Bloed is een zeer bijzonder sap

Volkszielen, wortelrassen, semieten en ariërs beschreef Rudolf Steiner op het breukvlak van de negentiende en twintigste eeuw. Bijna zou je geloven dat de antroposofie door en door fout is. Dat de, door de nazi's in 1933 verboden, antroposofische beweging de grondlegger is van de rassentheoriën gehanteerd door de nazi's. En dat terwijl antroposofen beweren dat de antroposofie niet racistisch is. Een duik in de theorie is op zijn plaats.

De Theosofen geloofden dat bij het aanbreken van de Nieuwe Tijd de Maitreya, de verlossende nieuwe wereldleraar, zou komen. In 1909 was het zover. De theosofen hadden de nieuwe 'universele dictator' gevonden in een Indiase jongen uit de hoogste hindoe-kaste der Brahamen: Jiddu Krishnamurti.
De Duitse afdeling van de Theosofische Vereniging erkende de nieuwe Maitreya niet. Voordat ze stierf had madame Blavatsky, de oprichtster en spiritueel leidster van de Theosofische Vereniging, immers uitgesloten dat de Maitreya zich snel zou manifesteren. De secretaris-generaal van de Duitse afdeling der theosofen, Rudolf Steiner, tekende protest aan tegen de zijns inziens gevaarlijke, irrationele, ja zelfs 'satanische' ontwikkelingen in de Vereniging. Dit protest resulteerde uiteindelijk in de 'kerk'scheuring. Rudolf Steiner richtte als alternatief de Antroposophische Gesellschaft op, met hemzelf als 'geestelijk leraar' aan het hoofd. Het merendeel van de Duitse leden van de Theosofische Vereniging volgde Steiner.

het medium

Om over de antroposofie als leer een mening te kunnen hebben is het niet alleen noodzakelijk om kennis te hebben van de geschriften van Rudolf Steiner. De oorspronkelijke leer is namelijk gegeven door de grondlegster van de Theosofische Vereniging, madame Blavatsky. Helena Petrovna Blavatsky (1831-1891) stelde zich op als medium. Blavatsky beweerde dat zij via telepatie middelen kreeg toegereikt, die zij in dienst stelde van de theosofie. Als grondboek voor de theosofie heeft zij De geheime leer geschreven. Blavatsky heeft haar hele leven volgehouden dat de inhoud van haar boeken gegeven is door Koet Hoemi en Morya. Koet Hoemi en Morya waren volgens Blavatsky haar boeddhistische meesters die ergens half verborgen in de Himalaya leefden.
Deze twee meesters stuurden haar niet alleen brieven, maar brachten haar ook wonderbaarlijke bezoeken. Zij waren het die haar grote delen van De geheime leer zouden hebben gedicteerd. In trance zat ze dagen achtereen te noteren - 'bij vol bewustzijn' vond zijzelf. Zelf noemde zij zich niets dan opschrijfster of doorgeefster.

