Europees Parlement en de Europese Commissie eerder
overeenkwamen. Daarnaast wijst een meerderheid van ministers
tussentijdse evaluatie af. Er is nog geen overeenstemming
over het type project waarmee uitstootrechten geproduceerd
kunnen worden. Vooral projecten voor nucleaire energie
en bosbouw zijn onderwerp van debat.
De Europese Ministers hebben dit laten weten aan de Europese
Commissie tijdens de laatste bijeenkomst van milieuministers
onder Italiaans voorzitterschap in december 2003, aldus
een woordvoerder van de EU die geciteerd wordt door analistenbureau
PointCarbon [1]. De Europese Ministers zullen onder voorzitterschap
van de Ieren verder onderhandelen met het Europese Parlement.
De verwachting is dat het parlement - ongeacht de inhoud
- vóór het compromis zal stemmen, nog voor
de Europese parlementsverkiezingen van juni 2004, opdat
de markt in januari 2005 kan starten. Er komt dan ook
een notering op de beurs voor de prijs per ton CO2.
De prijs van CO2-handel
Via de CO2-markt kunnen de bedrijven CO2-emissierechten
verhandelen. Stoot een bedrijf meer uit dan waar het recht
op heeft, dan moet het dit recht via de beurs aankopen.
In 2005 moet de Europese handel van start gaan met de
grote energievreters uit Europa, zoals de staal-, papier-,
en energiesector. Andere sectoren zouden te zijner tijd
moeten meegaan in dit handelssyteem, maar belangrijke
sectoren zoals de transport- en chemiesectoren vallen
voorlopig nog daarbuiten. De meeste EU-lidstaten zijn
nu nog bezig met het opstellen van een nationaal verdelingsplan
van CO2-emissierechten. Die plannen moeten in maart 2004
ingeleverd zijn bij de Commissie. Zodra het Europees Parlement
in 2004 alle plannen goedkeurt, zal de handelsmarkt van
start gaan, ongeacht of 'Kyoto' dan valt onder het internationaal
recht of niet [2].
GroenLinks in het Europees Parlement is voorstander van
de Europese handel in emissierechten, omdat "vervuiling
een prijs krijgt" [3], maar als de EU-ministers (gedeeltelijk)
hun zin krijgen zal de prijs van vervuiling in Europa
niet hoog zijn (schattingen lopen uiteen van 10 tot 20
euro per ton CO2). Deelname van Rusland aan het Kyoto
Protocol zal in dit geval de prijs verder doen dalen,
omdat het land een groot aantal ongebruikte CO2-rechten
("Hot Air") op de markt kan brengen en een voordelige
markt biedt voor klimaatprojecten waarmee nieuwe CO2-rechten
geproduceerd kunnen worden.
In elk geval is de CO2-prijs lager dan de werkelijke
milieukosten en beneden de prijs die consumenten in Nederland
aan energieheffing betalen (via de ecotax). In Frankrijk
bijvoorbeeld stelde premier Jospin in de jaren negentig
nog een ecotax voor van tussen de 20 (in het jaar 2000)
en 80 euro (in het jaar 2010) per ton CO2 voor grote bedrijven.
In Nederland is er voor grote bedrijven geen eco-tax maar
wordt er gewerkt met convenanten: vrijwillige reductie
en geen eco-belasting. In de jaren negentig zag de EU
al af van een Europese eco-belasting voor bedrijven.
De voorstellen voor de CO2-handelssystemen verminderen
de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen nauwelijks
en er verandert weinig aan de bronnen van het versterkte
broeikaseffect. Het zijn vooral kleine aanpassingen op
het gebied van energie-efficiëntie - met name buiten
de EU - die economisch rationeel zijn en de voordeligste
CO2-uitstootrechten opleveren. Ook kan de uitstoot gewoon
blijven stijgen in de EU en wereldwijd. Het bedrijf kan
de CO2-rechten immers kopen in staten zonder een uitstootplafond.
De totale hoeveelheid uitstoot zal minder zijn dan bij
een "business-as-usual-situatie", maar de CO2-handel
leidt niet tot een werkelijke afname van de totale uitstoot
van broeikasgassen.
Noten:
[1]"Majority of EU environment ministers want link
to CDM from 2005", Point Carbon, 22 december 2003
(http://www.pointcarbon.com/
article.php?articleID=3025&categoryID=147)
[2] Indien de EU besluit tot een handelssysteem waarbij
de rechten via een veiling gekocht worden door bedrijven
of gratis 'vrijgegeven' worden aan de bedrijven, en indien
de EU het mogelijk maakt dat bedrijven nieuwe CO2-rechten
kunnen
bijproduceren via klimaatprojecten buiten de EU, dan is
er geen maximum aan de hoogte van uitstoot waaraan de
bedrijven moeten voldoen Europees-wijd. Niet alleen vanuit
een ecologisch perspectief is dit risicovol, zelfs economisch
is het dom: de
markt is in dat geval 'lek' en door een gebrek aan schaarste
ontstaat er een inefficiënte luchtbeleconomie.
