Deel 3: De Russische Nationale Raad
De Russische Nationale Raad is een samenvoeging van een aantal nationaal-patriottistische partijen en groeperingen en is te beschouwen als een rechts-nationalistische beweging. De beweging wordt geleid door Aleksandr Sterligov, geboren in 1943 in de provincie Tula, niet ver van Moskou. In 1966 studeerde Sterligov af aan het Moskouse Instituut voor Wegenaanleg en Wegverkeer. Van 1967 tot 1983 was hij werkzaam voor de KGB in de stad Moskou en in de regio Moskou. Hij begon zijn karrière bij de KGB als rechercheur en bereikte de positie van plaatsvervangend chef van de contraspionagedienst. In 1970 werd hij lid van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie (CPSU). In 1983 werd hij chef van het Moskouse partijkantoor dat zich bezighield met de 'verduistering van socialistische eigendommen' (dat wil zeggen diefstal van staatseigendommen). In 1988 werd hij hoofd van de ekonomische en administratieve afdeling van de ministerraad van de Sovjet-Unie en zijn naam werd in verband gebracht met het schandaal rond enkele ministers die grote landhuizen in staatseigendom voor een symbolisch bedrag tot privé-eigendom maakten.
In 1991 leidde hij de administratieve afdeling van de Russische Federatie, maar al die tijd bleef hij ook als reservist op de loonlijst van de KGB staan. Dit leidde tot protesten van een aantal parlementariërs. Sterligov gaf zijn leidinggevende funktie binnen de Russische Federatie op en werd assistent van vicepresident Aleksandr Rutskoj.
Bij de coup in Moskou van augustus 1991 leidde Sterligov de verdediging van het Witte Huis (het Russisch parlement). Samen met Rutskoj ging hij naar Foros op de Krim waar Gorbatsjov werd vastgehouden en zij brachten Gorbatsjov terug naar Moskou. Sterligov arresteerde één van de leiders van de augustuscoup, KGB-hoofd Krjutsjkov. Voor bewezen diensten werd hij bevorderd tot majoor-generaal van de KGB.
In december 1991 gaf Sterligov zijn baan als assistent van de vicepresident op en vormde de beweging 'Officieren voor de Wedergeboorte van Rusland'. Begin 1992 werd hij gekozen als afgevaardigde binnen de Slavische Raad, waar voormalige Pamjatleden een voorname rol speelden. Aleksandr Sterligov leidde het organiserend komité dat de oprichting voorbereidde voor een nieuwe nationaal-patriottistische organisatie, de Russische Nationale Raad. Uit Sterligov's levensschets blijkt wel dat de leiding van deze Raad niet in handen van de geringsten is.
oprichting
Het oprichtingskongres van de Russische Nationale Raad werd van 15 tot 17 februari 1992 gehouden in de stad Nizjni Novgorod, het vroegere Gorki. Er werd een driehoofdige leiding gekozen: KGB majoor-generaal Aleksandr Sterligov, de extreem-nationalistische schrijver Valentin Rasputin, en de gouverneur van Sachalin, Valentin Fjodorov. De twee laatsten werden verkozen zonder op het kongres aanwezig te zijn en Fjodorov ontkende later zijn positie binnen de Russische Nationale Raad.
Bij de Raad sloten zich verschillende nationaal-patriottistische partijen en groeperingen aan: de Russische Partij, de Russische Partij van Nationale Wedergeboorte, de Russische Garden, de Vaderlandspartijen uit Moskou en Jekaterinburg, de Russische Unie en anderen. De partijraad (de doema) en het uitvoerend komité zijn de hoogste organen van de Russische Nationale Raad. De organisatie is opgezet op regionale basis. In 1993 maakte Sterligov bekend dat de Raad aktief was in 53 regio's van de Russische Federatie, waaronder belangrijke plaatsen als Moskou, St.Petersburg, Samara, Kaliningrad, Kazan, Smolensk en Vladikavkaz. Er zouden circa 100.000 leden zijn.