wortelrassen

In De geheime leer van Blavatsky, hét grondboek van de theosofie, en ook van de antroposofie, wordt een alternatieve evolutietheorie gegeven. De evolutie gaat volgens Blavatsky in cycli. Onze aarde, natuurlijk ook een levend en evoluerend organisme, verandert voortdurend van vorm. Zij doorloopt een serie van zeven ronden; tijdperken van miljoenen jaren. Het einde van elke ronde wordt gekenmerkt door fysiologische gedaantewisselingen, zoals vloedgolven, verdwijnende continenten en klimaatsveranderingen. Toch verschijnt de aarde na zeven van zulke ronden weer in haar oude gedaante. Een soortgelijke evolutie maakt de mensheid mee, die in elke ronde ten tonele verschijnt als zeven achtereenvolgende 'wortelrassen'. De individuele mens volgt door een reeks van incarnaties de aarde in al haar stadia en keert na een lange reis door alle wortelrassen, uiterlijk weinig veranderd en innerlijk opgeknapt terug. Kort gezegd: de mensen maken via reïncarnatie een evolutie door naar een steeds hoger bewustzijn.
Navolgers van Blavatsky hebben haar rassenleer kunnen misbruiken voor racistische doeleinden. Het probleem zit daarbij in het feit dat Blavatsky beweerde dat er in haar tijd een overlapping is tussen het vierde wortelras en het vijfde wortelras. Een theorie die makkelijk kan leiden tot de gedachte van een heersende superioriteit van het ene ras boven het andere. Verdedigers van Blavatsky, bijvoorbeeld de Nederlandse politicus Roel van Duijn, beweren dat Blavatsky met haar wortelrassen niets kwaad bedoelde. Blavatsky was volgens van Duijn immers overtuigd van menselijke gelijkrechtigheid. Blavatsky's bewering van de overgang van het ene wortelras naar het andere wortelras heeft volgens van Duijn niets te maken met ons begrip van rassen en vindt plaats door alle rassen heen.

de verlosser

Eén van de volgelingen van Blavatsky was Karl Haushofer. Deze Haushofer werd in 1869 in Beieren geboren en beheerste het Sankriet, Japans en Hindi. Haushofer had zich ontwikkeld tot een deskundige op het gebied van de oosterse mystiek. Na de eerste wereldoorlog doceerde hij geo-politiek aan de universiteit van München en introduceerde tijdens zijn colleges het begrip Lebensraum. Eén van de studenten van Haushofer was Rudolf Hess.
Rudolf Hess heeft Karl Haushofer uiteindelijk aan Hitler voorgesteld. De professor, beladen met boeken over de geo-politiek, bezocht Hitler regelmatig toen deze bezig was met het schrijven van Mein Kampf. Dit was na het mislukken van de Münchense putsch in 1923. In 1924 wijdde Karl Haushofer Hitler in in 'De geheime leer'. Dit was in het ford Landsberg, waar Hitler gevangen zat. Voordat Hitler met Haushofer in contact was getreden was hij al bekend met het occulte denken, verkregen via de leden van het Thule Gesellschaft. Haushofer wilde Hitler de geheime leer doceren omdat hij tijdens het proces tegen Hitler na de München putsch zo onder de indruk van hem was gekomen dat hij geloofde dat Hitler de nieuwe messias kon zijn die ooit de verlosser van het Duitse volk zou worden.

de übermensch

Haushofer doceerde aan Hitler dat het vierde wortelras (het Atlantische) uit zeven onderrassen bestond. De leiders van deze onderrassen zouden geen gewone mensen zijn geweest. Zij bezaten bovenzintuiglijke oorsprong en verschenen aan hun tijdgenoten als übermensch, een soort god-mens.
Eén van de onderrassen zou het Atlantische superras geweest zijn. Dit ras leefde in het gure noorden (Thule) van het later verzonken eiland Atlantis, en was het Arische onderras. Volgens de geheime leer zouden de Arische volkeren door de grote Manu, de laatste der zonen van god, of übermenschen uit Atlantis zijn gebracht. Onder leiding van de Manu zouden de Ariërs geëmigreerd zijn naar de Himalaya in Tibet. Van daaruit zouden de Ariërs verspreid zijn over India en Europa.
De geo-politiek die Haushofer doceerde kwam voort uit de theorie over het ontstaan van het vijfde wortelras. Hij leverde de Duitsers een excuus om terug te keren naar die gebieden in het Aziatische achterland, waarvan algemeen werd aangenomen dat daar het Arische ras was ontstaan. Op die subtiele manier zette hij Duitsland aan geheel Oost Europa te veroveren en door te dringen in het binnenland van Azië tussen de Wolga en de Jangste-Kiang over een afstand van bijna vierduizend kilometer. Daarbij hoorde in het uiterste zuiden het hoogland van Tibet. Haushofer meende dat wie dat gebied volledig beheerst, haar economische bronnen aanboorde en haar militaire defensie organiseerde, een onwankelbare macht over de hele wereld zou krijgen.
Behalve de mystieke leer over het ontstaan van het Arische ras leerde Haushofer aan Hitler de evolutie van de mensheid te bezien tegen een achtergrond van gigantische tijdspanorama's. Door hem bekend te maken met de geheime leer, verruimde Haushofer Hitlers tijdsbewustzijn en leverde hem een wereldomspannend beeld van de evolutie van de aarde. Hij ging de invloed na van boze machten en hij illustreerde de manier waarop die machten de werkelijke ontwikkeling van de mensheid in de weg hadden gestaan en wel in ieder stadium van de evolutie van het menselijke bewustzijn. Door degelijke lessen leerde Haushofer Hitler de werkelijke motieven kennen van het Luciferiaanse wezen waardoor hij volgens Haushofer werd bezeten. Tenslotte speelde Haushofer de rol van Mefistofeles toen hij Hitler inwijdde in de occulte betekenis van het bloed en de rol die occulte bloedrituelen zouden spelen bij het tot stand brengen van een magische mutatie in het Arische ras. Een mutatie, die een nieuw stadium in de menselijke evolutie zou inleiden, de geboorte van de übermensch.