[3] Zie de GroenLinks-pagina over klimaatverandering voor
meer achtergrondinformatie
(http://www.groenlinks.nl/partij/europa/dossier/klimaat.html)
[relevante links]
* Carbon Trade Watch: http://www.tni.org/ctw/index.htm
* CDM Watch: http://www.cdmwatch.org/
* PointCarbon: http://www.pointcarbon.com
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
F) Bolkestein wil drinkwater privatiseren
Protesteer bij Euoparlementariërs
(door Chris Peeters)
Op 21 januari 2004 bespreekt de EU-Commissie voor Juridische
Zaken en Interne Markt een ontwerp-resolutie over de mogelijke
privatisering van drinkwater, ter voorbereiding op een
(euro)parlementair debat, waarschijnlijk in de tweede
week van maart [1].
De ontwerpresolutie (geschreven door de Schotse Labour-parlementariër
Bill Miller) is kritisch en stelt de vraag "of het
experiment met liberalisering van publieke diensten wel
verder moet worden uitgebreid gezien het ontbreken van
bewezen voordelen - en met name op het gebied van watervoorziening
en zuivering".
Maar Bolkestein is in het offensief. In het rapport Interne
Markt Strategie 2003-2006 (mei 2003) [2] liet de Europese
Commissie weten dat de watersector nu aan de beurt is
om aan marktwerking te worden blootgesteld (na electriciteit,
openbaar vervoer en andere publieke diensten). En gezien
de rechtse meerderheid in de juridische commissie is de
goede afloop verre van zeker!
Nederland heeft zich in het verleden terughoudend opgesteld
t.a.v. de privatisering van drinkwaterdistributie. De
tweede kamer heeft zich daar enkele jaren geleden tegen
uitgesproken, en de ministerraad heeft in juli 2001 bevestigd
dat de watervoorziening in overheidshanden moet blijven.
Het is belangrijk om de Nederlandse vertegenwoordigers
in de commissie op te roepen vast te houden aan het Nederlandse
standpunt! [3]. Dit Bolkestein-initiatief is op dit moment
een veel urgentere bedreiging voor de publieke drinkwatervoorziening
in Europa dan de GATS-onderhandelingen. En als deze slag
gewonnen wordt betekent dat een belangrijke barrière
tegen liberalisering van de drinkwatervoorziening bij
die onderhandelingen!
Noten:
[1] Dit artikeltje is gebaseerd op een mail van Olivier
Hoedeman
(Corporate Europe Observatory).
[2]"Internal Market Strategies - Priorities 2003
- 2006" (Com 2003/238) http://europa.eu.int/eur-
lex/en/com/cnc/2003/com2003_0238en01.pdf
[3] Hun namen en hoe ze te bereiken zijn:
Bert Doorn (CDA), ldoorn@europarl.eu.int; Michiel van
Hulten (PvdA), mvanhulten@europarl.eu.int en Toine Manders
(VVD), tmanders@europarl.eu.int
De lijst van alle commissieleden is te vinden op:
http://www.europarl.eu.int/commitees/juri_home.htm/
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
G) Wereldraad van Kerken: "geef de Peace Clause
geen kans"
(door Chris Peeters)
Aprodev (het verband van europese ontwikkelingsorganisaties
gerelateerd aan de Wereldraad van Kerken) [1] roept de
ontwikkelingslanden op de Peace Clause (PC) [2] niet te
verlengen, als signaal dat het EU-standpunt over het vervolg
van de WTO-onderhandelingen strijdig is met de Doha-ontwikkelingsafspraak.
De organisatie is teleurgesteld over de manier waarop
de EU terugblikt op de mislukking van 'Cancún',
zoals verwoord in "Reviving the DDA Negotiations
- the EU-perspective".
-- De EU erkent niet de onevenwichtigheid van het Uruguay-akkoord
- de basis voor de WTO-akkoorden - en verwerpt de eisen
van ontwikkelingslanden voor het in evenwicht brengen
daarvan.
-- De EU doet geen enkele concessie aan de ontwikkelingslanden,
maar verwacht wel dat die hun markten volledig openstellen
voor europese handelsbelangen in landbouw- en industriële
producten en in de dienstensector.
-- De EU wil de eigen (subsidie)privileges handhaven en
tegelijkertijd de 'speciale behandeling' voor de ontwikkelingslanden
beperken tot subsidiemogelijkheden, terwijl ze heel goed
weet dat de meeste arme landen geen geld hebben om hun
boeren subsidies te verlenen.
-- De EU vindt dat de PC moet worden verlengd. Onderhandelen
en het
tegelijkertijd procederen zijn volgens haar onverenigbaar.
Maar de EU toont zelf geen enkele terughoudendheid om
het geschillenbeslechtingssysteem te gebruiken en het
is hypocriet dat de EU de ontwikkelingslanden de middelen
wil onthouden om zichzelf
te beschermen tegen de negatieve gevolgen van de europese
exportsubsidies.
De EU-landbouwpolitiek moet worden aangeklaagd! Dat is
de enige manier om de EU tot bezinning te brengen. Aprodev
roept daarom de ontwikkelingslanden op om de PC niet te
verlengen.