Het eerste kongres van de Russische Nationale Raad werd medio juni 1992 gehouden in de beroemde zuilenzaal van het Moskouse Huis van de Vakbonden. Extremistische kopstukken als Valentin Rasputin, Aleksandr Nevzorov, Sazji Umalatova, Aleksandr Prochanov, Vasili Belov en Aleksej Senin woonden het kongres bij. Het kongres benoemde de bestaande doema (partijraad) voor een periode van twee jaar, en de doema koos op haar beurt, eveneens voor twee jaar, een presidium en voorzitters. Tot voorzitter werden Sterligov, Valentin Rasputin, Gennadi Zjuganov en Pjotr Romanov (manager van het chemiecomplex in Krasnojarsk) benoemd. Het kongres nam ook het Program van Aktie voor de Redding van het Vaderland aan. Tijdens een doemazitting van november 1992 werd Sterligov verkozen tot voorzitter van het Uitvoerend Komité van de Russische Nationale Raad.
programma
Voornaamste uitgangspunt van de Russische Nationale Raad is volgens het Program van Aktie 'de grondwettelijke verwijdering van de huidige regering van nationaal verraad'. De Raad wil daarna meteen overgaan tot 'terugkeer naar de geplande leiding van de nationale ekonomie', waarbij de belangrijkste sektoren van de ekonomie, met name de militaire sektor, onder staatsbeheer vallen. Ook de ontwikkeling van een Russisch ondernemerschap zou moeten plaatsvinden onder strikte kontrole van de staat. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken zouden alle ondernemingen ten minste 70% van hun orders van de staat moeten krijgen. Ook zouden volgens het Program van Aktie alle prijzen van goederen bevroren moeten worden en de lonen zouden moeten stijgen, totdat de ekonomie hersteld is op het niveau van januari 1992. Pogingen om de roebel internationaal inwisselbaar te maken moeten worden gestaakt en de koers van de dollar ten opzichte van de roebel zou realistischer moeten zijn.
De Russische Nationale Raad is voorstander van de onmiddellijke invoering van de noodtoestand in het land. Volgens de beweging moet er 'een genadeloze oorlog tegen de kriminaliteit, inklusief de politieke kriminaliteit' gevoerd worden. Volgens Sterligov zou de Raad wanneer zij eenmaal aan de macht is 'niet de tijd hebben om zich te laten adviseren en leiden door de diensten van de volksvertegenwoordigers'. Een anonieme woordvoerder van de Raad verklaarde dat de beweging een speciale eenheid in het leven heeft geroepen die uitingen van russofobie, vrijmetselarij en anti-nationale aktiviteiten registreert. Deze woordvoerder zei ook dat er een geheime richtlijn bestaat over welke mensen na de overwinning op het huidige regime geëxecuteerd dienen te worden, zoals mensen die zich schuldig hebben gemaakt c.q. maken aan verduistering van staatseigendommen (een hot item binnen deze beweging), omkoping, zij die tegenstand bieden aan de nieuwe autoriteit en subversieve propaganda verspreiden, alsmede prostituées en gangsters. Alle vijandige politieke partijen en organisaties zullen onmiddellijk worden verboden en ontbonden. Hun leden en hun 'ingehuurde demokratische' journalisten zouden moeten worden uitgeroeid of levenslang geïnterneerd. Na de omverwerping van het huidige politieke systeem zal het land worden geregeerd door speciale noodkomités die onmiddellijk na de machtsovername gevormd worden en beschikken over onbeperkte volmachten. Dan zal er een synode (Zemsky Sobor) gehouden worden die een monarch kiest; iemand die niet noodzakelijk afkomstig hoeft te zijn uit de Romanovdynastie die Rusland tussen 1613 en 1917 regeeerde.
oude formules
De Russische Nationale Raad is een antikommunistische organisatie. Volgens de beweging waren de revoluties van februari en oktober 1917 het resultaat van 'een internationale samenzwering van zionisten en vrijmetselaars, gericht op de vernietiging van Rusland'. De leiders van de Raad benadrukken dat 'Stalin streed tegen kommunisme en joodse overheersing en hij herstelde veel tradities van de Russische staat'. De terreur uit de tweede helft van de jaren 30 en de naoorlogse strijd tegen kosmopolitanisme waren mijlpalen op deze weg. De ideologen van de Russische Nationale Raad zien met voldoening dat het kommunistische utopia werd overwonnen door het groot-Russisch chauvinisme en de wedergeboorte van het traditionele Russische despotisme. Zij zijn ervan overtuigd dat wanneer Stalin langer had geleefd hij alle kommunistische fraseologie zou hebben afgeschaft en vervangen door de oude formule 'orthodoxie, autokratie, nationaal karakter'. Sterligov's beweging staat voor de restauratie van het Russisch imperium, of tenminste het grondgebied binnen de grenzen van de voormalige Sovjet-Unie in 1945. De nationaal-territoriale verdeling van het land zou moeten worden vervangen door een administratief-territoriale verdeling. De dominante etnische groepering moeten de Russen zijn, waarbij inbegrepen de Oekraners en Witrussen. De Raad onderschrijft het principe van een etnisch-proportionele vertegenwoordiging in de regering, wetenschap, kunst en de massamedia. Zij staat voor de militarisering van het land, de versterking van de rol en de invloed van het leger en het militair-industrieel kompleks, de opbouw van militaire macht en invoering van militair-patriottistisch onderwijs.
leden
Onder de leden van de Russische Nationale Raad vindt men veel militairen, zowel in aktieve dienst als gepensioneerd. Veel leden zijn ook werkzaam bij de militie (Russische politie) en de staatsveiligheidsorganen. Ook maken nogal wat voormalige kommunistische partijfunktionarissen deel uit van de Raad.