mutatie

Na de lessen in Landsberg werd Haushofer een leidend figuur van het geheime genootschap 'Vril' of 'lichtende loge'. Vril is een oude Indiase naam voor de enorme energie-bronnen die beschikbaar zouden komen als gevolg van de verruiming van het etherische lichaam of het menselijke tijdsorganisme. Het doel van Vril was om studie te doen naar de oorsprong van het Arische ras en de manier waarop de magische vermogens die in het Arisch bloed sluimerde gewekt konden worden. Vril had behalve leden uit Duitsland ook leden uit Tibet, Japan, India, Kashmir, Turkistan en Ceylon.
De mensen uit Vril bestudeerden de wetten van de metamorfose in planten en ze meenden dat Goethe de eerste Europeaan was die door contemplatie een gedeeltelijke verruiming van zijn etherische organen tot stand bracht. Dit zou de reden zijn van zijn genie en zijn opmerkelijke buitenzintuiglijke gaven.
Binnen Vril heerste de mening dat het oogmerk, om een mutatie van het Arische ras teweeg te brengen, volmaakt onmogelijk was in termen van de materialistische wetenschap van de twintigste eeuw. Die stelt namelijk dat alle verschillen tussen rassen uitsluitend veroorzaakt zijn door een langdurige blootstelling aan invloeden van het milieu. De materialistische wetenschap was volgens Vril een complot van middelmatige geesten, een joods marxistische liberale wetenschap. Deze materialistische wetenschap zou plaats moeten maken voor een noords-nationalistische wetenschap; een magische wereldbeschouwing gebaseerd op de cosmologie van de geheime leer.
Uiteindelijk heeft Adolf Hitler van de theorieën van Vril gebruik gemaakt toen hij verklaarde dat het Arische ras het enige ware was. En slechts het Arische ras kon deelnemen aan dat heldhaftige avontuur, die plotselinge magische sprong in de menselijke evolutie. Om deze magische sprong te verwezenlijken wilde Hitler een orde stichten, de nationaal-socialistische beweging.
Om de locatie, de algemene kenmerken, de prestaties en de erfenis van het Indo-Germaanse ras te onderzoeken hadden de nazi's onder aanvoering van Himmler de nazistische stichting Ahnenerbe opgericht. De Tibetaanse Lama's die via deze stichting in Berlijn terecht waren gekomen werden na de nederlaag van de nazi's bij Stalingrad vervolgd. Zij hadden immers gefaald in hun opdracht Lucifers macht in te schakelen voor de nazi-taak.