De PC kwam slechts summier ter sprake in het debat van
de commissie Economische Zaken op 9 december over het
kabinetsstandpunt m.b.t. de voortgang van de WTO-onderhandelingen
na het mislukken van Cancún. De kamerleden Douma
(PvdA) en Vendrik (Groenlinks) constateerden dat het regeringsstandpunt
niets zei over de PC. Brinkhorst merkte in reactie alleen
op dat Australie heeft toegezegd de EU niet wegens de
suikerexportsubsidies te zullen aanklagen na het verlopen
van de PC [3]. Die geringe aandacht is teleurstellend.
Nederland belijdt al jarenlang met de mond tegen exportsubsidies
te zijn. Ons land speelt ook een belangrijke rol bij het
ondersteunen van arme landen om een volwaardiger rol bij
het WTO-onderhandelingsproces te kunnen spelen. In het
verlengde daarvan ligt het eigenlijk voor de hand dat
Nederland landen die de dupe worden van de europese exportsubsidies
helpt daartegen een klacht bij de WTO in te dienen.
Het geschillenbeslechtingsysteem is een essentieel onderdeel
van het WTO-onderhandelingsproces. De WTO is het enige
internationale verdragssysteem dat een sanctiemodel kent.
Het zit echter vol haken en ogen. Dat geldt ook voor de
PC (zie WTO-ZIP nr. 40, http://www.globalinfo.nl/article/articleview/263/1/2/).
Het is in principe vooral een wapen van sterke landen.
Het berust er immers op dat landen die door de WTO in
het gelijk worden gesteld van de WTO het recht krijgen
vergeldingsmaatregelen te nemen. Maar daar moet je natuurlijk
wel de macht toe hebben. De vier straatarme Afrikaanse
landen die in Cancún protest aantekenden tegen
de katoensubsidies van de VS hebben geen enkele sanctiemacht.
Van hun protest zullen de VS niet wakker liggen. Dat beseften
de vier waarschijnlijk heel goed; vandaar dat ze compensatie
eisten voor de geleden schade. Dan snijdt het mes aan
twee kanten: voor de rijke landen is er een stimulans
om de schadelijke subsidies te verminderen (dat verlaagt
ook de boete), voor de arme landen betekent het extra
inkomsten. En als die schadevergoeding ook nog eens niet
ongeclausuleerd aan een land wordt toegekend, maar geoormerkt
voor de boeren die het slachtoffer zijn van de handelsverstorende
praktijken snijdt het mes aan drie kanten!
Noten:
[1] Aprodev is het verband van ontwikkelingsorganisaties
in Europa die gerelateerd zijn aan de WereldRaad van Kerken.
Er maken 17 ontwikkelingsorganisaties of humanitaire organisaties
deel van uit, in 14 landen. Zie http://www.aprodev.net
[2] Artikel 13 van het WTO-landbouwverdrag (AoA) verbiedt
het instellen van een klacht of geschil wegens een handelsverstorende
subsidie volgens de normale procedure uit het WTO-verdrag.
Deze 'Peace Clause' loopt af op 31 december 2003 (zie
ook WTO-ZIP nr. 40).
[3] Dat is merkwaardig omdat ICTDS meldt (Bridges Monthly,
november 2003, pag. 12 (http://www.ictsd.org/monthly/bridges/BRIDGES7-8.pdf)
dat het Dispute Settlement Body (DSB) er op 29 augustus
2003 in heeft toegestemd een panel te benoemen om de klacht
van Brazilië, Thailand en Australië tegen de
EU-
suikerexportsubsidies te onderzoeken.
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
H) Aanbesteding wederopbouwprojecten Irak strijdig
met WTO-regels?
(door Rob Bleijerveld)
De Europese Commissie protesteerde op 11 december 2003
tegen een maatregel van de VS ten aanzien van de wederopbouw
van Irak. De VS wil namelijk de aanbesteding van de wederopbouwprojecten
beperken tot bedrijven uit staten die deel uitmaken van
de 'Coalition of the Willing' [1]. De EC onderzoekt of
de VS hiermee de WTO-regels overtreedt.
Voor de wederopbouw van Irak heeft het orgaan dat Irak
bestuurt - de Coalition Provisional Authority (hierna:
CPA) - 18,6 miljard dollar gereserveerd voor 26 grote
projecten door particuliere ondernemingen [2]. Frankrijk,
Duitsland, Rusland, China, Canada en alle andere staten
die de oorlogsinspanningen in Irak niet steun(d)en zijn
uitgesloten van mededinging.
Aanloop naar nieuw WTO-geschil EU-VS?
Volgens de Amerikaanse staatsecretaris voor defensie
Wolfowitz is beperking van de aanbesteding van die projecten
nodig om de "essentiële veiligheidsbelangen
van de VS te beschermen". Hoewel de CPA wordt geleid
door Amerikaanse ambtenaren en betaald door de Amerikaanse
belastingbetaler zou de CPA volgens hem technisch gesproken
geen overheidsinstantie van de VS zijn, maar een multilaterale
organisatie samengesteld uit tientallen staten. De CPA
zou daarom niet gehouden zijn aan de handelsafspraken
die de VS in WTO-verband heeft gemaakt.