Sinds 1992 publiceert de Raad de krant 'Russische Raad', met een oplage variërend tussen de vijftig- en honderdduizend. Sinds 1993 beschikt de Raad over een eigen uitgeverij, 'Generaal Sterligov's Bibliotheek', die veel groot-Russisch chauvinistisch en antisemitisch materiaal uitgeeft, zoals de 'Protokollen van de wijzen van Zion', 'De geheime macht van de vrijmetselarij' en 'De internationale geheime regering'.
De Russische Nationale Raad omvat ook de Russische Garden, een militair-patriottistische klub, opgericht in 1990. De leider van de Garden, Michail Vlasov, is lid van het presidium van de Nationale Raad. Behalve de Russische Garden zijn ook een aantal kozakkentroepen, met name uit Siberië, het Kubangebied en Terek, lid van Sterligov's beweging.
samenwerking en tegenwerking
De Russische Nationale Raad werkt samen met gelijkgezinde partijen en bewegingen en neemt deel aan wederzijdse aktiviteiten. In oktober 1992 nam de Raad deel aan het organiserend komité van het Nationaal Reddingsfront, maar zij trok zich terug na het oprichtingskongres. De Raad is opposant van Zjirinovski's Liberaal-Demokratische Partij van Rusland, omdat zij de leider van deze partij beschouwt als 'de lokvogel van het zionisme'. De Russische Nationale Raad bekritiseert de aanhangers van Barkasjov (zie deel 1) voor het openlijk gebruik van de swastika en andere nazisymbolen. Bovendien cirkuleren binnen de Raad allerlei geruchten dat Barkasjov half joods zou zijn. De Raad heeft ook moeite met Pamjatleider Dmitri Vasiljev, die zij als zionist beschouwt. Ook Sterligov's relaties met de nieuwe kommunistische groeperingen zijn nogal gespannen. De Vaderlandspartij uit St.Petersburg en de monarchistische groeperingen kunnen Sterligov niet hebben vanwege zijn KGB-werk en zijn vroegere binding met het staatsapparaat van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie. Ook zijn er grote spanningen tussen de aanhangers van Sterligov en de Euraziatische partij van Aleksandr Dugin. Sterligov's aanhangers beschuldigen de Euraziaten van kosmopolitanisme en onwil om het zionisme te bestrijden.
religie
De Russische Nationale Raad is een vurig aanhanger van de konservatieve orthodoxie en heeft de intentie om het tot staatsreligie te maken. Sterligov presenteert zich als een overtuigd orthodox gelovige. Zijn beweging onderhoudt nauwe betrekkingen met het patriarchaat en de Kerk van de Oudgelovigen. De Oudgelovigen zijn een in de tweede helft van de 17e eeuw ontstane konservatieve oppositie binnen de Russisch Orthodoxe kerk. Volgens de Russische Nationale Raad moeten alle andere religies en sekten binnen Rusland aan banden gelegd worden, met een landelijk verbod op het Joodse geloof en andere niet-Russische geloofsuitingen als protestantisme en Hare Krishna. De leiding van de Russisch Orthodoxe Kerk dient te worden vervangen.
Al met al kan gesteld worden dat de Russische Nationale Raad niet de geringste onder de rechtse groeperingen is. Haar leider Sterligov is een vooraanstaand persoon met de nodige konnekties binnen de machtsstrukturen van het land. Ook financieel heeft Sterligov's beweging geen problemen. De belangrijke beleggingsmaatschappij Alisa wordt geleid door German Sterligov, een familielid en er wordt ook beweerd dat de handelsmaatschappij Rosich en de firma Selenga deel uitmaken van het konsortium dat de Russische Nationale Raad financiert.
(Gebaseerd op informatie van het Antifascistisch Centrum in Moskou, met speciale dank aan Vladimir Sirotin).
InSudok, informatie- en dokumentatiecentrum over de voormalige Sovjet-Unie, postbus 11061, 5200 EB Den Bosch.
Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant in 1995