oersemieten

In 1939 is door frau Marie Steiner het boek de AKASHA-kronieken uitgegeven. Het boek is een bundeling van de door Rudolf Steiner in 1904 in het tijdschrift Luzifer-Gnosis geschreven artikelenreeks over het ontstaan van de aarde.
Net als Blavatsky beschrijft Steiner in deze Kronieken het bestaan van zeven elkaar opvolgende wortelrassen. Steiner stelt dat de westerse mensheid tot het vijfde -het arische- wortelras behoort. Hij beschrijft tevens hoe volgens hem de overgang van het vierde naar het vijfde wortelras is verlopen.
Uit de AKASHA-kronieken stijgt het beeld op dat de mensen van het vierde wortelras -het atlantische- nog geen ik-bewustzijn hadden. Zij werden geleid door 'godsgezanten' die via zogenaamde inwijdingsplaatsen, de mysterietempels, met de goden verkeerden van waaruit het menselijk geslacht werd bestuurd.
Binnen het vierde wortelras heeft Steiner het vijfde onderras, de oersemieten, laten ontstaan. Bij dit ras heeft zich pas de ik-bewuste denkkracht kunnen ontwikkelen, maar dit ontwikkelde zich slechts zeer langzaam en geleidelijk. Ook de laatste onderrassen van de Atlantiërs konden nog maar weinig begrijpen van de beginselen van hun goddelijke leiders, is in de AKASHA te lezen.

de uitverkorenen

Om nu vanuit de laatste onderrassen der Atlantiërs het vijfde wortelras te laten ontstaan heeft Steiner de beste individuen uit de laatste onderrassen uitverkoren laten zijn door 'de leider', en hen door diezelfde leider laten afzonderen op een bepaalde plaats op aarde -in midden Azië-. De leider bevrijdde hen zo van alle invloeden van diegenen die waren achtergebleven of op dwaalsporen geraakt. De leider, de Manu, stelde zich tot taak zijn volgelingen zover te brengen dat zij in de eigen ziel konden kijken en door eigen denken de beginselen zouden kunnen begrijpen volgens welke zij tot dusver waren geleid. Beginselen die zij vaag vermoedden, maar niet helder hadden voorzien. Binnen deze afgezonderde groep liet Steiner de goddelijke leider in mensengedaante optreden.
Steiner schreef dat de Manu aan de uitverkorenen leerde dat, wat zij zichtbaar voor ogen hadden, door onzichtbare machten werd bestuurd; dat zij dienaren waren van deze onzichtbare machten en dat zij met behulp van hun denken de wetten van deze onzichtbare machten tot uitvoering moesten zien te brengen. Het vijfde wortelras moest alles uit het menselijk leven op de hogere wereld richten. Dit ras moest leren door eigen gedachten zichzelf te leiden. Maar een dergelijke zelfstandigheid kon alleen tot zegen zijn wanneer de mens zich zelf in dienst stelt van de hogere krachten.
De kiem voor het vijfde wortelras, die rond de Manu verzameld is, bleef uiteindelijk zo lang afgezonderd bij de Manu tot deze kiem krachtig genoeg was om in de nieuwe geest te werken. De uitverkorenen werden ingewijden zodat ze in het begin van het vijfde wortelras leiders konden worden van de overige mensheid. Steiner schakelde de Manu echter niet zomaar uit. Hij liet de Manu eerst nog zijn eigen groep aanvoeren waarna de leiding langzaam over zou kunnen gaan op menselijke ingewijden. Steiner schreef dat tegenwoordig de vooruitgang nog steeds uit een mengsel van bewust en onbewust handelen en denken van de mensen bestaat. Pas aan het einde van het vijfde wortelras, als via het zesde en zevende onderras een voldoende aantal mensen tot weten in staat is, zal de grootste ingewijde zich openlijk voor hen kunnen ontsluieren. En deze menselijke ingewijde zal dan de opperste leiding verder kunnen overnemen, zoals de Manu dat gedaan heeft aan het einde van het vierde wortelras.
Naast de wortelrassen kende Steiner ook betekenis toe aan het begrip ras zoals dat gewoonlijk gebruikt wordt. Met name in zijn lezingenbundel 'bloed is een zeer bijzonder sap' kende hij speciale betekenissen aan de verschillende rassen toe. Bij het zwarte, etherische ras, begint volgens Steiner de wijziging van het algemene menselijke uiterlijk. Vanuit dit zwarte ras zou vervolgens het Maleisische ras zijn ontstaan waarin zich de ademhaling en het zenuwstelsel van het astrale leven zou hebben ontwikkeld. In het Mongoolse zou zich vervolgens het ik hebben ontwikkeld. Nog verder in de ontwikkeling zou volgens Steiner het Europese ras zich hebben ontwikkeld; de mogelijkheid om abstracte voorstellingen te maken, om inspiratie op te doen, en om intuïtie te ontwikkelen.