De Amerikaanse regering gaat er van uit dat eventuele
toetsing door de WTO geen gevolgen heeft voor de VS. Een
lidstaat is volgens de artikelen 20 en 21 van het GATT-akkoord
immers vrijgesteld van naleving van de regels indien zijn
veiligheid of publieke gezondheid gevaar loopt. De VS
zou daardoor niet te hoeven voldoen aan de bepalingen
van het (plurilaterale) WTO-akkoord voor overheidsaanbestedingen
[3], dat discriminatie tegen deelnemende lidstaten verbiedt.
Is argumentatie 'WTO-bestendig'? Sommige handelsexperts
denken dat de VS in moeilijkheden kan komen indien de
EU een klacht indient bij de geschillencommissie van de
WTO. Het is evenmin zeker dat een dreigende nederlaag
afgewend kan worden door alsnog gebruik te maken van sluipwegen
zoals die van de uitzonderingsregeling voor "ontwikkelingshulp"
[4].
Druk op de EU
Kort voor de aankondiging van Wolfowitz van 10 december
2003 deed de regering-Bush een internationale oproep om
gezamenlijk de schuld van Irak (120 miljard dollar) te
verzachten of kwijt te schelden. De oproep was zowel gericht
aan staten die deelnamen aan de oorlog als aan de tegenstanders
daarvan. Frankrijk en Duitsland leken bereid dit initiatief
te steunen. Mogelijk gingen ze er van uit dat daaropvolgende
deelname aan de wederopbouw van Irak economische groei
op kan leveren [5] alsook inspraak in de richting waarop
Irak zich ontwikkelt. Maar door de uitsluitingsclausule
van 10 december kwam de relatie EU-VS (opnieuw) onder
druk te staan. Na de eerste ophef vanuit Frankrijk, Duitsland
(en Rusland) leek de VS toch bereid een opening te bieden.
Woordvoerder McClellan van het Witte Huis gaf aan dat
staten alsnog toegestaan wordt deel te nemen indien ze
"op een andere wijze" het werk van de Coalitie
ondersteunen (onder welke voorwaarden vertelde hij er
niet bij).
Naschrift
Ondanks de opmerking van Bush dat hij zal vasthouden
aan zijn besluit tot uitsluiting van bepaalde staten bij
de aanbesteding geven recente berichten in de internationele
pers de indruk dat de havikken van het Pentagon (waaronder
Wolfowitz) toch terrein prijs moeten geven. Ze zullen
moeten accepteren dat ook Frankrijk, Duitsland en andere
staten een rol krijgen bij de wederopbouw en dat Irak
niet hervormd kan worden volgens het 'Pax Americana'-model.
Voormalig Secretary of State Baker reisde midden december
2003 af naar Europa en Rusland waar hij toezeggingen deed
over lucratieve subcontracten [6], wisselkoers en onderlinge
handel. Daarmee kocht de regering Bush de broodnodige
politieke steun voor de Irak-bezetting, verlichting van
de torenhoge schuld van Irak en de verzekering dat transnationale
bedrijven uit de "onwillige" staten hun (onmisbare)
technische assistentie ter beschikking stellen.
Bush lijkt genoodzaakt voor zijn herverkiezing een ruzie
in zijn regering te gedogen en de politieke en economische
zeggenschap over de toekomst van Irak uit handen te geven.
-------------------------------------------------------------
kader: privatisering van oorlogsvoering
Een recent onderzoek van The Guardian geeft inzicht in
de mate van privatisering van 'de oorlog'. Sinds het begin
jaren '90 heeft met name de VS in tal van gewapende conflicten
gezorgd voor een toenemende deelname van particuliere
ondernemingen aan activiteiten van oorlog, bezetting en
beveiliging. Het aantal door bedrijven geleverde specialisten
in Irak is nu al groter dan het aantal Britse troepen.
Hun werk bestaat uit meevechten, bediening en onderhoud
van ingewikkelde wapensystemen, recrutering en opleiding
van Iraaks soldaten en politiemensen, beveiliging van
diverse objecten, van diplomaten en zelfs van Paul Bremer
en zijn staf. Van de geoormerkte 87 miljard dollar bestemd
voor de regio Irak-Afganistan gaat volgens een voorzichtige
schatting een derde naar ondernemingen.
Volgens de Guardian is de particuliere inzet onomkeerbaar
geworden, waarmee na 250 jaar het geweldsmonopolie van
staten definitief doorbroken is. De snel groeiende private
sector stelt het Pentagon weliswaar in staat het aantal
eigen soldaten in te krimpen en op afstand oorlog te voeren
zonder al te veel toezicht door Congress en pers. Maar
tegelijkertijd geeft het bedrijven mogelijkheden zich
te bemoeien met de planning, strategie en besluitvorming
van conflicten. Volgens de Guardian moet men bedenken
dat de bedrijven een andere invulling geven aan loyaliteit,
accountability, ideologie en nationaal belang, namelijk
die van geld verdienen.
--------------------------------------------------------------
Noten:
[1] Een zestigtal staten die de oorlogshandelingen in
Irak ondersteunden, waaronder zes huidige en zeven aankomende
EU-lidstaten.
[2] Projecten gericht op ondermeer herstel van energiesystemen,
olieindustrie,
infrastruktuur en openbare werken en de opbouw van leger,
politie en jusititieel apparaat.
[3] Government Procurement Agreement (zie:
http://www.wto.org/english/tratop_e/gproc_e/over_e.htm)
[4] Zo is voedselhulp door het US Agency for International
Development uitgezonderd van het niet-discriminatiebeding
van de WTO.
[5] Afgelopen oktober werd tijdens de Internationale Donoren
Conferentie voor de Wederopbouw in Iraq in Madrid besloten
dat er open, transparante en niet-discriminatoire aanbestedingsprocedures
gevolgd zullen worden. Uit: "Commission
urges US to reconsider decision to exclude non-coalition
countries from
reconstruction contracts", EC verklaring van 11 december
2003.
[6] De uitsluitingsmaatregel betreft alleen de bijdrage
door het Amerikaanse Congress (18,6 miljard dollar) en
geldt niet voor onderaannemers. Daarnaast zijn er nog
vele miljarden dollars te verdelen door VN, Wereldbank
en andere organisaties onder
andere voorwaarden...
Bronnen:
- "US braces for legal battle over Iraq contracts",
Reuters, 13 december 2003 (http://www.reuters.com/newsArticle.jhtml?type=reutersEdge&storyID=3980772).
- "Commission urges US to reconsider decision to
exclude non-coalition countries from reconstruction contracts",
EC-verklaring van 11 december 2003 (IP/03/1713),
(http://europa.eu.int/rapid/start/cgi/guestfr.ksh?p_action.gettxt
=gt&doc=IP/03/1713%7C0%7CRAPID&lg=EN&display=)
- The deepening transatlantic rift, Port Vila Press van
16 december 2003 (http://www.news.vu/en/news/politics/the-deepening-transatlant.shtml)
- "How warfare was privatised", Ian Traynor,
Guardian, 10 december 2003 (http://www.guardian.co.uk/international/story/0,3604,1103566,00.html)
- "We'll get our share of Iraq contracts", David
Olive, The Star, 19 december 2004
- "US set to open bidding soon for Iraq contracts",
Sue Pleming, Reuters, 31 december 2003
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
I) UNCTAD: Cancún 1981 vs Cancún 2003
(door Stijn Oosterlynck)
UNCTAD, de VN-conferentie voor Handel en Ontwikkeling,
is niet meteen de meest gekende internationale organisatie
in het rijke Noorden. Dit is weinig verwonderlijk. UNCTAD
ontstond in 1964 uit de strijd van de zogenaamde beweging
van niet-gebonden landen voor een eerlijke handel en meer
geld voor ontwikkeling. Aangezien binnen UNCTAD de perspectieven
uit het Zuiden domineren, houdt het rijke Noorden sindsdien
vast aan het IMF, de Wereldbank en GATT/WTO als enige
legitieme fora voor het bediscuteren en invoeren van economische
veranderingen. De Westerse pers en politici hebben het
dan ook veel meer over deze laatste instellingen dan over
UNCTAD. Met de opkomst van de andersglobalistische beweging
kwam daar echter wat verandering in. UNCTAD treedt steeds
meer uit de schaduw van de neoliberale drievuldigheid
van de WTO, het IMF en de Wereldbank.
Cancún 1981: de NIEO getorpedeerd
Het Mexicaanse Cancún bekleedt een bijzondere
plaats in de geschiedenis van UNCTAD. Tijdens de jaren
'70 pleitten een aantal ontwikkelingslanden via de VN
voor een 'nieuwe internationale economische orde' (NIEO)
die hen in staat zou stellen zich economisch te ontwikkelen
[1]. Die NIEO zou onder andere gebaseerd zijn op internationale
grondstoffenverdragen (zoals OPEC), meer financiële
hulp en een preferentiële behandeling van hun export
[2]. Om Noord-Zuid confrontaties in globale onderhandelingen
in de toekomst te vermijden en het Noorden en Zuiden op
het pad van samenwerking voor ontwikkeling te zetten,
stelde de Brandt Commissie voor om de politieke leiders
van het Noorden en Zuiden samen te brengen.
Dat gebeurde in 1981 in Cancún. De Amerikaanse
president Reagan zei echter nee tegen de voorstellen om
samen aan ontwikkeling te werken. Even nog hoopten de
ontwikkelingslanden dat de andere landen uit het Noorden
zonder de VS zouden doorgaan met hun beleid van dialoog
en samenwerking. Deze hoop bleek al snel tevergeefs te
zijn. De NIEO werd vervangen door het neoliberalisme.
In de plaats van importsubstitutie en officiële ontwikkelingshulp
kwamen handelsliberalisering en privé-kapitaal
en het privatiseren van de publieke sector werd het nieuwe
dogma. De Jamaïcaanse eerste minister Michael Manley
beschreef het onderuithalen van de NIEO met een verwijzing
naar een protestlied van Roberta Flack als "killing
us softly with his smile" [3].