volksgeesten

Behalve over rassen heeft Steiner ook over volken geschreven. Hij heeft dit in het boek 'de Volkszielen' gedaan. In dit boek maakt Steiner niveauverschillen tussen de individuele mens, het volk, het ras en de mensheid als geheel. In dit boek laat Steiner allerlei geesten en engelen bestaan die de zielen van de verschillende niveau's zijn. Steiner spreekt in het boek 'de Volkszielen' over volksgeesten. Deze moeten volgens hem worden opgevat als aartsengelen, als wezens die klaar zijn met de omvorming van hun astrale lichaam tot Geestzelf of Manas en die bezig zijn hun levenslichaam tot Buddhi om te vormen. In het midden tussen deze wezens en de mensen plaats Steiner de engelwezens. Deze zijn bezig met de omvorming van het astrale lichaam tot Manas of Geestzelf, maar zij zijn nog niet helemaal klaar daarmee.
Deze engelen zouden met hun hele ziel betrokken zijn bij datgene wat in de antroposofie het astrale lichaam wordt genoemd. Daardoor hebben de engelen volgens Steiner volkomen begrip voor wat de mens persoonlijk als verdriet en vreugde kan beleven. Maar omdat zij hoog boven het menselijke Ik uitstijgen, omdat zij een deel van de hogere wereld in zich op kunnen nemen, dringt hun bewustzijn tot die gebieden door, waar de bewustzijnswereld van de aartsengelen zich bevindt. Zij zijn werkelijk de bemiddelaars tussen de aartsengel en de mensen als individu, is te lezen in 'de Volkszielen'. De engelen ontvangen de bevelen van de volksgeesten en brengen die binnen in de afzonderlijke zielen en daardoor ontstaat dan datgene, waardoor het individu iets ten uitvoer kan brengen, niet alleen voor zichzelf, maar voor een heel volk. Steiner stelde dat de mens niet alleen als individu moet streven naar een vooruitgang, maar dat de afzonderlijke volkeren ieder een eigen aura bezitten en dat op dit aura de aartsengel werkt die boven het volk zweeft en de opdrachten geeft met betrekking tot datgene wat dat volk in het groot tot taak heeft.
Steiner heeft in zijn bloed is een zeer bijzonder sap een nadere omschrijving van de doelen van verschillende volkeren gegeven. Zo zou het doel van de Romeinen geweest zijn om de rechtspraak te ontwikkelen. De Kelten zouden de opgave gehad hebben om de kijk op het ik van de Europese bevolking te herzien. De Britten zouden als doel de bewustzijnsziel met een naar buiten tredend ik verder hebben ontwikkeld. Ten slotte zouden de Duitsers uiteindelijk het 'ik' tot volle ontwikkeling hebben gebracht.