De ironie van het feit dat net in Cancún de neoliberale
hoogmis van de WTO ontspoorde is ook Rubens Ricupero,
de secretaris-generaal van UNCTAD, niet ontgaan [1]. Ricupero
beschrijft hoe het neoliberale hervormingsprogramma faalde
voor de ontwikkelingslanden. Hij zegt het niet met zoveel
woorden, maar uit zijn uiteenzetting blijkt duidelijk
dat het recente falen van de WTO-top alles te maken heeft
met de desastreuze gevolgen die de neoliberale revolutie
gehad heeft voor de ontwikkelingslanden. De uitdaging
voor de toekomst is volgens Ricupero dan ook het herbekijken
van de multilaterale handelsovereenkomsten zodat handel
en financiële stromen binnenlandse beleidsinspanningen
voor een duurzame en stabiele economische groei ondersteunen
in plaats van ondermijnen.
UNCTAD: 'ontwikkelingslanden niet verantwoordelijk voor
falen Cancún'
Dat ook de ontwikkelingslanden zich bij UNCTAD beter
thuisvoelen dan bij de WTO, bewees hun deelname aan de
UNCTAD-debatten over het falen van de WTO in Cancún
[4]. Aan dat debat namen 47 delegaties deel. Dit cijfer
steekt schril af tegen de 5 delegaties die op de WTO's
eerste post-Cancún ontmoeting omstreeks dezelfde
tijd (oktober) het woord namen. De delegaties in UNCTAD
waren het erover eens dat een multilateraal handelssysteem
noodzakelijk is, maar handel mag wel geen doel op zich
worden. Het moet ten dienste staan van een stabiele, duurzame
en gelijke ontwikkeling.
In tegenstelling tot de VS en de EU die het falen van
de WTO-top in Cancún in de schoenen van de ontwikkelingslanden
proberen te schuiven, concludeert UNCTAD dat ontwikkelingslanden
een belangrijke bijdrage geleverd hebben tot het multilaterale
handelssysteem. Alleen hebben ze daar tot nog toe niet
de vruchten van geplukt. Het gebrek aan vooruitgang in
de dossiers die voor ontwikkelingslanden belangrijk zijn
(oa. implementatie, speciale en gedifferentieerde behandeling,
landbouw en markttoegang voor niet-landbouw producten)
gaf hen de indruk dat het ontwikkelingsdiscours van de
Doha-rond holle retoriek is.
Verschillende landen klagen de overvolle agenda van de
WTO-onderhandelingen aan. Zij begrijpen niet waarom Westerse
landen per se onderhandelingen over de 'Singapore Issues'
(investeringen, competitie, handelsfacilitering en overheidsaanbestedingen)
willen opstarten terwijl er nog zoveel andere, echte handelsdossiers
zijn die afgewerkt moeten worden. Er wordt dan ook opgeroepen
prioriteit te geven aan die dossiers die tot echte ontwikkeling
leiden.
Tenslotte lieten de delegaties zich positief uit over
de grotere assertiviteit van ontwikkelingslanden in de
WTO. Het vormen van allianties in specifieke dossiers,
zoals de G22 in het dossier van de landbouwsubsidies,
leidt tot evenwichtiger relaties tussen ontwikkelde en
ontwikkelingslanden. Wel wordt er gewaarschuwd voor het
hervallen in een Noord-Zuid retoriek, een verwijzing naar
de discussies over de nieuwe internationale economische
orde in de jaren '70. Volgens het rapport zijn de Noord-Zuid
relaties immers complexer en meer divers dan toen.
Het is duidelijk dat UNCTAD, in tegenstelling tot de
WTO, nog ruimte laat voor de stem van de ontwikkelingslanden
in het Cancún-debat, ook als die afwijkt van de
neoliberale consensus. Hopelijk worden de substantiële
eisen van de ontwikkelingslanden meegenomen naar de elfde
UNCTAD-conferentie (UNCTAD XI) die in juni in Brazilië
plaatsvindt. De doelstelling van UNCTAD XI is het verbeteren
van de coherentie tussen nationale ontwikkelingsstrategieën
en globale economische processen [5]. UNCTAD stelt immers
een opstoot van economisch nationalisme vast en wil garanderen
dat dit economisch nationalisme binnen de grenzen van
het verdedigen van legitieme nationale belangen blijft.
Noten:
[1] "A spectre haunts the post-Cancún world"
door R. Ricupero, The Guardian, 6 oktober 2003 (http://www.globalpolicy.org/socecon/trade/2003/1006ricupero.htm).
[2] "Cancún I, Cancún II and trying
to repeat rewritten history?" door C. Raghavan (2003)
(http://www.twnside.org.sg/title/5430a.htm).
[3] "Cancún 1981-2003" door K.S. Jomo,
in EurAsia Bulletin, vol. 7, nr. 8 & 9, Augustus/September
2003 (http://www.eias.org/
publications/bulletin/2003/augsep03/ebaugsep03p15.pdf).
[4] "Report on chairman's summary of UNCTAD discussion
on the WTO Cancún Ministerial" door M. Khor,
TWN Info Service on WTO Issues, 3 november 2003 (http://www.twnside.org.sg).
[5] "UNCTAD XI: preparatory process, overview by
the secretary-general of UNCTAD" (http://www.unctad.org/Templates/WebFlyer.asp?intItemID=2678&lang=1).
Stijn is te bereiken via stijn.oost@attac.be
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
J) FTAA uit Braziliaans oogpunt
(door Kees Stad)
Miami betekende een belangrijk omslagpunt in de onderhandelingen
over de FTAA (Free Trade Agreement of the Americas, ALCA
in het Spaans) [1]. De VS wilde er alles aan doen om te
verzekeren dat er niet weer een impasse zou ontstaan zoals
eerder bij de WTO-vergadering in Cancún, Mexico,
in september. Brazilië slaagde erin om hier voordeel
uit te halen en deed een voorstel om de basisstructuur
van het FTAA te veranderen. Het voorstel komt neer op
een "FTAA Lite", waar bijna niets meer in zit
dat de VS oorspronkelijk wilde. Volgens dit voorstel zal
er een minimaal niveau van verplichting zijn voor de landen
die het verdrag ondertekenen. Afzonderlijke landen zouden
later de speelruimte hebben om bilaterale afspraken te
maken op de gebieden waar ze het meeste belang bij hebben.
Op de onderdelen van het verdrag die het meest schadelijk
voor Brazilië zouden zijn, zoals investeringen, diensten,
overheidsaanbestedingen en intellectuele eigendomsrechten,
had Brazilië al besloten dat het niet zou accepteren
wat er in het oorspronkelijke WTO-voorstel stond. Brazilië
maakte duidelijk dat ze niets anders zou accepteren dan
wat ze zelf voorstelde. In Miami zagen de VS en Brazilië
zich vervolgens gesteld tegenover 13 landen die wel een
allesomvattend FTAA wilden (dat waren: Canada, Mexico,
Chili, Costa Rica, Honduras, El Salvador, Nicaragua, Panama,
de Dominicaanse Republiek, Equador, Colombia en Peru.)
Het probleem is dat de inhoud van dit FTAA lite niet
in Miami omschreven werd. Dat zal pas gebeuren bij de
volgende bijeenkomst van het comité van onderhandelaars
in Puebla, Mexico, in februari 2004. Daar zal het voorstel
afgerond worden, waarna in juli 2004 in Brazilië
een ministersconferentie van de 34 deelnemende landen
belegd zal worden, waar een stemming over het verdrag
zal plaatsvinden.
De uitkomst was een overwinning voor de Braziliaanse
diplomatie. Maar voor de campagne van Braziliaanse humanitaire
en andere organisaties was het niet bevredigend, omdat
die zich verzet tegen elke ALCA, ook de 'lichte' variant
[2]. Enige tevredenheid heerst over het feit dat de Amerikaanse
regering de lichte variant moest accepteren, waarover
het Amerikaanse zakenleven steen en been klaagde. Wat
de inhoud betreft zijn de onderhandelingen eerder verdaagd
dan afgesteld. Fatima Mello van REBRIP, een netwerk van
NGO's, wees er ook op dat de afzonderlijke arme landen
in de vrijhandelszone zich uit elkaar hebben laten spelen.
"Als dat zo blijft zal de VS daar gebruik van maken
om het oorspronkelijke FTAA-voorstel weer naar voren te
schuiven".
Bron:
- "News from Brazil" nr 501, 5 dec 2003
(http://www.oneworld.org/sejup/)
Noten:
[1] Voor een algemener stuk over de FTAA-top in Miami
zie: "FTAA-top levert misbaksel op", WTO-ZIP
nr 41 (http://www.globalinfo.nl/article/articleview/281/1/2/)
[2] Een van deze organisaties is de Braziliaanse afdeling
van het mensenrechtennetwerk Justicia et Pax, genaamd
Sejup (zie bronvermelding voor dit artikel).
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
K) CAFTA: Protesten in El Salvador, Costa Rica trekt
zich terug
(door Kees Stad)
Op 10 december begonnen studenten van de Universiteit
van El Salvador in San Salvador met de bezetting van gebouwen
op de campus van de universiteit. Ze protesteerden tegen
de afsluitende onderhandelingsronde over de vorming van
de Midden-Amerikaanse vrijhandelszone CAFTA, die op dat
moment in Washington begon. Op 11 december duurde de bezetting
nog door, toen een groep van 800 boeren en arbeiders een
demonstratie en nachtwake hielden. Op 12 december arresteerde
de politie 19 studenten die de campus verlieten om een
kruispunt te blokkeren. De politie gebruikte daarbij pepperspray
en rubber kogels.
Op 12 december was er opnieuw een demonstratie van zo'n
2000 boeren en arbeiders, georganiseerd door De Beweging
van Volksverzet 12 Oktober.