Goetheanum

Eén van de zaken waarop de antroposofen wijzen als het gaat om het wassen in onschuld ten aanzien van racisme is het in 1922 in brand steken van het door Steiner gebouwde Goetheanum. De voornaamste reden om het Goetheanum in brand te steken was een enorm houtsnijwerk dat de drieëenheid van het kwaad uitbeeldde. Steiner had hier jaren aan gewerkt en het beeldde uit hoe Jezus Christus als vertegenwoordiger van de mensheid Lucifer en Ahriman overwint. Op zowel openbare als besloten lezingen had Steiner gesproken over de demonische geest die in de ziel van Hitler huisde en de nazistische Weltanschauung inspireerde. Hitler was erdoor in woede ontstoken en één van Hitler's occulte leermeesters, Dietrich Eckhart, wist hem over te halen het proberen te vernietigen.
In zijn afkeuring van het nazisme liet Steiner zien dat het occultisme van de nazi's en dat van hemzelf uit dezelfde ruif kwam. Steiner geloofde alleen dat het Joodse ras geen enkele betekenis meer had omdat de lans van Phineas in het lichaam van Christus aan het kruis was gestoken. Volgens de theorie van Steiner is de lans van Phineas in het oude testament het symbool van de unieke macht van het bloed van het joodse ras en speelde een rol van beslissende betekenis bij het uiterlijke ritueel van de kruisiging. Op die lans werd namelijk de spons met azijn naar de mond van de stervend Christus gebracht; een symbool voor het feit dat het Joodse bloed veranderd was in gal en niet langer van betekenis was voor de evolutie van de mensheid, aangezien dat vervangen was door het bloed van het nieuwe verbond voor de hele mensheid.
Deze lans zou zich in de jaren dertig in Oostenrijk hebben bevonden. De nazi's geloofden wel in de macht van deze lans. Ze hadden hem dan ook naar Berlijn over gebracht en tot het laatst van de oorlog stevig bewaakt.

Jomanda

Rudolf Steiner heeft een verdacht racistische theorie ontwikkeld, ondanks dat hij vond dat iedereen de kenmerken van de rassen moet kennen om zich verder als 'ik' te kunnen ontwikkelen. Steiner was tevens een propagandist van het vermengen van de verschillende rassen, zodat een nieuwe mens zou kunnen ontstaan met alle goede eigenschappen van de diverse rassen in zich verenigd. Hij verwachtte dan ook dat aan het einde van ons vijfde tijdperk het woord 'ras' alle betekenis zou verliezen, de mensheid zou in de toekomst zo zijn onderverdeeld dat men die onderdelen geen 'rassen' meer zou kunnen noemen.
Het probleem met de antroposofie zit niet zozeer in de dogmatische zelfverrijkers en economische uitbuiters die je in alle geledingen van de maatschappij en onder alle dekmantels vindt, maar veeleer in de ideologie zelf die niet gespeend is van de elementaire regels van het methodologische denken en geworteld in een mythologie à la 'Jomanda', en waaruit met een beetje slechte wil racistische en zelfs nazistische denkbeelden gedestilleerd kunnen worden.

bronnen:
artikel Jiddu Krishnamutri van René Zwaap, Groene Amsterdammer, 27 september 1995
Hoefslag, Roel van Duijn, Meulenhoff Amsterdam, 1988
AKASHA-kronieken, Rudolf Steiner, Nederlandse uitgave, Vrij Geestesleven Zeist, 1977
De Volkszielen, elf voordrachten gehouden in 1910 te Kristiani (Oslo), Rudolf Steiner, in Nederland uitgegeven door Vrij Geestesleven te Zeist.
Het huis dat Hitler bouwde, Stephen H Roberts, Sidney, 1938, Nederlandse uitgave, Uitgeversmaatschappij eigen volk, Haarlem, 1939
De lans van het lot, in Nederland uitgegeven in 1974 door Ankh-Hermes bv te Deventer
Bloed is een zeer bijzonder sap, Rudolf Steiner, lezingencyclus uit 1906


Dit artikel is verschenen in Kleintje Muurkrant nr 291, november 1995

hoofdmenumail reactie