De CAFTA-top in Washington begon op 8 december en zou
oorspronkelijk tot 12 december duren, maar werd tot 16
december verlengd. Ze werd afgesloten met een verdrag
ter vorming van de vrijhandelszone, waar Costa Rica echter
aan weigerde deel te nemen [1].
Costa Rica, dat juist een van de grootste voorstanders
was geweest van het internationale vrijhandelsbeleid,
besloot zich op 16 december terug te trekken uit de onderhandelingen.
De reden was de druk van de VS om de Costaricaanse telecommunicatie-sector
en verzekeringen open te stellen voor buitenlandse bedrijven.
De Costaricaanse minister van Handel Alberto Trejos verklaarde
aan journalisten dat er ook meningsverschillen bestonden
over tarieven op het gebied van textiel en landbouwprodukten.
Hij verklaarde te verwachten dat Costa Rica volgende maand
de onderhandelingen zal hervatten.
De VS verklaarde ook goede hoop te hebben dat Costa Rica
zich binnen kort weer bij de club zal voegen. De VS beoogt
volgend jaar ook de Dominicaanse Republiek bij de vrijhandelszone
te kunnen voegen.
De leider van de delegatie van de VS, Regina Vargo, gaf
toe dat de regering Bush problemen verwacht als het Congress
over het akkoord moet besluiten. Vanwege de verkiezingen
zijn handelsakkoorden niet echt geliefd bij de republikeinen
en Vargo verklaarde te voorzien dat de ratificatie wellicht
slechts met een stem meerderheid zal gebeuren.
Bronnen:
- "Weekly News Update" nr. 725, 21 december
2003.
- "Reuniones del CAFTA en Washington, diciembre 8-16",
FTAA Indymedia, 23 december 2003 (http://www.indymedia.org/en/2003/12/110250.shtml)
Noot:
[1] Zie voor meer informatie: "CAFTA-top begint in
Washington; De
Middenamerikaanse vrijhandelszone CAFTA is bijna klaar",
8 december 2003
(http://www.globalinfo.nl/article/articleview/279/1/2/)
WTO---zzzzzzzzzzzzzzzziiiiiiiiiiiiiiiiiiiiipppppppppppppppppppppp
L) Europese havenliberalisering voorlopig van de baan
(door Robin van Stokrom)
Met een uiterst krappe meerderheid heeft het Europees
Parlement in november 2003 de Europese richtlijn voor
verdere liberalisering van havendiensten verworpen. "Dit
is de eerste keer in de geschiedenis dat werknemers het
winnen van werkgevers, de EU en het grootkapitaal",
stelt een FNV bestuurder verheugd.
De uiterst moeizaam tot stand gekomen Europese richtlijn
zou de rederijen in staat stellen zelf arbeiders in dienst
te nemen bij het laden en lossen, buiten de geregistreerde
havenwerkers om. Hierdoor zouden de arbeidsvoorwaarden
van havenarbeiders onder druk komen te staan en is ook
de veiligheid van het werk in geding. Alle excessen zouden
worden gelegaliseerd zegt de FNV.
De Europese havenarbeiders voerden dan ook al geruime
tijd actie tegen de plannen. Zij zien hun acties en lobby
beloond in het verzet van het Europees parlement tegen
de plannen. Het was een krappe minderheid die tegenstemde.
Zo krap (229 tegen, 209 voor) dat de VVD'er Vermeer de
stemgang oneerlijk noemde. "Als we een dag eerder
hadden gestemd, was het anders uitgepakt", was het
verliezende commentaar. Mede dankzij Belgische liberalen
en christen-democraten is de richtlijn van de baan. Zij
behoren tot de kleine groep "dissidenten" in
de Europese conservatief-liberale fracties. Van de Nederlandse
partijen waren CDA en VVD de enige voorstemmers.
Eén dag later was er meteen slecht nieuws voor
de havenwerkers. De liberale Europarlementariër en
parlementsvoorzitter Pat Cox zei dat de Europese Commissie
(EC) met een nieuw voorstel zou komen. De EC liet echter
weten dat niet van plan te zijn en het besluit van het
parlement te respecteren. De verwachting is dat de Commissie
nu via bestaande mededingingsakkoorden "de monopolies"
in de havens zal proberen te breken. Op hun website (http://www.havenforum.nl)
zeggen arbeiders waakzaam te zijn op verdere stappen.
Zie ook "Waardeloos compromis havenliberalisering"
in WTO.ZIP nr.39 (http://globalinfo.nl/article/articleview/254/1/2/)
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Nieuwsbrief over ontwikkelingen rondom Wereld Handels
Organisatie WTO en de Europese Unie. Het is een initiatief
van de Werkgroep Globalisering Delft-Den Haag. Aan
dit bulletin hebben meegewerkt: Erik Wesselius, Rob
Bleijerveld, Esther de Haan, Chris Peeters, Renate
Ebner en Kees Stad. Nieuwsbrief WTO.ZIP (en
meer over globalisering) is ook te vinden
op:http://www.globalinfo.nl en op http://www.indymedia.nl
Voor een
gratis email-abonnement en voor het sturen van mededelingen,
copy of reacties: onyva@xs4all.nl